dinsdag 26 april 2016

Fenomenaal, die Floraliën!

Op een zondag om 6 uur uit je bed moeten, dat lukt bij mij alleen als er iets geweldig leuks gepland staat! En zo bevond ik me vrolijk ongeduldig, fris gewassen en klaar voor wat een super daguitstap beloofde te worden, om 7u30 reeds aan de tramhalte. En het begon al goed: 45 minuten lang geen tram. Zucht. Eindelijk toch in Antwerpen Centraal geraakt restte me nog juist 4 minuten om een ticketje te kopen én de trein naar Gent te halen. Gelukkig had die 2 minuten vertraging en stond hij op perron 1, da's gewoon boven in de grote hal, waardoor ik er, nog nét op tijd, totaal buiten adem van het trappen op crossen, in kon springen. Hoera! Zo begon m'n dag Floraliën met vriendin Marleen. Hoedje op tegen de regen, jas-sjaal-handschoenen tegen de kou, zonnebril voor mocht de zon schijnen, een beetje zakgeld voor de lekkere trek en een leuk souvenirtje, en m'n camera met in totaal 4GB aan fotokaartjes om het allemaal vast te leggen.
Marleen stond me al op te wachten in het Sint Pietersstation en schoot bij de imposante bloemenopstelling aldaar meteen de eerste kiekjes van de dag.
We begonnen ons parcours in de Bijloke. Aan de inkom kregen we allebei meteen een polsbandje omgesnoerd om overal in en uit te loggen, want veiligheid boven alles, en tevens diende dit als betaalmiddel -waar je uiteraard zelf centjes op moest zetten- want de Floraliën zijn vanaf dit jaar 'cashfree'.
Maar, ondanks de vele infostanden, stewards, agenten, enz. -allemaal van enorm goede wil- zaten er in zowel die veiligheid als in dat centenvrij-zijn toch wel wat gaten, hoor... Geloof me, 't was wreed sukkelen met momenten. 
We zagen spannende bamboe kunstwerken, de rustgevende Japanse tuin, een enorme verzameling prachtige bonsai's, een massa bijzonder fraaie Gentse azalea's en de Cocon, een soort futuristisch huis van ronde kamertjes gevlochten in natuurlijke materialen en behangen met allerlei levende planten in potten en manden. De film 'Waterworld" kwam van ver in m'n gedachten.
Shuttlebus naar de volgende site? Niks voor ons! Wij hadden onze stevige stappers aan en alles lag op loopafstand. Volgende halte: de Leopoldskazerne, waar 'groen in de stad' gepromoot werd met een schitterend aangelegd mythologisch belevingsbos en groene gevels, voor verticaal tuinieren.
Ondertussen trakteerde Moeder Natuur ons overdreven gul op alle mogelijke seizoenen in één dag. Zwetend in de felle zon afgewisseld met bibberend van de ijskoude windvlagen naar dringend moeten schuilen voor plotse hevige slagregen en ware hagelbombardementen met zelfs hier en daar wat verdwaalde sneeuwvlokken tussen. Maar het bedierf de pret helemaal niet, in tegendeel zelfs. Heen en weer tussen rillen en bakken? Spannend, vonden wij!
Op de volgende site, het Sint-Pietersplein, was de lol was er voor mij wel even af toen ik, volledig geconcentreerd de vleesetende planten fotograferend, behoorlijk kortaf en hardhandig uit de weg geduwd, zonder pardon plaats moest maken voor 'monseigneur'. Misschien gek, maar bij dat woord denk ik altijd meteen aan een wijze kardinaal met een imposant karmozijnrood gewaad... maar, het was dus prins Laurent, omgeven door een volledige cameraploeg van de televisie, een bende niets ontziende, druk flitsende pers- en andere fotografen, aangevuld met een schare wild enthousiaste fans en een kudde elkaar verdringende kijklustigen. Wijs als we zijn lieten Marleen en ik die krioelende mensenmeute dan maar aan ons voorbij stromen. Zo konden wij tenminste weer op ons dooie gemak en zonder opgejaagd of 'ge-loopt-in-de-weg!' gevoel verder van al die sierlijke schoonheid genieten.
