Posts tonen met het label reis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label reis. Alle posts tonen

donderdag 20 juni 2019

Het pakje dat op rondreis ging.

Misschien wist je het al, misschien niet, die 3 verschillende mooie hardcover boeken met daarin telkens 50 van mijn blogjes -nummer 4 te verkrijgen tegen Kerstmis!-, die maak ik volledig eigenhandig. Allé ja, 't is te zeggen... Uiteraard schrijf ik eerst al die verhaaltjes zelf, da's nogal wiedes. Maar om die daarna in boekvorm te krijgen, is er toch wel behoorlijk wat extra werk en tijd nodig. Je kiest een formaat en begint in een Word document op de computer, met het lettertype van je keuze, in de layout die je wenst, al die duizenden woorden en de bijhorende 50 plaatjes pagina voor pagina te schikken. Om het geheel aangenaam ogend en vlot lezend te krijgen, corrigeer je meteen mogelijk achtergebleven schrijffouten, worstel je onophoudelijk met paginanummering en schuif je verwoed opnieuw en opnieuw met alinea's en afbeeldingen. Geloof me, af en toe wordt daarbij stevig gevloekt en met momenten serieus gewanhoopt. Maar uiteindelijk heb je dan, na enkele maanden zwoegen, een document dat men het 'binnenwerk' van het boek noemt.
Ondertussen, zo na 3 boeken, ben ik volledig mee qua afmetingen, indeling van vlakken en pixelgrootte wat de kaft betreft. Maar die allereerste keer... Nondepitjes, amai mijne frak! Bon, na een hoop gemillimeter, geschuif, gepruts, geknip en geplak in Gimp (mijne 'Photoshop') is dan ten langen leste het 'buitenwerk, de kaft van het boek, dus ook klaar. 
Vervolgens komt de online drukkerij in Nederland, waar ik ongelofelijk tevreden van ben, waarmee de samenwerking steeds buitengewoon vlot en uitermate vriendelijk verloopt en die ik dus iedereen met bijzonder veel plezier kan aanbevelen, in beeld. Vergezeld van mijn wensen wat betreft de afwerkingsdetails van het boek (soort kaft, welk papier, hoe ingebonden, kleur van schutbladen, leeslint ja of nee, enz...) stuur ik hen per mail zowel het binnen- als het buitenwerk. Behalve een eventuele bestandscontrole, als je dat wenst en waar je extra voor betaalt, komen de mensen van de drukkerij absoluut nergens in tussen: wat jij levert, wordt gedrukt. Punt. En, na betaling van de factuur, bezorgt de post je enkele weken later het door jou bestelde aantal boeken in een pakket met minstens 3 dikke lagen karton en inpakpapier ter bescherming van de inhoud. Super systeem, buitengewoon tevreden van!
Omdat ik er ondertussen compleet de pak van weg heb, en me, eerlijk gezegd, gewéldig amuseer met die vele uren computergefrutsel en -gefrul, leen ik m'n 'kunnen' af en toe uit en fabriceerde ik al wel eens een boek voor iemand anders. Eén van die extra projectjes was het boek met de schrijfsels van Marie-José. Haar eerste bestelling bevatte slechts een handvol exemplaren, daar die boekjes hoofdzakelijk naar geïnteresseerde vrienden en kennissen zouden gaan. Maar dat bleken er uiteindelijk toch meer dan verwacht, en M.J. vroeg me nog 5 stuks bij te laten maken. Order geplaatst en een 2 weken later stond de postbode voor m'n deur met een pakje. Hoera, daar waren de boeken!
Maar,... ik vond het pakje een beetje verdacht. Het leek me érg plat en veel te egaal om een oneven aantal boeken te bevatten. Heel voorzichtig en secuur sneed ik met m'n mesje de plakband van de verschillende lagen van het verpakkingsmateriaal aan één zijkant door, hopend daardoor de inhoud, mogelijk mits enig schud- en friemelwerk, zonder volledig uitpakken toch te stekken te krijgen. En dat lukte wonderwel! En zoals ik al vreesde: in de binnenste, volledig dicht gekleefde, professionele verzendomslag, slechts te openen met een treklint, zaten geen 5 boeken. Het waren er 4. En, op de koop toe, niet de story's van Marie-José, doch het Engelstalig levensverhaal, blijkbaar ter gelegenheid van haar 60ste verjaardag, van een mij totaal onbekende dame. Michelle van de drukkerij schrok zich aan de andere kant van de telefoon het spreekwoordelijke hoedje en verontschuldigde zich alsof het de grootste ramp aller tijde in de geschiedenis van het boek betrof. Haar geruststellend met 'dat de boekjes van M.J. niet echt haast hadden', 'wij geen moeilijke mensen zijn' en 'ik het eigenlijk wel grappig vond' zochten we samen een oplossing. Mijn voorstel het nog bijna helemaal in tact zijnde pakket meteen van hieruit naar de eigenlijke bestemmeling door te sturen -op kosten van de drukkerij uiteraard- werd door Michelle maar al te graag en met een overdosis dank aangenomen. De 4 verjaardagsboekjes vertrokken dezelfde dag nog richting Wimbledon, Groot Brittannië, en klaar was kees. Simpel, toch?!

