donderdag 3 november 2016

M. & M.

Alles is altijd exact zoals het hoort te zijn, geloof me maar. Daar kreeg ik vandaag alweer een leuk bewijs van!
In de 8 jaar dat ik als receptioniste in Edegem werk werd ik voor de bewoners van de huizen langst m'n bijna dagelijkse route heen en weer tussen bus en fabriek een vertrouwde verschijning. Ik leerde een heel aantal mensen kennen, de ene al wat beter dan de andere, maar er werden steeds minstens wat vriendelijke begroetingen gedeeld, al dan niet aangevuld met commentaar op het weer van die dag. Alleszins, zalig om al die tijd te mogen genieten van die vele blije ontmoetingen met de buren van het bedrijf. Sommigen van hen lieten me af en toe zelfs weten dat ze ongerust waren als ze me een tijdje niet meer gezien hadden.
En zo kruiste ik vele jaren geleden ook het pad van M. & M., Monique en haar koffiekleurige labrador Mokka. Een schat van een hond die, grote super lieve flodderloebas als hij is, het elke passant absoluut onmogelijk maakt om hem zonder enige vorm van aandacht voorbij te wandelen.
Het begint met een aai over die immer vrolijk en enthousiast op je af sprintende woef z'n bolleke en voor je het weet sta je, zonder enige moeite of gebrek aan conversatiestof, gezellig op de stoep een half uurtje weg te babbelen. Altijd meer dan genoeg boeiende en geanimeerde verhalen: over mijn werk als receptioniste en het wel en wee van de fabriek en zijn werknemers, of over haar werk als verpleegkundige en het wel en wee van het ziekenhuis en z'n patiënten. En over Mokka natuurlijk, want die is ondertussen bijna onopgemerkt ook zowat 8 jaar ouder geworden sinds onze eerste ontmoeting, en met de leeftijd komen spijtig genoeg ook de kwaaltjes. Daar ontsnapt zelfs zo een bijzonder geliefde en o zo levendige trouwe viervoeter niet aan. Z'n heerlijke koffiekleurtje heeft tegenwoordig wat wolkjes melk, vooral om z'n snuit...
Met de wijzigingen in m'n uurrooster en m'n dagen in de boekhouding kwam ik de afgelopen tijd M. & M. niet meer tegen. Daar sta je wel eens bij stil en dan vraag je jezelf natuurlijk ook altijd even af hoe het met hen beide zou zijn. En met m'n nieuwe job, die er nu snel zit aan te komen en zich op een totaal andere locatie zal afspelen, vreesde ik een beetje hen nooit meer te zien. Tenzij ik aan hun deurbel zou gaan hangen of zo...
Vandaag had ik eigenlijk vakantie maar besliste -uit praktische noodzaak en zeker weten ook uit sympathie voor m'n collega's- toch een paar uurtjes facturen te gaan inboeken en klasseren. 't Was gezellig op de boekhouding en die paar uurtjes groeiden -als vanzelfsprekend- uit tot de volledige dag. Daardoor wandelde ik een heel pak later dan gewoonlijk, toch sinds een paar weken, welgezind en intens tevreden na het wegwerken van een fraaie stapel papierwerk, in de zachte avondschemering en omgeven van zalige herfstgeuren richting bushalte.
En, u raad het al, wie kwamen daar om de hoek? Jawel, inderdaad, Monique en Mokka! En het vreugdevolle weerzien bracht groot nieuws van beide kanten: ik vond de job van m'n leven en zij is feestelijk met pensioen gegaan.
"Heb ik éindelijk tijd om eens naar jouw concerten te komen" grapte ze.
Mokka werd duidelijk doodmoe van al het uitgebreide en geanimeerde gekwebbel en legde er zich letterlijk bij neer. Wie weet was dat ook figuurlijk, maar ge kunt dat zo moeilijk vragen aan een hond, hé. hihi
Toen we tenslotte toch aan afscheid nemen toekwamen -niet voor altijd maar eerder als welgemeende 'tot ziens'- floepte onmiddellijk en in al z'n volledigheid dit verhaaltje in m'n hoofd en gehaast keerde ik nog snel even op m'n stappen terug voor een, spijtig genoeg niet echt geweldig gelukte, bijpassende foto met ons drietjes.
Bij de overstap van bus 32 naar bus 33, op één derde van m'n route huiswaarts, reden er van dit laatste lijnnummer 3 exemplaren -als een treintje met 3 wagons, zo dicht op elkaar- aan hoge snelheid pal voor m'n neus voorbij. Da's dikke pech hebben en echt niet leuk, maar het geeft me toch maar weer fijn de tijd om rustig en ongestoord op een bankje in een verlicht bushokje wat moois over M. & M. neer te schrijven en met jullie te delen.
Dus ja, je kan het gerust van me geloven, 't bewijs is alweer geleverd: alles is altijd exact zoals het hoort te zijn. :-)
(En dan mag nu die bus zo stilaan wel eens gaan verschijnen... ;-) )



zaterdag 29 oktober 2016

De herinnering meer dan waard.

Elk jaar weer, zo rond deze tijd, fleurt een ware zee van herfstbloemen de anders wat kleurloze begraafplaatsen op. De vrije dagen rond Allerzielen en Allerheiligen zijn voor vele mensen hét moment -spijtig genoeg vaak ook het enige in 't jaar- om de dierbare overledenen nog eens op te zoeken, eventueel snel een borstel en wat zeepwater over 't grafmonument te zwieren en, uiteraard, een bloemetje achter te laten.
Mijn eigen vader staat gezellig thuis bij ons moe op de kast in de woonkamer, maar haar geliefde ouders, de grootouders waaraan ik zelf heel erg fijne herinneringen koester, vonden wel een laatste rustplaats op het kerkhof en krijgen daar verschillende malen per week o.a. mijn moeder op bezoek.
Elk jaar opnieuw leggen de 10 kinderen van Frans en Jozefa, ons moe met haar 4 zussen en 5 broers dus, een klein sommetje geld bij elkaar zodat mijn moeder niet alleen in elk seizoen de grafsteen van een mooi plantje kan voorzien, maar vooral zodat ze voor een schitterend stuk kan zorgen tegen de eerste november.
Vele jaren lang bestelde ons moe in de designwinkel van een gediplomeerd bloemenkunstenaar 'hét stuk'. Eéntje dat door alle kerkhofbezoekers zéker gezien moest worden. Het werd langzaamaan zelfs een beetje een fenomeen. 
En toen, o ramp... ging eind vorig jaar die bewonderde bloemist met pensioen.
Er werd zeer ernstig nagedacht en gediscuteerd over welke winkel dit jaar een waardige opvolger van het prestigieuze stuk uit 2015 zou kunnen leveren, maar niets bleek echt goed genoeg.
Toen ik, zo eventjes ergens terloops en half grappend, opperde dat, handig en 'bloemig' als ik ben, IK er misschien wel voor kon zorgen dat er wat moois kwam, bleek dat ideetje van mij toch zo gek nog niet. Dus, tot mijn grote verbazing en blijdschap ging voor 2016 de eer naar mij.
Gewapend met foto's van de favoriete bloemstukken uit de voorbije 10 jaar -jazeker, alles moet steeds uitgebreid gefotografeerd, gedocumenteerd en opgeslagen- trok ik naar m'n fantastische bloemenvriendinnetje Nanette van bloemenwinkel Fleur 2000 in Deurne en kocht me voor 35,- euro verschillende groensoorten, fraai gekleurd herfstblad, leuke bolle chrysanten groot en klein, prachtige tweekleurige rozen en zo nog het 't één en 't ander binnen het wat eigenwijze roze-oranje kleurenpalet. Alles in de caddy, met de caddy op de tram, nog een stukje te voet, caddy de trap op dragen, en voila: daar stond ik in moeders keuken, reeds volledig in gereedheid gebracht voor de grote operatie. 
Ja, enige vorm van supervisie was ontegensprekelijk nodig, voor ons moe dan, want echt volledig vertrouwen doet ze mijn diverse talenten nog steeds niet. 
7 jaar dienst in een drukke bloemenwinkel, waar ik ontelbare bijzonder fantasierijke bruidsboeketten maakte, metershoge en -brede centrepieces vervaardigde voor de sterrenhotels in hartje Antwerpen en talloze feestdecors zeer uitgebreid van bebloeming voorzag, het stelde haar toch voor geen meter gerust, zo zenuwachtig!... hihihi
Maar, 't moet gezegd: ook voor mij moest het fleurige eindproduct meer dan geweldig zijn, 't was tenslotte toch voor grootva en grootmoe, hé.
En na een klein uurke wikken en wegen, knippen en snijden, steken en her-steken mocht het resultaat dan ook gezien worden. Ons moe bestudeerde het geheel zeer ernstig en langst alle kanten terwijl ik gespannen haar oordeel afwachtte -ondertussen alvast de vloer weer blad- en dus ook slipgevaar-vrij vegend- en... het bloemstuk van mijn hand kreeg haar onvoorwaardelijke goedkeuring. 10 op 10 op mijn rapport!
Samen wandelden m'n moeder en ik in een heerlijke herfstzon naar het kerkhof en ik voelde me, met het bloemenarrangement in een platte doos in m'n armen, zo fier als een gieter bij de bewonderende blikken en complimentjes van de vriendelijke passanten onderweg.
De begraafplaats zag er bijzonder fleurig uit, een lust voor het oog. Even links en rechts een vriendin en kennis begroeten, nog snel een natte doek over de zwarte steen, de zonovergoten bloemen juist gepast in het midden voorzichtig op de zerk plaatsen, uiterst nauwkeurig lichtjes schuin, hier en daar nog een blaadje verleggen en dan, stapje achteruit, het resultaat bewonderen. 
En ook nog een pak mooie én leuke foto's schieten natuurlijk.
Zowel mijn grootouders, als deze ietwat zenuwachtige maar fantastisch zonnige herfstdag gezellig samen met ons moe, en ook dit door mij gefabriceerde Allerheiligenbloemstuk, voor mij zijn ze allemaal de herinnering meer dan waard! ♥♥♥

dinsdag 25 oktober 2016

Je hebt niets te klagen, het gaat goed met je!

