Posts tonen met het label vrienden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrienden. Alle posts tonen

woensdag 3 juni 2020

Zwart-wit.

"Gij ziet geen kleur!" Ik hoor het mijn zalige ploeg zwarte kamermeisjes, allemaal afkomstig uit heel verschillende landen in Afrika, nog steeds herhaaldelijk super verbaasd tegen me zeggen, lang geleden, toen ik nog hoofd housekeeping in een hotel was. Daarmee bedoelden ze dus niet dat ik, 't meest kleurrijk madammeke ooit, kleurenblind was of iets dergelijks. Nee, ze wezen me op het feit dat iemands huidskleur voor mij totaal niets uitmaakt. Voor mijn part mag je gerust purper met groene stippen zijn, of lila met blauwe strepen. In dat geval spreek ik je vermoedelijk wél kinderlijk enthousiast aan over die schitterende veelkleurige teint! hihi... Een goeie mens is een goeie mens, ongeacht z'n afkomst en/of huidskleur. Punt. Bloed is bij iedereen rood, en elk skelet telt in wezen evenveel beenderen en botjes. We hebben meestal evenveel en dezelfde organen, doorgaans op identieke plaats in ons lijf. En we willen ook allemaal hetzelfde: een beetje geluk, een beetje liefde, een veilige plek om te wonen, al dan niet met een gezin en een familie, een klein beetje welvaart en graag ook een toekomst. En respect. Gewoon gerespecteerd worden voor wie en wat we zijn, dat willen we ook allemaal.
Zoveel jaren geleden was die uitspraak van m'n geliefde kamermeisjes (ze vliegen me nog steeds dolenthousiast en overgelukkig om de hals als ik per ongeluk nog eens ergens één van hen tegenkom...) niet meer dan een soort warm en hartelijk compliment voor me. Ik begreep de eigenlijke diepgang van hun verwondering toen nog niet ten volle. Met mijn grote open hart en volledig onschuldige kijk op de wereld en op de mensheid had ik echt niet het idee dat mijn gelijkvormige omgang met mensen, dus ook met hen die eventueel een donkerdere huidskleur hadden, zo uitzonderlijk was...
Racisme wordt ons aangeleerd. Kinderen zien geen 'kleuren'. "Gij zijt mijne vriend", of "gij zijt niet mijne vriend". Meer is het voor hen niet. Invloed van de mensen om je heen, vaak volwassenen die om de één of andere reden -en dat kan heel veel zijn- ooit een sterke menig over iets vormden, en mogelijke ervaringen in jouw leven zelf, gaan langzaam maar zeker die kinderlijk openheid en onschuld verkleuren. Er groeit achterdocht en angst, in alle vlakken in het leven trouwens, en jammer genoeg heel vaak ook wat betreft 'kleur'...
Een groot gevoel van schaamte hangt er nu over me heen. Al een hele tijd trouwens, maar vandaag meer dan ooit. Schaamte omdat ik bij het 'witte' ras hoor. Die groep mensen die zich uitsluitend vanwege hun blanke kleur al eeuwenlang superieur voelen binnen de mensheid, onbetwistbare heer en meester over elke mogelijke andere tint, en vooral over alles en iedereen die enigszins naar zwart neigt. Al heb ik mezelf, met de hand op het hart, weinig te verwijten, toch schaam ik me. Diep, heel erg diep. Zelf geen racist zijn is eigenlijk absoluut niet meer genoeg...
Lang had ik het totaal foute idee dat het hier toch wel redelijk meeviel voor mensen met een donkere huidskleur. De verschrikkelijkste verhalen kwamen, volgens mij, vooral uit Amerika en -hoe bizar eigenlijk- ook uit Afrika. Lang dacht ik dat we hier bij ons allemaal wel redelijk gelijk waren, ik, met mijn immer optimistische blik op de dingen en, zeker toen nog, overtuigd gelovend in de goedheid der mensen... Zo ingesteld zijn is mooi, absoluut, maar zonder onderliggende wijsheid en dik pak realiteitskennis ook behoorlijk naïef... 

Mijn ogen gingen pas wijd open toen ik op een of andere repetitiedag onverwacht een uitgebreid gesprek over 'zwart zijn' had met goede vriend Kalifa, u misschien beter bekend als Obi uit de buurtpolitie. Als piepkleine baby samen met een broertje naar België geadopteerd; bijna antiek Vlaams opgevoed in een fantastisch gezin, warm en ondersteunend, motiverend en stimulerend; opgegroeid tot super sympathieke kerel met bakken talent; met zelfs een gezapig Brasschaats accent af en toe... "In de saccoche!", zult ge misschien reageren, "Geen vuiltje aan de lucht!" Nee, niets is minder waar. Hij kan gerust een paar boeken vullen met duizend-en-één momenten van racisme, puur en alleen vanwege zijn zwarte huid. Het is een ongelofelijke waslijst. En o ja, misschien niet zo dikwijls keihard direct in 't gezicht, dat racisme, maar zoveel vaker beklijvend onderhuids, geniepig kwetsend, heimelijk verstopt in ogenschijnlijk onbelangrijke details. Niet alleen alle mogelijke, vaak ondenkbare vormen van discriminatie zijn pijnlijk, ook de zogenaamde 'positieve discriminatie' kan ronduit beledigend zijn. En al die dingen voeden het gruwelijke gevoel te allen tijde een tweederangsburger te zijn, en te blijven, hoe beroemd je ook mag worden... Zijn verhaal brak m'n hart. Geloof me. En het opende m'n ogen, en m'n oren. 
Kalifa's getuigenis is ondertussen lang niet meer de enige zwarte -letterlijk én figuurlijk- verklaring die ik mocht aanhoren. Elke geweldige zwarte persoon, waarvan ik in mijn leven reeds het geluk had hen of haar te mogen ontmoeten en 'vriend' te noemen, elk van hen heeft exact dezelfde voor mij zo onvoorstelbare verhalen! Zijn we dan écht in al die honderden jaren geen millimeter 'beschaafder' geworden?!?... Weten we dan ondertussen nog altijd niet beter? Waar is de wijsheid? Waar zijn de inzichten? Dit alles is toch niet nieuw!?!... Zijn we dan de vurige woorden alweer vergeten die al die roemrijke voorvechters, die er zelfs hun leven voor riskeerden, tot ons spraken en nog steeds spreken? Mensen als Martin Luther KingNelson Mandela en Desmond Tutu, maar net zo goed Rosa Parks en Josephine Baker. En niet te vergeten ex-president Barack Obama... Hoe is het in 's hemelsnaam mogelijk?!...
De wereld is allesbehalve 'zwart-wit'. Doe je ogen open en kijk eens om je heen. Absoluut álles op deze blauwe bol is boordevol kleur! Met geen woorden te beschrijven, zo divers en prachtig. Waarom dan mensen sorteren op zwart of wit? Waarom überhaupt dat sorteren trouwens?... 
Ik schaam me diep. Echt. Ik schaam me, en met een bloedend hart, voor de gehele mensheid.
Ondertussen woon ik al jaren tussen en ken ik heel veel verschillende kleuren mensen. (Het klink me nu zelfs beledigend in de oren, dit op deze manier te schrijven...) En het blijft m'n hart breken, elke dag opnieuw, hoe achteloos en gemakkelijk 'witte' mensen met dikwijls ondoordachte, bijna vanzelfsprekende, vernederende uitspraken over en naar andersgekleurden omgaan. Of het nu een doodgewone buurvrouw is, zomaar iemand op straat of in de winkel, of de zogenoemde 'leiders' van dit land, dat doet er niet toe, ze maken er zich allemaal schuldig aan. "Och, 't is maar een grapje, 't is maar om te lachen", hoor je dan vaak als je er iemand op wijst, en "Iedereen zegt of vindt dat toch!"... Maar geloof me: de onderliggende, ontzettend kwetsende boodschap is aan de andere kant wel binnen, hoor. Ge moogt gerust zijn. Of beter: ongerust...
En 'zwart', ja, dat blijft men het 'ergste' van al vinden. Een zwarte kat brengt ongeluk, ge draagt zwart als ge in de rouw zijt, terroristen kleden zich zwart, overvallers en dieven ook, en heksen. Zwart is de kleur van het Duister en het Kwaad. Zwart staat blijkbaar, bewust of onbewust, altijd symbool voor 'slecht'. Dus, een zwarte medemens, tja, in het hoofd van al die simpeldenkenden en kortzichtigen is dat automatisch ook iets om te mijden als de pest...
Het is mensonterend dat in deze 'moderne' tijden goede, hele gewone, liefdevolle, vaak ook erg getalenteerde, hardwerkende, gedreven mensen, die in álles, behalve alléén maar hun huidskleur, nét als ik zijn, gediscrimineerd, geviseerd, vernederd, genegeerd, mishandeld, gekwetst, geminacht, geïntimideerd, overgeslagen, verwaarloosd en geëlimineerd worden. Zelfs zonder enige betekenisvolle reden. Zomaar. Omdat ze zwart zijn... Ik schaam mij diep, en al helemaal als telg van dat blanke ras.
Ik besef nu ook dat 't niet volstaat om zelf geen racist te zijn. Je moet ook meehelpen om racisme voorgoed uit te roeien... Ik doe mijn best. En ik beloof nog harder mijn best te gaan doen. En ondertussen verontschuldig ik mij oprecht voor al die mogelijke kleine momenten waarop ik zelf ook achteloos en onnadenkend, zij het in handelingen, zij het in woorden, zij het in gedachten, aan kleurdiscriminatie schuldig maakte. ♥️ Xxx





donderdag 7 mei 2020

Jan en Flori.

