Posts tonen met het label Jef. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jef. Alle posts tonen

vrijdag 12 februari 2021

Verjaardagsterugblik.

"It's my party, and I'll cry if I want to, cry if I want to, cry if I want to. You would cry too, if it happened to you!" 'k Veronderstel dat je daar mogelijk al van een zekere leeftijd voor moet zijn, maar misschien ken je dit liedje (uit 1963 en gezongen door Lesley Gore) nog wel. Hoe dan ook, een kleine twee weken geleden dreunde dat onophoudelijk door mijn hoofd. De tekst gaf namelijk volledig weer hoe ik mij voelde over mijn op handen zijnde 55ste verjaardag. Allé, 't is te zeggen: alleen het refreintje, hoor. De rest van de song gaat over het op je verjaardag kwijtspelen van je lief aan één of andere slinkse liefjes-stelende juffrouw. En als ge geen lief hebt, gelijk ik dus, dan is dát al zeker iets dat niét fout kan gaan bij de verjaardagsfeestelijkheden... hihihi
't Verdriet zat hem eigenlijk eerder in het ontbréken van festiviteiten. Dit jaar door alle beperkende maatregelen geen familiefeestje, geen huis vol vriendinnen, niet uit eten of ergens heen... Met kerstmis hadden we nog getracht iets voorlopig te plannen, in de vorm van een piepklein etentje of iets dergelijks, maar de donderse covid-19, die uiteraard op zo'n moment weer eens wat feller om zich heen gaat grijpen, stak ook daar weer een stokje voor... En dus zag ik 't 55 worden nogal zwartgallig tegemoet. En dat jaren 60 plaatje draaide bijgevolg grijs in mijn brein.
"Allé!", zult ge zeggen, "da's ook ni van uw gewoonte, om zo pessimistisch te zijn..." Tja, af en toe vallen die coronabeperkingen 
zelfs mij minder licht. 'k Ben ook maar ne mens, hé. Maar 'k had inderdaad beter moeten weten...
Misschien juist omdat ik er zo ontzettend weinig van verwachtte: het is een bijzonder lang uitgesmeerde, echt fenomenaal feestelijke en zelfs werkelijk memorabele verjaardag geworden! Niks beter dan de ene verrassing na de andere, vind ik, en daarvan was de hele week boordevol!
Op de 2e februari zelf kan ik me steeds verwachten aan een telefoontje voor dag en dauw: mijn moeder die me uit bed belt om 'Lang zal ze leven' te zingen! Vaste prik. Er zijn nog zekerheden in 't leven! hahaha
Goed da'k toch vroeg op wou staan, want Roger moest en zou, ondanks alle mogelijke risico's, toch even binnenspringen. En dan moest m'n huis opgeruimd natuurlijk, en gestofzuigd uiteraard. 't Was meteen duidelijk: hij had het er écht alles voor over om hier te geraken: exact om 10u (stipt als hij altijd is) stond hij volledig doorweekt te druipen in m'n halletje. Al fietsend een ware stortvlaag over zich heen gehad, ocharme. Niks dat een warme droge handdoek, een heerlijk dampende kop koffie en een handvol (erg vroege) chocolade paaseitjes niet goed kan maken, maar toch... Reuze gezellig, zo even in persoon bijkletsen met je beste vriend! En ik kon meteen met bijzonder veel fierheid het cadeau laten zien waar hij mee voor betaald had: mijn nieuwe bestek! (lees ook het blogje 'Action aversie') En... goedgekeurd met stip!
In de namiddag mocht ik een bezoekje van vriendin Betty verwachten. En jawel, daar ging de deurbel! Op de videofoon zag ik alleen een grote bos bloemen, maar opende desalniettemin toch maar de deur. Tegen bloemen zeg ik zelden of nooit 'nee', hé. En wie kwamen daar giechelend en grappend binnenvallen? Mijn zus Jacinta en mijn moeder! Verrassing!!! Amai, ja, dat had ik echt niet kunnen bedenken. Behalve die mooie bos flora brachten ze ook een chique fles cava mee, en die werd als vanzelfsprekend meteen soldaat gemaakt, met nog wat van die paaseieren erbij. Toen even later Betty alsnog aan de bel hing, met een reuzegrote mand fruit, ging zowat het dak eraf, zoveel gelach en gekakel! Heeeeeeerlijk! De buren dachten vast dat hier ne man of 20 zat... Maar, we waren slechts met 4 en zaten elk, heel netjes, zover mogelijk uit elkaar, ieder in een hoek van de kamer, aan alle kanten op ongeveer een meter van de grote tafel. De mondmaskers gingen telkens maar even af voor een volgende slokje bubbels, en dan meteen weer op. 't Was gezellig, echt supergezellig. Ik voelde mij verwend, en ontzettend geliefd.
De hele dag lang stond ook de telefoon niet stil. Familieleden en vrienden, die, zelfs al hadden ze al een kaartje gestuurd -ik ontving er een stuk of 10, allemaal om ter mooist!- toch ook nog even persoonlijk felicitaties wilden laten horen. Ondertussen raakte ook m'n mailbox vol, en Facebook ontplofte zo ongeveer. Ik maak er een punt van om iedereen apart te bedanken voor z'n wensen. Dus, na in 't gezelschap van de poezen m'n feestmaaltijd (frietjes uit den oven) vingerlikkend 
te hebben opgepeuzeld, zat ik, genietend van de rest van de nog halfvolle fles cava, tot diep in de nacht aan de laptop om de in totaal meer dan 240 berichten te lezen en te beantwoorden. Zalig! Ja, zoals ik al zei: verwend en geliefd! Absoluut.
De dag na mijn verjaardag deed ik alles nog eens lichtjes over: vriendin Lena kwam af! Om te beginnen een paar uurtjes gezellig tateren en ginnegappen bij veel lekker warme koffie vergezeld van een smakelijke fruitwafel en, voor de afwisseling, Valentijnshartjes in chocolade (alle feestdagen door elkaar hier bij mij, blijkbaar...). Tegen etenstijd kraakten we een volgende uitstekende fles cava, geschenkje van m'n oudste broer David, en smulden we even later van een overheerlijke, aan huis geleverde verse pizza van de beste pizzeria in Deurne en omstreken! (voor 't geval ge ze ook eens wil uittesten -een beetje sluikreclame op z'n tijd mag wel, ze sponsoren tenslotte ook de kerstconcerten- Pizza Pasta Concept). De fraaie messenset die Lena me cadeau deed, konden we hierop, jammer genoeg, nog niet testen, want onze pizza's kwamen reeds netjes in 8 spieën gesneden... 
Wil je geloven dat ik er een beetje moe van was, van al die evenementen? Goed dat er een dagje rust tussen mocht vooraleer goeie vriend Jef op de koffie kwam. Ook Jef was duidelijk zeer tevreden over het cadeau waaraan hij mee betaald had. Maar typisch Jef: hij moest en zou tóch nog wat extra's doen! En 'k had nog zo gezegd dat ik dat niet goed vond, en al helemaal niet nodig. "Ge wordt maar één keer 55, en da's toch een speciaal getal!", snoerde hij mij lachend maar kordaat de mond. Uit de grote doos, die ik heel voorzichtig en een beetje emotioneel uitpakte, kwam een geschenkdoos met strik en in gouden letters 'Dior', en daarin zat een flinke fles van de eau de parfum J'adore en de bijhorende bodylotion. Ik ruik dat heel graag en 't past ook perfect bij m'n huid, maar 'k zou dat nooit voor mezelf kunnen kopen. Als ik aan zoiets überhaupt al zoveel geld zou willen en kunnen uitgeven... Heel bijzonder om nu zo verrukkelijk te ruiken. 'k Ben er precies nog niet helemaal goed van! ;-)
Via mail en Facebook kwamen er nog steeds lieve berichten binnen, plus nog 2 kaartjes in de brievenbus. Zoveel mensen die de moeite nemen om me even iets te laten weten... Het ontroert me nog steeds. Zeker nu we elkaar nog amper spreken, laat staan zién. Ongelofelijk! Amai, ik ben zeker weten niet vergeten, in tegendeel zelfs! Wauw, wauw, WAUW! En dank je wel! DANK JE WEL!!! 'k Zeg het nóg eens: verwend en geliefd, zo voel ik me.
Ja, 'k had er niet veel van verwacht, maar wat een spetterende verjaardag is het geworden, zeg! Er valt eigenlijk slechts één klein minpuntje te vermelden: zodanig opgaand in al die fantastische verrassingen en feestelijkheden, vergat ik helemaal om alles en iedereen op foto vast te leggen. Het blogje moet het dus met wat minder beeldmateriaal stellen, vrees ik... Maar verder alleen maar superfijne dingen om op terug te blikken en te koesteren. En dan vooral deze twee: 1. ik kan gerust te allen tijde positief blijven denken en optimistisch zijn, en 2. er zijn verdoeme veel mensen die mij wreed graag zien! Kortom, ge moogt gerust zijn: ik kan weer verder voor een jaar. Woehoe! ;-)


maandag 2 november 2020

Naar jaarlijkse traditie, maar net even anders.