Zo af en toe moet ik mezelf er ook wel weer eens aan herinneren, maar meestal is het één van de basisredenen waarom ik eigenlijk altijd content ben, ongeacht de situatie. En ik draag deze boodschap te pas en eventueel ook te onpas uit aan eenieder die er wat aan heeft en het horen wil: je hebt niets te klagen, het gaat goed met je!
Laat me hier even een lijstje neerschrijven met een paar dingetjes -laat ons zeggen 10, om te beginnen, da's een mooi rond getal- zodat je voor jezelf kan checken of ik misschien niet ergens een beetje gelijk heb, m.a.w. doe de test!;-)
1. Je hebt een dak boven je hoofd. Gehuurd, gekocht, inwonend, maakt niet uit. Er is een plek die jij 'thuis' kan noemen en waar je warm en veilig bent, mogelijk samen met een gezin, een partner, kinderen of huisdieren. En dat stekje is vast en zeker gevuld met jouw eigen geliefde meubeltjes, gekoesterde spulletjes en honderden andere frulletjes.
Denk dan nu eens even aan de zovele mensen op deze aardbol die nooit, niet één dag in hun bestaan, zo een plaatsje hadden of het, al dan niet samen met al hun andere bezittingen, door omstandigheden voor altijd kwijt raakten...
2. Je hebt gegeten vandaag. Minstens één keer, de meesten van ons zelfs 3 maal of meer. De winkels, ijs- en voorraadkasten en zelfs de vuilnisbakken puilen er van uit, van die overvloed aan voedsel die wij ter beschikking hebben, elke dag opnieuw, jaar in jaar uit.
Stel je even voor dat je je kostje op een vuilnisbelt bij elkaar zou moeten scharrelen, of moet overleven op een paar grassprietjes, of dat er zelfs totaal niets is en er je nog slechts een zeer langzame en pijnlijke hongerdood wacht...
3. Je hebt schoon water. Water om te drinken, om mee te koken, om je te wassen... Zonder water is er geen leven mogelijk, geen landbouw, geen veeteelt, absoluut niks. Alle welvaart in de westerse landen bestaat door de aanwezigheid van veel en proper water.
Probeer je even in te beelden dat het jarenlang geen druppel geregend heeft en dat je alle dagen vele kilometers moet afleggen voor een schamel bakje van dat kostbare vocht, en dat het dan nog gevaarlijk vervuild is en dus een risico voor je gezondheid op de koop toe...
4. Je hebt propere en mooie kleren om aan te trekken, de meesten van ons zelfs kasten vol, veel meer dan we misschien ooit nodig zullen hebben.
Wat als je geen trui, sokken en degelijke schoenen tegen de kou zou bezitten, een jas tegen de regen, een hoed tegen de brandende zon, laat staan iets waarin je je mooi voelt, of feestelijk... Zovele mensen in de wereld het moeten stellen met niet eens het strikte minimum...
5. Je hebt je gezondheid. 'Dat klopt niet', hoor ik meteen een aantal onder jullie tegenwerpen. Oké, ook mijn gezondheid laat nog wel eens te wensen over, maar wij hebben àlle mogelijk zorg binnen handbereik, en vaak zelfs met 100% terugbetaling. Dokters, medicatie, de modernste toestellen en mogelijke ingrepen, zoveel verschillende therapieën, geneesmethodes, kuren. Noem het maar op, het kan. Voor elk 'auwtje' of 'oeitje' is er wel iets. En ze houden je ten treure in leven, of je dat nu wil of niet, zelfs als er van werkelijk en zinvol 'leven' geen sprake meer is. Wij zullen niet zo gauw meer sterven aan diarree (door vies water bijvoorbeeld), of een domme ontsteking, of een besmettelijke kinderziekte zoals mazelen. Hoeveel vrouwen overlijden er hier bij ons nog in het kraambed? Stel je even een leven voor zonder dokter, zonder apotheek, zonder ziekenhuis...
6. Je kon naar school gaan. Je mocht leren, de ene voor langere tijd en hogere studies, de andere slechts de basis, maar allicht kunnen jullie allemaal lezen, schrijven en rekenen. Daardoor kan je werk vinden en centjes verdienen, o.a. voor de dingetjes in de nummers 1 tot 5, of toch minstens de documenten begrijpen en invullen voor hulp van één of andere hulporganisatie, want vangnetten zat in dit land.
Hoe zou jouw leven er uit zien, wat zou je allemaal niet meer kunnen of bezitten als je niet naar school had kunnen gaan, zoals nog steeds een zeer groot deel van de wereldbevolking?...
7. Er is geen oorlog in dit land. Nee, ik sluit mijn ogen niet voor al het kleine en grote geweld, in alle mogelijke vormen. Er is ook agressie en onrecht hier bij ons, maar geef toe dat wij toch een relatief veilig bestaan kennen. Je kan zonder vrees boodschappen gaan doen, in het park wandelen, fietsen met je kinderen... Volgens mij kunnen wij ons écht niet voorstellen hoe het is om hele dagen gebombardeerd te worden, of dat je altijd het risico loopt door een sluipschutter neer geknald te worden als je even om brood gaat, of elk moment dreigt ontvoerd, misbruikt en gedood te worden, zomaar, omdat je je op de 'foute' plek bevindt, omdat je ras, geloof, huidskleur, sekse, kleding, mening enz. 'verkeerd' zou kunnen zijn. Zou jij die ondraagbaar zware stress, de onmenselijke immer aanwezige angst, de verlammende onmacht in elke vezel van je lijf en elk facet van je leven aan kunnen?... 
Oorlog verwoest trouwens ook zowat àlles uit al de puntjes hierboven...
8. Je hebt vrije wil en keuze. Oké, natuurlijk moet je je hier ook wel aan wetten en regels houden, maar wij leven hier absoluut in vrijheid als je het vergelijkt met zovele andere naties. En je kan kiezen uit een zowat eindeloze hoeveelheid mogelijkheden om je leven mee in te vullen, een doel te geven, een toekomst voor jezelf uit te bouwen. Van de hele kleine dingen -wat eet ik vandaag, wat zal ik eens aantrekken,..- tot hele grote dingen -gezin, carrière, huis, maatschappij,...- jij kiest.
Hoe zou je je voelen als een dictator dat alles voor jou zou beslissen? Hoe zou je leven er uit zien als er totaal geen mogelijkheden om uit te kiezen waren, gewoon omdat er helemaal niets is...
9. Minstens één iemand geeft om je, en zeker en vast beteken ook jij iets voor tenminste één persoon. Niemand van ons is écht alleen of vergeten. Zelfs als je enkel nog wat familie hebt of slechts één goede vriend, een leuke kennis, een aangename collega, of simpelweg fijne buren, de kans dat één van ons volledig onopgemerkt in alle eenzaamheid sterft en pas weken, maanden later teruggevonden wordt, zonder dat er ook maar één iemand een traan over laat of er z'n bedenkingen bij heeft, is bijzonder klein. Niet dan?
10. Je leeft. Je ademt, je bent er, hier en nu. De wereld in al z'n wonderen heeft er nooit eerder uitgezien zoals vandaag en morgen zal hij alweer helemaal anders zijn. En daar maak jij deel van uit, als een ongeëvenaard wonder op zich. De mensheid is als de korrels zand in de woestijn: ze lijken één grote massa van steeds weer hetzelfde, en tot op zekere hoogte is dat ook zo, maar als je van dichterbij kijkt zie je dat elke korrel z'n heel eigen specifieke vorm heeft. Er was nooit eerder iemand exact zoals jij en zo zal er ook nooit meer iemand komen. Jij bent sensationeel éénmalig en uniek.
Voilà, 10 puntjes op een rijtje, 10 puntjes die er mede voor zorgen dat ik zo'n monter, positief, optimistisch, kleurrijk, gelukkig en dankbaar geval ben, zélfs als ik bijvoorbeeld in de gietende regen, met het openbaar vervoer, tutterfrutgeknal in m'n rechteroor, krijsende kinderen in m'n linkeroor, eindeloze files langst alle kanten, na een lange en lastige werkdag doodmoe huiswaarts keer. 
Ik geef het jou bij deze dus ook nog maar eens even mee dat je eigenlijk niks te klagen hebt, en het echt wel goed met je gaat... ;-)



vrijdag 14 oktober 2016

Veel te zwaar en veel te vol, die handtas!