De ontzettend gezellige, behoorlijk lange en bijzonder geanimeerde babbel in de grote hal van het appartementsgebouw hier met m'n zus Jacinta en schoonbroer Eric, afgelopen zaterdag, had me al ontzettend veel deugd gedaan. De dagen ervoor zat ik echt wel wat in een dipje door de totale afwezigheid van menselijk interactie in mijn leven tegenwoordig, en al helemaal in levenden lijve. Het was echt genieten, en het monterde me geweldig op. Ja, 'k kon weer verder met de energie die op die manier m'n richting uit stroomde. Oef. En hoera.
Gisteren wandelde ik, intens genietend van het zonneke, -en daardoor jammer genoeg ook wel serieus zwetend achter dat zelfgemaakt zakdoekenmondmasker en in die dikke plastieken tuinhandschoenen- langs de dokter voor een klaarliggend voorschrift, met een bochtje door de supermarkt voor m'n favoriete brood -dat er natuurlijk niet meer was- richting apotheek. Daar was ik, hoe wonderlijk, in eerste instantie de enige aanwezige klant. En omdat ik al de dames apothekeressen al vele jaren ken en ook graag mag, ontstond er al snel een erg prettig gesprekje. Over zelfgemaakte en alle andere modellen van mondmaskers, en over m'n liedjes op YouTube. Het deed me alweer buitengewoon veel deugd en met een door het mondmasker verborgen brede glimlach kuierde ik weer richting thuis. De zon scheen warm op m'n gezicht, de wind blies vrolijk m'n haar in de war, de vogeltjes in al het ontluikende groen floten onbezorgd uit volle borst. En slecht hier en daar, en goed ver weg van mij, bevond zich nog iemand anders.
'k Liep zodanig op m'n gemakje te genieten, daar op het wandelpad van de groene zone tussen de flatgebouwen, da'k ze bijna niet eens opgemerkt had, de beide heren op de fiets, in de tegenovergestelde richting. Doch in dezelfde fractie van een seconde herkende ik hen en zij mij! Dat waren verdorie Jan en Flori! Wat deden die hier?!...

Dit supersympathieke echtpaar kende ik eerst jarenlang als 'vrienden van mijn ouders'. Eén van hen is een oud-collega van mijn vader. Maar al snel werden het ook bijzonder gewaardeerde vrienden van en voor mij. En absolute enthousiaste fans ook. Ze lezen met heel veel vreugd en deugd al mijn verhaaltjes, maken onverbloemd reclame voor mijn boeken, volgen bijzonder meelevend al mijn reilen en zeilen, en zijn steevast, al dan niet met een hele schare vrienden in hun zog, aanwezig op zowat elk mogelijk optreden. Heerlijke mensen zijn zij, Jan en Flori, mensen waar ik graag en zonder moeite een paar uur mee weg kan babbelen als de gelegenheid zich voor doet.
Omdat ze goed beseften dat ik heel deze quarantaine ook maar in m'n ééntje door zit te knoeften, en met als inspiratie m'n verhaal over die eerste babbel in de hal met zus en schoonbroer, waren ze uit hartje Antwerpen tot bij mij komen fietsen. Om even bij te kletsen. Ook in de hal. Of buiten op de stoep. En, zoals ik achteraf hoorde van m'n buren, die op de trap voor het gebouw, gezellig als op een terrasje of zo, van de stralende zon genoten en waarmee ik achteraf eveneens nog een half uurtje weg taterde, hadden ze tot hun spijt en ondanks bijzonder geduldig wachten geen gehoor gekregen bij het aanbellen. Kristina was jammer genoeg, en uitzonderlijk net nu natuurlijk, eens niet thuis... Niks aan te doen, dus stapten ze terug op hun stalen ros om dan maar verder van de fietstocht te genieten.
Maar wie kwam hen daar op het cementen wandelpad tegen, zich van geen kwaad bewust vrolijk over het pad kuierend, haar boodschappenkarretje met zich mee rollend? Ons Kristina dus! Hoeveel chance kunt ge hebben, hé.
We babbelden uitgelaten en blij elkaar te zien een flink pak minuten weg, daar lekker in het warme zonnetje. Over de familie, over het alleen zijn, over kleinkinderen missen, over YouTube filmkes, en 'goe bezig zijn', over toekomst en concerten, en ook over dankbaarheid. Dankbaarheid voor onze gezondheid en de vriendschap. En toen het grote betonnen gebouw ons de zonnestralen ontnam en het plots toch erg fris werd, was het tijd om weer afscheid te nemen. Netjes zonder risico's vanop een afstandje. 
En even later -na die ook al zo leuke babbel met de buren dus- vond ik in m'n brievenbus op de koop toe een prachtig, zelfgemaakt kaartje van hen beide, met daarop nog eens zoveel lieve en bemoedigende woorden. Mijn dag kon écht niet meer stuk. En geloof het of niet, ik glimlach nog steeds uitzonderlijk breed!
Ja, wat warme, welgemeende menselijke interactie, dat doet wonderen, hé. En nog geen klein beetje! 't Blijkt maar weer wat een noodzakelijke en onmisbaar gegeven dat is. En ik ben ongetwijfeld een gezegend iemand met zulke fijne personen om me heen. En die vrienden van mij, vrienden zoals Jan en Flori, die zijn echt helemaal te gek wauw! Zalig, toch?!... ♥️
P.S. Ondanks het feit dat ze bij alle soorten evenementen steeds aanwezig zijn, viel het toch niet mee om een mooie foto van hen samen te vinden in mijn uitgebreide archieven... Maar, 't is me gelukkig toch gelukt, al zeg ik er wel eerlijkheidshalve bij dat dit leuke portretje ondertussen toch ook alweer 8 jaar oud is. We zullen eens doelbewust samen, met z'n drieën, wat plaatjes moeten schieten in 't vervolg, hé, heren... ;-)



zaterdag 2 mei 2020

Het regent in de straten.

'k Ga er geen spel van maken, er zitten zeker weten heel wat mensen in een gelijkaardige situatie, dus 'k zeg het maar zoals het is: de eenzaamheid begint serieus te wegen. 'k Mis de -weliswaar vaak slechts sporadische- aanwezigheid van vrienden en familie in mijn dagelijks leven. Het is hier bijna dodelijk stil. De ene dag glijdt naadloos en geruisloos over in de andere, en ik zie vaak dagenlang niet één mens. Ware het niet voor dat dagelijks telefoontje tussen mijn moeder en mezelf, de ergens ver weg klinkende man-made geluiden in het gebouw, en het weerkerende applausgedoe op de omliggende balkons om 20 u, dan hóórde ik zelfs niemand. 'k Word er langzaamaan een beetje depri van, vrees ik. En de regen van de afgelopen dagen hielp niet echt...
Maar,... daardoor weerklonk er, zoals gewoonlijk 'als vanzelf', weer een liedje in m'n hoofd! Ja, ik weet dat dit eigenlijk over een verloren gewaande liefde gaat -allé, dat voor zover ik weet toch- maar geef toe: het is ook absoluut perfect toepasbaar op het ontzettende en immer toenemende gemis van al die lieve mensen die van enige betekenis in iemands leven zijn!
Zo even tussen haakjes, maar 't moet gezegd, vind ik: die teksten van Will Ferdy, tjonge, ze zijn soms toch écht wel ontzettend krachtig, hé... V
ermoedelijk zijn ze daarom ook al die vele jaren, ergens netjes opgeborgen, in m'n brein blijven plakken, om op gepaste momenten, zoals nu dus, weer de kop op te steken.
Het heeft me, ondanks het ietsiepietsie goesting om het op te nemen en er een filmke van te maken, wegens totale en faliekante 'platheid' toch nog verschillende dagen gekost om eraan te beginnen, maar vanochtend lukt het me dan éindelijk tóch. Oef! En geloof het of niet, vermoedelijk door die eeuwigdurende repetitie -in de letterlijke én figuurlijke zin van het woord- dagenlang in m'n hoofd, stond het er zélfs in slechts één take op! Echt waar. Dit moet dus niet meer of minder dan recht uit 't diepste van m'n hart, het hoogste van m'n ziel en het puntje van m'n tenen gekomen zijn, hé... ;-)

Rechtstreekse link naar dit nummer op YouTube: klik hier!

maandag 11 februari 2019

Over verjaren en zo...