In de Sint-Pieterskerk bewonderden we het omstreden pronkstuk van deze Floraliën-editie: die reusachtige kleurrijke en sprookjesachtige bloemenluster.
En verder ging onze florawandeling, richting Citadelpark. Inspiratietuinen, 'Flower Power', 'Back to the Roots' op de allereerste locatie, bomen, struiken, azalea's, tuinplanten allerlei, groot en klein, in alle kleuren en geuren... Een ware bos-tuin in een enorme hangar. Wauw! En o o o, niet te vergeten: die ongelofelijk indrukwekkende begonia's, zo groot als je gezicht! Daar vielen de oooh's en aaaah's overvloedig uit m'n mond! Die wil ik! Voor m'n terras! O ja!
Vermoedelijk om de voorgang van de bezoekers niet te stremmen stond er eigenlijk nergens langst de hele route een bankje of zo om even, ondertussen genietend van een aangenaam uitzicht, de moede rug en voeten te laten rusten. En omdat we, ik weet niet hoe, behalve het occasionele doornatte en behagelde terrasje-zonder-meer, blijkbaar zowat alle mogelijke eet- en drankgelegenheden onopgemerkt voorbij liepen deden de honger en dorst stilaan bijna meer pijn dan ons zeurende lijf... 
Hadden we dan misschien toch een Würst van Jeroen Meus moeten soldaat maken, zoveel uren terug, aan het begin, in de Bijloke?...
Helemaal aan het eind van de boeiende bloeiende rondgang strompelden we, doodmoe maar wreed content -vooral omdat we het vonden- het zelfbedieningsrestaurant binnen. De meer dan welkome Griekse sla en frietjes met een Hoegaarden Rosé, voor mij, en het bord dampende Gentse stoverij, ook met frietjes, en een glas rode wijn, voor Marleen, smaakten echt onwaarschijnlijk verrukkelijk. Een excellent orgelpunt op deze dag!
Een uurtje later stond ik terug aan het zonovergoten Sint-Pietersstation, waar m'n kunstje van die ochtend nét niet opnieuw lukte: met nog 3 minuten te gaan trok ik opnieuw een sprintje, de trein stond nog aan het perron, maar 'k mocht er van de treinbegeleidster niet meer bij op springen. Koffietje dus.
Extreem gelukkig met de warme vriendschap, de massa's foto's en de leuke souvenirtjes plofte ik volledig voldaan rond 18u30 in m'n eigen zetel en... viel prompt in slaap. Doodmoe van de fysieke inspanning -minstens 30.000 stappen tussen ons getweeën- maar ook pompaf van al die meer dan fantastische indrukken van dit overheerlijke bloemen-uitje. O, wat ga ik hier nog lang van nagenieten, amai! En het opnieuw en opnieuw beleven begon al onmiddellijk: die meer dan 1.000 foto's, die we samen schoten, uitzoeken, bijwerken, knippen, plakken, van commentaar voorzien en in een album krijgen. En uiteraard, wat had je gedacht, doorloop ik de hele uitstap nogmaals van voren af aan met het schrijven van dit blogje! ;-)
Dank je wel, Marleen, dit was waarlijk een absolute bloemen-topdag! Fenomenaal, die Floraliën! ♥