Nondepitjes, da's verdorie niet gemakkelijk om bloemen te kopen, zenne! Allé, 't is te zeggen, efkes nuanceren: 't is absoluut niet gemakkelijk om bloemen te kopen als ge ten eerste helemaal gek op bloemen zijt, ten tweede met een vastliggend budget werkt én ten derde en op de koop toe binnen een bepaald kleurenschema moet blijven!...
Ja, 
gezien de tijd van 't jaar raadde je het misschien al: 'k had, naar jaarlijkse traditie ondertussen, weer de eer een mooi bloemstuk voor 't graf van mijn grootva en grootmoe, Frans Verbiest en Jozefa Wangen, de ouders van mijn moeder, te maken!
De kleur voor het bloemstuk lag al heel snel vast: één van mijn tantes had, met de komende winter voor ogen, reeds wat winterhard groen met van die leuke rode bolletjes bij het graf geplant, dus, om een kakofonie te voorkomen, besliste mijn moeder resoluut dat het stuk dit jaar ook nog maar weer eens rood moest kleuren. Simpel genoeg, dat wel. Maar kies maar eens uit al die verschillende bloemensoorten, de ene al fantastischer dan de andere, die bovendien vaak ook nog eens allemaal in de meest diverse tinten rood te verkrijgen zijn... Niet eenvoudig voor zo'n bloemengek als ik.
Er kwam trouwens, wat mij betreft dan toch, nog een extra moeilijkheidsgraad bij, bij dat bloemschikken dit jaar. Zoals u zich misschien van foto's die ik deelde nog wel voor de geest kan halen, fabriceerde ik -vanzelfsprekend voor zo'n floraverslaafde- de voorbije jaren telkens een behoorlijk uit de kluiten gewassen bloemenexplosie. Ja, begrijpelijk, hé, als ik eens een keertje echt 'los' mag en kan gaan... Maar, dat was eigenlijk altijd een klein beetje tegen de zin van ons moe. En dit jaar klonk het daarom bijzonder streng 'dat 't niet meer zo bombastisch mocht'! 'k Moest me maar eens leren inhouden... Het 'binnen het budget blijven' werd er meteen een stuk gemakkelijker op! Alhoewel... hum. hihihi
Goed. Na een namiddag stevig te hebben gewikt en gewogen, gekeurd en gerekend, stond m'n uiteindelijke keuze -vijf bordeaux anthuriums, een pak donkerrode rozen, knalrode Hypericum takjes, felgroene bolle chrysantjes en ook rode met een mooi groen hartje, twee prachtige rood-wit-groene hortensia's, wat takjes appelblad en een paar sprieten vrolijk wuivend gras- netjes betaald en heelhuids thuisgekregen, in een emmer fris water op het aanrecht. Eén emmer! Vorige jaar waren het er vier. In de badkuip, wegens te klein aanrecht...
Vlak naast die ene emmer mocht het plastieken houdertje met de groene oase zich alvast volzuigen in een teiltje. En da's uitzonderlijk! Gewoonlijk ligt dat ding ergens bij mijn moeder te week, want de voorbije jaren moest en zou er geschikt worden bij háár in de keuken. Kwestie van mijn uiterst creatief en grenzeloos enthousiast gepruts een beetje in 't oog -allé, ik veronderstel eigenlijk meer 'in toom'- te kunnen houden. Maar omdat ons moe zich de laatste tijd niet echt tiptop voelt, en zeker met het risico op overdracht van besmettelijke virussen, was dat dit jaar absoluut niet aan de orde. 
De creatie van het mooie grafstuk vond dit jaar plaats bij mij thuis, op mijn grote woonkamertafel. En op een paar dikke oude handdoeken, om te voorkomen da't water van de tafel op het tapijt droop. Ach, het was zo snel klaar. Veel te snel naar mijn goesting eigenlijk. 't Bloemschikplezier duurde niet eens een uur, opruimen inclusief! Maar 't moet gezegd: 'k heb me dus toch eens wat kunnen inhouden. Echt waar. En 't resultaat, dat is nog steeds om fier op zijn, vind ik.
Om al dezelfde redenen als hierboven zouden mijn moeder, gewapend met spons en zeemvel, en ik, 't wiebelend en wuivend zware bloemenspektakel in de kletsnatte armen, eens een keertje niét samen de grote baan af wandelen -onderweg bekeken, bewonderd en besproken- richting kerkhof. Dit jaar mocht het afgewerkte stuk zowaar een autoritje maken! Chauffeur van dienst, lieve vriendin Lena, pikte ons -mij, het bloemstuk en een klein extra tuiltje voor 't overleden kleine zusje- met veel plezier op voor de korte rit richting de begraafplaats.
Het graf lag er ongelofelijk netjes bij: glimmend zwart in de zachte najaarszon, geen stofje of vuiltje te bekennen, en alles eromheen was keurig aangeharkt. Daar had één van mijn tantes blijkbaar stevig aan gewerkt! Ik had slechts mijn 'beknopte' bloemstuk neer te zetten en... klaar! Ons moe kon tevreden zijn: 't stuk was duidelijk veel minder exuberant dan de voorbije jaren -foto's liegen niet, hé- en 't kleurde perfect bij de struikjes met rode bolletjes en bordeaux blaadjes! Al vroegen we ons nog wel even giechelend af wie er, ooo zoooo flagrant afwijkend van 't strakke kleurschema, met dat lieve bosje róze gerbera's ook een gedachtenisgroet had gebracht aan Frans en Josefa... hihihi
Aan het eveneens superpropere kleine grafje van het overleden zusje van mijn moeder had ik al helemaal geen werk: tuiltje neerleggen en voilà. Hopelijk vliegt het niet weg, met al die stormwind...
Lena en ik wandelden in de aangename herfstlucht nog even rond, genietend van de rust, op het mooie kerkhof, dat stilaan overal met bloemen bedekt raakte. Even de moeder van Jef opzoeken, toch nog eens kijken of ik moemoe nog wist liggen, en kijk daar, onze buurman van vroeger... Zovelen die ik ooit in levenden lijve mocht ontmoeten, mocht kennen. Zovelen die zelfs een groot deel van mijn levenspad meeliepen... Maar, het voelde niet verdrietig. In de vrede van de omgeving en het goede gezelschap ervaarde ik het meer als een warm thuiskomen in gekoesterde herinneringen, en het zorgde voor de ene na de andere warme glimlach op mijn gezicht.
Na nog de vereiste en hoogst belangrijke foto's van al het geleverde bloemenwerk -ter definitieve goedkeuring-vanop-afstand van ons moe uiteraard, én voor in haar grafstukkenverzamelalbummetje- en een ongeplande, doch verrassende en fijne ontmoeting met vriend Jef net buiten het hek van de begraafplaats, reed Lena ons terug richting knusse woonkamer en een welverdiende grote kop heerlijk warme en zalig geurende koffie. Tevreden en blij dat ik die ondertussen reeds jaarlijkse traditie toch weer verder kon en mocht zetten, zij het net dat kleine beetje anders... ;-)



donderdag 9 januari 2020

Schone Bozar kunsten.

Op 16 september 2019, rond ongeveer 20u, mocht ik een zeer bijzonder concert bijwonen. En te denken dat ik het bijna gemist had!...
Goede vriend Jef, die me wel vaker eens met plezier op sleeptouw neemt, had me reeds weken daarvoor met aandrang gevraagd die ene maandagavond speciaal voor hem te reserveren. We zouden samen naar een concert gaan. Maar welk concert,... dat moest tot de avond zelf een verrassing blijven. Spannend!
Een halve week voor het avondje uit zette een serieuze griepaanval me volledig buiten strijd. Nog steeds behoorlijk groggy belde ik Jef de avond vooraf of hij eventueel nog iemand anders mee uit kon nemen. En dat kon, maar... dat was dus eigenlijk ab-so-luut niet de bedoeling. In de hoop me toch nog mee te krijgen, verklapte hij me welk muzikaal gebeuren we zouden gaan bijwonen... En geloof me, meer motivatie had ik absoluut niet nodig om me de volgende late namiddag, nog een beetje onvolledig en wankel, en ondersteund door een paar extra pijnstillers, in iets feestelijks te hijsen, m'n haar in de krul te leggen, en alsnog bij Jef in de auto te stappen, om vervolgens samen richting Brussel te rijden.
In het voormalige Paleis voor Schone Kunsten in het centrum van onze hoofdstad, het prachtige Victor Horta gebouw uit 1928, nu gekend als 'den Bozar', ging die avond een zeer bijzondere muziekcompositie in wereldpremière. Vanwege het geweldige nieuwe orgel in de zaal schreef pianist-componist Jef Neve (voor alle duidelijkheid: dit is dus een totaal andere Jef dan die goeie vriend waarmee ik die avond op stap was!) op vraag van het kunstencentrum een fenomenaal nieuw werk voor orkest, piano én orgel. De compositie zou uitgevoerd worden door, uiteraard, hemzelf aan de vleugelpiano, een uitgelezen selectie muzikanten en met aan het orgel niemand minder dan mijn meest favoriete organist aller tijde: Peter Maus. Wat een fantastisch nieuw hoogtepunt in zijn carrière! U begrijpt meteen waarom wij daar absoluut bij moesten zijn, hé. 
Over het muzikale kunnen van Jef Neve zijn de meningen in mijn entourage ontzettend verdeeld. De ene vindt hem zwaar overroepen, de andere adoreert hem dat het bijna niet netjes meer is... Ik kende deze pianist/componist niet echt. Eigenlijk alleen maar zijn naam, als schrijver van de filmmuziek bij 'De Helaasheid der Dingen'. "Een gat in mijne cultuur", zegt u? Tja, zou kunnen. Ik ben misschien niet meer helemaal mee, hé, dat kan... Alleszins, plots leek het alsof iedereen om me heen er z'n mond over vol had en zag je hem gelijk ook overal opduiken, tot zelfs hier in Deurne in de muziekacademie bij z'n boeklancering. Ondertussen ligt mijn mening -als die al van enig belang zou kúnnen zijn, wat ik zwaar betwijfel- over de man en zijn muzikale kunnen nog steeds niet vast. En dat doet er ook totáál niet toe, want geheel los van elke opinie: dit specifieke spiksplinternieuwe werk liet een fenomenale indruk op mij na!
Het concert begon met Jef solo aan de piano met twee jazz-nummers. Mij liet het nogal onbewogen, ik zat vooral op hete kolen voor de 'hoofdact', hé. Maar Nathalia (ja, inderdaad, dé Nathalia), waarmee Jef toert voor haar akoestische optredens (heel integer, stijlvol en zelfs enigszins ontroerend, volgens m'n goeie vriend Roger, die hen eens samen aan het werk zag op Tchingtchangsplaain), en die -hoe kon het ook anders- vlák achter me zat, brak ongeveer 't kot af van puur enthousiasme. Haar gefluit, geklap en 'gewoehoe' trok bijna meer aandacht dan wat er op de scene gebeurde. En de dame naast me fluisterde, lichtjes in mijn richting buigend, ietwat
 geërgerd maar vooral grappend: "Jaja, 't is al goe, zenne, w'ebben u gezien, ge zijt er ook bij!..." *giechel giechel*
En toen begon het 'echte' werk... We werden volledig ondergedompeld in allerlei ritmes en klanken, uiteenlopende timbres en kleuren, snelle en trage tempo's, diepe innige stukken en bijzonder explosieve extroverte delen, en alles in die erg speciale, en voor mij boeiend nieuwe, mix van klassiek, jazz en pop. Af en toe klonk me iets bekend in de oren, alsof ik het elders al eerder hoorde. Dan voelde de muziek heel even vreemd vertrouwd. Soms was me de overgang van de verschillende delen van het werk wat te abrupt, of was het ene deel veel te verschillend, te contrasterend met het vorige naar mijn gevoel op dat moment. 'k Was precies niet altijd mee. Maar omdat het geheel achteraf nog eens tweemaal volledig uitgezonden werd op de radio kon ik het nogmaals beluisteren. In de rust van m'n huiskamer, zonder afleiding van 'live muzikanten zien' en 'veel volk om me heen', klonk het meteen een heel stuk begrijpelijker, en zoveel mooier ook. Mijn muzikale gehoor moest er vermoedelijk even aan kunnen wennen, hé. Niks mis mee.
Deze zevendelige nieuwe compositie hier voor jullie beschrijven is trouwens onmogelijk. Ik zou niet weten met welke woorden. Daarvoor is mijn muzikaal onderlegd zijn toch te beperkt, denk ik, en vermoedelijk ook wat verouderd. Je moet dit zelf horen, met open geest beluisteren, zonder vooroordeel over je heen laten stromen en vooral voelen. Zoals eigenlijk met álle muziek het geval is.
De energie die van het volledige muziekstuk uit gaat is sowieso (ook al) niet te beschrijven groots. Maar, zo mogelijk nog veel indrukwekkender was de buitengewone, werkelijk verbazingwekkende, eigenlijk gewoonweg onmenselijke hoeveelheid noten die door de muzikanten geproduceerd werd! Man, man, man, ik geloof niet ooit al eens eerder puur door 'kwantiteit' bij een concert van m'n sokken geblazen te zijn. Hoe die fantastische muzikanten het voor mekaar kregen, het is en blijft me een raadsel. On-ge-lo-fe-lijk! Sen-sa-tio-neel! Echt. Volgens mij konden de strijkinstrumenten door de wrijving elk moment vuur vatten! En de lippen en tongen van de blazers moeten na afloop zowat aan flarden gelegen hebben! Van pure inspanning konden ze zelfs amper op hun stoel blijven zitten. De compleet geconcentreerde en intensief werkende muzikantenlijven kwamen allemaal wel eens ergens even 'los'. Vooral de solo-momenten vergden overduidelijk een monumentale lichamelijke inspanning. Ik zat er met open mond en ingehouden adem naar te kijken, in opperste verbazing en bewondering. Wauw, wauw, wauw! Wat een topmuzikanten waren dat, zeg. Zalig moet dat zijn om daarmee te kunnen en mogen werken, en met hen jouw compositie te zien en voelen groeien tot dit spetterend eindresultaat. Heeeeerlijk! 