Toen ik een halve eeuw oud werd, besloot ik dat het bereikte cijfer wel volstond. Ik zou verder gewoon 50 blijven en er 'jaren ervaring' bovenop tellen. En dat meende ik serieus, hoor. Zo ben ik dus sinds het begin van deze maand '50 met 3 jaar ervaring'! Voilà.
Het ouder worden maakte me langzaam maar zeker steeds duidelijker dat die dag eigenlijk minder het herdenken van mijn geboorte inhield en zoveel meer het vieren van mijn leven. De laatste jaren moest er -wat mij betreft dan toch- op deze dag ook echt niet meer zo focust worden op mij. Ik sta al vaak genoeg in de belangstelling. Nee, 2 februari groeide voor mij uit tot de gelegenheid, hét aangewezen moment in het jaar, om even extra stil te staan bij alles wat het leven mij tot nu toe bracht, om even terug te blikken op de geweldige weg die ik al afgelegd heb, om de vele bijzondere mensen te gedenken die ik op mijn pad mocht ontmoeten, om extra warm te glimlachen bij de gedachte aan zij die nog altijd aan mijn zijde mee verder gaan, en om tijd te nemen op m'n gemakje, al dan niet alleen met mezelf of in gezelschap, vele honderden gekoesterde herinneringen en zoveel speciale momenten -zowel positieve als negatieve, maar allemaal veelbetekenend en verreikend in mijn bestaan- boven te halen en even lichtjes opnieuw te bleven, te voelen, te ondergaan.
Dit jaar nam een ontzettend grote dankbaarheid de absolute overhand. Want er is zo ongelofelijk veel waar ik diep en oprecht dankbaar voor ben. Alle dagen van mijn leven, hoor, maar nu, zo met die verjaardag kwam het gevoel écht vanuit élke vezel van mijn lijf en élke molecule van mijn zijn. 
Eerst en vooral het feit dát ik al zoveel jaren heb mógen leven. Niet echt voor de hand liggend als je lichaam het met regelmaat laat afweten. Als ik (slechts) 50 jaar eerder het levenslicht gezien had, dan was ik vandaag vermoedelijk een ontzettend grote sukkelaar, met ondraaglijke pijnen, en totaal niet in staat voor mezelf te zorgen. Of ik was zelfs niet eens meer in leven... Zelfde verhaal mocht ik in déze tijd maar in een minder 'modern' land ter wereld gekomen zijn. De hele structuur van het ons ter beschikking zijn van allerlei hulp en vangnetten, in combinatie met zeer vooruitstrevend medisch kunnen, is toch iets om bijzonder te waarderen. Niet dan?...
Vaak zit ik stilletjes in mijn sofa rond me te kijken, in een alles overweldigend geluk. Dit is mijn eigen appartementje. Iets dat ik nooit gedacht had te bereiken in dit leven, en toch woon ik hier nu al 5 jaar. O ja, er zijn nog steeds wat mankementjes aan, dingen waarvoor ik jammer genoeg niet de centen heb om ze terdege op te lossen, en ik heb nog meer dan 20 jaar af te betalen aan de hypotheek, maar dat mag de pret zeker niet drukken. Elke kamer straal mijn hart en ziel uit, overal waar je kijkt merk je dat deze ruimte een verlenging van mezelf is: vol uitgesproken kleur, vol welig tierende planten, vol gekoesterde frullekes en memorabilia, vol kunst en muziek. Vol zachtheid ook en rust, met een intens welkomstgevoel en een veilig thuiskomen. Een plek waar mensen graag op bezoek komen en de koffie bij wijze van spreken altijd klaar staat.
Ik ben ook dankbaar voor de niet-menselijke levende wezens in mijn bestaan. Zonder de katertjes Poekie en Pompon zou de flat misschien toch een behoorlijk stuk aan warmte inboeten, denk ik. En de vele vogels op het terras en in de aanpalende tuin, die zijn ontegensprekelijk een dagelijkse bron van intense vreugde en zelfs occasioneel van buitengewone opwinding. (Dat laatste bij de poezen al wat sneller dan bij mij, uiteraard. Voor mij moet er dan al eens iets erg uitzonderlijks komen aan fladderen en landen, hé...) 

Och, veel moet het feitelijk niet zijn om mij intens gelukkig te maken, hoor. De ochtendzon die door de gordijnen piept, vrolijk omlaag dansende sneeuwvlokken, soms zelfs het ritmisch gekletter van de regen, een nieuwe bloemknop of bladknop ergens in m'n overdadige groenvoorziening, het brommend gesnor van de hommels, tevreden ronkende poezenbeestjes, een vrolijk fluitende buurman, een liedje in m'n hoofd, een frisse 'goeie morgen!' op straat die eens een keertje blij beantwoord wordt... Zoveel dat me opgewekt maakt. Zoveel ook om dankbaar voor te zijn...
Maar boven al, met stip op de eerste plaats, gaat mijn eindeloze dankbaarheid uit naar al die geweldige mensen die elk op hun manier mijn leven een bijzondere twist geven. Eigenlijk spreken we hier bijna niet eens meer over dankbaarheid 
waar mijn hart van over loopt voor hen, maar over pure liefde. Voor deze kleine groep echte vrienden en familieleden hoef ik nooit of te nimmer een masker op te zetten. Soms kennen ze me zelfs beter dan ik mezelf, en doorprikken ze met gemak m'n gewoonte-maskerade in een ongemakkelijke charade. Ze waarderen me en houden van me exact zoals ik ben, zonder enige vorm van toegeving, en onder absoluut alle omstandigheden. En da's natuurlijk wederkerig. (Of wat had je gedacht, dan?!) Zij leerden me wat 'graag gezien worden' is, en ook het echte 'graag zien'... Niet alleen anderen (zonder mezelf daar dan in te verliezen) maar, ooo zooooo belangrijk, ook mezélf! Ik groei door hen, als mens, als persoon, als vriend, als artiest... Nog elke dag word ik door hun zachte, vaak onopvallende aanwezigheid in mijn leven een betere mens.
En ze weten zelf wel wie ik hier bedoel. Ik hoef geen namen te noemen. Af en toe riskeer ik het wel eens over één van hen te schrijven, maar meestal vinden ze dat al snel veel te veel aandacht, of ze hebben er ronduit de pest aan... hihihi
Hen wil ik dus vieren op mijn verjaardag. Zij moeten in de watten gelegd, niet ik. (Al weten ze me, nondepitjes, op bijzonder slinkse wijze toch altijd met 't één of 't ander te verrassen, de lieve stiekemerds, ongeacht mijn met overtuiging en aandrang gebrachte boodschap 'dat ik absoluut niets wil omdat ik alles al heb, zeker met hen in m'n leven!'...) Of tenminste, dat was alleszins mij idee daarover dit jaar, en met een handvol van hen is me dat ook gelukt. En da's genieten voor mij, echt, serieus genieten! Waarvoor ik dan uiteraard alwéér bijzonder dankbaar ben... hihi
Ja, je verjaardag gebruiken als speciaal moment van reflectie, even uitgebreid stilstaan bij alles waar je dankbaar voor mag zijn, da's verrassend verfrissend. En het heeft me zo mogelijk nóg gelukkiger en dankbaarder gemaakt. 😍
(En dat jij dit verhaal helemaal hebt willen lezen, ook daarvoor ben ik uiteraard geweldig dankbaar!... Xxx 😁😉😘)




zondag 28 oktober 2018

Graag zien.