zaterdag 23 april 2016

Japanse roze kersenbloesemwolk.

Àlle bloesem is verrukkelijk, absoluut, maar voor mij persoonlijk spant de geweldig overdadige en uitbundige grote roze bloemenwolk van de Japanse kerselaar toch écht wel de kroon!
Afhankelijk van zon, wind en regen is deze kwetsbare pracht elke lente slecht 1 à 2 weken te bewonderen, maar dat maakt al die schoonheid zo mogelijk nog kostbaarder. Ik probeer er zo intens mogelijk van te genieten, en al dat moois in me op te nemen, als het ware op te zuigen in elke vezel van mijn lijf, zodat dat intense gevoel van bijna kinderlijke vreugde een veel langer leven beschoren is dan die frêle bloesems zelf...
Vroeger woonde ik in een straat aan weerszijde geflankeerd door rijen van die roze reuzensuikerspinnen. Zoooo mooi was dat! Maar ondertussen zijn die, spijtig genoeg, op 4 of 5 na, allemaal gekapt, wegens te veel 'vuiligheid' bij het vallen van de miljoenen bloesemblaadjes...
Tegenwoordig moet ik tevreden zijn met slechts één zo'n boom, maar dat is dan ook wel echt een prachtexemplaar. En hij staat ideaal: vlak voor de receptie waar ik in een doorsnee week toch minstens 25 uur van m'n leven doorbreng. Werken met een meer dan schitterend uitzicht dus!
Deze kerselaar vormt niet alleen een fraai decor, hij is ook een bijzonder fijn en veelvuldig gebruikt gespreksonderwerp bij mij aan de balie. Zowel de collega's als de frequente bezoekers volgden met spanning de voortgang van de ontluikende knoppen. "Ja, 't is bijna zover!" "Krijgen we zon dit weekend? Dan staat hij tegen maandag volledig in bloei!" of heel simpel "Schoon, hé..."
En sinds vorig weekend staat die Japanse kerselaar in al z'n glorie te blinken in de zon. Dus vermoedelijk kan ik er nog een klein weekje verder van genieten, als het niet hard gaat waaien en/of regen tenminste. Maar zelfs als de bloemen verwelken en hun blaadjes loslaten verblijden ze m'n dagen nóg, dansend als roze sneeuw in de wind, tot ze op hoopjes bij elkaar geblazen en voor ze opgeveegd worden, de bestrating van de parking heel even extra kleur geven.
Afgelopen donderdag stond de kerselaar voor mij zo ongeveer op z'n mooist, dus schoot ik er -wat handig toch, zo'n smartphone- wat leuke kiekjes van.
En omdat een prentje zo vaak het geschreven woord versterkt -en andersom natuurlijk- en om jullie er ook een beetje van mee te laten genieten, geef ik vanaf hier het woord aan de plaatjes. Geschreven blog & roze beeldverhaal! ;-)


 
 
 

dinsdag 19 april 2016

Ecologische terras-oorlog, deel 2: een netelige kwestie.

Mijn plan om brandnetelgier te maken vond meteen ondersteuning bij Herta, een geweldig sympathieke collega op het werk, die me, indien ik dat wenste, gerust een pak brandnetels, volledig biologisch en vrij van pesticiden, uit haar tuin kon bezorgen. En zo een aanbod laat je niet schieten, dus: gisterenochtend overhandigde ze me een grote plastieken boodschappentas boordevol vers geplukte, nog nat van de dauw, fris lentegroene jonge neteltwijgjes. 