Maar waar was ons pakje dan gebleven? Michelle zocht, en Michelle vond. Blijkbaar had men bij het versturen van de 2 boekenpakketten eenvoudigweg de adresstickers verwisseld, en alzo belande Marie-José's bestelling over het grote water. En daar waren ze jammer genoeg niet zo welwillend... Het pakje moest opgehaald! Terwijl er regelmatig updates via mail tussen mij en Nederland heen en weer gingen, werden Engelse kennissen van de drukkerij ingeschakeld en de 5 M.J.-boekjes begonnen, van hand tot hand doorgegeven, een toerke door het Verenigd Koninkrijk, om tenslotte het laatste stuk van het tripje, de Noordzee over, per post te maken, richting mijn domicilie.
Uitgerekend op mijn infiltratie-ziekenhuis-dag belde de postbode met de aangetekende zending bij me aan, natúúrlijk, en daardoor duurde het nog een week extra voor ik het juiste pak eindelijk in handen had. Ik schrok van de abominabele verpakking: slechts één stuk karton, slordig toegeplakt, geen interne extra lagen. De boeken schoven binnenin vlot heen en weer, en de harde-kaft-hoekjes waren allemaal beschadigd door de open corners
 van het pakje. Volgens mij hebben we wreed chance gehad dat er onderweg niet een boek uit viel!...
Michelle bood nog aan om de hoekjes gratis te herstellen, maar Marie-José kon er zo wel mee leven. Een gebruikt boek loopt ook wel eens een krasje op, hé.
Met de allerlaatste etappe in de rondreis van M.J.'s boeken werd geen enkel risico meer genomen: ik zou ze in hoogst eigen persoon bij haar thuis afleveren! 
En met de belofte een lekker bakje koffie en een stukje heerlijke appeltaart maakt het niet uit op hoeveel trams je eindeloos moet wachten om er te geraken, hé... 
Het heeft exact 40 dagen geduurd, tussen de bestelling en mijn levering-aan-huis, maar met wat geduld, een dosis welwillendheid en een goed gevoel voor humor is het dan toch gelukt: het pakje heeft z'n rondreis beëindigd, de 5 boeken zijn veilig en wel op hun eindbestemming aangekomen. Hoera! En ik, ik had natuurlijk alweer stof voor een nieuw blogje, voor in boek nummer 5, ooit... 😉




donderdag 28 juni 2018

De zee.