En dan moet er natuurlijk ook nog -ik was hem niet vergeten, hoor- over Peter en het imposante orgel verteld worden! Tja, 'k wist natuurlijk al langer dat zijn vingers aan een meer dan duivels tempo -en alsof het maar niks is- over de toetsen kunnen dansen, maar dit!?... Pfffft, wat was dat, zeg! Hij had me er vooraf al, wreed enthousiast, 't één en 't ander over verteld, en hoe er o.a. puur qua haalbaarheid van alles in het stuk bijgewerkt en zelf geschrapt was, dus ik was enigszins voorbereid, maar toch... Nondepitjes! Volgens mij zweette hij, daar vooraan op de scene, achter de klavieren van dat geweldige orgel het beste van zich zelve gevend, zowat los z'n kostuum uit! Wat een enorme krachtinspanning moet dat geweest zijn!... 
'k Had Peter trouwens ook nog nooit zo gezellig zien zitten heen en weer swingen op z'n orgelbank. Een erg leuk zicht, dat valt niet te ontkennen.
Zwaar onder de indruk reden we later die avond weer terug richting Antwerpen. Er viel heel veel te zeggen, en toch ook weer niet. Alle emoties, gedachten, meningen en gevoelens rond dit concert mochten gerust nog een tijdje verder in ons brein ronddraaien, ontplooien en rijpen, zoals dat altijd is met memorabele gebeurtenissen in je leven. Want dat was werkelijk: een memorabele maandagavond. Eentje om over te schrijven, op die manier een beetje te delen en vooral om nooit te vergeten. En te denken dat ik het bijna gemist had... Tsss. ;-)









maandag 8 juli 2019

En wij zagen dat het goed was.

Ze zijn getrouwd! En wij, wij waren er bij en zagen dat het goed was! 
Afgelopen zaterdag trad mijn meest favoriete organist/begeleider en vriend Peter Maus in het huwelijk met zijn geliefde en fantastische Dolores. Ja, ik weet het, ‘in het huwelijk treden’ klink geweldig chique, maar dat wás het ook! Niet zomaar iedereen kan en mag z’n ja-woord geven in het fenomenale kader van de Kathedraal van Antwerpen, hé.
Onze verwachting stond dus enigszins gespannen, toen wij –ons moe, m’n beste vriend Roger en ik- ruimschoots op tijd een zo ideaal mogelijk plaatsje in die heerlijke gezegende ruimte uitzochten: twee rijen achter de voor de familie gereserveerde stoelen, en ik mocht naast het grote middenpad zitten, met absoluut zicht op álles. Veel beter kon het écht niet, denk ik. Net op tijd ook, want al snel liep de hele kathedraal, en dus ook elke rij stoelen achter ons, vollédig vol. Nu was het wachten op de komst van de suite. Lang kon het niet meer duren, want op de Groenplaats hadden we nog net het antieke trammetje met de volledige bruidsentourage zien toekomen en nu liep Jef (ja, inderdaad, die uit het vorige verhaal), ceremoniemeester van dienst, als een ware Speedy Gonzales, geweldig lichtvoetig en met stevig tempo, een laatste maal te checken of alles w
at hij zich nog kon bedenken tot in het kleinste detail in orde was voor de komst van de bruid. Het sierlijke roodfluwelen koord dat de eveneens sierlijke roodfluwelen bruiloftsstoelen en knielbankjes voor toeristen vrijwaarde werd weggenomen, gereserveerde plaatsen nog een laatste maal geteld, misboekjes uitgedeeld, laatste instructies en afspraken doorgenomen met voorgangers en muzikanten. Het 100 zangers sterk Chorale Caecilia koor en de koristen van Keizersberg warmde de stemmen op en de 3 organisten hun vingers en voeten. Nu mochten ze komen, iedereen was klaar om het bruidspaar feestelijk te ontvangen.
De grote poort achteraan de kathedraal zwaaide open en een stoet van familieleden zette zich langzaam in beweging, netjes gedirigeerd door de ceremoniemeester, richting gereserveerde plaatsen vooraan. Even later mocht de bruidegom, begeleid door zijn moeder en met een schattig bruidsjongetje dat nog maar nét kon stappen tussen hun beiden in, in een bijzonder rustig tempo dezelfde wandeling maken. Peter zag er afgeborsteld netjes uit, in z’n op maat gemaakte bordeau-kleurige pak. Ongelofelijk lang en verbluffend slank, vond ik tot m'n eigen verwondering. Maar ‘k merkte meteen ook dat hij letterlijk stijf stond van de zenuwen...
Nu keken we allemaal reikhalzend uit naar de bruid. Ik zag ceremoniemeester Jef daar in de verte, helemaal achteraan, nog even met grootse gebaren een sleep en sluier goed leggen -iets wat hij trouw de hele plechtigheid lang bij elke beweging van de bruid zou blijven doen, samen met het eindeloos heen en weer verzetten van die 2 fluwelen ceremoniestoelen-, en, daar kwam ze! 't Is te zeggen, het duurde wel even voor ik haar ook daadwerkelijk kon zién, want een heleboel dames uit de rijen achter me stonden plots midden in het gangpad druk plaatjes te schieten van de breed lachende bruid, stralend aan de arm van haar vader. Maar, ze wás dan ook een plaatje, hoor. Dolores droeg een fraaie prinsessenjurk, helemaal passend in die enorme kerkelijke ruimte. De grote satijnen rok in een lichte crèmekleur met een roze tint waaierde uit in een lange sleep. Het mouwloze kanten lijfje met boothals werd afgeboord door een opstaand satijnen randje dat op de rug in leuke punt een verrassende v-uitsnijding vormde, met daarop een alleraardigst strikje, als was het een speels knipoogje. Persoonlijk, bloemenfreak als ik ben, miste ik in de kathedraal wat fleurige en geurige bruiloftsflora, en stelde het bruidsboeketje me wat teleur. Ik vond het een beetje te eenvoudig, wat klein uitgevallen, zeker bij zulk een fraaie jurk. Alsof iemand op het laatste moment nog snel even wat voor handen zijnde bloemetjes in een ruikertje gebonden had. Bloemetjes uit de tuin van iemand of zo. Goh, wie weet wás dat wel zo, en had het boeketje daardoor een heel speciale emotionele waarde. Dat kan natuurlijk. In dat geval heb ik absoluut niks gezegd, hoor. En eigenlijk moet ik er mij sowieso niet mee bemoeien, hé... Alleszins, de kleuren van de gebruikte bloemen pasten uitstekend bij het kostuum van de bruidegom, en dat vond ik dan wel weer heel erg mooi.
De plechtigheid en de huwelijksinzegening verliepen verrassend klassiek, en niets was langdradig, alles even vlot en eenvoudig. Als huwelijksgeloften weerklonken bijzonder traditionele beloften en dat had iets tijdloos, voor mij dan toch. Beloften over liefhebben en waarderen, elke dag van je leven, ook als het minder goed gaat, en over kindjes en het gelukkige gezin. De opvallende hoeveelheid aanwezige baby’s en kleutertjes, die met regelmaat stevig van zich lieten horen, en zo af en toe even iets met luide stem onderbraken of zelfs overschreeuwden, wierpen dus alvast een grappige blik op de toekomst. En volgens mij toverde dat op zowat elke aanwezig gezicht een terechte glimlach.
Wat me zeker en vast voor altijd zal bijblijven is de muziek. Wauw, wat een ongelofelijk prachtige dingen mochten we beluisteren! De Chorale zong, onder de begeesterende leiding van Paul Dinneweth, duidelijk met hart en ziel, prachtige werken van Rutter en Mendelsohn. Onwaarschijnlijk zálig, die kracht van 100 stemmen, die kleurschakeringen van de meerstemmigheid, het enthousiasme en de inbreng van elk individu... Heerlijk! ‘k Was super blij dat ik tijdens de receptie achteraf de kans kreeg om mijn enthousiasme hierover persoonlijk aan de dirigent mee te kunnen delen. De koristen van Keizersberg namen de misdelen voor hun rekening, en ik genoot met volle teugen van hun Gregoriaanse gezangen. Zooooo mooi, die mannenstemmen in perfecte harmonie. En al deze stemmen werden, waar nodig, begeleid door wel 3 verschillende organisten, Peter Van de Velde, Peter Jeurissen en Gert Amelinck. Zij brachten, afwisselend één van de beide fenomenale orgels van de kathedraal bespelend, ook op virtuoze manier een aantal schitterende instrumentale werken, een orgelconcert waardig. Ja, die muziek, wauw, super. Echt fantastisch! Geweldig gekozen én schitterend uitgevoerd. 
Reeds tijdens de plechtigheid bleven toeristen van over de hele wereld, die de beroemde kathedraal bezochten, staan om het gebeuren even te volgen. Ze applaudisseerden zelfs geestdriftig mee na de huwelijksinzegening. En dat was bij het verlaten van het gebouw niet anders. Het bruidspaar bleef, onder grote belangstelling van de passanten, net buiten de grote poort staan voor een kleine fotosessie met familie, koorleden en muzikanten, en om alvast wat felicitaties in ontvangst te nemen, en natuurlijk ook bloemetjes -in ruil voor een snoepje- van de aanwezige kindjes. Bij de wandeling in stoet, met het bruidspaar voorop, door de Hoogstraat, richting Parochiehuis voor de receptie, weerklonk er opnieuw langs alle kanten applaus, hoera-geroep en menig wens boordevol geluk. Dat was een erg leuke extra om mee te maken, vond ik.
Ondanks het gesukkel met die vreselijk hobbelige kasseien, vervaarlijk kwikkelkwakkelend op m’n hoge hakken –ik niet alleen trouwens- raakten we uiteindelijk toch heelhuids en zonder valpartijen tot in de gezellige en zalig frisse receptieruimte, waar de zeer verzorgde hapjes en drankjes al op ons stonden te wachten. Roger en ons moe deden zich te goed aan de fijne vleeswaren en ik genoot van de rauwkost. Met een lekker glaasje bubbels erbij, uiteraard. Nadat het bruidspaar uitgebreid de tijd genomen had om iedereen te begroeten en welkom te heten, konden ook zij eindelijk ontspannen en genieten. Ceremoniemeester Jef, wiens taak bij deze ook klaar was, vervoegde moe maar zeer tevreden ons gezelschap. Een beetje babbelen, veel mooie, blije en vriendelijk mensen om te bekijken en contact mee te maken, een hapje, een drankje… Perfecte receptie!
Heel erg lang zijn we niet gebleven. Ons moe verlangde reeds terug naar vertrouwde stekje en Jef zou haar, lekker comfortabel, met de auto brengen. Eerst namen we uiteraard nog uitgebreid afscheid van het bruidspaar. De vrolijke, mooie bruid -Dolores, super toffe madam- blij met onze aanwezigheid, knuffelde ons allemaal even stevig. Bruidegom Peter, die zich eindelijk leek te ontspannen, wees ons, met een dikke knipoog naar een 'onder-ons-grapje', nog eens expliciet op z’n nieuwe én netjes gepoetste schoenen, en showde op vraag van de dames nog even uitgebreid z'n fraaie maatpak met strikje. En vervolgens bracht hij me efkes totaal van mijnen apropos door, zonder veel overgang, al vol enthousiasme over de in het verschiet liggende concertmissen samen met mij te beginnen...
Wetende dat mijn moeder in goeie handen was, en veilig en wel thuis zou raken, kuierden Roger en ik op ons duizend gemakjes -niet dat het anders kon, met die nog steeds vervloekte kasseien-hoge-hakken-combinatie...- langs de aanlokkelijke winkeltjes van de Hoogstraat, om tot slot gezellig, genietend op een terras de gebeurtenissen van deze dag, en alle bijhorende emoties, nog even uitgebreid te overlopen.
Ja, ze zijn dus getrouwd. En wij, wij waren er bij en zagen dat het goed was! 💗