Met behoorlijk pijnlijke voeten van een lange en vermoeiende dag kwakkelde ik gisterenavond, na m'n repetitie met organist Jan Noordzij voor de concertmis volgende zondag, langst schaars verlichte straten te voet van het Antwerpse Zuid naar de Groenplaats, richting warm trammetje huiswaarts. Echt niet makkelijk, hoor, die hoge-hakken-kasseien-combinatie. 
Veilig voel ik me tijdens zo'n nachtelijke wandeling door de donkere stad al vele jaren niet meer, dus ondanks de overweldigende moeheid hield ik m'n directe omgeving zo scherp mogelijk en enigszins angstvallig in de gaten.
Een grappig gesprekje met een vriendelijke man op zoek naar een bankautomaat -die ik ook niet direct ergens wist zijn- en het aanstekelijk lachende en zingende zwarte gezelschap dat me even later passeerde stelden me toch een beetje gerust. Er lopen in het duister niet uitsluitend boeven rond.
Met een dosis herwonnen energie en een fijne glimlach op 't gelaat verder stappend zag ik vanuit m'n linkerooghoek, van half achter me, tot m'n grote schrik opeens een donkere gestalte van aan de overkant van de straat razendsnel op me af komen. Onmiddellijk gealarmeerd wisselde ik in dezelfde seconde m'n loodzware, van boeken, partituren en flesjes water uitpuilende handtas van m'n linkerhand naar m'n rechter, en zette me, zonder versnellen of vertragen doch met elke spier en elke zenuw strak gespannen, schrap voor een mogelijke aanval...
"Och, mevrouw, gene schrik. Veeeeeel te zwaar, die zak van u." stelde de volledig in het zwart geklede jongeman me met een warme stem en een stralende smile -wauw, die gaf nog nét geen licht, zo in de donkere nacht- gerust. En terwijl hij me fluks en vrolijk voorbij stuiterde hoorde ik mezelf als een rasechte komiek, ongelofelijk ad rem en al minstens even breed lachend -wie weet, misschien wel van pure opluchting- naar hem terug grappen: "Amai nog ni! Ge moest het eens weten!!!..."
Een paar meter verder draaide hij zich even terug naar me om. Nog steeds met die totaal ontwapenende lach en de woorden "Veeeel gemakkelijker, dit!" wees hij met brede gebaren op z'n eigen kleine platte vierkante mannen-saccocheke, dat hij ondertussen voor alle duidelijkheid hoog in de lucht stak. 
En vervolgens verdween die energieke jongeman met rasse, zelfzekere, bijna dansende schreden terug de schaduwen van de stad en z'n straatjes in, al net zo plots als hij er uit opgedoken was.
Heeft m'n -inderdaad serieus doorwegende- grote zwarte handtas me nu, wegens 'veel te zwaar om mee te vluchten', beschermd van een nare aanvaring met een dartele overvaller op zoek naar een makkelijke prooi?... Of was heel deze kleine historie het resultaat van mijn instinctieve, mogelijk een beetje té beschermende reactie op een, heel gewoon, bijzonder energiek de straat overstekende jongeman met een geweldig gevoel voor humor?... 
Op die vraag komt er gegarandeerd nooit een antwoord, maar ik heb wel weer een straf en ook best wel grappig verhaal te vertellen. Lang leve de veel te zware en overvolle saccoche dus! :-)



woensdag 5 oktober 2016

Concertorganisatie: the never ending story.

De klok wijst 8 uur aan. Met een wat wollig hoofd en piepkleine oogjes staar ik suffend in m'n koffie. Gisteren eerst 9 uur lang op de duizenden minuscule cijfertjes van de honderden facturen op het computerscherm -op 't werk, bij de boekhouding- zitten pieren en, alsof dat niet genoeg was, eenmaal thuis nóg zo eens een uur of 5 aan de PC. Veel te laat in bed, veel te weinig geslapen. Sloten koffie nodig en mogelijk ook een brilleke... 
Maar ik ben niet ontevreden want 't was allemaal voor de goeie zaak: om 1u vannacht is dan eindelijk toch de kerstaffiche van dit jaar afgeraakt! Woehoe! 
Weer iets om af te strepen op die eindeloze lijst met duizend-en-één grote en kleine dingetjes, want hoe je 't ook draait of keert, voor ik op het podium het beste van mezelf sta te geven is er écht wel wat water naar de zee, hoor! Eigenlijk is het uitvoeren van het concert zelf nog de minste van alle inspanningen, vergelijkbaar met het topje van een gigantische ijsberg. Door de microscopische omvang van ons VZWtje is het hoofdzakelijk aan mij, de gedelegeerd bestuurder -ook 't-werkpaard-van-dienst genoemd- om die onoverzichtelijk lange to-do-lijst afgewerkt te krijgen, vanzelfsprekend liefst binnen de gegeven tijdspanne.
Afgelopen weekend zat ik, bij het invullen van de bedrijfsbelastingen, nog te giechelen met mijn 'functie's' binnen de VZW. Onze cijfers doorgeven zou, met die zowat onbestaande omzet, een makkie kunnen zijn, ware het niet dat ik er elk jaar weer een pak extra programma's op m'n computer voor geïnstalleerd moet krijgen. Dan ben ik in m'n ééntje niet alleen de hele boekhouding van de onderneming, maar meteen ook de volledige IT-afdeling. Grappig, toch?! 
Nu die jaarlijks weerkerende horde genomen is kunnen we weer volle gas vooruit voor de kerstconcerten. Ondertussen ligt uiteraard het theater al vast, op de juiste data, én met de correcte ticketprijzen. De reusachtige besneeuwde kerstboom is geboekt. Muzikanten en ballet zijn gecontacteerd, die vrolijke bende nog niet helemaal compleet. Roger schakelt voor de komende weken een versnelling of 20 hoger in die toch steeds wat moeizame zoektocht naar nieuwe gedichten en teksten, zoals dat bij mij het geval is voor de liedjes en grapjes. Er is een leuke fotograaf vastgelegd, de geweldige heren van de kassa hebben er ook al zin in, ons moe is alvast ijverig bij familie en kennissen een schare supporters aan 't ronselen en bereidt zich voor op de jaarlijkse kostuums-strijk-marathon, en jawel, ook de eerste tickets zijn de deur uit...
Ja, er zit zeker al wat beweging in, maar er moet nog zoveel meer.
Gulle sponsors zoeken én vinden bijvoorbeeld, want de ticketopbrengst, zelfs bij uitverkochte zalen, dekt spijtig genoeg écht het onkostenplaatje van zo'n show niet (nog altijd die spotgoedkope kaartjes, hé!...) Elk jaar weer moet ik ook ergens een nieuwe, boeiende en verrassende special guest opduikelen, want het gegeven 'kerst' blijft uiteraard beperkt en je mag je publiek niet vervelen met nog maar eens 'meer van 't zelfde'... 
En verder? Even kijken. 't Programma interessant en vlot lopend in elkaar steken, een deftig programmaboekje fabriceren, het inspirerend voorwoord schrijven, de nodige muzikanten bij elkaar krijgen, ook voor toch minstens 2 repetities aub, de desbetreffende nummers met de dansers doornemen, de roadie te pakken krijgen en z'n instructies doorgeven, contractjes in orde brengen, praktisch afspraken maken per telefoon, mail, sms, in persoon... 
En 'k zal wel weer 't één en 't ander vergeten op dit moment.
Naar gelang het concertweekend nadert gaat m'n hoofd ook steeds meer tollen van de door niemand opgemerkte maar o zo belangrijke details. 
Zijn er nog genoeg bloemen voor het haar van de ballerina's? Is er nog voldoende glitterhaarspray? Moet ik nog meer witte panty's voor mezelf en het ballet kopen? Waar vind ik rode sokken voor de heren van 't orkest? Heeft iedereen wel de juiste partituren? In de correcte toonaard? Pas ik nog wel in m'n kerstjurk? Moeten m'n beroemde rode schoenen nog naar de schoenmaker? Welke kleine 'toi toi toi'-kadootjes kan ik dit jaar weer eens verzinnen? Moet ik broodjes of fruit voorzien? Hoe zit het met de sleutel van het theater? Hangen de spots al goed? Klopt de kleur van hun licht? Krijgen we die reuzegrote kerstboom weer netjes uitgeplooid zonder ons te verslikken in de namaaksneeuw? Hoe laat moet ik al in de zaal zijn? Of beter: hoe vróeg kàn ik al in de zaal zijn? En op welk onmenselijk uur laat ik de wekker dan aflopen om m'n concerthaar in orde te krijgen? Zijn m'n eigen partituren en nota's in orde? Heb ik m'n nummers en moppen wel genoeg geoefend?...
Zoveel ogenschijnlijk te verwaarlozen onbenulligheden, maar in 't belang van 't grote geheel kan ik er behoorlijk van wakker liggen, geloof me.
Om dan nog maar te zwijgen over de immer bijhorende financiële zorgen.
Eigenlijk is de tomeloze energie die tijdens die vrolijke voorstellingen aan alle kanten van me af spettert niets, absoluut niets, vergeleken met de maandenlange organisatorische krachtinspanningen die aan de shows vooraf gaan. En dan is het nog af te wachten of het publiek er van zal genieten...
Als er al publiek komt opdagen, uiteraard...
Kort samengevat: al steekt het me telkens weer onbeschrijfelijk tegen nóg maar eens heel dat enorme organisatiecircus op m'n schouders te nemen, ik begin er desalniettemin -'t bloed kruipt waar het niet gaan kan- élk jaar weer opnieuw aan! En opnieuw, en opnieuw, en opnieuw... Om aan het eind van elk zo'n episode, uiteraard samen met al m'n in meerdere of mindere mate geïnspireerde en begeesterde medewerkers -van de eerste tot de laatste bijzonder gewaardeerd ongeacht de afmetingen van hun bijdrage- steevast een geweldig opmonterend, stemmig feestelijk en van levenslust sprankelend eindproduct aan het verheugde publiek af te leveren.
't Is 8 uur in de morgen, 'k heb bitter weinig geslapen, m'n arme hoofd en oogjes doen pijn en m'n koffie wordt koud, maar hoera hoera, de kerstaffiche is klaar! Alweer iets op die gigantisch lange lijst afgevinkt, dus -ten aanval!- op naar 't volgende puntje! Maar misschien eerst nog ne koffie. Of 2, 3... 
Concertorganisatie? Ja, dat is echt a never ending story!... ;-)


woensdag 28 september 2016

Een wat raadselachtig telefoontje.