M'n hele shift lang stond die zak naast me op de grond achter de balie, gewoon, open, kwestie van al dat jeugdige groen niet te verstikken. 
Hilariteit alom bij m'n vertrek huiswaarts: een grote huisjesslak had zich gedurende de voormiddag via het plastiek ophoog gewerkt en zat nu op z'n gemak op de rand van de tas rond te kijken.
Grappig, zo'n supplementair huisdier-kado, maar toch liever niet nog eens een veelvraat extra op het terras... Er was wat overredingskracht nodig om hem, of haar, te overtuigen die inmiddels duidelijk vertrouwde zak los te laten. Maar uiteindelijk lukte het me toch om het beestje veilig en wel in het bosje langs m'n weg naar de bus 'vrij' te laten.
Met die nog steeds openstaande boodschappenbrandneteltas naast me op de bank viel het me tijdens de busrit op dat de mensen om me heen zowel bijzonder gefascineerd als met een lichte walging naar me zaten de staren. En ik begreep al snel waarom: er kwamen nóg 3 van die dikke huisjesslakken van tussen de netels gekropen, klaar om het openbaar vervoer te veroveren, veronderstel ik!... Er zat niets anders op dan ze, met de bijbehorende branderige jeuk op m'n handen als gevolg, terug tussen het groen te duwen en de zak, zo goed mogelijk, en duidelijke tot grote opluchting van m'n medereizigers, hermetisch dicht te knopen.
Maak je maar geen zorgen, op het laatste stukje van m'n vaste route, van de tramhalte tot m'n voordeur, heb ik die drie stiekeme passagiers, met natuurlijk -auw auw auw- nog meer geprik in m'n vel en vingers, van tussen het netelige groen gevist en ze met hun drietjes achtergelaten diep in een dicht bebladerde grote struik van een plantsoentje.
Op verschillende tuinsites had ik ondertussen gelezen dat je, door de alles overheersende, absoluut niet te harden stank die het gistingsproces van de brandnetels verspreid, het goedje best zo ver mogelijk van je huis en terras neerzet, ergens helemaal achterin de tuin of zo. Da's natuurlijk iets wat uitgesloten is als je, zoals ik, in een flatgebouw woont... En ik krijg ook liever géén slaande ambras met al die vele verdiepingen boven en naast me.
Er kon echter ook, door simpelweg een half uurtje koken, een dagje laten staan en dan zeven, m.a.w. zónder gistingsproces en bijgevolg ook zónder geurhinder, een extract van de brandnetels getrokken worden dat nog steeds prima werkt ter verdrijving van bladluizen. Da's dus ondertussen allemaal al gebeurd en er staat hier nu 4,5 liter wreed straffe brandnetel-heu...-'thee' -laat ik het zo maar noemen- klaar voor gebruik!
Maar voor ze de grote soeppot in gingen heb ik al de neteltakjes wél eerst, uiterst zorgvuldig en met m'n zelden gebruikte tuinhandschoenen aan, één voor één gecheckt op nog meer verstekelingen. Want als brave vegetariër eet ik uiteraard ook geen, al dan niet gekookte, escargots... ;-)