vrijdag 5 juli 2019

Een halssnoer met een verhaal.

Er was eens een man die een leuke vriendin had. Ik bedoel niet als vriendin-vriendin, als partner, nee, daarvoor hield hij veel te veel van mooie mannen. Met 'vriendin' bedoel ik gewoon iemand om lief en leed mee te delen, om mee te lachen en te huilen, iemand die er altijd voor je is en op wie je steeds kan rekenen, dat soort vriendin dus. Er zaten hier en daar wel wat periodes in hun leven waarin ze elkaar voor korte of langere tijd uit het oog verloren, maar eigenlijk hadden ze elkaar voor zover ze zich konden herinneren altijd al gekend. Ze groeiden op in aanpalende straten en zij was, als kind reeds, zowat de enige geweest die hem zonder vooroordelen of scrupules als volwaardige mens en vriend behandelde en aanvaarde. Vooral in de donkerste dagen van zijn leven had ze steeds onvoorwaardelijk en zonder oordeel voor hem klaar gestaan. Aan wie het horen wilde, vertelde hij wel eens dat ze een paar keer 'zijn leven gered had', iets wat zij steeds een beetje lacherig van de tafel veegde met 'da's toch maar normaal, daar zijn we toch vrienden voor'.
Het deed hem telkens weer ontzettend veel deugd om haar intens en met een bijna kinderlijk geluk te zien genieten als hij haar een keertje trakteerde op een fijn dagje aan zee, een mooi concert, lekker uit eten, of simpelweg een terrasje ergens in het zonnetje. 'Diva' noemde hij haar steevast met een brede glimlach. Niet alleen vanwege haar artistieke prestaties op allerlei podia en in menig kerkgebouw, maar vooral omdat hij vond dat ze ook puur als mens in alle opzichten absoluut groots was, een echt diva dus, vanbinnen en vanbuiten.
Glimlachend mijmerend over hun vriendschap kuierde de man langsheen de pittoreske kasseienstraatjes afgezoomd door de typische witgekalkte huisjes met felblauwe accenten van het eiland Myconos. Als het even kon, boekte hij graag een cruise voor zichzelf om in een rustig tempo en comfortabele omstandigheden steeds weer een nieuw stukje wereldschoonheid te ontdekken, en deze keer genoot hij met volle teugen van een vakantievaart langs een aantal Griekse eilanden.
Vanop de her en der verspreide terrasjes weerklonk het gezellige geroezemoes van de immer talrijk aanwezige toeristen. Overal om hem heen prezen charmante souvenirwinkeltjes hun uitgebreid assortiment kleurrijke prullaria aan. Helemaal opgaand in een heerlijk vakantiegevoel flaneerde ons heerschap lukraak verder door de steegjes van dit prachtige stadje. Voorbij wandelend aan een kleine juwelierszaak viel z'n oog ongewild op een bijzonder halssnoer in de etalage, alsof het speciaal om zíjn aandacht vroeg. Het juweel deed hem onmiddellijk aan z'n speciale vriendin denken. Niet dat hij op zoek naar iets voor haar was of zo -gewoonlijk bracht hij trouwens zelden of nooit voor iemand een geschenkje mee vanop één van z'n reizen- maar dit, dit zou haar werkelijk práchtig staan! "Volledig handgemaakt", vertelden de vriendelijk dames van het boetiekje, "met kralen in keramiek!" En, wat het voor een manspersoon uiteráárd meteen een stúk ingewikkelder maakt: verkrijgbaar in 2 totaal verschillende kleurencombinaties!... De kralen van de ketting uit het uitstalraam bestonden uit tinten grijs met rode en blauwe schakeringen, en de dames toonden hem maar wat graag een gelijkaardig exemplaar met een geel-oranje-oker-groen kleurenpalet. Potverdorie, dat maakte de keuze even helemaal onmogelijk. Meneer bedankte de beide dames hartelijk en besloot er even diep over na te denken. Welke kleuren zouden het mooiste zijn voor z'n maatje?... Terug in z'n kajuit, turend over het glinsterende water en de schitterende omgeving, trachtte hij zich de outfits van z'n diva voor de geest te halen. Ze was altijd om door een ringetje te halen, maar welke kleuren ze dan precies droeg, daar had hij eerlijk gezegd nooit zo op gelet... Blauw! Ja, hij had een sterk vermoeden dat hij haar al eens blauw zag dragen. En roze! Absoluut zonder enige twijfel. En ja, rood ook wel, dacht hij. Zwart? Dat moest welhaast, dat kon niet anders. Net zoals wit! Maar grijs bijvoorbeeld? Dat wist hij eigenlijk niet. Oker en aardetinten had hij precies ook nooit gezien. Of vergiste hij zich?... En hoe zat het met geel? En had ze nu laatst niet eens een keertje iets groens aan!?… Pffft. Een punthoofd kreeg hij ervan, ja. Lastig, hoor, zo een beslissing, buiten je comfortzone...
Die avond besloot onze reiziger even op te houden met z'n hoofd te pijnigen en ter ontspanning een stapje in de wereld te zetten. Hij zou z’n benen eens een keertje los gaan gooien op de dansvloer van een plaatselijke discotheek. Maar, dat sloeg hem lelijk tegen. De fenomenale decibels van de dreunende muziek deden bijna onmiddellijk serieus pijn aan z’n oren en tussen die dansende massa flitsend strakke jonge lijven voelde hij zich opeens volstrekt niet meer op z’n plaats. Jammer... Och, de rustgevende sfeer van het eiland en de bijzonder aangename zuiderse temperatuur nodigden uit tot nog een laat slentertoertje onder een hemelse sterrenpracht. Al wees de klok reeds 1u in de ochtend aan, de terrasjes zaten nog gezellig vol en zelfs in een groot deel van de winkeltjes was je op dit nachtelijke uur nog welkom. En kijk, alsof het zo moest zijn, ook bij het juwelierszaakje met dat fraaie halssnoer in de vitrine brandde nog licht. Het leek wel een teken! Nu moest het gebeuren, gewoonweg boem pats de knoop door hakken en klaar. De man stapte zelfverzekerd de winkel binnen en koos resoluut voor de grijs-blauw-rood-combinatie, die uit de etalage, die hij meteen helemaal te gek gevonden had toe z'n oog er op viel. Maar dat was buiten de verkoopsters gerekend. Ze hadden in exact deze kleuren namelijk ook nog twee verschillende maten van kralen! In de hoop geen nieuw denkproces te moeten starten, vroeg de man hen om raad. Zijn vriendin, een écht diva, was -hoe zeg je dat netjes- nogal aan de 'stevige kant', vertelde hij. ('Goed voorzien van oren en poten' verstaan ze vermoedelijk niet in Griekenland, hé.) De beide behulpzame dames besloten dat hij bij een 'mevrouw met wat meer gewicht' best voor de grotere kralen opteerde, wat hij ook prompt deed. "Oké! Pak maar in!", zei hij super tevreden en opgelucht. Maar de verkoopsters hadden blijkbaar het woord 'diva' nogal goed horen vallen en moesten daar toch echt nog eerst het fijne van weten. Was die mevrouw die hun halssnoer zou gaan dragen één of andere vedette misschien? Iemand die gekend was of beroemd zelfs? Een artieste of zo? Fier als een gieter vertelde de man in geuren en kleuren over z'n talentrijke vriendin, de 'echte óperazangeres'. De beide dames waren zwaar onder de indruk en vroegen zich luidop af of die bijzondere diva dan misschien ook hun mooie halssnoer bij concerten en zo zou gaan dragen... Het enthousiaste bevestigende antwoord van hun klant maakte hen buitengewoon gelukkig. Zo geweldig verrukt zelfs, dat ze hem bij het halssnoer pardoes ook de bijpassende armband inpakten. Gratis. Voor de diva. Met hoogachting. En voor de vriendschap. Met warme genegenheid.
Afgelopen Pinsterzondag, aan het eind van de misviering die ik als zangeres mocht opluisteren, kreeg ik, in de wandelgang richting welverdiende kop koffie, zonder veel omhaal of uitleg, een beetje in de rapte en bijna ongezien, van goeie vriend Jef een vermoedelijk in z'n koffer ietwat verfromfraaid geraakt wit pakje met blauwe letters toegestopt. In het bijzijn van ons moe, enkele andere bijzondere vrienden en een handvol fans –allemaal minstens even nieuwsgierig als ik zelf- opende ik, sowieso al ontzettend blij verrast, voorzichtig de papieren verpakking. Wauw, wat mooi! Alle aanwezigen waren het er roerend over eens: dit speciale halssnoer met bijpassende armband stond me ge-wél-dig! En die kleuren? Alsof ik ze zelf uitkoos, zo passend!
Beste Jef, dit is echt een schitterend cadeau. Ik ben er helemaal weg van! Het zal zeker en vast te pas en te onpas verschillende van mijn outfits vervolledigen. En dat er op de koop toe -met uiteraard ook bijzonder veel dank aan die lieve en meer dan behulpzame Griekse dames van het juwelierswinkeltje- nog zo een plezierig verhaal aan vast hangt, maakt het alleen nóg maar mooier. 💗