Woensdagochtend, kwart na acht. Ik lig op deze, voor mij, vrije dag nog wat te dommelen in de knusse omarming van m'n roze bed als de telefoon gaat. Niet echt overlopend van enthousiasme wring ik me vanonder de warme lappen en de poezen en haast me -nou ja, haast is veel gezegd- naar m'n bureau waar de vaste lijn staat. Als ik de hoorn opneem hoor ik nog net iemand de telefoon ophangen. "Moest ik daarvoor m'n bed uit?!" grommel ik en beslis onmiddellijk weer terug onder het dekbed te kruipen.
Nog maar net raakt m'n hoofd het kussen als de telefoon opnieuw rinkelt. 
'k Weet eigenlijk niet goed waarom -hoe belangrijk kan zo'n vroege-ochtend-belletje nu zijn, zeker als je een antwoordapparaat hebt- maar als een pijl uit een boog schiet ik opnieuw uit m'n bed en struikel hals over kop door de kamers -een wedstrijd hinkstapspringen is er niks bij- en rond het parcours af met een duik naar de telefoon... om weer de hoorn te horen ophangen. 'k Kreeg zelfs niet de tijd om 'hallo' te zeggen!
Terwijl ik met een gelaten zucht de computer opstart -nu ik toch helemaal wakker ben kan ik net zo goed even checken hoe het met de wereld gaat- weerklinkt nogmaals het vertrouwde oproepgeluid en nog voor de tweede rinkel plakt de hoorn al tegen m'n oor en hoor ik mezelf -naar goede gewoonte altijd even vrolijk- "Goedemorgen, met Kristina!" zeggen.
"Ha. Ja. Heu... Dag madam." antwoordt een duidelijk oudere mevrouw met een wat krakende stem in een plat Gents accent, "wij hebben uwe nummer gekregen." En vervolgens niets meer. Stilte.
"En wat kan ik voor u doen?" vraag ik beleefd.
"Heu, ja, heu, wij hebben uwe nummer gekregen van Parmentier, u weet wel..." 
Ik weet het niet, maar zeg "Ha, zo." en wacht beleefd de rest van het verhaal af.
"Ja, heu... wel, wij hebben uwe nummer van Parmentier gekregen, maar heu... wij kennen uwe naam ni!..." 
Oké, denk ik bij mezelf, da's redelijk vreemd, maar oké, het kan.
"Mijn naam is Kristina Meganck" antwoord ik vriendelijk.
"Ha. Ja. Heu... wacht efkes... zeg het nog eens."
"Krie-sstie-nnaaa Mmmeee-ggga-anckkk" antwoord ik zo breed en duidelijk als enigszins mogelijk met zo'n lange naam. "Ha, ja, hum... wacht efkes. Kuch. Sorry..." kraakt er vertwijfelt door de hoorn, "Heu... hoe schrijfde da?..."
Terwijl ik heel rustig begin te spellen, veel tijd gevend voor notities, hoor ik allerlei gerommel en geroezemoes aan de andere kant van de lijn en op de achtergrond een wat paniekerige 'wacht efkes!', blijkbaar aan mij gericht.
Een andere oude dame komt aan de telefoon, noteert m'n voornaam zonder al te veel problemen en laat me van voor af aan beginnen met het spellen van mijn achternaam, maar begrijpt niet echt goed welke letters ik zeg, dus, netjes aangepast aan het literaire niveau van dit gesprek spel ik enorm traag: "De M van mama, moeder. -pauze- De E van erwtjes of van een eendje. -pauze- De G van groen. -pauze- De A van appel. -pauze- De N van namiddag of . -pauze- De C van confituur of van citroen. -pauze- En de K van kotelet." En het lukt, m'n naam is neergeschreven bij m'n telefoonnummer. 
Opnieuw wordt er van dame gewisseld aan de andere kant van de telefoon en de eerste stem vertelt opgelucht: "Ja, we hebben uw nummer van Parmentier gekregen maar we kenden uw naam niet. En 't is nog niet voor direct, hoor, maar dan hebben we het al, hé!" Begrijpend antwoord ik welgemeend en warm: "Da's goed, hoor, geen probleem. Graag gedaan!" "Allé, bedankt nog, hé," kwettert er blij en tevreden door de telefoon, gevolgd door een "Dag madam!" en afgelopen, hoorn op de haak, conversatie klaar.
Nu ben ik wel wat aan rare belletjes gewoon, maar deze oproep staat toch in de top drie van bizar. Het zou gerust een soort gecodeerd bericht uit een spionagefilm kunnen geweest zijn, hé...
Maar al tijdens het gesprek ging er bij mij een lichtje branden rond de bedoeling van deze gekke infosessie. En die is koddig maar vooral bijzonder ontroerend.
Ik vat het verhaal met plezier even in begrijpelijke taal samen. Het tovert, zeker weten, ook een glimlach op jullie gezicht.
Deze dames hebben mij, in Lochristi vermoed ik, een uitvaart voor een telg van de familie Parmentier horen zingen, verkregen ergens mijn telefoonnummer doch vergaten mijn naam, en ze moesten en zouden die info volledig hebben voor als 'hun tijd van gaan gekomen zou zijn', en ik dan hopelijk ook zo mooi voor hen wou komen zingen. Da's alles. Zo simpel is dat. Eigenlijk op een stuntelend schattige manier toch behoorlijk aangrijpend, niet?...
Pas vanmiddag bedacht ik me giechelend dat zij hùn naam totaal niét genoemd hadden! En -hoe grappig is dat- ik realiseerde me meteen ook dat ik eveneens vergat hun naam en telefoonnummer te noteren. Door het merkwaardige verrassende karakter van dit aparte gesprek heb ik er zelfs niet aan gedacht om het te vragen... 't Is alsof het zo moest zijn, hé. ;-)



maandag 19 september 2016

Postkaartvakantieverlangen.

Vakantie. Je telde er naar af, je keek er naar uit, je verheugde je er op... En plots is het toch weer half september, zijn de zonnigste dagen voorbij en zit je misschien, zoals ik, al met kerstmis in je hoofd...
Voor het eerst in mijn leven voelde ik me de voorbije maanden toch een beetje jaloers. Familie, vrienden en kennissen vertrokken naar al dan niet verre, zelfs exotische landen en deelden via de sociale media honderden foto's van de meest fenomenale oorden en verbluffende belevenissen. Die veelkleurige zonnige en blije kiekjes deden me dromen en wakkerden toch een beetje dat piepkleine verlangen diep in mij aan, want grootse reizen naar verre vreemde landen, ze maakten nooit deel uit van mijn leven.
M'n hele kindertijd lang brachten we in de grote vakantie met het voltallige gezin 2 à 3 absoluut zalige zomerweken door aan het toen nog ongekende, ongerepte en onontgonnen uitgestrekte strand van Cadzand-Bad, nét over de Belgische grens. En ook al lijkt je dat als kind behoorlijk ver én exotisch, echt 'op reis' kan je dat moeilijk noemen, hé.
Behalve die paar concertreizen, met de tourbus naar Dresden en doorheen de Provence, en met het vliegtuig naar een resort op het Griekse eiland Poros, waarbij ik steeds weinig meer zag dan de binnenkant van de hotelkamer en de verschillende concertruimtes in kwestie, waren er de 2 -jawel, twéé!- bedevaartreizen, nogal oncomfortabel per trein, naar Lourdes -of all places- waarbij ik de Pyreneeën wel in de verte zag, maar telkens 10 dagen lang uitsluitend de knieën door m'n broek sleet aan de grot of in één van de andere gebedsplaatsen van deze heilige stad... 
Geloof me gerust, 't is echt waar: ik zag nog totaal niets van deze wijde wereld.
Mijn verlof, dat speelt zich, hoofdzakelijk wegens onbestaand vakantiebudget, al vele decennia lang -op het occasionele daguitstapje na, met gelukkig meestal ook dat heerlijke 'wat-ben-ik-toch-verwend-gevoel"- louter en alleen thuis af.
Maar dat kan ook écht heel fijn zijn, hoor. Eindelijk tijd om eens wat leuke klusjes op te knappen. Of om op het gemakje wat op het terras met de planten en potten te klooien. Of om nog eens creatief bezig te zijn met kralen, verf, wol, stof... Of, heel gewoon, genieten van lekker tot een gat in de nacht op blijven en daarna uitslapen tot je vanzelf wakker wordt. En natuurlijk ook eindeloos knuffelen, spelen en zot doen met het olijke flodderduo van dienst, vroeger de lieve poezemiekes Nala en Myra, tegenwoordig de vrolijke mini-tijgerbroertjes Poekie en Pompon.
Soms gebeurt het me echter spijtig genoeg ook dat ik de helft van m'n verlof eenzaam en alleen mottig en misselijk in de zetel hangend doorbreng, niet eens aan één van de items op mijn to-do-wens-lijstje toekomend. Dan bedenk ik me, teleurgesteld op die vakantiemomenten terugkijkend, da'k eigenlijk net zo goed op m'n stoel achter de balie of bij de boekhouding had kunnen blijven plakken, en 'vrijaf' niet echt aan mij besteed is, verloren tijd zelfs...
Och nee, je hoort me niet klagen, hoor, het is nog steeds prima zo. Maar ik merk toch dat iets stiekems in mij zich met de jaren steeds duidelijker wat 'meer' wenst, iets nét dat beetje spectaculairder dan die eeuwige klusjes-poezen-terras-gewoonte om na de vakantie op terug te kijken. Dat, en misschien ook iemand 'bijzonder', om al die kostbare ervaringen mee te delen...
Ach, wie weet, ooit, hé. Het leven pakt zo vaak fameus verrassend uit. Toch!?
Ik vermoed -ik weet het eigenlijk wel haast zeker- dat al die voor mij nog ongekende schoonheid van deze heerlijke blauwe wereldbol in 't écht pas werkelijk in al z'n overweldigende pracht tot z'n recht komt. Dus, in afwachting dat ooit te kunnen en mogen zien met m'n eigen ogen, 'reis' ik ondertussen geduldig en knusjes vanuit m'n eigen sofa de hele wereld af via de fantastische programma's van o.a. National Geographic Channel, droom ik weg bij de overdonderende hoeveelheid foto's van vrienden en kennissen, en geniet ik, oprecht en intens verheugd elke keer er weer eens ééntje in m'n brievenbus valt -hoera, men is mij zélfs op vakantie niet vergeten- van al de lieve, mooie, grappige, bontgekleurde, formidabele, vrolijke, verrassende, gekke, geweldige, super fantastische en o zo gekoesterde postkaartjes! ♥♥♥