  
 


maandag 18 april 2016

Achtbaan der emoties.

Zo, hier zit ik dan weer, achter de computer, met zicht op de tuin -nog maar eens onveilig gemaakt door een bende jong schorriemorrie- waar de zon nog van de partij is en langst het gebouw heen de naaldbomen fraai belicht. Genietend van de gezellige vogeltjesdrukte op m'n terras beleef ik in m'n hoofd opnieuw heel de emotionele achtbaan van deze bijna afgelopen zondag. 
De dag begon met een telefoontje van m'n moeder. Een allergische reactie zorgde er voor dat ze dan toch niet zou komen luisteren naar de concertmis. Een spijtige tegenvaller, maar ik liet me er niet door van m'n stuk brengen.
Vol goede moed besloot ik die, voor mijn doen nogal erg korte, felblauwe jurk aan te trekken én, zo mogelijk nóg uitzonderlijker, m'n lange haren voor 't grootste deel eens een keer niét op te steken. 
M'n spiegelbeeld deed vreemd aan, maar ik zag een best leuk ogende vrouw naar me terugkijken, dus niet getwijfeld en hup, naar de tram. 
Als een sardientje tussen de overdosis andere passagiers gepropt, uitsluitend mensen in sporttenue, vermoedelijk allemaal op weg naar de Ten Miles, viel ik op, zo netjes opgemaakt, in hoge hakken en deftige jas. Ze keken me aan als kwam ik van een andere planeet. 
De vele meters kasseien en het laatste onverwachte stuk te voet deden me te laat, met pijnlijke pootjes, m'n hoge hakken verwensend, buiten adem en een beetje verwilderd toekomen in de kerk. Maar daar wachtte me het heerlijk musiceren met organist Peter Maus. En reeds bij de eerste tonen vielen er feestelijk zonnestralen door de glasramen, als zette iemand ergens hoog daarboven een spot op ons. Zalig.
Door alle commotie rond die blog van mij over de muzikaal-intieme samenwerking met Peter dacht ik een pak meer publiek dan anders te zullen zien plaatsnemen op de kerkstoelen. Doch hier was duidelijk sprake van 'veel geblaat, wreed weinig wol'... Slechts 45 mensen, waarvan 40 'gewone' zondagse kerkgangers. Een beetje een desillusie dus.
Het knip- en plakwerk, waarmee sommige lezers van die ondertussen blijkbaar beruchte blog, mijn hoogste goed en diepste zieleroersels tot een hoofdstuk uit "50 Tinten Grijs" reduceerden, -en ja, ik snap het wel, hoor. En ja, dat is ook best grappig- bracht me toch zodanig van m'n stuk dat ik muzikaal even de pedalen verloor, tot m'n grote opluchting zoals steeds professioneel en daardoor bijna onopgemerkt opgevangen door die geweldige begeleider voor wie ik, zeker als zangeres, inmiddels duidelijk een open boek ben... 
In het grote poeha-stuk van Mendelssohn vond ik mezelf -en dus ook m'n pedalen- gelukkig weer helemaal terug en we eindigden stralend in alle grootsheid en schoonheid met "Zueignung" van Richard Strauss, 'ons' nummer.
En terwijl Peter ten uitgeleide nog een schitterende, alles overdonderende orgelimprovisatie ten beste gaf, waar ik ook steeds glimlachend van sta te genieten, kwam de droeve gedacht 'het is alweer voorbij' reeds in me op...
Goddank stond er in het parochiezaaltje, vast ritueel ondertussen, naast een paar enthousiaste toehoorders met felicitaties en goede vrienden Jan en Flori, al een trappist 'van 't schap' op me te wachten.
Peter ging, richting volgende muzikale onderneming. 
Een 2e trappist kwam. 
En, geheel los van het stijgende alcoholgehalte, werd het bijzonder aangename gesprek met de harde kern van m'n fanclub steeds boeiender. Zodanig zelfs dat de heren besloten deze gezellige namiddag nog een paar uurtjes langer met me door te brengen en namen me mee naar café-restaurant "Lambik". Bij een bord super lekkere asperges op Vlaamse wijze en gebakken aardappeltjes zette de conversatie zich verder. Zowel hele leuke als behoorlijk droeve onderwerpen passeerden de revue. 
Met een uitzonderlijk voldaan gevoel liet ik de tram me weer huiswaarts voeren. M'n hoofd tolde van de duizenden gedachten en bedenkingen, en de emoties, die me alle kanten uit rukten, overweldigden me.
En hier zit ik nu. De vuilbak staat buiten, de poezen hebben gegeten, m'n bad en bed lonken, en ik schrijf een blogje over een dag waarin de emoties op en neer en zelfs totaal overkop gingen. De tekst hierboven even overlopend tel ik, naast een tweetal rustigere stukjes, ongeveer 24 keer op en neer tussen droef en blij, en een keer of 5 een volledig looping. Mijn leven is dus als een pretpark, met deze zondag duidelijk een flinke rit op de duizelingwekkende achtbaan... ;-)
Even luisteren?

vrijdag 15 april 2016

Ecologische terras-oorlog.