vrijdag 1 februari 2019

2 x Carmina Burana.

Hoe vaak heb je het geluk redelijk kort na elkaar 2 x dezelfde monumentale muziekcompositie live te kunnen beluisteren?... Dat mocht ik dus beleven met de meer dan beroemde 'Carmina Burana' van Carl Orff!
De eerste voorstelling van het geweldige werk woonde ik bij afgelopen oktober in een uitverkochte Singel in Antwerpen op een speciaal avondje uit in het voortreffelijke gezelschap van vriendin Lena. Beste vriend Roger, Will Ferdy en Marleen Van Lysebetten waren ook van de partij, maar zij zaten elders in de zaal. Onze goede vriendin Marleen Van Holder, voor de 'fans van jaren' beter gekend als onze hele eigenste, super sympathieke vaste violiste bij o.a. de kerstconcerten, maakt namelijk deel uit van het OVSO, het Oost Vlaams Symfonisch Orkest, dat die avond zou spelen, en daar wilden wij uiteraard maar wat graag bij zijn!
Met een geweldig mooie en intens doorleefde 'Rhapsody in Blue' van George Gershwin, met als solist pianist Bart Truyens, ging het concert van start. Wij genoten. Na de pauze volgde de 'Carmina Burana'. Het reeds omvangrijke orkest o.l.v. Geert Baetens, breidde uit met wel 2 pianisten en een handvol extra slagwerkers, en zij kregen het gezelschap van niet minder dan wel 5 koren! Indrukwekkend. En dat sloeg niet dus niet alleen op het uitzicht...
Het enthousiasme op het podium werkte aanstekelijk, en al gauw zat de hele zaal zowat op het puntje van z'n stoel, meegevoerd door de grootsheid van het werk, maar zeker ook door de grootsheid van de uitvoering. Fenomenaal om zoveel muzikanten collectief intens deugd te zien hebben aan het samen musiceren. Wat een kracht ging er van uit, wat een levensvreugde, vurig en onstuimig. Alles wat zo een compositie nodig heeft om werkelijk tot z'n recht te komen. Ook zalig om die slagwerkers eens voor een keertje zonder zich te moeten inhouden 
totaal uit de bol te zien gaan. Goeie solisten overigens. 'k Was vooral hélemaal weg van de sublieme tenor solo... 
Een schitterende keuze trouwens om deze beide werken op het programma te zetten, want -ik had er ook nooit eerder bij stil gestaan- de jazzy klanken en ritmes van Gershwin hoor en voel je zowat overal in de bewerking van de middeleeuwse drinkliederen door Carl Orff terug. En we vonden het fantastisch! Onze aandacht verslapte geen seconde, zo geboeid als we waren door zoveel muzikaliteit en inleving, en de tijd vloog veel te snel voorbij. De staande ovatie aan het eind was dan ook dubbel en dik verdiend!
Ons gezelschap stortte zich nog vol goede moed in de wat overweldigend volle en ontzettend drukke gelagzaal. En ja, dat moest toch écht nog even, al was het maar om onze Marleen op te snorren voor een hele persoonlijke dikke proficiat, trots als we op haar zijn.
Met het prachtige programmaboek, met 
-wauw!- álle teksten en vertalingen erin, stevig onder de arm gekneld keerden we, vervuld van muziek en met een gelukzalig voldaan gevoel, bijzonder tevreden huiswaarts. Heerlijk!
Het tweede concert met de 'Carmina' op het programma maakte deel uit van een verrassingsdagje Oostende afgelopen zondag, ter gelegenheid van m'n aankomende verjaardag, volledig georganiseerd -of zal ik voor de gelegenheid 'georkestreerd' zeggen?- door goede vriend Jef, en met natuurlijk ook het meer dan uitstekende gezelschap van Roger. De ijskoude, snijdende stormwind deed z'n uiterste best om ons de zeedijk af te blazen, maar dat hield ons niet tegen. We vochten ons, wind op kop, lachend, klappertandend en bibberend een weg naar het Casino-Kursaal, want de affiche was bijzonder veelbelovend. Het 'Czech Symphony Ochestra and Choir Praque' zou zowel het 'Requiem' van Mozart als de 'Carmina Burana' van Orff brengen. En geloof me, da's een absoluut monsterprogramma. Puur als zanger weet ik dat je na elk van deze werken apart absoluut pompaf zijt, en voor het orkest zal dat wel niet veel schelen. Beide werken samen brengen is dus een waar huzarenstukje. Daarenboven staan stemmen uit wat men de 'Slavische landen' noemt, gekend voor hun kleur en hun kracht. Ik moet het eigenlijk niet zeggen: we zagen het helemaal zitten! En wij niet alleen, want het Kursaal zat afgeladen vol, 2000 mensen!...
Het 'Requiem' was eerst aan de beurt. En dat was perfect. 't Is te zeggen: qua noten, intonatie, dynamiek... Qua inleving was het leeg. Er zat niets hart of ziel in, geen spatje emotie, niks. Alsof ze het ondertussen al 100 maal gebracht hadden en het nu op automatische piloot -"zucht, duurt dat hier nog lang"- en met -"zucht, wanneer gaan we naar huis"- hun gedachten elders, ver weg van hier, nog wel eens een keertje deden -"allé, vooruit, zucht"-. Ik zat echt te wachten op een sprankje vuur, een vleugje bewogenheid, een teken van leven... Tevergeefs.
En het was echt niet slechts mijn persoonlijke -inderdaad meestal nogal onverbloemde en vierkante- mening. Ook de mij ongekende mensen naast me, en Jef en Roger, die eerlijk toegeven er weinig over te weten, misten over de hele lijn diepgang en emotie.
Maar hoopvol en positief als we zijn, bleven we reikhalzend uitkijken naar het tweede deel na de pauze. En ja, hoor, bij het uitvoeren van de 'Carmina' zagen we een ietwat meer enthousiast orkest en koor. Dit deden ze duidelijk veel liever, maar... Oei. Door die opgetogenheid werd alles verschrikkelijk slordig. Ik deed vreselijk m'n best om gewoon zonder gedachten, alles loslatend, van de muziek te genieten, ze over me heen te laten stromen, maar werd telkens weer met een snok uit m'n pogingen gerukt bij opnieuw valse noten, ongelijke inzetten, decalerende partijen... Ja, ik heb genoten van de stralende trompettensectie, die was geweldig. En wauw, de tenoren van het koor, dat zal je hier niet zo snel vinden, echt sterk. En onze verwachting qua Slavische stemmen werd ook nog ingevuld door de piepkleine bassolo door één van de koorleden. Nondepitjes, wat een ontzettend prachtige stem had die man, zeg! De kleur, de kracht, de voeling, de inleving... Werkelijk for-mi-da-bel! Die hadden ze vooraan moeten zetten... Want de solisten... Breek me de bek daar maar niet over open. Pfffft... Jammer, zoooo jammer. En jammer ook van de centen voor die behoorlijk dure luxe plaatsen.
Er werd tijdens de uitvoering links en rechts al eens, 
soms zelfs tíjdens een deel, totaal ongepast en storend, enthousiast geapplaudisseerd -al vreemd genoeg voor mij-, maar aan het eind vond ergens in het publiek iemand het toch absoluut en met overtuiging een staande ovatie waard. En al gauw stond uiteraard het grootste deel van de zaal recht. Ik zat, efkes totaal mijne kluts kwijt over zoveel onterecht en onbegrijpelijk eerbetoon, in m'n rode fluwelen zetel met moeite een mini applausje te forceren. Bizar. Maar misschien ligt het aan mij, dat kan. Staande ovaties horen voor mij uitsluitend en alleen na dingen die mij op een fantastische, liefst positieve manier meer dan volledig van m'n sokken geblazen hebben. Dan en dan alleen. Als ultieme hulde aan iets dat absoluut alles-overstijgend was.
In dit geval dus -woehoe- een vurige staande ovatie voor m'n gezelschap, want al bij al was het toch een erg mooie dag. Eentje om te koesteren.