maandag 12 september 2016

Dozen en zo...

Waar ik woon worden de witte zakken met restafval altijd op maandagochtend opgehaald, samen met, afwisselend om de 2 weken, de blauwe zakken met PMD-verpakkingen of het oud papier en karton. En vandaag mochten we onze verzameling van dat laatste soort recycleerbaar afval weer eens buiten zetten.
Op het tijdstip dat ik vanochtend het gebouw verliet stonden de heren vuilnisophalers ijverig en alsof het maar niks was de vele grote en kleine dozen en papieren zakken, al dan niet zwaar gevuld met kranten en reclameblaadjes, in de daarvoor handig tot vlak tegen de stoep achteruit geparkeerde vuilniswagen te mikken. Ze namen op die manier én de stoep én de straat volledig in beslag, met andere woorden: er was niet direct een doorkomen aan en ik hield even afwachtend halt.
"Hela, hola, mannen", riep de voorman, "houdt ulle es efkes een bitje in, der moet een schoon madam passeren!" Het vrolijke smijtwerk hield onmiddelijk op en ze bleven allemaal met hun sterke armen vol oud papier als in een vreemd soort erehaagje even volledig stilstaan om me door te laten.
Terwijl ik hen voorbij wiebelde, hopelijk wat elegant, zo op m'n hoge hakken, knipoogde de voorman me toe "dat het anders wreed spijtig geweest zou zijn, moest zo'n schoon madam per ongeluk mee in de vrachtwagen sukkelen, hé..."
En 'k weet zeker dat ze absoluut niet verwacht hadden dat ik daarop zou antwoorden: "Och, zoals het jullie duidelijk vlot af gaat om met plezier vanalles en nog wat in die laadklep te zwieren, maakt het vermoedelijk geen enkel verschil, zo een ouwe doos meer of minder!"
Na een paar seconden bijzonder verbaasde stilte rolden ze net niet over de grond van 't lachen terwijl de voorman het niet kon laten op te merken "Dat hebt ge zelf gezegd, zenne!..."
Niets zo leuk als de dag te beginnen met een vleugje humor, vind ik, want 'ouwe doos' mag dan misschien nog niet helemaal op mij van toepassing zijn, 'zotte doos' des te meer, hé... O ja! hihihi ;-)



vrijdag 2 september 2016

Eindpunt van een halte. Een leuk vervolg!

Geweldig hoe de dingen des levens toch in elkaar zitten! 
Toeval bestaat echt niet volgens mij, àlles heeft z'n tijd en reden.
Eergisteren schreef ik over het premetrostation 'Opera', dat zich al m'n hele leven lang als een immer wederkerend kruispunt op zowat al m'n reiswegen bevond, over de herinneringen die er aan vast hangen en over het definitieve afscheid van het design en de layout waarin de meeste van ons dit stukje metro altijd gekend hebben.
En ik vroeg me in dat blogje ook af of het grootse terracotta kunstwerk van May Claerhout, 'Metro in de stad', waar voor mij toch wel wat emotie aan plakt, ook nog een eerbiedwaardig plekje zou hebben in dat ultramoderne station waar we over een paar jaar hopelijk van mogen gebruik maken en genieten... 
En wat denk je dat er vandaag in de krant stond? 
Juist ja: een artikel over dàt kunstwerk, én het feit dat het opnieuw een mooie plaats krijgt ergens op één van de drie verdiepingen in het volledig nieuwe metrocomplex! Leuk, zo een goed-nieuws-krantenartikel. Toch!?
Je kan het zelf lezen via deze link: Het krantenartikel in Gazet Van Antwerpen .
Ik heb er meteen even het boek met een bloemlezing van het werk van May bij genomen dat al drie decennia lang, ondertussen enigszins beduimeld, in m'n boekenrek staat, en getracht -oprecht hopend daarbij niemands copyright te schenden- er een paar mooie foto's uit te halen, zodat jullie je ook weer herinneren hoe dit kunstwerk op z'n heel eigen manier -o zo herkenbaar, met bijna kinderlijke eenvoud doch niet te onderschatten artistiek kunnen- de hele stad Antwerpen, z'n ondergrondse tramlijnen en z'n bewoners, passanten en reizigers in absoluut àl hun facetten weergeeft. Tussen de geordende wirwar van hoofdjes, lijven en stadsinfrastructuur kom je elke keer wel weer een scene tegen die je nog niet gezien had of alweer vergeten was.
Met een beetje geluk en een stevige dosis geduld kunnen we dus over een paar jaartjes het kunststuk opnieuw in al z'n glorie live gaan bewonderen. Iets om naar uit te kijken. :-)




woensdag 31 augustus 2016

Het eindpunt van een halte.

Elk bestaan kent een constant komen en gaan van mensen en dingen. We maken voortdurend kennis met massa's nieuwe zaken en nemen ook de hele tijd afscheid van minstens even veel. Meestal staan we daar niet zo bij stil, eventueel misschien bij bijzonder grootse gebeurtenissen, zoals bijvoorbeeld de aankoop van je eerste eigen stekje, afscheid nemen van je ouderlijk huis, het ontmoeten van je grote liefde, het moeten loslaten van een dierbare... 
En soms, daar waar je het totaal niet verwacht, word je verrast, zoals ik vandaag. Volledig gepland nam ik vanmiddag de tijd om even stil te staan bij een, in eerste instantie vooral praktisch, afscheid. Maar 'k had niet kunnen inschatten dat het me, nog even een paar foto's en een filmke schietend, toch wat emotioneel zou maken, een beetje melancholisch zelfs...
Voor mijn gevoel heeft het m'n hele leven lang bestaan. Ik passeerde er in m'n jeugd, op weg naar school. De routes heen en weer naar m'n werk in de Vlaamse Opera, bij bloemenwinkel 7 Days, in de Hoedensalon, aan de balie van Hotel Villa Mozart, van en naar repetities en lessen in het Mago, en al die ontelbare andere verplaatsingen naar zoveel vergeten evenementen, ze liepen allemaal langst die ene plek. De laatste 2 decennia -schat ik ongeveer- kwam ik er minstens een paar keer per week, de laatste jaren zelfs bijna dagelijks: het premetrostation 'Opera'.
En vandaag stapte ik op weg naar m'n werk aan de balie voor de allerlaatste keer uit de tram op het zo vertrouwde perron. Vanaf morgen 1 september wordt, in het kader van de heraanleg van de Leien en het Operaplein, alles ontmanteld, al dan niet gesloopt en volledig herbouwd. Mijn reisjes om welke reden dan ook richting stad zullen dus zowiezo nooit meer hetzelfde zijn.
Ach ja, ook ik zag het heus wel achteruitgaan. Het station verloederde stilaan, voldeed niet helemaal meer aan de 'moderne' tijd, steeds vaker waren er dingen stuk -roltrappen, verlichting, ticketautomaten-, er was altijd wel ergens een lek, hele stukken stonden soms blank, en ondanks de inspanningen van de immer bezige poetsploegen zagen de trappen, gangen en ruimtes er steeds groezeliger uit. Je mag natuurlijk niet vergeten dat dit station in 1975 in gebruik werd genomen, samen met station Meir en Groenplaats, en daardoor letterlijk 'uit een andere eeuw' afstamt!... Dus, tijd voor verandering, tijd voor modernisering, tijd voor comfort, tijd voor veiligheid, tijd voor vooruitgang. En ook tijd voor de indienstneming van de reeds bestaande, maar voor de gewone reiziger verborgen, tunnels en perrons, die, half afgewerkt en dik onder het stof, na al die vele jaren nog steeds geduldig wachten op hun uiteindelijke bestemming.
De dichtersziel in mij bleef, zoals dichterszielen dat plegen te doen, nog even weemoedig hangen bij wat nu voorgoed voorbij is. Zoals ik de afgelopen maanden reeds bij elke passage met enig droefheid naar de grote lege plek keek waar al die tijd, 41 jaar lang, veilig achter glas, het omvangrijke terracotta kunstwerk 'Metro in de stad' van May Claerhout had gehangen. Haar oudste zoon was mijn eerste grote liefde en dat enorme beeld met de vele honderden figuurtjes en fraaie stadsmonumenten deed me elke keer weer met een warme glimlach aan hem en die lang vervlogen, nog zo zorgeloze en onschuldige tijd terugdenken. Zou er in het ontwerp van dat nieuwe ultramoderne kruisstation met 3 verdiepingen ook een plaatsje voor het beeld voorzien zijn? Geen idee. Afwachten dus, een jaartje of 2, 3...
In elke dag, elk seizoen, elk leven -eigenlijk in letterlijk àlles wat we zien, kennen, ervaren...- maakte het oude steeds weer plaats voor het nieuwe, en met een beetje geluk meteen ook voor iets van een hoger niveau, een betere kwaliteit. Zeker als je het hebt over premetrostations. ;-)





maandag 29 augustus 2016

Daghospitaaldagje.