Er woedt een kleine oorlog op m'n terras, een oorlog om ecologisch evenwicht. Ik strijd ononderbroken, het hele jaar door, in alle seizoenen, tegen de bijna onstuitbare vloedgolf insecten, die zich maar wat graag aan m'n bloemen en planten te barsten schransen. Duizenden bladluizen in alle mogelijke kleuren doen zich te goed aan de rozen en hybiscussen. Elk nieuw blaadje of piepklein bloemknopje, ze maken geen schijn van kans: met honderden tegelijk storten ze zich er op. De rupsen van de Atalanta en de Dagpauwoog, wondermooie vlinders, die laat ik rustig een beschaafd hapje eten, maar ik heb een hekel aan die groene vette rupsen van de Appelbladroller -een mottige mot-, die aan zowat àlles knagen dat enigszins groen is en zich dan oprollen door, liefst de meest frisse en nieuwe, blaadjes aan elkaar te spinnen. Die vreselijke schrokoppen vraten al 2 grote viburnum-struiken volledig kaal en tot m'n grote ontsteltenis vond ik ze ook al binnen terug, op de kamerplanten! En dan zijn er ook nog de kevers, bruine snuitkevers en zwarte rozenkevers. De volwassen exemplaren kluiven aan alles wat ze te pakken krijgen bovengronds, en hun baby's, engerlingen genaamd -en ze zijn ook echt wel eng, vind ik, brrrrr- schrokken ondergronds in slechts enkele paar dagen àlle wortels van nieuwe aanplantingen volledig weg zodat er slechts een los kluitje verschrompelde blaadjes over blijft. 
Van de uitgebreide populatie spinnen, vooral kruisspinnen, tussen de vele potten en het miljoenenleger wriemelende pissebedden ónder diezelfde potten, heb ik absoluut geen last: zij blijven netjes van m'n planten af.
Elke dag doe ik de grote toer langst elk blaadje en elk knopje, onderzoek ik elke centimeter van elke plant op m'n terras en knijp ik de insecten die ik tegenkom heeeeel voorzichtig van tussen het o zo kwetsbare nieuwe groen uit. Met een erg dubbel gevoel, want zoals ik dat heb met elk ander levend wezen, dood ik ook insecten liever niet...
En ik wil gerust m'n bloemenzee delen met al die kleine krioelende wezentjes, maar er moet een evenwicht zijn, hé, een, op dit moment vér zoek zijnde, ecologisch evenwicht. Volgens mij kan het toch écht niet de bedoeling zijn dat élk jaar weer àlle bloemen, planten en bomen in de vele potten en bakken vervangen moeten worden door nieuwe, om dan alleen maar als levend voer voor die kriebelbeestjes te dienen...
Vorig jaar in de lente strooide ik een sterke verdelger tegen die ondergrondse ellendelingen, en hoera! voor het eerst schitteren de vrolijke gezichtjes van de grote en kleine viooltjes me kleurrijk en overvloedig groeiend toe vanuit m'n bloembakken! De bladluizen pakte ik, tegen àl m'n pricipes in, opnieuw en opnieuw aan met een chemische spray. Het hielp niet echt veel, maar de rozenstruiken hebben de plaag tenminste enigszins overleefd...
Nu de zon aan kracht wint en alle botjes en knopjes stilaan blaadjes en bloemen worden begon ik alvast, met een diepe zucht en behoorlijk wat tegenzin, online m'n zoektocht naar nieuwe en wie weet betere verdelgingsmiddelen. De leuke koolmeesjes die druk rond hupten op de rand van het terras en van pot naar pot waren zoveel boeiender om naar te kijken dan het computerscherm. En terwijl ik met een glimlach hun capriolen gadesloeg viel me plots iets op dat ik nooit eerder zag: mijn gevleugelde vriendjes kwamen mij en m'n plantjes ter hulp: ze deden zich met veel smaak te goed aan de vele bladluizen! En een beetje later zag ik ook het schattige roodborstje mee prutsen aan zo'n opgerold blaadje, hopend op zo'n heerlijke vette rups! Wauw! Fantastisch! En o zo leuk om naar te kijken.
Tja, nu kan en wil ik uiteraard al helemààl geen chemisch spul meer gebruiken, ik zou het leven van m'n geliefde vederbolletjes en hun kleintjes in gevaar brengen!... En misschien schroef ik m'n dagelijkse dood-knijp-terras-toertje bij deze dus ook maar beter terug naar één keer per week of zo, kwestie van ze hun uitgebreide buffet met verse snackjes niet volledig af te pakken, hé... hihi
Ik klikte op de computer meteen de sites met chemische producten dicht en liet Google naar insectenhotels zoeken. Wie weet lukt het me op die manier, met de hulp van de vogels in combinatie met de juiste insecten, om zo een ecologisch evenwicht te creëren op m'n terras, en daarmee een plek waar zowel de planten als ik zelf als de vele soorten geleedpotigen gelukkig zijn. 
Dus laat de lieveheersbeestjes, gaasvliegen, oorwormen, solitaire bijen en vlinders al maar op weg gaan richting mijn terras, hun knusse nieuwe appartementjes worden begin volgende week aan huis geleverd!
En ondertussen ga ik, mocht het toch weer té erg worden, maar weer aan de slag met bruine-zeep-mengsels en die verschrikkelijk onwelriekende brandnetelgier... Want ge moet er iets voor over hebben, hé, om 'simpelweg' van uw zo geliefde bloemetjes te kunnen genieten... ;-)



  

zaterdag 9 april 2016

Magisch mooie muzikale middag.