Eindelijk weer eens die ene grote liefde gaan bezoeken nadat je ze al een jaar hebt moeten missen, je zou voor minder zenuwachtig worden, hé. M'n vrolijke rode-met-roze-cirkels-en-bloemen jurk hing naast de bijpassende handtas en schoenen netjes gestreken klaar. Alle andere spulletjes die ik dacht nodig te hebben voor de twee uur durende treinreis en de rest van m'n dagje-uit stond al keurig ingepakt in die leuke roze boodschappenmand naast de voordeur, klaar voor vertrek. Nu nog juist één nachtje slapen en... En dat lukte dus niet. Er is natuurlijk altijd een beetje de angst de wekker niet te horen, maar in dit geval lag de schuld van deze woelige en slapeloze nacht vooral bij het onschuldige, maar voor mij zeer betekenisvolle liedje in m'n hoofd. En op zo'n moment plots niet meer verder raken dan die eerste twee lijnen is dan absoluut nefast. Dus, bed uit en opzoeken maar. Voor alle zekerheid schreef ik de tekst volledig over en stopte hem ook bij de mee te nemen spulletjes.
Ondanks een klein houten kopke, wegens het slaaptekort en het niet afhoudende liedje, verliep m'n reis probleemloos en voorspoedig. En op de koop toe was het erg gezellig, dank zij de geweldig aangename babbel met Monique die ik op de trein leerde kennen. Van het eindstation nog even drie haltes met de tram; dan de onstuimige vreugdevolle begroeting met m'n opgetogen glunderende goede vriend en gastheer voor deze dag, Jef; gevolgd door nog één piepklein straatje wandelen en... daar was ze dan eindelijk: de zee!
Ik hou zielsveel van m'n planten-oerwoud, met m'n poezenschatjes er tussen, in de kamers van m'n dierbare flatje en terras,
maar daarnaast heb ik ook absoluut mijn hart aan de zee verpand. En daar was ze weer, voor zo wijd ik, lichtjes naar adem snakkend, kon kijken, langs kilometers plat, effen strand: die o zo geliefde zee. Eindeloos ver strekkend, immer van kleur veranderend, en met behoorlijk stormachtig geweld gekroond door grote witte schuimkoppen in brede golven brekend op het als een biljartlaken zo glad, schijnbaar oneindige zandstrand. Ik kan me niet herinneren haar ooit in zulke onbegrensde fenomenale, en lichtjes overdonderende glorie te hebben gezien.
De rest van de dag zou het me steeds de grootste moeite kosten om er even van weg te kijken, van dit prachtige, spectaculaire zicht. Uiteraard lukte dat niet tijdens die heerlijk lange wandeling op het strand met de voetjes in het verrassend warme water, en, een hele tijd later, de hele weg weer terug op de boulevard natuurlijk ook niet. Tijdens de gezellig babbel bij de koffie in het super aangename appartement op de 8ste verdieping, gezeten aan de grote tafel tegen het van-muur-tot-muur-en-plafond-tot-vloer-uitstrekkende raam met panoramisch en volledig ongehinderd zicht op zee plakte ik als vanzelfsprekend bijna gehypnotiseerd aan het beeld vast. En zelfs in het restaurant, tijdens het overheerlijke verwen-drie-gangen-diner, was het zo goed als onmogelijk even van dat zalige vergezicht weg te blikken: Jef reserveerde ons namelijk een tafel voor twee personen náást elkaar, met in ons blikveld niets anders dan een stukje boulevard, het strand en de zee met hier en daar een zeilbootje, helemaal tot aan de verre horizon. Hoe geweldig is dát!?
En ál die tijd, elke seconde van heel die mooie dag, en al net zo goed als de aantrekkingskracht van het prachtige panorama niet tegen te houden of te negeren, zongen in mijn hoofd opnieuw en opnieuw de strofen van dat ene liedje...
Ik vertelde Jef er over en las hem de tekst voor. En niet echt verrassend was zijn reactie zowat identiek aan mijn gevoel bij deze lyrics: "Dat is het! Dat is het écht! Dat verwoordt exact, maar dan ook écht exáct, wat de zee voor mij betekend! Alsof je de woorden letterlijk, hier en nu, in dit eigenste moment rechtstreeks uit m'n hart en ziel plukt! Ge-wél-dig!" Ook mijn emotie dus, toen ik het lied een aantal jaar geleden tijdens een concertenreeks met uitsluitend muziek van Will Ferdy -want, ja, inderdaad, dit is tekst én muziek van hem- zong. Het paste als op maat gemaakt, meteen aanvoelend als 'van mij persoonlijk', alsof het m'n eigen woorden waren. Terstond verliefd dus, op dit mooie liedje, net zoals Jef op dat moment, daar tegenover me aan de tafel.
En omdat ik sterk vermoed -goh, eigenlijk weet ik het wel zeker, hoor- dat velen onder jullie dezelfde herkenning in deze tekst zullen vinden, dezelfde ontroering, hetzelfde sentiment, dezelfde passie,... en ik mijn kinderlijk blije, onschuldig hartstochtelijke affectie voor die eindeloos prachtige, immer machtige, oneindig boeiende zee zelf niet beter zou kunnen neerschrijven, laat ik hier verder Will Ferdy aan het woord.
Dag zee! En tot de volgende keer, want al duurt het soms lang, ik keer áltijd naar je weer. 💙