De nevel die laag tussen de bomen en over de grasvelden hing deed al een beetje aan herfst denken, maar de hemel kleurde prachtig oranje-roze-rood van de opkomende zon. De wereld lag er fris bij, klaar voor een nieuwe dag. En ik, nog in twijfel of ík er wel klaar voor was, ik wachtte op de bus die mij naar het ziekenhuis zou brengen voor -alwéér- een operatie. Dit maal eentje die me hopelijk, na een lange 2,5 jaar, van de onophoudelijke kaak-, gewricht-, tand-, hoofd- en nekpijn af zou helpen. Een ingreep die meteen ook al mijn muzikale begeleiders moet verlossen van de immer aanwezige angst dat m'n mond toch eens een keer niét meer dicht zou gaan -en die kans zat er àltijd in-, en zij me hardhandig zouden moeten 'redden'...
Ontzettend goed op tijd melde ik mij -zoals gewenst volledig nuchter- aan bij de balie voor alle mogelijke voorafgaande testen. Als je 50+ bent nemen ze immers absoluut geen enkel risico meer met je... "Gelieve, met het gele mapje duidelijk zichtbaar, plaats te nemen in de inkomhal aub -bij de andere gelaten afwachtende sukkelaars dus- een vrijwilliger komt u daar ophalen".
Een vrolijke vrijwilliger kon je haar moeilijk noemen. Lachen was duidelijk niet besteed aan deze dame, en de geforceerde manier waarop ze onze namen afriep deed aan een tuchtschool denken: je sprong als vanzelf in houding. 
'Volg me!' blafte ze, en de hele groep gehoorzaamde zonder morren. Er werd niet één woord gewisseld. En terwijl ze ons aanmaande tempo te maken, goed ter been of niet, geen compassie, stopte ze zelf steeds midden in de gang en steevast ook in elk deurgat, en hield zo opnieuw en opnieuw de voortgang van zaken in hoogst eigen persoon faliekant op. Hilarisch en irritant tegelijkertijd.
Eerste stop: bloedafname. Een goedgeluimde sympathieke jonge laborante trachtte haar werk op een enigszins georganiseerde manier te volbrengen in een, zo vroeg op de dag reeds, gloeiend heet minikamertje dat duidelijk ook als opbergruimte dienst deed. Voorlopig zag ze er de lol nog van in...
De vrijwilligster beval ons daar te wachten terwijl zij 'de volgende lading' ophaalde, riep bij terugkomst nogmaals streng onze namen af -min twee, want die mochten al beschikken- en stoomde met ons in haar kielzog naar de elektrocardiogram. Weer netjes op commando neerzitten en wachten.
Om de tijd te doden las ik telkens een stukje verder in de boeiende Engelstalige roman, geschreven door een vriend van me, en dat hadden m'n lotgenoten blijkbaar opgemerkt, want men sprak mij hoofdzakelijk in het Engels aan. Best grappig om dan in ongelofelijk keurig Nederlands te antwoorden! Of in het Frans, ter afwisseling... 
Voor het grootste gedeelte van het gezelschap hield de reis daar bij het hartonderzoek op. De gendarme-begeleidster moest nog slecht mezelf meenemen en een meneer zonder tanden, die de hele tijd speekselend wou vertellen over al z'n vele facturen. En inderdaad: die twee namen moesten tóch ook weer luid afgeroepen worden, waarna we als opgejaagd wild voor haar uit stoven, de lange gangen door, richting longfoto.
Bij mijn buitenkomen aan de radiografie: iedereen verdwenen. Een lege gang, lege wachtzaal, rijen en rijen lege stoelen. Misschien was dit de laatste halte van de ene man geweest, maar mij wachtte nog een afspraak voor de longfunctie! "Dan maar op eigen houtje", dacht ik, maar slechts een paar meter verder hield een andere -veel vriendelijkere- vrijwilligster me staande, gebriefd om uit te kijken naar 'een juffrouw (ja, echt) met een lichtblauwe blouse', die persoon te onderscheppen en te droppen bij de dagkliniek. "Nog een afspraak? Ik weet van niks", zei ze, "dat sorteren ze dààr maar uit!" en leverde me zonder pardon af aan de zoveelste balie.
"Kamer 133, goed onthouden, hoor," knipoogde de vriendelijke verpleger en deed me een extra armbandje aan 'om me niet kwijt te raken in het gebouw'. Na wat instructies, een pak info en een eindeloze waslijst vragen waarvan ik af en toe zowat de slappe lach kreeg merkte hij op "O, u heeft nog een afspraak voor uw longfunctie! Oei, dan gaan we moeten opschieten. Weet u zelf de weg of...?" Ik kon niet snel genoeg 'ja, natuurlijk!' zeggen en weg was ik.
Weet je, het fijne aan al die testen is dat je even een volledige check-up krijgt en meteen weet dat je hart -ondanks zo vaak gebroken- nog steeds in uitstekende gezondheid je bloed krachtig rondpompt, bloed dat ook netjes àlles in zich heeft wat nodig is en ook niets teveel, en dat je longen een absoluut schitterend plaatje opleveren. Maar dat laatste onderzoek, werkelijk ge-wel-dig! Een ontzettend grappige verpleegster liet me plaatsnemen in een glazen hokje waar ik, met een mondstuk in mijn snater en een neusklem op m'n snufferd, op haar bijzonder enthousiaste aangeven moest in- en uitademen. Dan weer snel, dan weer traag, of heeeeel diep, heeeel lang, enz... Toen ik haar vertelde dat ze haar test afnam bij een 'klassieke geschoolde zangeres, opera en zo' lag ze om zoveel overduidelijk onnodige moeite volledig in een deuk, ze kwam er bijna niet meer van bij! En zoals te verwachten lagen mijn longinhoud en -capaciteiten vér boven het gemiddelde, waarop ik "O, gelukkig maar!" gniffelde, wat alweer goed was voor zo'n zalig bulderend lachsalvo.
De operatie stond pas gepland om 16u, doch nog maar net terug op m'n bed, het zal ongeveer 12u30 geweest zijn, kwam een moederlijke verpleegster me verzoeken al m'n spullen in het kluisje te steken, eventuele haarspelden en juwelen te verwijderen, m'n kledij uit te trekken en in te ruilen voor het gekende schortje, en me in bed te installeren: ik was nu meteen reeds aan de beurt!
En van daaraf ging het plots razend snel: ze sjeesden met m'n bed door de gangen en liften -m'n haar wapperde er van in de wind, écht-, parkeerde me kordaat in het wachtkwartier en voor ik het goed en wel besefte lag ik onder de grote lampen op de operatietafel, zag in een flits het ernstige gezicht van de anesthesist, ving een glimp op van de vrolijke snuit van de chirurg, en 'knip' m'n licht ging uit... En alsof er slecht één seconde voorbij was gegaan ontwaakte ik in de recovery met de mij ondertussen bijna 'vertrouwde' totale paniek. Pijn en angst. Mijn gespartel en geluidjes irriteerden duidelijk één van de verplegers nogal, want hij sloot resoluut alle gordijnen om me heen! Niet zo fijn eigenlijk... En omdat ik op die manier wat uit het zicht lag vergat men mij blijkbaar een beetje. Meer dan twee uur later, ondertussen volledig wakker, rolde ik dankzij een andere erg lieve verpleegster dan toch weer met bed en al kamer 133 in.
Daar ijsbeerde een zeer nerveuze oudere dame, op blote voeten, van kop tot teen gehuld in het zwart, hoofddoek en lang gewaad, heen en weer. Met een stralende glimlach op het verweerde gerimpelde maar o zo vriendelijk gezicht vroeg ze me of ik Arabisch sprak. Aangezien ik die taal niet meester ben en zij zich uitsluitend daarin kon uitdrukken behielpen we ons met gebarentaal en het occasionele woord -uit gelijk welke taal- dat we allebei begrepen. Haar dochter werd geopereerd, ze wachtte al 3 uur vol angst en was oprecht blij eindelijk even met iemand te kunnen spreken. En bij gebrek aan beter begon ze dan maar voor mij te zorgen: ze schikte m'n dekens, plooide m'n lakens, klopte m'n kussen op en hield m'n hand een tijdje vast. Lief, hé.
De doktersassistente bevond me fris genoeg voor vertrek en maande me aan toch een beetje op te schieten met omkleden en inpakken, zodat ik nog voor het sluitingsuur bij de apotheek aan de overkant van het ziekenhuis al m'n medicatie zou kunnen gaan kopen, maar 'k moest wel voorzichtig zijn en niet vallen. De verpleegster bracht me - hoera, éindelijk! bijna uitgedroogd van grote dorst!- een flesje water en een energiedrankje... da'k niet kon drinken wegens én lactose én gluten. Bon, met -ter vervanging dan maar- een stevig gesuikerd kopje thee in m'n maag en een grote ijszak tegen de rechterkant van m'n hoofd stapte ik, na een omwegje langst de zeer behulpzame apotheker, de bus naar huis weer op, naar m'n lekkere zetel, m'n heerlijke bed, het gezelschap van m'n knuffelpoezen en vooral drinken in overvloed.
De beademingstube heeft m'n stem wat gekwetst, de hele rechterkant van m'n gezicht is tijdelijk volledig 'raar', zelfs m'n haar doet vreemd, de pijn is nog niet helemaal onder controle, ik ben een zoveelste litteken rijker en 't blijft nog afwachten of deze ingreep me écht helpt... maar ik grinnik al de hele tijd da'k verdorie m'n stappenteller had moeten aandoen! Wie weet hoeveel kilometer ik in die plus-minus 10 uur wel niet afgelegd heb, hé... hihihi
Kortom, de moraal van dit verhaal: als je er voor open staat, beleef je echt óveral avonturen, inclusief de bijhorende brede waaier aan boeiende ontmoetingen. Zélfs tijdens één enkel daghospitaaldagje! :-)