Door alle mogelijke en onmogelijk stormen in m'n leven heen is mijn innige band met muziek zowat de enige relatie die overeind bleef en blijft. En binnen die relatie is één bepaalde en behoorlijk unieke combinatie mijn allerhoogste goed, mijn persoonlijke hemel op aarde. De elementen van die bijzondere combinatie zijn mezelf, dramatische sopraan met een bekoorlijke voorliefde voor grootsheid en poeha in al z'n vormen; Peter Maus, getalenteerde en charmante organist met een breed muzikaal aanvoelen en genoeg lef om al eens buiten de gangbare lijntjes te kleuren; de Hoog Romantische composities van o.a. Strauss, Wagner, Wolf, Brahms, Mendelssohn-Bartholdy... maar ook weinig uitgevoerde andere grootse werken van minder bekende of zelfs vergeten componisten; en tot slot de ongelofelijk fraaie akoestiek van de prachtige Sint-Michielskerk in Antwerpen met het meer dan magistrale, en door ons allebei geliefde, Romantische Stevensorgel op het hoogzaal.
Niets, echt absoluut niets in mijn leven brengt me meer allesoverheersend geluk en grenzeloze vreugde. 
De orkestrale tonen, die Peter met vlugge lenige vingers en vederlicht dansende voeten uit het orgel tovert, nemen elke vezel van m'n lichaam over en vermengen zich naadloos met de klanken uit mijn instrument. Terwijl deze heerlijke notenmix jubelend door de imposante ruimte tuimelt verdwijnt alle tumult in m'n hoofd als sneeuw voor de zon. Lichamelijk en geestelijk los komen en opstijgen uit alles wat klein-menselijk is. Slechts het samen 'muziek-zijn' blijft. "Alsof we vleugels krijgen", zei Peter.
Daarboven op het hoogzaal scheiden ons steeds een meter of 3 plankenvloer, de partituren op de pupiter en de vele klavieren, pedalen en registerknoppen van de orgelspeeltafel, maar hoe meer geabsorbeerd we worden door en opgaan in het gezamenlijke klankenspel, hoe groter de intimiteit tussen ons. Soms zodanig intens dat het ons allebei volledig gegeneerd en verlegen maakt. De lucht om ons heen knettert dan nét niet van geladenheid en ik bedenk me altijd een beetje giechelend dat als ik hem, of hij mij, dàn zou aanraken, we mogelijk één of ander soort ontploffing veroorzaken. En al krijg ik op zulk moment altijd het gevoel dat het hoogdringend tijd is om weer huiswaarts te keren, alles in mij blijft verlangen naar meer van deze heerlijkheid. Zelfs m'n o zo geliefde poezen en m'n alom tegenwoordige en onmisbare bloemen en planten vallen er bij in het niets. Die diepe intense voldoening overstijgt elke andere vorm van genot. Het allerbeste orgasme ooit komt niet eens in de buurt...
Afgelopen donderdag repeteerden Peter en ik voor onze jaarlijkse -ja, deze voor mij allerhoogste zaligheid beleef ik spijtig genoeg slecht één, maximum 2 keer per jaar- concertmis in de Sint-Michielskerk, volgende week zondag 17 april 2016. Ik ging er, zoals altijd eigenlijk, van uit dat de repetitie 'gewoon' en slechts 'muziek doornemen' zou zijn, maar... het werd alwéér zo'n magisch mooi muzikaal moment want als vanouds stegen we meteen weer op, mee met de tonen van de verrukkelijke muziek. 
En ja, Peter werkt mee aan zoveel uitermate boeiende projecten met massa's andere muzikanten, zangers en dus ook met sopranen van mijn kaliber... En ja, ik creëer ook hele fijne muzikale dingen met andere geweldige organisten... 
Maar dit, deze steeds weerkerende, ongelofelijk intense, niet van deze wereld, buitengewoon magische beleving, die hebben we allebei nooit elders meegemaakt. "Schrijf daar maar eens een blogje over", knipoogde Peter. De gulzige goesting en overgave waarmee hij vervolgens z'n laatste nieuwe lievelingsstuk -'Carillon Sortie' van Henri Mulet- ten beste gaf, deden onmiddellijk inspiratie in mij omhoog borrelen en terwijl ik met volle teugen genoot van de over me heen stromende sprankelende orgelklanken draaide mijn brein op volle toeren om alvast de nodige superlatieven bij elkaar te sprokkelen.
Niemand keert graag uit de hemel terug naar de dagdagelijkse vaak harde realiteit. En al was bij het verlaten van de kerk de door een hevige regenbui net frisgewassen wereld vol zonneschijn en kleur, op de tram overviel me een trieste leegte, verdacht veel lijkend op liefdesverdriet... 
Weet je, dit diep innige muzikale samensmelten is echt als een drug: je wil er altijd méér van en na de euforische 'high' komt onvermijdelijk een pijnlijke 'low', met een emotioneel én fysiek gemis, altijd vergezeld door die sluimerende angst 'komt er nog wel een volgende keer?...'
En plots realiseerde ik me dat het deze uitzonderlijke bijna bovenmenselijke intimiteit is die ik zocht en niet vond in een relatie met een man... En naar zoiets kan je hopeloos lang lopen zoeken. Vooral als je het éigenlijk al hebt... 
Ach, misschien word ik steeds meer ik een oude sentimentele dwaas. Dat kan en je mag er van denken wat je wil. De herinneringen aan deze absolute hoogtepunten in mijn bestaan koester ik, met Peter en al, zowiezo voor altijd in een speciaal rood fluwelen kamertje in m'n hart. En hopelijk gunt het leven mij nog lang en veel van deze glorieuze en verrukkelijke momenten... 
En weliswaar gekleurd door een vleugje droefheid -omdat het daarna weer een tijdje stil zal zijn- kijk ik vandaag breed glimlachend uit naar die Magisch Mooie Meesterlijk Muzikale Mis bij sint Michiel met Meneer Maus en Mevrouw Meganck! Mmmmmmmmmm... ;-)
Concertmis Sint-Michielskerk
Zondag 17 april 2016, 11u
Amerikalei 165, 2080 Antwerpen
Inkom gratis
En erg goed bereikbaar met openbaar vervoer