Graag zien. Je gaat het misschien moeilijk kunnen geloven, maar eigenlijk heb ik heel lang niet geweten noch begrepen hoe dat in elkaar zat, en vooral niet hoe je dat ontving. Van thuis uit hebben we dat niet echt meegekregen. In onze streng gedisciplineerde opvoeding zat het graag gezien worden in het eten dat je op tafel zag verschijnen en de schone kleren die altijd weer in je kast lagen, kortom in het feit dat er goed voor je gezorgd werd. Knuffels of andere liefkozingen, dat kenden we niet echt, maar we wisten ook niet beter. En we deden steeds ons uiterste best om gehoorzame, brave en absoluut voorbeeldige kinderen te zijn, want alleen perfectie was goed genoeg. Doch hoe hard je ook je best doet, perfectie is niet realistisch, niet menselijk haalbaar, en ergens, ik weet niet precies waar, heb ik daar toen -alsof ik op m'n levenspad een rare, mogelijk foute, afslag nam- voor mezelf de conclusie uit getrokken dat ik nooit, maar dan ook echt never ever goed genoeg zou zijn. Vooral ook: nooit goed genoeg om graag gezien te worden... En al gauw verankerde dat zich in elke vezel van mijn lijf en elke millimeter van m'n leven.
(Even tussendoor een belangrijke nota hierbij: lees hier vooral géén verwijt naar m'n jeugd of m'n ouders in, want zo gingen die dingen toen gewoon. Ik schets hier slechts rudimentair een noodzakelijke achtergrond bij dit verhaal!)

Het zal je dan ook niet verbazen dat ik wat later in m'n leven de kleinste gebaren van genegenheid, de geringste vorm van aandacht meteen opvatte als 'liefde', om me vervolgens met hart en ziel in een relatie te storten en me volledig weg te cijferen, 200% ten dienste van de beminde partner in kwestie, om nog meer 'goed genoeg' te zijn -en vooral te blíjven- zodat ik zijn liefde verdiende en waardig was... En ik wil niet iedereen over dezelfde kam scheren, maar om van een paar hele lange verhalen één korte samenvatting te maken: ze lieten me, elk op hun manier, één voor één, lichamelijk ernstig gehavend en geestelijk volledig geruïneerd achter, als een totaal versleten gebruiksvoorwerp, een uitgeleefde lor klaar voor het stort. En ik, ik begreep zo mogelijk nóg minder van 'graag zien'. Als het daarvoor, vóór die relaties, nog geen onbetwistbaar feit in mijn wereld was, dan stond het nu toch écht wel als een paal boven water vast: al kon alles en iedereen op deze aardbol ten allen tijde op mijn oprechte affectie rekenen; zélf goed genoeg om graag gezien te zijn, dat was ik absoluut niet, en ik zou het ook nooit zijn.
Maar tijden veranderen. Je wordt ouder, en ook een beetje wijzer. Je maakt vanalles mee, veel te veel om op te noemen -zoals iedereen in z'n leven, hé-, en ook zo van die speciale momenten die je niet meteen kunt plaatsen omdat ze zo fijn zijn. Oprechte, diep gemeende warme reacties bijvoorbeeld, op dingen die je als vanzelfsprekend voor mensen doet. En dat voelt vreemd, maar niet onaangenaam. Je wordt al eens een keertje bevestigd in wie je bent, of toch denkt te zijn. En die dingen groeien, heeeel erg langzaam, maar gestaag en zeker. Je durft al eens wat zelfvertrouwen tentoon spreiden, je waagt het al eens een stukje van je innerlijke zelf te laten door schijnen. De hartelijke en eerlijke genegenheid die ik, zonder er ooit één seconde over na te denken, zelf met gulle hand overal om me heen strooide, zocht en vond een weg naar me terug!...
De laatste jaren gaat zoveel beter met me. Met een paar ontzettend goede vrienden om me heen bloeide ik open, als mezelf. Ik leerde mensen in m'n leven toe te laten, 'juiste' mensen, die niets anders van me nodig hadden dan mijn aanwezigheid, 100% zoals ik was, en ongeacht hoe ik me voelde. Daardoor ontstond de mogelijkheid ook mezelf te gaan waarderen en graag te zien. Meer dan ooit ben ik wie ik ben, en ik ga voor wat voor mij belangrijk is en wat mij gelukkig maakt. 'Goed genoeg zijn' werd een haalbaar concept en m'n uiterste best doen om 'aanvaardbaar' te zijn voor de wereld om me heen verdween zo goed als volledig uit m'n agenda. What you see is what you get. Niks meer, niks minder. En met alles erop en eraan.
En stukje bij beetje, ondanks alle angst en vrezen, ietwat 'tegen wil en dank in' dus, ontdekte ik dat ik toch echt wel graag gezien wordt. En dat zit in duizenden kleine en grotere dingen. Ik noem er graag een paar. Beste vriend Roger staat al vele jaren echt altijd voor me klaar, desnoods om een paar uur naar m'n tranen of vertwijfeling te luisteren, maar we lachen minstens dubbel zo veel en zeker zo hard. Beste vriendin Ingrid leerde me dat ik, zélfs op m'n slechts, ongekamd en ongewassen, totaal overstuur en als apocalyptische puinhoop, ten allen tijde dikke knuffels waard ben en fenomenaal mooi bevonden op de koop toe. Levenslange vriend Jef beweegt hemel en aarde, en alles wat verder in z'n macht ligt, om de diva eindelijk ook eens in de figuurlijke spotlights te krijgen, en verwend me ondertussen alsof er geen nieuwe dag meer komt. En dan zijn er die super lieve mensen als Lena, en Myriam, en Tine, en... -goh, ik vrees dat ik zoveel personen ga vergeten- die altijd zin hebben in een 'uitstapje' met mij als goed gezelschap, al was het maar een kop koffie, soms gewoon bij mij aan de tafel, of een wandeling, of boodschappen doen met de auto. Niets moet, alles kan, in alle 'gewoonheid'. En wat denk je van die handvol zalige muzikanten, die het nog steeds heerlijk vinden om met deze niet zo conforme dramatische sopraan met een bijzonder stevige hoek af zoveel schone muziek te maken. O, niet te vergeten: m'n allerliefste balletmiekes en hun/onze Glenn, die niet liever doen dan me plat knuffelen. En op zoveel verschillende manieren ontzettend gewaardeerd te worden voor zowel m'n zingen als -misschien nog méér zelfs- m'n schrijven, da's ook allemaal warme genegenheid. Och, er is zo veel, zo ontzettend veel, man man man, da's geen blogje maar een wreed dik boek vol, vermoed ik. Er komt zoveel 'graag zien' mijn richting uit, dat het echt niet meer te negeren noch in twijfel te trekken valt. Zelfs poezen Poekie en Pompon laten het me alle dagen geweldig uitgebreid weten!
Afgelopen week in de auto, in een babbel die me in alles aan m'n gekoesterde gesprekken met m'n vader in zijn wagen deed denken, bood m'n oudste broer me heel bezorgd aan te helpen met m'n wankele financiën, door die regelmatig tekortschietende uitkering tegenwoordig. En de liefde en warmte waarmee die boodschap op me toe kwam deed me naar adem happen. 'k Was er, toch wel heel verrassend, absoluut ni goe van. "Niet moeilijk" zei mevrouw de psychiater tijdens m'n afspraak de volgende dag, "dat je graag gezien wordt begrijp je al een tijdje, je herkent het en gaat het ook niet meer uit de weg. Maar dat was tot nu toe hoofdzakelijk in je hóófd, in je brein. 't Is dus even schrikken en serieus wennen, nu je bewust ervaart dat al die affectie ook begint door te sijpelen naar je hárt!..." En dat was dus meteen ook m'n huiswerk voor de komende tijd!
Nog zwaar in gedachten verzonken, duchtig de kluts kwijt en behoorlijk onzeker -'volledig van mijnen apropoo' zeggen z'in 't Aaantwaaarpe- arriveerde ik toch weer heelhuids thuis en terwijl ik m'n schoenen trachtte uit te trekken, ging de deurbel. Daar stond Kira, lieve vriendin van het 14e -wiens echtgenoot me hielp bij m'n overstroming, weet je nog wel- met in haar armen een dik pak ongelofelijk prachtige, reuzegrote gele rozen. En alsof het afgesproken werk was, zei ze bij het overhandigen "Voor jou. Zomaar. Omdat ik je graag zie." We hebben geknuffeld en samen gehuild, en nog meer geknuffeld en nog meer gehuild. En dat was mooi, heel mooi. Het blijft me ontroeren.
Tjonge, wat een verbetering, hé. En al voelt het voorlopig nog steeds niet helemaal comfortabel en makkelijk aan, en is er zeker op 't vlak van 'goed genoeg zijn' nog een eindje weg af te leggen, 't gaat absoluut de goeie richting uit met mij. En want wat kan er nu fijner zijn dan 'oefenen' om je hart te openen voor al dat overdonderende 'graag gezien worden'... 💖 





zaterdag 16 juni 2018

De nobele medemens.