dinsdag 23 augustus 2016

Fan of geen fan...

Fans, daar ben ik als artiest uiteraard dol op. En ik hou erg veel van al die fans van mij. Maar daar wou ik het vandaag even niet over hebben. 'Fan' is namelijk ook het Engelse woord voor ventilator. En ik hield ook erg veel van dié fan, mijn ventilator dus. 
Inderdaad, u leest het goed, 'hield', want hij heeft de geest gegeven...
En zoals met zovele van mijn spulletjes was ook deze ventilator niet zomaar een gebruiksvoorwerp, doch een dierbaar iets, behangen met herinneringen.
Ik kocht hem zoveel jaar geleden, tijdens een lange, gloeiend hete zomer, het zweten meer dan beu, ergens halverwege tussen Beveren en Zwijndrecht bij Kringwinkel Ibogem, ondergebracht in een hoog groen torengebouw waar ik bij elk bezoek even m'n hoogtevrees moest temmen. 't Is te zeggen, ik betààlde hem -slechts 7 euro- want hij werd door m'n vader gevonden tussen alle  andere tweedehands electronica. Ik zie hem nog altijd tussen de metalen rekken staan, mijn vader, nét niet op en neer springend van contentement, de gescoorde ventilator hoog boven z'n hoofd tillend in een triomfantelijk gebaar -kijk, Kristina, kijk!- alsof het de wereldcup voetbal of zo iets was. Dat zijn dingen die me toch steeds weer voor de geest komen en me doen glimlachen elke keer we in dit landje weer eens ventilatorweer hebben en het toestel met z'n zwaar zoemende bladen me toch een klein beetje koelte toewuift zodat ik ten minste niet helemaal dreig te verdrinken in m'n eigen zweet... Het luid zeurende, net niet gek-makende bromgeluid hield me uit m'n slaap, maar het was niet anders. Liever koel en wat lawaaierig, dus wat oppervlakkiger dutten, dan doorweekt en drijfnat van 't zweet een nacht onrustig woelen. 
Aan het begin van deze zomer haalde ik de ventilator van de kast en vanonder het winterstof, en zette hem op z'n vertrouwde plekje in de slaapkamer. Twee nachten heeft hij nog het beste van zichzelf gegeven... en toen: niets meer. Alsof hij niet langer meer de kracht kon opbrengen z'n wieken rond te draaien. 
En ja, ik heb hem volledig uit elkaar gevezen, nagekeken, ook aan de binnenkant van stof ontdaan, voorzichtig een drupje smeermiddel gegeven... en zolang ik hem niet volledig weer in elkaar zette dééd hij het, zij het uitsluitend op de hoogste stand en met af en toe een duwtje van mijn hand. Doch telkens ik àl z'n stukken weer volledig vast vees: behalve een diep ontevreden zacht gegrom, niks meer. Noegabollen nul noppes nada.
De ventilator-met-herinneringen staat nu al een tijdje, opnieuw, uitgebreid stof te verzamelen in de rommelkamer en ik vergat dat ik hem eigenlijk ook nog eens professioneel wou laten nakijken.
En vandaag begon die hittegolf. Bam, meteen 30 graden!
In het zachte flapperwindje van het kleine ventilatortje achter mijn balie overviel me m'n niet-voorbereid-zijn op zulke hitte. Meteen herinnerde ik me ook het gesprek met m'n beste vriendin om met m'n ecocheques eens op zoek te gaan naar een nieuw koele-lucht-blazertje. Een uitstapje dat er, hoe raad u het zo, nog steeds niet van gekomen was.
Zalig om leuke vrienden te hebben in zulke situatie. M'n maatje Stefaan vertelde over zijn eigen geweldige ventilator, online gekocht, die mij door de handige extra snufjes -afstandsbediening (hoef je niet uit bed om hem harder of zachter te zetten!), snoesinstelling (zo zet hij zichzelf na de gewenste tijd uit), optie zeebriesje (bijna geruisloos en toch nog verfrissend), en vooral bijzonder stil én betaalbaar- meteen voor zich gewonnen had. En, stante pede online besteld door de -zoals gewoonlijk- onmiddelijk sympathiek ter hulp schietende Rudi, echtgenoot van diezelfde beste vriendin, wordt het mij van smelten reddende designer koelding morgen al, hoera hoera hoera, bij me thuis geleverd!
En neen, hij was niet in het roze verkrijgbaar. Spijtig maar helaas, een mens kan niet àlles hebben, hé. ;-)
En voor vannacht? Tja, druipend in de badkuip gaan liggen om die emmers zweet te laten afvloeien, da's niet echt comfortabel slapen -toch wreed spijtig dat er niet ineens een paar kilo overtollig vet mee wegsmelt, hé- dus er wacht me een paar uurtjes wreed vochtig draaien en keren in bed. De stapel hoog-absorberende badhanddoeken ligt al klaar. Maar... daardoor zal ik morgennacht, positief ingesteld als ik ben, des te meer oneindig dankbaar zijn voor de koele bries in de kamer en die nieuwe fan gegarandeerd ten volle waarderen.
Artistieke toestanden of verfrissende luchtverplaatsingen, 't maakt niet uit: u mag gerust noteren dat ik, bijzonder enthousiast, met overtuiging fan ben van absoluut àl mijn geweldige fans! :-)



vrijdag 12 augustus 2016

De kracht van een glimlach.