De zee
De zee nam mij als kind reeds bij de hand.
Zij was mijn wonder-sprookjesland,
‘t decor van al mijn kinderdromen.
De zee, zij was de toevlucht van mijn jeugd.
‘k Vertrouwde elke pijn en vreugd’
toe aan haar eeuwig gaan en komen.
De zee zag ooit, bij ‘t schijnen van de maan,
mij met mijn eerste liefje gaan
of hoe ik wachtte, ongeduldig.
Wat waren wij toen nog onschuldig,
maar ook gelukkig, bij de zee.
                    De zee heeft ook mijn groot verdriet gegist
                    en zacht de stappen uitgewist
                    van twee verloren mensenkinderen.
                    De zee begreep mijn wanhoop en mijn pijn,
                    mijn angsten en mijn eenzaam-zijn.
                    Bij haar zag ik mijn leed verminderen.
                    De zee heeft mij, na stormen van één nacht,
                    opnieuw de rust teruggebracht,
                    zodat ik weer haar lied kon horen.
                    ‘t Leven werd mooi, zoals tevoren;
                     zoals het eenmaal was aan zee.
 De zee heb ik zo vaak herkend in mij,
met haar steeds wisselend getij,
met al haar stormen en haar vrede.
De zee zal steeds opnieuw mijn toevlucht zijn,
getuige van mijn vreugd’ en pijn,
want elk geheim deel ik haar mede.
De zee, die al mijn liefdes heeft gekend
en hoe mijn lot zich heeft gewend,
in goede en in kwade dagen,
zal nooit mijn liefde zien vervagen.
Ik blijf de minnaar van de zee.
                    Lalalalala...
                    Ik ben de minnaar van de zee.


zondag 24 september 2017

Kristina's reizen.