Misschien herinnert u zich nog wel die zeer plotse zondvloed, hier bij mij in huis. En dan herinnert u zich misschien ook wel die ene nobele doch onbekende medemens, die mij zonder veel poespas vol ijver en geestdrift te hulp schoot. (Indien het u niets zegt: lees het hele verhaal gerust eerst even na in het blogje 'Van kurkdroog tot bijna verzopen'.)
'k Had in de weken na heel die historie hier en daar wel eens gepolst of iemand uit het gebouw hem eventueel kende, maar niemand kon mij meer informatie bezorgen en dus werd mijn wens hem nog eens in persoon dank-je-wel te kunnen zeggen noodgedwongen opgeborgen. Als het zo moest zijn, dan zou ik hem ooit nog wel eens opnieuw tegenkomen. Het leven kabbelde -ditmaal zónder wateroverschot- weer verder en ging z'n gewone dagelijkse gangetje.
Een kleine maand later wrong ik mezelf en m'n zwaar met boodschappen beladen fiets door het steeds net iets te smal aanvoelende garagedeurtje. Een dame met ongeveer hetzelfde postuur als het mijne en vergelijkbaar qua leeftijd (vermoed ik), maar met blonde i.p.v. zwarte lokken kwam me door het onwillige poortje achterna, ook op de fiets, en, zoals even later bleek, ook met boodschappen. En toen ik vervolgens, puffend door die loodzware tassen in de hand, de lift in wou stappen, kwam ook zij, zuchtend onder het gewicht van haar eigen inkopen, dezelfde richting uit. Altijd bereid om iemand even te helpen hield ik de lift tegen en breed lachend stapten we samen in. 
Op mijn mededeling dat ik maar één verdieping mee ging omdat ik op het gelijkvloers woon, repliceerde ze meteen met de uitroep "Maar dan zijt gij dat madammeke waarvoor mijn man zoveel water heeft staan scheppen!" Op dat moment kon ik totaal niet inschatten of ze het op een positieve of negatieve manier bedoelde, maar ik kon het uiteraard slechts beamen. En terwijl ik, nog steeds met in elke hand een paar zwaar doorwegende zakken, tegen de ondertussen weer openstaande liftdeur leunde, ontstond er, eerst nog een beetje aftastend van beide kanten, maar al gauw met het warme gevoel van nieuwe vriendschap, een bijzonder gesprekje
Kira, zoals ze heet, vertelde hoe haar man op het moment van mijn grote paniek eigenlijk onderweg was naar de sportschool, toen hij, zonder er ook maar één seconde over te twijfelen, besloot in plaats daarvan een medemens in nood te helpen. Toch heel normaal volgens haar, en volgens hem, maar ik blijf het toch ontzettend bijzonder vinden, hoor, zoveel altruïsme. Het sporten is er die dag trouwens niet meer van gekomen: toen hij zoveel tijd later drijfnat en doodop mijn enigszins droog geveegde appartement verliet, had zijn zwakke rug het finaal begeven. De rest van die week bracht hij dan ook totaal gevloerd plat op de sofa door... En die grootse dankbaarheid die ik zo graag wou uiten vermengde zich met een uit de kluiten gewassen schuldgevoel. Eindeloos gesukkel met een immer pijnlijke rug, daar weet ik immers álles van, hé... Haar man werd er in mijn ogen alleen maar een grotere held door.
In een poging vanuit het diepst van m'n hart nogmaals m'n enorme, ondertussen zo mogelijk nog grotere, dankbaarheid te verwoorden, vertelde ik haar van het blogje dat ik schreef over die verschrikkelijk waterige historie en al die onbaatzuchtige hulp van haar man. En uiteraard legde ik meteen ook met alle mogelijke bewegwijzeringen uit waar op 't internet ze, indien ze dat zou wensen uiteraard, het hele verhaal kon terugvinden en nalezen. Met m'n welgemeend "kom gerust eens een keertje koffie of thee bij me drinken" namen we afscheid. Het gewicht van de boodschappentassen schreeuwde ons allebei toe dat het hoog tijd was om weer verder te gaan, ik naar het gelijkvloers, zij naar het 14e, de allerhoogste verdieping in het gebouw. (En zoiets vind ik dan natuurlijk weer een bijzonder leuk detail... 😊)
Een paar dagen later rolde er een vriendschapsverzoek van Facebook bij me binnen: daar was Kira weer! Helemaal blij me te hebben gevonden, wreed content het blogje gelezen te hebben én op de koop toe fijn verrast dat ik een zangeres bleek te zijn. Want -hoe klein is de wereld!- ook haar man zong geweldig graag! "Als 'amateurke' weliswaar", voegde ze er nog aan toe. En in alle eerlijkheid: dat vind ik voor geen meter kloppen, want zo zwaar onder de indruk als zij van mijn filmpjes op YouTube waren -ook al is wat ik zing in de verste verten niet hun smaak-, ik vond zijn opnames minstens even imposant! En meteen een geweldige kennismaking met een genre dat ik niet echt ken: de 'gipsy' muziek. 
Kira's echtgenoot, Inan genaamd, in het dagdagelijkse leven luisterend naar Beni, is afkomstig uit Macedonië en een volbloed zigeuner, dus vermoedelijk heeft hij die muziek met de paplepel mee naar binnen gekregen. Het zingen, en het zichzelf daarbij begeleiden op de gitaar, het komt allemaal recht uit het diepste van z'n ziel, en dat hoor je ook, vind ik. Beluister het gerust even zelf! Dit is bijvoorbeeld een erg mooi nummer: 'A Sada Idi Idi'. Of bekijk meteen gewoon álles van 'Gipsy Inan', 't is veel, maar zeker de moeite waard.
U kunt het zich uiteraard al voorstellen dat het niet lang geduurd heeft voor Kira, met een doos overheerlijke -echt véél te lekker- baklava en gezellig huiselijk op haar sletsen, inderdaad bij mij op de thee kwam. Fijn contact met een toffe buurvrouw, en dan nog wel onder 't zelfde dak, da's toch gewoon schitterend, niet dan? Uren hebben we zitten kletsen. Over onze beide levens, over de verschillende lichamelijke kwaaltjes en kwalen, over werken en niet werken, over scheidingen en huwelijken, over de families en ook -al heb ik over dit laatste natuurlijk bijzonder weinig te vertellen- over de kinderen... 
Maar wat me vooral zal bijblijven uit die allereerste rettepetet-namiddag met Kira is hoe zij al 17 jaar samen is met deze man, met een zo totáál verschillende origine dan de hare, en zij beiden door de jaren heen vooral respect voor elkaars 'anders zijn' opgebouwd hebben. De grote diversiteit, die de mix van hun beider culturen meebrengt, wordt door hen allebei bijzonder gewaardeerd. Zoals overal zal het ook bij hen zeker niet altijd rozengeur en maneschijn zijn, maar de sterktes uit de twee achtergronden vonden op de één of andere manier een mooi evenwicht, ze vulden elkaar aan en vormen zo absolute pluspunten in dit huwelijk. Hun familieleden echter zijn niet allemaal even gelukkig met deze buitengewone relatie -da's zelfs een serieus 'understatement' als ik het goed begrijp- en dat is jammer. Ze weten niet wat ze missen, hé. Voor wat het waard is: ik, ik persoonlijk, ik kan het alleen maar on-ge-lo-fe-lijk prachtig vinden!
Wel, eind goed al goed, zeggen ze: die nobele onbekende held heeft dus een naam gekregen, ik heb hem kunnen bedanken voor z'n edelmoedige en belangeloze noeste inzet, en in één en dezelfde beweging leerde ik niet één, maar zelfs twéé nieuwe en geweldig boeiende mensen kennen. 
Hoe fantastisch fascinerend en verrassend zit onze levensweg toch in elkaar: achter elke bocht wachten er weer nieuwe, meestal totaal onvoorspelbare wendingen om ons te verbazen en te verwonderen. Wie weet welke avonturen ons nog te wachten staan, hé, Kira en Beni... 😉