Van kop tot teen gehuld in de vele lagen van een eindeloos aantal meters prachtige Afrikaanse stof, met naast de typische motieven ook een fraaie, in goud geborduurde, sierrand, stond ze op de volle tram, tussen de vele andere reizigers door, juistekes in mijn gezichtsveld. Vermoedelijk bewonderde ik haar outfit net een paar seconden te lang, want steels keek zij terug, een beetje onderzoekend. Toen onze ogen elkaar kruisten verscheen er een verlegen glimlachje op haar mooie zwarte gezicht. En, ge kent mij: meer heb ik echt niet nodig om totaal ontwapenend, volledig open en blij, breed terug te lachen. 
Aan het station moest ik overstappen op een andere tram, en zij blijkbaar ook. Ze nam, in afwachting van, plaats op een bankje en ik zette me, op de enige nog vrije plek, vlak naast haar. Voorzichtig gluurde ze, met opnieuw die wat verlegen glimlach, even opzij naar mij en ik lachte uiteraard ook weer terug.
Wegens het lang uitblijven van het gewenste tramnummer -het was al snel duidelijk dat we op hetzelfde wachtten- klonk er af en toe bij ons allebei een diepe zucht, er werd al eens iets onverstaanbaar gemompeld, we wiebelden bijna tegelijk met onze voeten... En dat deed ons giechelden. Zo zaten we daar naast elkaar op het perron, bijzonder bewust van elkaars aanwezigheid, maar alle twee nog net niet moedig genoeg om de andere aan te spreken.
Eindelijk op de tram: één vrij bankje, voor twee. Ik wiste met m'n glimlach meteen al haar twijfel om naast me te komen zitten weg, en, eenmaal gezeten, uitte ik mijn bewondering voor haar jurk. Verlegen verontschuldigde ze zich voor haar povere Nederlands. Maar daar zit ik niet mee, we gingen eenvoudigweg over op Frans. Ze kwam uit Burundi, gevlucht voor de vreselijke oorlogen, en vond het hier erg koud. Niet alleen letterlijk -vandaar die vele lagen stof natuurlijk- maar ook figuurlijk, tussen de mensen hier... Mijn vriendelijkheid verbaasde haar dus echt wel.
Bij de laatste ondergrondse stop van de tram, nadat we zeker al 10 minuten stil stonden, liet de bestuurder weten dat hij wegens een ongeval een omweg van een 15-tal minuten zou moeten maken. Wie wou uitstappen mocht dat.
"Dan neem ik de bus voor het vervolg van m'n route naar huis", zei ik tegen m'n zwarte reisgenote die meteen wist welke bus ik bedoelde, het een prima plan vond en dus met me mee ging, de vele eindeloos lijkende trappen omhoog.
Spijtig genoeg zag ik met mijn lumineus idee één dingetje, klein detail -hum- over het hoofd: daarboven lagen honderden meters straat en een volledig kruispunt onherkenbaar opengebroken -wat we eigenlijk, als trouwe gebruikers van deze route, allebei al lang wisten maar in ons enthousiasme even vergeten waren- dus: geen bus uiteraard. Luidop lachend om onze eigen dommigheid en honderduit babbelend alsof we elkaar al jaren kenden daalden we dan maar weer af in de diepte van het metrostation en arriveerden net op tijd voor de volgende tram met het juiste lijnnummer. Vrolijk kwetterend propte we ons tussen de rest van de 'sardientjes' en ons opgewekt gesprek werkte aanstekelijk bij het groepje jongedames, allemaal met hoofddoek, waar we tussen plakten. 
Ook nu brak mijn glimlach het ijs en na mijn -ik, de eeuwig vrolijke optimist- "Hoera, we doen zo dadelijk een heel uitzonderlijk ommetje met de tram, hoe spannend!" vond niemand om ons heen het nog erg dat we wat later thuis zouden geraken. 
Terwijl ik figureerde als tolk voor de nodige simultane vertaling, van 't Nederlands naar 't Frans en terug, babbelde iedereen ongedwongen met iedereen, ambiance alom. Bij de aankondiging van déze chauffeur -zijn tram had ondertussen ook nog niet één centimeter bewogen- dat we dan tóch langst de normale route zou rijden was iedereen het dan ook meteen, breed lachend, roerend met me eens toen ik grapte "Allé jong, da meende nu toch ni! Amai, da's echt keispijtig!..."
De Afrikaanse mevrouw moest nog een paar haltes verder, maar één van de meisjes -lang, slank, mooi, ik denk Marokkaans, maar zeker hier geboren- verliet de tram samen met mij en wandelde nog een stukje mee terwijl ze haar intense blijheid uitte over dat super gezellige tramritje, waarin kleur, afkomst, leeftijd en zelfs taal uitzonderlijk eens een keertje géén barrière vormde...
"Als meer mensen zo zouden zijn, en dit vaker gebeurde, dan zou de wereld er volledig anders uit zien!" zuchtte ze nog. "Juist daarom schrijf ik dit soort belevenissen neer in een blogje", vertelde ik haar, "met de hoop mensen te inspireren, al was het maar één iemand..." En geweldig enthousiast die verhaaltjes ook te kunnen lezen schreef ze gretig de Google-gegevens op.
Ik weet dat men mij soms behoorlijk, zelfs kinderlijk, naïef vindt, en onrealistisch, wereldvreemd, als ik beweer dat één oprechte warme glimlach krachtig genoeg is om de hele wijde wereld te veranderen. Volgens mij is één 'smile' altijd de start van een positieve kettingreactie, zoals één kleine druppel in een enorme watervlakte naar alle kanten eindeloos uitdeinende cirkels op de waterspiegel veroorzaakt.
Zowiezo, zonder dom te zijn of het grote plaatje uit het oog te verliezen, alle beetjes helpen, hoe klein ook. Juist die ogenschijnlijk totaal onbelangrijke dingen, die we allemaal aan kunnen, hebben we hard nodig. Me dunkt dat deze waar gebeurde story daar toch ook weer een erg mooi bewijs van is...
Dus -zeg maar dat ik het gezegd heb- laat deze wereld jouw glimlach niet veranderen, maar verander met jouw glimlach de wereld! *Smile!* :-)


zondag 7 augustus 2016

Kleur bekennen, de video-casting.

Vrijdagnamiddag. Ergens, ogenschijnlijk in een stukje niemandsland, ver weg van andere bebouwing, tussen zonovergoten groene velden en uitgestrekte weilanden, wachten 6 dames van middelbare leeftijd samen in een kamer van een verder nietszeggend gebouw. En één van hen ben ik.
Door het venster zie ik m'n vriendin Ingrid, naast haar auto in het zonnetje genietend van een sigaretje, nog steeds verbaasd over de locatie staan rondkijken. Dit is vermoedelijk inderdaad niet echt het soort plek waaraan je denkt als je iemand naar een 'casting' rijdt, maar het klopt wel degelijk, want ik was er al eerder. Sinds een aantal jaren kan je namelijk mijn snuit terugvinden in het gezichtenboek van Streetcasting, een castingbureau gespecialiseerd in buitengewoon gewone mensen. Alles behalve de echte beroepsmodellen. En hun studio bevindt zich dus dààr.
Tijdens een gezellig en bij momenten ronduit hilarisch dagje photoshoot voor een toeristische folder werkte ik al één keertje voor hen, samen met m'n gelegenheidsechtgenoot Geert Goemaere en 2 kinderen. Een fijne ervaring.
En regelmatig valt er nog wel eens een uitnodiging voor een nieuwe casting in mijn mailbox. Maar vaak lukt het niet om er naar toe te gaan of valt de uiteindelijke draaidag op een totaal fout moment voor mijn agenda.
Maar déze vrijdagmiddag paste, en ik was er helemaal klaar voor!
Voor de uitzonderlijk dik betaalde opname van een reclamefilmpje voor een natuurlijk overgangskwaaltjesmiddel zocht de klant van het castingbureau dames tussen 40 en 60 jaar, verschillend van formaat en uitzicht.
"Nog voor geen miljard krijg je mij daar naar binnen!" zei Ingrid nog in de auto, maar ik vind zoiets gewoon super lollig om te doen. Uiteraard zou uitgekozen worden leuk zijn, maar zo een casting op zich is een prima oefening voor m'n zelfvertrouwen, en ik geniet er dan ook met volle teugen van.
De dames in de kamer probeerden, de ene al wat subtieler dan de andere, hoogte te krijgen van de concurrentie. Er ging een waar spervuur van bijzonder directe persoonlijke vragen heen en weer. En sterke verhalen, over met en voor wie, waar, waarvoor en vooral voor hoeveel geld ze al gewerkt hadden, en hoe 'beroemd' ze eigenlijk wel waren... 
Wachten bij een casting is in alles te vergelijken met wachten bij audities: iedereen poetst zich op, zet z'n pluimen breeduit en maakt zich letterlijk en figuurlijk zo imposant mogelijk, want als je de mededingers kan doen twijfelen, dan heb je misschien zelf meer kans de uitverkorene te worden.
Beleefd beantwoordde ik de aan mij gerichte vragen -bij mij geen gedoe, niets dat je niet mag weten- en bleek de enige te zijn, of alleszins toch de enige die er open over durfde praten, die reeds ervaring had met de neveneffecten van de overgang. Dat deed hen 'jong' voelen en duidelijk ook een beetje 'superieur'. Ik luisterde glimlachend naar het gekakel en dacht er het mijne van.
In de reflectie van de grote spiegel zag ik mezelf tussen de perfect opgemaakte en gekapte, strak en modieus geklede, prachtig slanke andere kandidaten, en constateerde, zonder emotie of enig ander gevoel, het viel me gewoon even op, hoe 'anders' ik er wel uit zag: twee maal zo breed als elk van hen en opvallend meer 'gekleurd', niet alleen m'n kleding -fel wit en rood met veelkleurige bloemen, tussen hun zee van beige, bruin en beige- maar ook hoe mijn huid van zichzelf kleur uitstraalt, zonder een dikke laag poeder en blush...
"Of ik m'n rode vestje wou uitdoen en mezelf voor de camera even kon voorstellen", vroeg de dame die de proefopnames maakte, en ze leek aangenaam verrast met die klassieke-zangeres-receptioniste-combinatie voor zich. M'n niet zo doorsnee waaier hobby's -bloemen&planten, poezen, concerten, bloggen, photoshoppen- deden haar verwonderd en geïnteresseerd glimlachen.
Na een toertje ronddraaien, zodat de klant je lijf nauwkeurig kan beoordelen, moesten er zonder woorden een paar overgangsellende-scenes gespeeld worden. "Niet moeilijk om jezelf en je eigen ervaringen weer te geven", dacht ik, maar -ik had het kunnen denken, hé- mijn performance was te groot, veel te groot! "Te opera", lachte de castingdame vanachter haar lens. Uiteindelijk bleek 'niets doen', naar mij idee dan toch, en eens met m'n ogen rollen méér dan genoeg expressie... hihihi
Nog nadenkend en vertellend over alles wat ik bij deze casting gezien en gehoord had vroeg ik me, half ernstig, half grappend, tijdens de autorit huiswaarts luidop af van welke planeet ik in 's hemelsnaam kwam. "Van de Kristina-planeet" antwoordde Ingrid lachend, "waar alles kleur is, en bloemen, en muziek, en vooral... waar alles en iedereen 'echt' is." En ze heeft gelijk.
Of ik nu geboekt word of niet, die namiddag kwam ik zowiezo rijker naar huis. Ik kreeg de kans mezelf nog maar eens te bewijzen dat ik me echt niet als iemand anders dan wie ik ben hoef voor te doen, en ik daar ook niet (meer) toe te verleiden ben; dat ik het niet nodig heb om anderen onderuit te halen om zelf belangrijk(er) te zijn; dat ik niet minder waardevol ben omdat ik eventueel niet in het plaatje van de klant pas; en dat ik absoluut meer dan goed genoeg ben, exàct zoàls ik ben: ietwat eigenwijs, duidelijk wat anders, bubbelend en bruisend, een beetje zottekes, oprecht optimistisch, redelijk rond, uitzonderlijk kleurrijk en vooral, vanbinnen en vanbuiten, helemaal, onvervalst en authentiek, 'écht'. En dat is dik in orde, zou ik zo zeggen! <3 :-)