De kalender verkondigde het al, de dikke ochtendnevel bevestigde het: de herfst is officieel in het land. Ideale ochtend dus om nog heel even terug te blikken op de voorbije zomer, want tussen alle operaties, ziekenhuisnachtjes en doktersbezoeken door heb ik de voorbije maanden toch niet uitsluitend ziek in bed gelegen, mottig in de zetel gehangen en uitgeput op de pot gezeten. Nee, raar maar waar, ik ben er gelukkig ook nog in geslaagd in die zo 'overvolle' agenda -gniffel gniffel- een paar gaatjes te vinden voor enkele leuke vakantie-uitstapjes! En eerlijk is eerlijk: ik zou absoluut nergens naar toe geweest zijn als m'n lieve vriendin Ingrid en haar man Rudi me niet als gewaardeerd en geliefd gezelschap op sleeptouw genomen hadden.
Onze eerste reisje ging -hoera, hoera- richting m'n levenslange grote liefde: de zee. Nee, niet naar Cadzand. Daar word ik vanwege alle ver- en volbouwing, het razendsnelle verdwijnen van het onderspit delvende natuurschoon en de rust, en van de vele herinneringen aan onze va toch alleen maar oeverloos verdrietig. We reden naar Westkapelle! En wel om de bijna lachwekkend simpele reden dat Rudi daar ooit eens wreed lekkere gebakken vis gegeten had. Blijkbaar hadden we per ongeluk -wat een chance- de juiste woensdag uitgekozen, want in het anders doodstille kleine dorpje troffen we niet alleen een zalig terras met heerlijke koffie, maar ook in alle straatjes een oldtimershow met o.a. nooit geziene schitterende landbouwvoertuigen, en allemaal kraampjes met prachtige brocanterie op het marktplein. Ik keek m'n ogen uit, maar kocht niks. Straf, hé. 
Na een stevige dosis gebakken vis ging de reis verder naar Domburg, waar geen van ons drie ooit al geweest was. Naar de als bergen zo groot en indrukwekkend, overdonderend prachtige, breed golvende en machtig groene duinen, en uiteraard naar het strand en de zee. Heel ver zijn we in al die natuurovervloed echter niet geraakt: de vele steile trapjes op en af de weelderig begroeide zandheuvels waren meteen nefast voor Ingrid's wat krakkemikkige knieën, en het verrassend smalle strand lag op deze stralende zonnedag meer dan overvol, dus daar konden wij vermoedelijk toch niet meer bij. Zalig languit neergeploft in een comfortabele brede loungezetel op een heerlijk terras met een ongelofelijk humoristische ober, boven op de top van 'den berg', dus met panoramisch zicht op zee en duinen, en met uiteraard een lekkere trappist in de hand overschouwden we dan maar uitgebreid het vanzelf voorbijkomende strandgedoe en vakantiegenot, en we zagen dat het goed was.
Trouwens, als je jezelf vol Immodium moet proppen om überhaupt zo een dagje weg te kùnnen gaan, dan is een zonnig namiddag met de geruststelling van ten allen tijde een toilet vlàk in de buurt een extra relaxerende ervaring...