woensdag 20 december 2017

Kerst-Miss, volledig anders bekeken

Een grauwe maandagnamiddag. Op het computerscherm voor me rollen vrolijke foto's voorbij. Massa's prachtige foto's met een onmiskenbaar opgewekte sprankelende kerstsfeer. Ik bekijk ze opnieuw en opnieuw. Rondom mij ligt het huis er onbehaaglijk rommelig bij. Afwas van verscheidene dagen, niets is gepoetst, gestofzuigd of op z'n plaats. En daarbovenop struikel je in elke kamer over allerhande props en dozen vol concertbenodigdheden. De slaapkamer hangt vol kerstjurken, -jurkjes en -gilets, en alles, echt álles in huis -met extra hoge concentraties in m'n bed en de badkamer- kleeft vol quasi onverwijderbare glitter. De vertrouwde, vervelend chaotische nasleep van de kerstconcerten van afgelopen weekend in een onvertrouwd warrig appartement. En ik kan mezelf er maar niet toe overhalen met opruimen te starten...
Elk jaar weer draag ik met veel plezier en energie m'n steentje bij in het 'verlichten' van die donkere eindejaarsdagen, die voor zovelen toch lastig door te spartelen zijn. Eenzaamheid, verdriet, gemis... Het tekort aan 'licht' -letterlijk en figuurlijk- maakt de feestdagen voor velen alles behalve dolle pret. Het samen zingen en lachen deed mensen naar huis gaan met een glimlach op hun gezicht en een extra vonkje levensvreugde vanbinnen, elk jaar weer, gegarandeerd. Voor minder gingen we niet. En ik werd er zelf ook altijd beter van. Ja natuurlijk ben ik er elk jaar opnieuw totaal uitgeput van achteraf. Maandenlang keer op keer op keer nieuwe organisatorische beproevingen doorstaan en tot slot twee maal een concert van 2,5 uur zingen waarbij ik telkens absoluut álles van mezelf geef, het laat z'n sporen na, amai nog ni. Maar binnen in mij ging het levensvreugdelichtje dan ook altijd feller branden, hard genoeg om er weer een jaar mee verder te kunnen.
En dit jaar... De beide shows straalden, net zoals alle jaren daarvoor, dezelfde fenomenale energie en eindeloze, bijna kinderlijk gelukkige, vreugde uit. Niemand in het publiek merkte er iets van, zelfs op de fantastische foto's kan je het niet terug vinden, slechts een paar intimi waren er van op de hoogte: dit jaar was de Kerst-Miss zichzelf niet. Verre van. Zowel de voorbereidingen als de concerten leden, vaak ongezien en ongehoord, zeer ernstig onder de diepe, duistere en uitgesproken hardnekkige depressie die zich van me meester gemaakt had. Die ogenschijnlijk onuitputtelijke bron met 'happy' was opgedroogd. Zo voelde het alleszins.

Uitgesproken donkere emoties en gedachten van pijn, eenzaamheid, nutteloosheid en mislukking gingen samen met al de 'overbodig-ongewenst-ongeschikt-onbegrepen-ongeliefd-onbemind-gevoelens als een razende onstuitbare moordmachine in me te keer, alles in z'n pad vernietigend en slechts elkaar steeds weer en meer versterkend en opjuttend. 
En met dat oorverdovende oorlogskabaal vanbinnen valt er vanbuiten een oorverdovende stilte. Er wordt niet meer opgeruimd, gepoetst, gewassen. De planten krijgen te weinig verzorging, de poezen te weinig aandacht. 'Creatief bezig' zijn is onwezenlijk en schrijven volstrekt onmogelijk. Alsof alles een beetje met je mee-sterft.
Bijna kwamen er dus dit jaar geen kerstshows, het heeft echt niets gescheeld. En niet alleen omdat de dokter een negatief advies gaf vanwege de overdaad aan bijbehorende stress, maar omdat ik, volledig verslagen en gebroken, het zelf allemaal dreigde op te geven. Alles...
Eigenlijk had ik die hoop- en licht-brengende kerstconcerten dit jaar zélf hard nodig, meer dan wie ook, gelijk wanneer en gelijk waar!... 

Ergens diep in me hield zich blijkbaar toch nog een piepklein sprankje happy verborgen, klaar om weer op te laaien eens de kust terug veilig was. En de concerten kwamen er, mede door geweldige vrienden zoals bijvoorbeeld Roger, die eindeloos geduldig zeeën van tranen opdweilde, en Ingrid, die me zonder veel omhaal, te pas en te onpas, systematisch even stevig knuffelde. En natuurlijk ook de zalige muzikant- en danseresvrienden, die zonder vragen of twijfelen meteen mee hun schouders onder het project zetten. Het minuscule vonkje groeide zo uit tot een vlammetje, net groot genoeg om me de scene op te doen stappen, een beetje wankel maar vol hoop vertrouwend op dat 50-jaar oude zangeressenlijf, volledig opgebouwd met net niet uit zichzelf zingende moleculen. 
Ja, die kerstconcerten van dit jaar waren een sterk staaltje van hoop en vertrouwen, van doorzettingsvermogen en ondersteuning, en vooral van vriendschap. De titel 'Kerst-Miss anders bekeken' is een vlag die de lading ab-so-luut niet dekt!...
En het heeft me deugd gedaan. Echt. Niet alleen het zingen, waar ik áltijd beter van wordt, en het heerlijke moppen-tappen dat ik voor geen geld ter wereld loslaat, maar meer dan ooit ook de oprechte aandacht, de warme genegenheid, het nog nagalmende applaus, de talrijke knuffels en zoveel, zoveel meer, teveel om op te noemen. En de foto's natuurlijk, die onmiskenbare, keiharde bewijzen zijn, zwart op wit -en duidelijk ook op róód- van al het moois dat we toch maar weer gepresteerd hebben, en die vooral een blijvende getuigenis zijn van 'dat het góed was!'
Weliswaar wat verminderd in kracht roert de depressie zich nog steeds. Die geeft zich niet zonder slag of stoot over en verdwijnt niet zomaar boem-pats. Maar, er is weer een reddingsboei om me aan vast te houden als ik dreig te verzuipen. Zolang het me lukt de ene voet voor de andere te zetten, en ik niet bij de pakken ga neer liggen, kom ik er wel, ongeacht hoe lang en zwaar de weg nog is. Opnieuw beseffen dat er vele supporters, zichtbaar en onzichtbaar, langs m'n pad staan helpt absoluut. Ik mag alleen niet vergeten om me heen te kijken onderweg en ze te 'zien'!...

Naast mijn grote mok dampende koffie ligt een heerlijk chocolareepje uit de Merci-doos, kadootje van m'n lieve ballet-miekes. Die doos kwam met een mooie kaart waarin een wel heel bijzondere boodschap staat, een boodschap van dank, bewondering en ondersteuning, maar vooral van heel veel oprechte liefde. De tranen rollen nog steeds over m'n wangen telkens ik de woorden herlees. Geen tranen van verdriet, maar van ontroering, en ook een beetje van geluk. Ja, die kaart, da's er ééntje om vanaf nu altijd dicht bij me in de buurt te houden, voor als het bulderende tumult in m'n hoofd me weer eens heel gewiekst compleet doet vergeten dat er altijd van mij gehouden wordt...
En terwijl ik heel intens en zuinig geniet van het laatste restje chocola in m'n mond raap ik mezelf toch maar weer bij elkaar en besluit, uiteraard begeleid door een paar onmetelijk diepe zuchten, eindelijk maar eens wat te gaan opruimen.
Van een schoon huis alleen word je misschien volmaakt gelukkig -je kan die monsters in je kopke spijtig genoeg niet mee opzuigen of wegpoetsen- maar 't is wel een prima stap in de goeie richting! En wie weet spreken we dan tegen december 2018 van een 'Opgeruimde Kerst-Miss'. Letterlijk en figuurlijk. ;-)



dinsdag 6 december 2016

Zaligmakende muzikale zondag.