2 x 'Carmina Burana', 1 geïnspireerde en 1 teleurstellende, maar 'k heb toch van allebei veel opgestoken. 2 x 'Carmina Burana' in uitstekend gezelschap, telkens heel anders, doch altijd super gezellig. 2 x 'Carmina Burana', en de muziek zit voorlopig muurvast in m'n hoofd, en ze zingt, en zingt, en zingt... 🎶😄🎶 

 

woensdag 22 augustus 2018

Schone schelpen.

Het begon allemaal heel erg lang geleden, toen ik als ukkiepukkie op het strand in Cadzand m'n eerste schelpjes in een emmertje deed. Schelpjes rapen op het strand is een specifieke bezigheid, een soort fase zeg maar, die de meeste mensen vanzelf ontgroeien -allé, dat vermoed ik toch- maar bij mij is dat dus nooit over gegaan, in tegendeel zelfs.
Het zoveelste emmertje vol ondefinieerbaar spul maakte plaats voor glazen bokalen met al wat meer uitgezochte exemplaren, en nog eens zoveel later werden de gekoesterde vondsten netjes geklasseerd, met zelfs naamkaartjes erbij, op watten en keukenpapier in platte kartonnen deksels en dozen, die op hun beurt allemaal een uitgemeten plekje kregen in een daar speciaal voor aangekochte grote houten koffer, mijn schelpenschatkist. Tenminste, dat geldt vooral voor de kleinere soorten, want de echt grote en zeker de unieke schelpen, die hebben altijd al uitgestald gestaan. Uiteraard om alle dagen hun schoonheid te bewonderen maar ook om ze wat makkelijker af en toe nog eens koesterend in de hand te kunnen nemen. Heel behoedzaam worden ze steeds netjes afgestoft en regelmatig, zeker als er iets nieuws bij komt, etaleer ik alles nog eens op een andere manier op de hoge ladenkast in m'n slaapkamer.
Ja, je kan echt wel zeggen dat ik ontzettend van schelpen hou. En al heb ik wel m'n favorieten natuurlijk, die liefde gaat uit naar echt àlle soorten. De plattere, in o zo veel vormen en maten, die altijd met z'n tweeën met een soort scharnier een huisje vormen, maar ook de vele diverse 'gedraaide', die van de slak- en kreeftachtigen. De halfgeknotte, de rechtsgestreepte, de zwakgeribde, de geknobbelde, de gedoornde... ik vind ze allemaal even fraai. De ruwe ribbels van sommigen, de grillige uitsteeksels van anderen, de elegante krullen, de eindeloze windingen, de sensuele gladde rondingen, het zacht glanzende paarlemoer, de decoratieve patronen, strepen en vlekken, de verrassende kleuren... De fantasie, creativiteit en vindingrijkheid van Moeder Natuur is werkelijk fenomenaal. En ik, ik vind het prachtig. Soms verwonder ik me gewoon alleen al over hoe ontzettend groot schelpen wel kunnen zijn, of hoe ietsiepietsie pietepeuterig prullerig klein... En zelfs hun namen zijn meestal geweldig leuk. Wenteltrapjes, zaagjes, nonnetjes, slijkgapers, kokkels, messchedes, tepelhorens, muiltjes, paardenzadels, pelikaansvoeten, boormossels, alikruiken... Alles samen maakt het die collectie schelpen tot een kostbare schat voor mij, met altijd weer reden tot bewondering en verwondering. Kijken, voelen, herontdekken, opzoeken... uren lang kan ik van die verzameling van genieten.

Door de jaren breidde de collectie stilletjes aan behoorlijk uit. Sowieso kom ik van elk bezocht strand wel weer met iets leuks, en uiteraard zelf van het zand opgepikt, in m'n zakken thuis. Maar de meest uitzonderlijke en zeker die prachtige exotische schelpen, de soorten die je ab-so-luut niet aan de Belgische of Nederlandse kust zult tegenkomen, of 't zou in een souvenirwinkeltje moeten zijn, die schitterende schoonheden vind ik -soms voelt het meer als 'red ik'- vooral in tweedehandswinkels en op rommelmarkten. En ondertussen weten de meeste van m'n goede vrienden ook van het bestaan van mijn verzameling, dus geregeld komt er nog wel eens iets, al dan niet 'van op vakantie', mijn richting uit. Super tof!
Op die manier hangt er trouwens aan de meeste van mijn zeejuweeltjes een klein verhaaltje vast: de al dan niet spannende of grappige story van hun herkomst. En dat maakt de verzameling als vanzelfsprekend extra leuk. De allergrootste schelp die ik bezit bijvoorbeeld, die diende oorspronkelijk, lang geleden, ergens in de jaren 70, als een soort plantenschaal. Zo heb ik ze ook gekregen: met plantjes er in. Een ander fraai en bijzonder gekoesterd kleinnood, een wondermooie zeeoor, lag vroeger bij grootva en grootmoe op het dressoir, en heel af en toe mochten wij als kind die, uitermate voorzichtig, op het angstvallige af, eens tegen ons oor houden om de zee te horen. Die hele stapel grote donkerbruine ultra platte en hoogglanzend schelpen kreeg ik van een toenmalige jonge vriend van m'n ouders omdat hij per ongeluk op één van m'n allermooiste exemplaren was gaan zitten, met alle gevolgen van dien. Enkele hele speciale zullen me voor altijd aan Roger herinneren, omdat hij er, totaal ongegeneerd -tot mijn grote gêne-, zeer ernstig en met vuur zwaar op af dong op één of andere rommelmarkt, en ik ze aldus voor een prikje te pakken kreeg. Allé, ik kan zo nog lang blijven vertellen, hoor, zoveel plezante herinneringen en associaties...
Afgelopen maandagavond, vlak voor de voorstelling van de opera Turandot die we in Kinepolis zouden gaan beluisteren en bekijken, stak vriend Jef me met een geamuseerde glimlach een klein geschenkje toe. In de stevige witte papieren servet zaten 2 grote wulkenschelpen gedraaid. "O, wauw" zei ik blij, en vervolgde met enig ongeloof omdat ik zelf op die uitgestrekte, bijzonder gladde stranden bij zijn appartement nooit iets interessants schelp-achtig zag liggen: "Heb je die in Oostende op het strand gevonden?!" "Maar nee, gij", antwoordde hij een beetje gespeeld laconiek, "dat was m'n avondeten gisteren!" En ik kwam bijna niet meer bij van 't lachen!... 
Maar 'k heb het geweten, hoor, dat ze 'vers' van gisteren waren...
Stinken! STINKEN!!! Dat het geen naam heeft! Nooit eerder meegemaakt. Weerzinwekkend afschuwelijk, zo een stank. Zelfs de poezen, die, gelokt door het ongekende nieuwe 'aroma', uiteraard
 meteen op m'n tas af stormden, vielen zo ongeveer ter plaatse van hunne sus! Kokend water, een javelbad, straf ontsmettingsmiddel, schrobben met tandpasta (schelpen-schoonmaak-tip van één of andere natuursite), kletsnat gespoten met Fébrèse... het mocht voorlopig allemaal niet baten. Als laatste redmiddel heb ik nu de natuur zelf ingeschakeld: de schelpen liggen in de aarde van een bloembak op het terras. Zo kunnen de kleine kriebelkrabbelknabbelkruipbeestjes en de andere buiten-elementen op 't gemakje hun opruimende en reinigende werk uitvoeren.
En als die twee keurig gekrulde slakkenhuizen over een tijdje eindelijk als 'schone' schelpen de collectie mogen komen vervoegen, kan ik, tussen alle andere herkomstverhaaltjes door, met gepaste dramatiek en binnenpretjes vermelden: "En die twee, die werden door Jef opgegeten!!!"😄



zaterdag 11 augustus 2018

2 + 2 = WAUW!