Na nog een kleine maar hevige shoppingaanval en een lekkere maaltijd op een keurig terras in het dorpje zelf was het tijd om huiswaarts te keren, maar, beste Domburg, ik keer zeker en vast nog eens naar je terug, en dan hopelijk met genoeg energie en gezondheid om je écht te ontdekken.
Voor onze tweede uitstap namen we beste vriend Roger ook mee. Op een schroeiend hete dag -ik ook nog steeds vol Immodium- bezochten we dierenpark Pairi Daiza. Heel veel beestjes zagen we spijtig genoeg niet, want ook voor hen was het natuurlijk veel te warm om hun koele, van airconditioning voorziene privé-verblijven te verlaten. Hoe zou je zelf zijn, hé... 
Maar dat was niet echt een minpunt voor onze excursie. De schitterende aanleg van paden en perken met een verbluffende diversiteit aan bomen, planten en bloemen, de bijzonder waarheidsgetrouwe wereldarchitectuur, de verfrissend aanlokkelijke waterpartijen en het buitengewone oog voor detail overal op deze beperkte oppervlakte zijn op zich meer dan de moeite waard. Allé, volgens ons dan toch, hé. Ik wist alleszins helemaal blij niet waar eerst kijken.
Tussen het om de beurt hartstikke mottig-van-de-verzengende-hitte-zijn en mijn veel te talrijke onprettige toiletbezoeken dronken we allerlei lekkers op de verschillende mooie terrasjes en lieten we ons in een fraai restaurant verwennen met een verrukkelijke -jawel, in mijn geval vegetarische én glutenvrije- maaltijd, vergezeld van een daar ter plaatse gebrouwen hemels biertje. 
Maar vooral de ijs- en ijskoude -efkes serieus pijnlijke brainfreeze!- diep roze granité van hybiscus, die je aan verschillende kleine stalletjes kon kopen, zal ik niet snel vergeten: echt zó heerlijk dat ik er totaal geen woorden voor heb! Daar lust ik er alle dagen wel ééntje van, hoor...
En na zo'n heftig hete dag rondslenteren en nog eens een behoorlijk lange autorit -knikkebollend op de achterbank- is thuiskomen in je eigen koele flat waar een frisse douche en een comfortable bed je opwachten een meer dan weldadige 'kers op de taart', een grandioos orgelpunt bij een superfijn dagje uit.
Mijn laatste vakantietripje van afgelopen zomer kwam totaal onverwacht. Ik werd uitgenodigd om een eredienst op te luisteren in een magnifieke kapel -een mijn volledig ongekend verborgen pareltje- in Eeklo. En daar m'n begeleidende organist uit de tegenovergestelde kant van het land kwam moest ik m'n eigen verplaatsing regelen, wat voor deze autoloze diva dus betekend: met het openbaar vervoer. Je geraakt zo absoluut overal, geloof me, het kost je alleen heel veel tijd... Serieus beladen met partituren, concertkledij, extra schoeisel en gewapend met wat te drinken, te eten en -jawel, nog steeds- een doos Immodium vertrok ik in de vroege ochtend, helemaal alleen dit maal, op reis. 
En 'reis' is hier echt wel het juiste woord: te voet naar de tram, met de tram en nog een stukske te voet naar 't station, ticketje kopen en wachten op de trein, treinreis naar Gent, wachten op aansluiting en tenslotte den boemel naar Eeklo gevolgd door nog een piepklein stukje te voet. Alles bij elkaar toch een heenreis van een kleine 3 uur. Maar als je dat op voorhand weet en je er naar instelt dan kan ook zoiets genieten zijn. Vanuit de trein heb je sowieso een totaal ander zicht op de wereld, een bijna ongehoord, zelfs een piepklein beetje voyeuristisch perspectief op straten, huizen, koertjes en tuinen. En tussen de passerende steden en dorpen golven malse groene weiden -al dan niet met koeien of schapen- afgewisseld door vruchtbare velden met mais, graan en aardappelen, en weelderige wiegende bossen als een eindeloze en in minieme details immer veranderende, bijna serene en meditatieve, doch oneindig boeiend film aan je voorbij. Het gadeslaan van de drukte op de perrons en de steeds wisselende medereizigers, af en toe een klein babbeltje met zomaar iemand, een warm koffietje in het stationslokaal tijdens het wachten op de aansluiting en een beetje zonnevitamientjes opdoen op een bankje uit de wind op de verschillende perrons maken zo een 'werk-uitstap' -als je zingen al 'werk' wil noemen in mijn geval- tot een volwaardige en zeer te genieten expeditie. 
En een slordige 8 uur later was het, helemaal gelukkig van het heerlijke zingen en met zoveel voorbij-gegleden moois nog vers op m'n netvlies, weer thuiskomen in m'n eigen vertrouwde stekje, uiteraard met de vrolijke verwelkoming van 2 uitgelaten poezenbeesten, en het ontzettend moe doch geweldig voldaan kunnen neerploffen in m'n eigen knusse zetel ook voor deze originele dagtrip een passende en perfecte afsluiter. 
Ja, ik heb oprecht genoten van deze zomeruitstapjes, mijn persoonlijke Kristina-reizen. Ze zeggen niet voor niets dat het ware geluk in kleine dingen zit, hé. En 'wie het kleine niet eert...' Yep, inderdaad. hihi 😉




maandag 19 september 2016

Postkaartvakantieverlangen.