Bibberend in m'n warme winterjas trok ik m'n dikke sjaal nog wat strakker en hoger rond m'n nek. 'Min 2' wist de thermometer me te vertellen toen ik afgelopen zondagochtend met tegenzin m'n huis verliet. Bijzonder onaangenaam nieuws had me de vrijdag daarvoor emotioneel en fysiek totaal tot moes geslagen, en sindsdien voelde ik me kotsmisselijk en depri. Mezelf uit de veilige omarming van het warme bed wringen en klaarstomen om een concertmis te zingen was dan ook een hele opgave. Maar, weliswaar een pak later dan ik oorspronkelijk voor ogen had, reed ik, als een sardientje in een blikje schommelend tussen de talloze gezinnen met uitgelaten kinderen -onderweg naar de Sinterklaasshow in het Sportpaleis natuurlijk- en de vele enthousiaste warm ingeduffelde shoppers -onderweg naar de Meir voor de 'Koopzondag' uiteraard- met de tram richting stad, richting Sint-Walburgis.
Het licht van de koude winterzon door de veelkleurige glasramen van de al lekker warme kerk verwelkomde me hartelijk, maar de stemming zat er nog niet in. Ik kan me niet herinneren dat er ooit zo nog eens een moment was waarop ik niet van blijdschap op en neer stond te springen met het vooruitzicht weer eens heerlijk voluit m'n grote klep te mogen open zetten... Maar zondagochtend dus: totaal geen fut of goesting, heel simpel en gewoon, en zonder enige vorm van drama. Een vreemd soort berusting en gelatenheid.
Het eerste nummer koste dan ook bijzonder veel moeite, faliekant weinig lucht in m'n longen, als leeg geknepen, helemaal op... Moedeloosheid overmande me. Tot, daar vlak naast me op het hoogzaal, het kerkkoor begon te zingen! 
Ik geloof niet dat een 'Kyrie' me ooit zo weldoende in de oren geklonken heeft. En toen -tot m'n grote verrassing, en ik vond het al zo mooi- die 15 enthousiaste mannen en vrouwen vervolgens ook nog eens naadloos over gingen naar een perfecte meerstemmigheid verblijde het vrolijke kleurenspel van de zonnestralen niet alleen de hele kerk maar ook een stukje van m'n hart. Ik rechtte m'n rug, ademde een paar maal heel diep, voelde mezelf van m'n kruin tot m'n tenen weer wat tot leven komen en... zong de pannen van het dak. Niet alleen organist Jan Noordzij trok vol vuur en vervoering alle registers van z'n instrument open, daar op die koude 2e adventszondag in Antwerpen, als u begrijpt wat ik bedoel... hihihi
Met volle teugen genoot ik van het orgelspel, van al die blije musicerende mensen om me heen, van die sympathieke en bijzonder fraai zingende pastoor -chapeau!-, van een verre van oubollige misviering, zo ongedwongen, ongekunsteld en als vanzelfsprekend vlot begrijpbaar en volledig up to date. En de verrassende aanwezigheid van één speciale vriendin tussen de kerkgangers maakte de in mij terugkerende vreugde helemaal af. 
De oprechte warmte en genegenheid die van iedereen uit ging en achteraf bij een dampend hete kop koffie de gezellige babbels -bol staande van felicitaties aan mijn adres, ideetjes voor 'meer-van-dat' en ongeveinsde interesse- deden elke soort van 'koude' langzaam wegsmelten. 
Het had kunnen volstaan, zo'n fijne zondagochtend, zeker weten, maar de dag had nog meer voor me in petto. Een stel absoluut geweldige vrienden -en ook trouwe hevige fans- troonden me opgetogen mee naar een voorstelling waarvan zij vonden dat ik ze absoluut moest zien. En ze hadden overschot van gelijk!
Pol Goossens -jawel, die van 'Thuis'- las op een meer dan ontroerende wijze de 'Driekoningentryptiek' -misschien beter door u gekend als 'En waar de sterre bleef stille staan'- van Felix Timmermans aan ons voor, afgewisseld met fabelachtige muzikale intermezzo's van een engelachtige harpiste en van het Casino Brass Ensemble, die op werkelijk schitterende wijze en met uitsluitend koperinstrumenten delen uit 'De Notenkraker' van Tsjaikovski speelden. Zo virtuoos, zo warm, zo hemels, zo wonderbaarlijk, zo intens 'kerst'... 'k Miste zelfs niet één seconde een snaar- of enig ander orkestinstrument. 
Glimlachend van oor tot oor, vervuld van eindelijk weer wat verloren gewaande kerstsfeer en het zalige ietwat tipsy gevoel door die goddelijk smakende trappist van Westmalle achteraf werd ik aan het einde van deze bijzonder muzikale en muzikaal bijzondere dag veilig en wel terug naar huis gebracht. 
Het zal nog wel een tijdje duren voor ik opnieuw geheeld ben van alle narigheid, maar één ding is zeker: de tomeloze kracht van muziek in al z'n vormen blijkt -nog maar eens en nog steeds- een onuitputtelijk bruisende bron van energie, vitaliteit en vreugde, en ook van troost voor me te zijn. Zelfs als ik dat, hoe vreemd dit ook mag klinken, weer eens even volslagen vergeten ben...
Aan al die uitermate boeiende mensen die afgelopen zondag voor mij transformeerden van -letterlijk en figuurlijk- berekoud tot zaligmakend: dank u wel! <3  




donderdag 3 november 2016

M. & M.

Alles is altijd exact zoals het hoort te zijn, geloof me maar. Daar kreeg ik vandaag alweer een leuk bewijs van!
In de 8 jaar dat ik als receptioniste in Edegem werk werd ik voor de bewoners van de huizen langst m'n bijna dagelijkse route heen en weer tussen bus en fabriek een vertrouwde verschijning. Ik leerde een heel aantal mensen kennen, de ene al wat beter dan de andere, maar er werden steeds minstens wat vriendelijke begroetingen gedeeld, al dan niet aangevuld met commentaar op het weer van die dag. Alleszins, zalig om al die tijd te mogen genieten van die vele blije ontmoetingen met de buren van het bedrijf. Sommigen van hen lieten me af en toe zelfs weten dat ze ongerust waren als ze me een tijdje niet meer gezien hadden.
En zo kruiste ik vele jaren geleden ook het pad van M. & M., Monique en haar koffiekleurige labrador Mokka. Een schat van een hond die, grote super lieve flodderloebas als hij is, het elke passant absoluut onmogelijk maakt om hem zonder enige vorm van aandacht voorbij te wandelen.
Het begint met een aai over die immer vrolijk en enthousiast op je af sprintende woef z'n bolleke en voor je het weet sta je, zonder enige moeite of gebrek aan conversatiestof, gezellig op de stoep een half uurtje weg te babbelen. Altijd meer dan genoeg boeiende en geanimeerde verhalen: over mijn werk als receptioniste en het wel en wee van de fabriek en zijn werknemers, of over haar werk als verpleegkundige en het wel en wee van het ziekenhuis en z'n patiënten. En over Mokka natuurlijk, want die is ondertussen bijna onopgemerkt ook zowat 8 jaar ouder geworden sinds onze eerste ontmoeting, en met de leeftijd komen spijtig genoeg ook de kwaaltjes. Daar ontsnapt zelfs zo een bijzonder geliefde en o zo levendige trouwe viervoeter niet aan. Z'n heerlijke koffiekleurtje heeft tegenwoordig wat wolkjes melk, vooral om z'n snuit...
Met de wijzigingen in m'n uurrooster en m'n dagen in de boekhouding kwam ik de afgelopen tijd M. & M. niet meer tegen. Daar sta je wel eens bij stil en dan vraag je jezelf natuurlijk ook altijd even af hoe het met hen beide zou zijn. En met m'n nieuwe job, die er nu snel zit aan te komen en zich op een totaal andere locatie zal afspelen, vreesde ik een beetje hen nooit meer te zien. Tenzij ik aan hun deurbel zou gaan hangen of zo...
Vandaag had ik eigenlijk vakantie maar besliste -uit praktische noodzaak en zeker weten ook uit sympathie voor m'n collega's- toch een paar uurtjes facturen te gaan inboeken en klasseren. 't Was gezellig op de boekhouding en die paar uurtjes groeiden -als vanzelfsprekend- uit tot de volledige dag. Daardoor wandelde ik een heel pak later dan gewoonlijk, toch sinds een paar weken, welgezind en intens tevreden na het wegwerken van een fraaie stapel papierwerk, in de zachte avondschemering en omgeven van zalige herfstgeuren richting bushalte.
En, u raad het al, wie kwamen daar om de hoek? Jawel, inderdaad, Monique en Mokka! En het vreugdevolle weerzien bracht groot nieuws van beide kanten: ik vond de job van m'n leven en zij is feestelijk met pensioen gegaan.
"Heb ik éindelijk tijd om eens naar jouw concerten te komen" grapte ze.
Mokka werd duidelijk doodmoe van al het uitgebreide en geanimeerde gekwebbel en legde er zich letterlijk bij neer. Wie weet was dat ook figuurlijk, maar ge kunt dat zo moeilijk vragen aan een hond, hé. hihi
Toen we tenslotte toch aan afscheid nemen toekwamen -niet voor altijd maar eerder als welgemeende 'tot ziens'- floepte onmiddellijk en in al z'n volledigheid dit verhaaltje in m'n hoofd en gehaast keerde ik nog snel even op m'n stappen terug voor een, spijtig genoeg niet echt geweldig gelukte, bijpassende foto met ons drietjes.
Bij de overstap van bus 32 naar bus 33, op één derde van m'n route huiswaarts, reden er van dit laatste lijnnummer 3 exemplaren -als een treintje met 3 wagons, zo dicht op elkaar- aan hoge snelheid pal voor m'n neus voorbij. Da's dikke pech hebben en echt niet leuk, maar het geeft me toch maar weer fijn de tijd om rustig en ongestoord op een bankje in een verlicht bushokje wat moois over M. & M. neer te schrijven en met jullie te delen.
Dus ja, je kan het gerust van me geloven, 't bewijs is alweer geleverd: alles is altijd exact zoals het hoort te zijn. :-)
(En dan mag nu die bus zo stilaan wel eens gaan verschijnen... ;-) )



dinsdag 25 oktober 2016

Je hebt niets te klagen, het gaat goed met je!