Ja lap, hier zit ik nu, zie, met m'n handen in m'n haar. Ge geraakt als schrijfster wreed in de problemen als ge zwaar in herhaling dreigt te vallen... Tja, niks aan te doen. Er zit niets anders op dan maar wéér eens over 't zelfde onderwerp te schrijven en op de koop toe met de ondertussen bijna vertrouwde superlatieven. Gisteren namiddag had ik namelijk wederom de eer, maar voorál het genoegen, bij een erg bijzonder orgelconcert aanwezig te zijn...
En als je nu als lezer zoiets hebt van 'Zeg, Kristina, dié verhaaltjes kennen we nu al wel!', dan staat het u uiteraard vrij van dit blogje meteen weer te sluiten en elders te gaan scrollen. Maar ik vermoed dat u stiekem, ergens diep vanbinnen, tóch wil weten wat er, na al die vele andere orgelvertelsels, dan wel zooo speciaal aan dít concert was, dat ik er alsnóg een blog aan wil wijden!... Heb ik gelijk, of heb ik gelijk?... hihihi
U bent vast en zeker wel eens in de wereldberoemde kathedraal van Antwerpen geweest. Zelfs los van elke vorm van religie maken de prestigieuze architectuur en illustere kunst een bezoekje zeker de moeite waard. En nu het indrukwekkende Schyven orgel na lange en minutieuze restauratie weer helemaal in elkaar gepuzzeld is, beter dan nieuw hoog op het oksaal achteraan in de kerk staat te blinken en z'n wondermooie klanken als vanouds naar beneden strooit, is het bijwonen van een concert in zulke unieke ruimte bijna een must. Maar... deze kathedraal is nóg een orgel rijk. Het ietsje kleinere, maar eveneens imponerende Metzler orgel hangt vooraan rechts, daar waar schip en dwarsschip kruisen, hoog en droog tegen een enorme steunpilaar aan geplakt. Het heeft iets van een gigantisch, sprookjesachtig vogelnest met torens en kantelen. 
Dat er meerdere orgels staan komt hier en daar nog wel voor, maar dat beide instrumenten tegelijkertijd bespeeld worden, zoals nu in dit duo-concert, dat is hoogst uitzonderlijk. En dat hadden nog mensen begrepen, merkten we meteen bij aankomst. Samen met vriend Jef en vriendin Myriam arriveerde ik bijna een uur op voorhand ter plaatse, maar desalniettemin stond de rij concertgangers al tot ver buiten aan te schuiven. De kathedraal liep volledig vol. Ook imposant om te zien, zo op een zonnige vrijdag vlak na de noen.
Organisten van dienst: Peter Van de Velde en Peter Maus! U begrijpt meteen dat dit voor mij het hele gebeuren zo mogelijk nóg bijzonderder maakte. Twee fantastische muzikanten -waarmee ik zelf als zangeres al zo vaak heerlijk mocht samenwerken-, twee uitzonderlijke instrumenten, vijf fenomenale muziekwerken en alles in een sensationeel kader. Het is bijna te veel van het goede...
Na een korte uitleg over de orgels en de uitvoerders van het concert, vergezeld van de aanmaning plaats te nemen en telefoons af te zetten, alles voor alle duidelijkheid in wel vier talen -voor sommigen blijkbaar en jammer genoeg toch nog een taal te weinig...- rolden de eerste majestueuze tonen uit de pijpen van het Schyven orgel, meteen beantwoordt door de wat meer introverte klank van de Metzler. Al snel ontwikkelde zich een intense dialoog tussen beide. Een ontzettend boeiend spel van afwisseling, ondersteuning en vermenging. Gezeten in het midden van de ruimte viel het eerst nog goed te volgen welk orgel er aan het woord was. Leuk om expliciet naar te luisteren. Maar lang duurde dat niet. Met het complexer worden van de door het enorme gebouw buitelende, in elkaar strengelende muzieklijnen vielen de twee instrumenten nog nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Elke vierkante centimeter onder de eeuwenoude monumentale gewelven vulden ze met hun prachtige samenspel en de combinatie van hun hele eigen stem. Mijn gedachten vielen stil, mijn gezicht bleef op 'hemelse glimlach' vast zitten, het pure genieten nam volledig over. Terwijl de middagzon in kleur door de glasramen naar binnen rolde, luisterde het voltallige publiek ademloos naar grootse werken van o.a. Langlais, Weitz en Gigout, voor de gelegenheid herschreven voor twee orgels. Ik zelf verdween zodanig in de ontelbare, prachtig uiteenlopende klankkleuren dat ik echt schrok toen Jef naast me even kuchte. En Myriam, die maakte zich zorgen over de bijna beangstigende stilte tussen de stukken. Zij had graag élke keer een meer dan laaiend applaus gegeven. Maar dat applaus, dat kwam er, en hoe! Het werd een staande ovatie! Terecht, volkomen terecht. Absoluut.
Tijdens het concert had ik me zitten afvragen hoe die twee organisten zonder elkaar te kunnen zien, met die enorme afstand tussen hun instrumenten en de natuurlijk galm van de kathedraal die aartsmoeilijke stukken überhaupt zo schitterend samen en zonder enige vorm van décalatie -toch niet door mijn oren opgemerkt- of wat dan ook gespeeld kregen. Dat het verbazingwekkende, net niet laconieke antwoord 'puur op gevoel' was, maakte dit concert alleen nóg maar straffer. Ja dadde! Verbluffend. Wow!
"Dat was FAN-TAS-TISCH!" knalde er niet te onderdrukken uit me toen ik Peter Maus na het concert terug zag. En bijna geen blijf meer wetende met mezelf stond ik er in mijn gevoel kinderlijk enthousiast bij op en neer te springen. Mogelijk heb ik Peters verloofde Dolores mogelijk een keertje of twee teveel plat geknuffeld, maar dat kwam omdat ik m'n goede vriend-organist zelf even niet meer durfde vast grabbelen vanuit immens respect en ontzag...
Na nog een warme begroeting en dikke felicitaties aan het adres van de andere fenomenale Peter, de obligate blogfotootjes en een paar gezellige korte babbels met andere aanwezige organisten, muzikanten, dirigenten,... was ik eigenlijk te opgedraaid om nog rustig en uitgebreid de hele kathedraal te bezichtigen. Al dat oogverblindende fraais kon er precies niet goed meer bij. We deden toch nog een klein toerke en ik stak een grote noveen kaars aan. Als dank en als zegen. En voor dat immer sluimerende, weer even opgerakelde muzikale vuur en verlangen in mezelf.
Na een terrasje met kopje koffie, een paar boodschapjes in de stad en tot slot een ijsje in het goed gezelschap van vriend Jef vond ik, doodmoe -mijn (orgel)pijp was echt vollédig uit-, m'n innerlijke rust weer terug. Ik besef dat wij gisteren iets zeer uitzonderlijks en sensationeel uniek mee maakten. De totale diepgang hiervan dringt voorlopig nog niet tot mij door, maar dat het buitengewoon bijzonder was, daar mag je zeker van zijn. 
Twee sublieme orgels + twee fenomenale organisten = een exceptioneel concert! 
Of samengevat: 2 + 2 =WAUW! 😉



zaterdag 7 juli 2018

Tussen kerk en pastorie gewoon een perfecte dag.

"Hey Kristina! Gij weet toch dat het concert morgen in Neeritter (NL) is? En begint om 10u?" Gewekt door de voetbalfestiviteiten hier overal in de buurt opende ik midden in de nacht nog even m'n berichten op de computer en zag deze toch licht bezorgde boodschap van organist en vriend Peter Maus. Ik had eerder diezelfde dag op een repetitiebericht van hem gereageerd 'dat wij er ook bij zouden zijn'. En anderhalf uur rijden, enkele rit, voor zo'n klein concertje van ongeveer een half uur... Tja, begrijpelijk dat het toch toch een beetje ongewoon, en mogelijk volledig ongeloofwaardig over komt, zeker uit de mond van iemand als ik, die zelden of nooit ergens naar toe geraakt... Maar, wij wisten heel goed waar we aan begonnen! Dit was zelfs al maanden geleden netjes afgesproken. En waarom ook niet. Goede vrienden -Roger, Jef en ik- samen in een comfortabele auto, gezellig een dagje uit, met geweldig stralend weer, en dan op een ongekende plek waar je anders nooit zou geweest zijn, mogen luisteren naar een mooi concert van een ook al zo fijne vriend. Meer redenen hoef je toch niet te hebben, hé. Omdat we, heel verstandig rekening houdend met allerlei mogelijke vertragende factoren tijdens onze reis, zeer goed op tijd vertrokken waren, arriveerden we, uiteraard, veel te vroeg. Maar niet getreurd: al meteen spotten we koffiehuis/lunchroom 't Pastorieke, waar met wijd openstaande deuren nog ijverig gedweild werd. Officieel waren ze nog niet open, maar indien we op het terras wilden zitten, serveerden ze ons met plezier alvast koffie! Van gastvrijheid gesproken! Dat kan tellen, vind ik. En die bijzonder verzorgde koffie in de uiterst gezellige binnentuin smaakte fantastisch!
Al even goed op tijd wandelden we richting het kleine kerkje om alvast een goed luisterplekje uit te kiezen. Vol enthousiasme begroette ons Daniel Vanden Broecke, coördinator van 'Het orgel in Vlaanderen', de vzw die mede instond voor o.a. dit concertje dat deel uit maakte van een grote orgel-concertreis. Al snel liep dan ook het kerkje volledig vol met de dames en heren geïnteresseerden uit de twee, ondertussen ook aangekomen, autobussen.
Omdat zijn keurig doorgegeven programma jammer genoeg ergens tussen de voegen van de communicatie sukkelde en verloren ging, was een bijzonder nerveuze Peter Maus genoodzaakt zijn voor dit concert uitgekozen werken in hoogst eigen persoon aan te kondigen. Lastig karwei als je dat niet gewend bent... Eenmaal op het hoogzaal aan de speeltafel van z'n instrument voor die dag voelde hij zich duidelijk meer op z'n plaats en een heel stuk comfortabeler, want al spoedig dwarrelden er allerlei prachtige melodieën naar beneden. Spijtig genoeg onthield ik het volledige programma niet, maar Peter startte met het ingetogen feestelijke en bijzonder fraai bij de dag, de ruimte en het instrument passende 'Der Tag, der ist so freundenreich' van Pachelbel, waarna de uitgevoerde werken 
vol kwinkelerende klanken in duizenden kleuren elkaar opvolgden in stijgende lijn, zowel qua intensiteit als qua uitgesproken vreugde, om te eindigen in een orgelimprovisatie van de bovenste plank, waarvoor het instrument links en rechts nog een paar pijpen bijgestoken leek te hebben. Persoonlijk vond ik het applaus een beetje slapjes, Peter's inspanning verdiende meer. Maar misschien ben ik gewoon meer 'vervoering' gewend, hé...
Na het nemen van wat leuke foto's met onze organist-vriend -natuuuuurlijk!- en een kleine geanimeerde meet-and-greet vertrokken de bussen voor het vervolg van de excursie. Peter bleef in de kerk om een aantal begeesterde zielen die zelf de orgelklavieren eens wilden beroeren wegwijs te maken. En wij? Wij kuierden op 't gemakje terug naar daar waar het goed was, naar 't Pastorieke! Eigenlijk hadden we er bij nog meer lekkers van de drankenkaarten -in dit geval een La Trappe, een ijskoffie en een cappucino- willen bespreken wat we met de rest van de dag zouden doen. Maar zo zalig gezeten, in die knusse zeteltjes, daar in die gezellige binnentuin, in al die weidse vredige rust en heerlijke frisse lommerte, en met al die vriendelijke mensen om ons heen, ontnam de sereniteit en harmonie ons elke vorm van inspiratie. Er viel niets meer te bedenken, of toch zeker niets beter... En dat hoefde ook helemaal niet.
We vroegen de kaart met alle lekkere hapjes en ondertussen bestelden de heren allebei alvast een ijsthee van een kaart geheel en volledig gewijd aan een uitzonderlijk brede keuze van deze nooit eerder geziene uitermate verfrissende drank. En over die 'Sisi', die ik, nostalgisch, percé wou drinken, zullen we vermoedelijk nog lang de grapjes mogen aanhoren, vrees ik... 
Met ongelofelijk veel vriendelijkheid en oog voor detail werd onze tafel netjes ontruimd van lege glazen en gedekt voor onze lunch. En toen die met veel zwier voor ons neergezet werd, ontsnapten er aan alle drie onze monden allerlei bewonderend kreten. Het zag er werkelijk prachtig uit, en zo smakelijk, en gul, en zonnig, en... "Wel netjes jullie borden leeg eten, hoor" zei de dame in koksoutfit met een heerlijke giechel en een vette knipoog, "anders moet er afgewassen worden!" Roger en Jef smikkelden en smulden van hun erg originele bord met een soepje en kleine versies van de verschillende speciale broodjes van het huis. En ik kon m'n geluk niet op met dat grote, meer dan overheerlijke speltbroodje met brie, rucola, noten en honing. En, op de koop toe, viel de prijs van al deze heerlijkheden absoluut onder de noemer 'zeer democratisch'. Maar geloof me, wij hadden indien nodig met heel erg veel plezier een enorme berg afwas gedaan voor deze zalige gerechtjes!
Geheel bij toeval ontdekten we dus een ongelofelijk fijn adresje, daar in het verre Neeritter, in die oude geklasseerde pastorie. Een plekje dat eigenlijk op zich al meer dan de moeite waard is om, zoals wij, even 3 uur in de auto te zitten... Doch bij het verlaten van het dorp merkten we verschillende aanduidingen van allerlei toeristische routes op, zowel voor de minder sportieve autoliefhebbers als voor dartele wandelaars en lustige fietsers. En elk van deze routes slingert zich vrolijk zigzaggen over de Belgisch-Nederlandse grens heen en terug. Nog een extra reden om je ook eens -of nóg eens- tot daar te begeven, volgens mij.
"Such a perfect day..." neuriede ik met een zucht van geluk in de auto op weg naar huis. En Roger en Jef waren het er roerend mee eens. Of hoe een ogenschijnlijk doordeweekse dag ergens tussen een kerkje en een pastorie gewoon perfect kan zijn. 💗