Vakantie. Je telde er naar af, je keek er naar uit, je verheugde je er op... En plots is het toch weer half september, zijn de zonnigste dagen voorbij en zit je misschien, zoals ik, al met kerstmis in je hoofd...
Voor het eerst in mijn leven voelde ik me de voorbije maanden toch een beetje jaloers. Familie, vrienden en kennissen vertrokken naar al dan niet verre, zelfs exotische landen en deelden via de sociale media honderden foto's van de meest fenomenale oorden en verbluffende belevenissen. Die veelkleurige zonnige en blije kiekjes deden me dromen en wakkerden toch een beetje dat piepkleine verlangen diep in mij aan, want grootse reizen naar verre vreemde landen, ze maakten nooit deel uit van mijn leven.
M'n hele kindertijd lang brachten we in de grote vakantie met het voltallige gezin 2 à 3 absoluut zalige zomerweken door aan het toen nog ongekende, ongerepte en onontgonnen uitgestrekte strand van Cadzand-Bad, nét over de Belgische grens. En ook al lijkt je dat als kind behoorlijk ver én exotisch, echt 'op reis' kan je dat moeilijk noemen, hé.
Behalve die paar concertreizen, met de tourbus naar Dresden en doorheen de Provence, en met het vliegtuig naar een resort op het Griekse eiland Poros, waarbij ik steeds weinig meer zag dan de binnenkant van de hotelkamer en de verschillende concertruimtes in kwestie, waren er de 2 -jawel, twéé!- bedevaartreizen, nogal oncomfortabel per trein, naar Lourdes -of all places- waarbij ik de Pyreneeën wel in de verte zag, maar telkens 10 dagen lang uitsluitend de knieën door m'n broek sleet aan de grot of in één van de andere gebedsplaatsen van deze heilige stad... 
Geloof me gerust, 't is echt waar: ik zag nog totaal niets van deze wijde wereld.
Mijn verlof, dat speelt zich, hoofdzakelijk wegens onbestaand vakantiebudget, al vele decennia lang -op het occasionele daguitstapje na, met gelukkig meestal ook dat heerlijke 'wat-ben-ik-toch-verwend-gevoel"- louter en alleen thuis af.
Maar dat kan ook écht heel fijn zijn, hoor. Eindelijk tijd om eens wat leuke klusjes op te knappen. Of om op het gemakje wat op het terras met de planten en potten te klooien. Of om nog eens creatief bezig te zijn met kralen, verf, wol, stof... Of, heel gewoon, genieten van lekker tot een gat in de nacht op blijven en daarna uitslapen tot je vanzelf wakker wordt. En natuurlijk ook eindeloos knuffelen, spelen en zot doen met het olijke flodderduo van dienst, vroeger de lieve poezemiekes Nala en Myra, tegenwoordig de vrolijke mini-tijgerbroertjes Poekie en Pompon.
Soms gebeurt het me echter spijtig genoeg ook dat ik de helft van m'n verlof eenzaam en alleen mottig en misselijk in de zetel hangend doorbreng, niet eens aan één van de items op mijn to-do-wens-lijstje toekomend. Dan bedenk ik me, teleurgesteld op die vakantiemomenten terugkijkend, da'k eigenlijk net zo goed op m'n stoel achter de balie of bij de boekhouding had kunnen blijven plakken, en 'vrijaf' niet echt aan mij besteed is, verloren tijd zelfs...
Och nee, je hoort me niet klagen, hoor, het is nog steeds prima zo. Maar ik merk toch dat iets stiekems in mij zich met de jaren steeds duidelijker wat 'meer' wenst, iets nét dat beetje spectaculairder dan die eeuwige klusjes-poezen-terras-gewoonte om na de vakantie op terug te kijken. Dat, en misschien ook iemand 'bijzonder', om al die kostbare ervaringen mee te delen...
Ach, wie weet, ooit, hé. Het leven pakt zo vaak fameus verrassend uit. Toch!?
Ik vermoed -ik weet het eigenlijk wel haast zeker- dat al die voor mij nog ongekende schoonheid van deze heerlijke blauwe wereldbol in 't écht pas werkelijk in al z'n overweldigende pracht tot z'n recht komt. Dus, in afwachting dat ooit te kunnen en mogen zien met m'n eigen ogen, 'reis' ik ondertussen geduldig en knusjes vanuit m'n eigen sofa de hele wereld af via de fantastische programma's van o.a. National Geographic Channel, droom ik weg bij de overdonderende hoeveelheid foto's van vrienden en kennissen, en geniet ik, oprecht en intens verheugd elke keer er weer eens ééntje in m'n brievenbus valt -hoera, men is mij zélfs op vakantie niet vergeten- van al de lieve, mooie, grappige, bontgekleurde, formidabele, vrolijke, verrassende, gekke, geweldige, super fantastische en o zo gekoesterde postkaartjes! ♥♥♥