Zo af en toe moet ik mezelf er ook wel weer eens aan herinneren, maar meestal is het één van de basisredenen waarom ik eigenlijk altijd content ben, ongeacht de situatie. En ik draag deze boodschap te pas en eventueel ook te onpas uit aan eenieder die er wat aan heeft en het horen wil: je hebt niets te klagen, het gaat goed met je!
Laat me hier even een lijstje neerschrijven met een paar dingetjes -laat ons zeggen 10, om te beginnen, da's een mooi rond getal- zodat je voor jezelf kan checken of ik misschien niet ergens een beetje gelijk heb, m.a.w. doe de test!;-)
1. Je hebt een dak boven je hoofd. Gehuurd, gekocht, inwonend, maakt niet uit. Er is een plek die jij 'thuis' kan noemen en waar je warm en veilig bent, mogelijk samen met een gezin, een partner, kinderen of huisdieren. En dat stekje is vast en zeker gevuld met jouw eigen geliefde meubeltjes, gekoesterde spulletjes en honderden andere frulletjes.
Denk dan nu eens even aan de zovele mensen op deze aardbol die nooit, niet één dag in hun bestaan, zo een plaatsje hadden of het, al dan niet samen met al hun andere bezittingen, door omstandigheden voor altijd kwijt raakten...
2. Je hebt gegeten vandaag. Minstens één keer, de meesten van ons zelfs 3 maal of meer. De winkels, ijs- en voorraadkasten en zelfs de vuilnisbakken puilen er van uit, van die overvloed aan voedsel die wij ter beschikking hebben, elke dag opnieuw, jaar in jaar uit.
Stel je even voor dat je je kostje op een vuilnisbelt bij elkaar zou moeten scharrelen, of moet overleven op een paar grassprietjes, of dat er zelfs totaal niets is en er je nog slechts een zeer langzame en pijnlijke hongerdood wacht...
3. Je hebt schoon water. Water om te drinken, om mee te koken, om je te wassen... Zonder water is er geen leven mogelijk, geen landbouw, geen veeteelt, absoluut niks. Alle welvaart in de westerse landen bestaat door de aanwezigheid van veel en proper water.
Probeer je even in te beelden dat het jarenlang geen druppel geregend heeft en dat je alle dagen vele kilometers moet afleggen voor een schamel bakje van dat kostbare vocht, en dat het dan nog gevaarlijk vervuild is en dus een risico voor je gezondheid op de koop toe...
4. Je hebt propere en mooie kleren om aan te trekken, de meesten van ons zelfs kasten vol, veel meer dan we misschien ooit nodig zullen hebben.
Wat als je geen trui, sokken en degelijke schoenen tegen de kou zou bezitten, een jas tegen de regen, een hoed tegen de brandende zon, laat staan iets waarin je je mooi voelt, of feestelijk... Zovele mensen in de wereld het moeten stellen met niet eens het strikte minimum...
5. Je hebt je gezondheid. 'Dat klopt niet', hoor ik meteen een aantal onder jullie tegenwerpen. Oké, ook mijn gezondheid laat nog wel eens te wensen over, maar wij hebben àlle mogelijk zorg binnen handbereik, en vaak zelfs met 100% terugbetaling. Dokters, medicatie, de modernste toestellen en mogelijke ingrepen, zoveel verschillende therapieën, geneesmethodes, kuren. Noem het maar op, het kan. Voor elk 'auwtje' of 'oeitje' is er wel iets. En ze houden je ten treure in leven, of je dat nu wil of niet, zelfs als er van werkelijk en zinvol 'leven' geen sprake meer is. Wij zullen niet zo gauw meer sterven aan diarree (door vies water bijvoorbeeld), of een domme ontsteking, of een besmettelijke kinderziekte zoals mazelen. Hoeveel vrouwen overlijden er hier bij ons nog in het kraambed? Stel je even een leven voor zonder dokter, zonder apotheek, zonder ziekenhuis...
6. Je kon naar school gaan. Je mocht leren, de ene voor langere tijd en hogere studies, de andere slechts de basis, maar allicht kunnen jullie allemaal lezen, schrijven en rekenen. Daardoor kan je werk vinden en centjes verdienen, o.a. voor de dingetjes in de nummers 1 tot 5, of toch minstens de documenten begrijpen en invullen voor hulp van één of andere hulporganisatie, want vangnetten zat in dit land.
Hoe zou jouw leven er uit zien, wat zou je allemaal niet meer kunnen of bezitten als je niet naar school had kunnen gaan, zoals nog steeds een zeer groot deel van de wereldbevolking?...
7. Er is geen oorlog in dit land. Nee, ik sluit mijn ogen niet voor al het kleine en grote geweld, in alle mogelijke vormen. Er is ook agressie en onrecht hier bij ons, maar geef toe dat wij toch een relatief veilig bestaan kennen. Je kan zonder vrees boodschappen gaan doen, in het park wandelen, fietsen met je kinderen... Volgens mij kunnen wij ons écht niet voorstellen hoe het is om hele dagen gebombardeerd te worden, of dat je altijd het risico loopt door een sluipschutter neer geknald te worden als je even om brood gaat, of elk moment dreigt ontvoerd, misbruikt en gedood te worden, zomaar, omdat je je op de 'foute' plek bevindt, omdat je ras, geloof, huidskleur, sekse, kleding, mening enz. 'verkeerd' zou kunnen zijn. Zou jij die ondraagbaar zware stress, de onmenselijke immer aanwezige angst, de verlammende onmacht in elke vezel van je lijf en elk facet van je leven aan kunnen?... 
Oorlog verwoest trouwens ook zowat àlles uit al de puntjes hierboven...
8. Je hebt vrije wil en keuze. Oké, natuurlijk moet je je hier ook wel aan wetten en regels houden, maar wij leven hier absoluut in vrijheid als je het vergelijkt met zovele andere naties. En je kan kiezen uit een zowat eindeloze hoeveelheid mogelijkheden om je leven mee in te vullen, een doel te geven, een toekomst voor jezelf uit te bouwen. Van de hele kleine dingen -wat eet ik vandaag, wat zal ik eens aantrekken,..- tot hele grote dingen -gezin, carrière, huis, maatschappij,...- jij kiest.
Hoe zou je je voelen als een dictator dat alles voor jou zou beslissen? Hoe zou je leven er uit zien als er totaal geen mogelijkheden om uit te kiezen waren, gewoon omdat er helemaal niets is...
9. Minstens één iemand geeft om je, en zeker en vast beteken ook jij iets voor tenminste één persoon. Niemand van ons is écht alleen of vergeten. Zelfs als je enkel nog wat familie hebt of slechts één goede vriend, een leuke kennis, een aangename collega, of simpelweg fijne buren, de kans dat één van ons volledig onopgemerkt in alle eenzaamheid sterft en pas weken, maanden later teruggevonden wordt, zonder dat er ook maar één iemand een traan over laat of er z'n bedenkingen bij heeft, is bijzonder klein. Niet dan?
10. Je leeft. Je ademt, je bent er, hier en nu. De wereld in al z'n wonderen heeft er nooit eerder uitgezien zoals vandaag en morgen zal hij alweer helemaal anders zijn. En daar maak jij deel van uit, als een ongeëvenaard wonder op zich. De mensheid is als de korrels zand in de woestijn: ze lijken één grote massa van steeds weer hetzelfde, en tot op zekere hoogte is dat ook zo, maar als je van dichterbij kijkt zie je dat elke korrel z'n heel eigen specifieke vorm heeft. Er was nooit eerder iemand exact zoals jij en zo zal er ook nooit meer iemand komen. Jij bent sensationeel éénmalig en uniek.
Voilà, 10 puntjes op een rijtje, 10 puntjes die er mede voor zorgen dat ik zo'n monter, positief, optimistisch, kleurrijk, gelukkig en dankbaar geval ben, zélfs als ik bijvoorbeeld in de gietende regen, met het openbaar vervoer, tutterfrutgeknal in m'n rechteroor, krijsende kinderen in m'n linkeroor, eindeloze files langst alle kanten, na een lange en lastige werkdag doodmoe huiswaarts keer. 
Ik geef het jou bij deze dus ook nog maar eens even mee dat je eigenlijk niks te klagen hebt, en het echt wel goed met je gaat... ;-)