donderdag 28 juni 2018

De zee.

Eindelijk weer eens die ene grote liefde gaan bezoeken nadat je ze al een jaar hebt moeten missen, je zou voor minder zenuwachtig worden, hé. M'n vrolijke rode-met-roze-cirkels-en-bloemen jurk hing naast de bijpassende handtas en schoenen netjes gestreken klaar. Alle andere spulletjes die ik dacht nodig te hebben voor de twee uur durende treinreis en de rest van m'n dagje-uit stond al keurig ingepakt in die leuke roze boodschappenmand naast de voordeur, klaar voor vertrek. Nu nog juist één nachtje slapen en... En dat lukte dus niet. Er is natuurlijk altijd een beetje de angst de wekker niet te horen, maar in dit geval lag de schuld van deze woelige en slapeloze nacht vooral bij het onschuldige, maar voor mij zeer betekenisvolle liedje in m'n hoofd. En op zo'n moment plots niet meer verder raken dan die eerste twee lijnen is dan absoluut nefast. Dus, bed uit en opzoeken maar. Voor alle zekerheid schreef ik de tekst volledig over en stopte hem ook bij de mee te nemen spulletjes.
Ondanks een klein houten kopke, wegens het slaaptekort en het niet afhoudende liedje, verliep m'n reis probleemloos en voorspoedig. En op de koop toe was het erg gezellig, dank zij de geweldig aangename babbel met Monique die ik op de trein leerde kennen. Van het eindstation nog even drie haltes met de tram; dan de onstuimige vreugdevolle begroeting met m'n opgetogen glunderende goede vriend en gastheer voor deze dag, Jef; gevolgd door nog één piepklein straatje wandelen en... daar was ze dan eindelijk: de zee!
Ik hou zielsveel van m'n planten-oerwoud, met m'n poezenschatjes er tussen, in de kamers van m'n dierbare flatje en terras,
maar daarnaast heb ik ook absoluut mijn hart aan de zee verpand. En daar was ze weer, voor zo wijd ik, lichtjes naar adem snakkend, kon kijken, langs kilometers plat, effen strand: die o zo geliefde zee. Eindeloos ver strekkend, immer van kleur veranderend, en met behoorlijk stormachtig geweld gekroond door grote witte schuimkoppen in brede golven brekend op het als een biljartlaken zo glad, schijnbaar oneindige zandstrand. Ik kan me niet herinneren haar ooit in zulke onbegrensde fenomenale, en lichtjes overdonderende glorie te hebben gezien.
De rest van de dag zou het me steeds de grootste moeite kosten om er even van weg te kijken, van dit prachtige, spectaculaire zicht. Uiteraard lukte dat niet tijdens die heerlijk lange wandeling op het strand met de voetjes in het verrassend warme water, en, een hele tijd later, de hele weg weer terug op de boulevard natuurlijk ook niet. Tijdens de gezellig babbel bij de koffie in het super aangename appartement op de 8ste verdieping, gezeten aan de grote tafel tegen het van-muur-tot-muur-en-plafond-tot-vloer-uitstrekkende raam met panoramisch en volledig ongehinderd zicht op zee plakte ik als vanzelfsprekend bijna gehypnotiseerd aan het beeld vast. En zelfs in het restaurant, tijdens het overheerlijke verwen-drie-gangen-diner, was het zo goed als onmogelijk even van dat zalige vergezicht weg te blikken: Jef reserveerde ons namelijk een tafel voor twee personen náást elkaar, met in ons blikveld niets anders dan een stukje boulevard, het strand en de zee met hier en daar een zeilbootje, helemaal tot aan de verre horizon. Hoe geweldig is dát!?
En ál die tijd, elke seconde van heel die mooie dag, en al net zo goed als de aantrekkingskracht van het prachtige panorama niet tegen te houden of te negeren, zongen in mijn hoofd opnieuw en opnieuw de strofen van dat ene liedje...
Ik vertelde Jef er over en las hem de tekst voor. En niet echt verrassend was zijn reactie zowat identiek aan mijn gevoel bij deze lyrics: "Dat is het! Dat is het écht! Dat verwoordt exact, maar dan ook écht exáct, wat de zee voor mij betekend! Alsof je de woorden letterlijk, hier en nu, in dit eigenste moment rechtstreeks uit m'n hart en ziel plukt! Ge-wél-dig!" Ook mijn emotie dus, toen ik het lied een aantal jaar geleden tijdens een concertenreeks met uitsluitend muziek van Will Ferdy -want, ja, inderdaad, dit is tekst én muziek van hem- zong. Het paste als op maat gemaakt, meteen aanvoelend als 'van mij persoonlijk', alsof het m'n eigen woorden waren. Terstond verliefd dus, op dit mooie liedje, net zoals Jef op dat moment, daar tegenover me aan de tafel.
En omdat ik sterk vermoed -goh, eigenlijk weet ik het wel zeker, hoor- dat velen onder jullie dezelfde herkenning in deze tekst zullen vinden, dezelfde ontroering, hetzelfde sentiment, dezelfde passie,... en ik mijn kinderlijk blije, onschuldig hartstochtelijke affectie voor die eindeloos prachtige, immer machtige, oneindig boeiende zee zelf niet beter zou kunnen neerschrijven, laat ik hier verder Will Ferdy aan het woord.
Dag zee! En tot de volgende keer, want al duurt het soms lang, ik keer áltijd naar je weer. 💙

De zee
De zee nam mij als kind reeds bij de hand.
Zij was mijn wonder-sprookjesland,
‘t decor van al mijn kinderdromen.
De zee, zij was de toevlucht van mijn jeugd.
‘k Vertrouwde elke pijn en vreugd’
toe aan haar eeuwig gaan en komen.
De zee zag ooit, bij ‘t schijnen van de maan,
mij met mijn eerste liefje gaan
of hoe ik wachtte, ongeduldig.
Wat waren wij toen nog onschuldig,
maar ook gelukkig, bij de zee.
                    De zee heeft ook mijn groot verdriet gegist
                    en zacht de stappen uitgewist
                    van twee verloren mensenkinderen.
                    De zee begreep mijn wanhoop en mijn pijn,
                    mijn angsten en mijn eenzaam-zijn.
                    Bij haar zag ik mijn leed verminderen.
                    De zee heeft mij, na stormen van één nacht,
                    opnieuw de rust teruggebracht,
                    zodat ik weer haar lied kon horen.
                    ‘t Leven werd mooi, zoals tevoren;
                     zoals het eenmaal was aan zee.
 De zee heb ik zo vaak herkend in mij,
met haar steeds wisselend getij,
met al haar stormen en haar vrede.
De zee zal steeds opnieuw mijn toevlucht zijn,
getuige van mijn vreugd’ en pijn,
want elk geheim deel ik haar mede.
De zee, die al mijn liefdes heeft gekend
en hoe mijn lot zich heeft gewend,
in goede en in kwade dagen,
zal nooit mijn liefde zien vervagen.
Ik blijf de minnaar van de zee.
                    Lalalalala...
                    Ik ben de minnaar van de zee.