woensdag 6 april 2016

Rebekka en Jos.

"Zou mijn vader ooit één seconde gedacht hebben dat dit nog zou gebeuren?" vroeg ik me afgelopen maandagnamiddag af, terwijl ik vanop de eerste rij in de trouwzaal van het districtshuis in Deurne toekeek hoe m'n jongste zus Rebekka het ja-woord gaf aan haar geliefde Jos.
Die zus van mij, 4e spruit in de rij van 5, die altijd het zorgenkind geweest is van onze va en ons moe vanwege haar vertraagde ontwikkeling met een mentale achterstand, leerstoornissen en gedragsproblemen als gevolg. 
Als kind hoorde ik hen zich zo vaak luidop afvragen wat er van haar moest worden als de dag kwam dat zij met hun tweetjes er niet meer zouden zijn om te vechten voor haar plekje in de maatschappij... Wij, de andere 4 kinderen, vonden dat echt niet altijd even tof, maar va en moe deden er absoluut àlles aan, geen moeite of inspanning was te groot, om haar de best mogelijke kansen en toekomst mee te geven. 
Als je 't mij vraagt is Rebekka door al die ondersteuning eigenlijk de meest zelfzekere van den hoop geworden. Dat, en die beperkingen, die een enorm pak remmingen wegnemen uiteraard -je wilt het soms écht niet weten- waardoor je je zonder nadenken in gelijk wat stort met een 'klinkt het niet dan botst het maar en een ander zal het puin wel ruimen'-houding, maakte haar niet mijn meest geliefde zusje. Veel te direct, veel te luid, veel te grof, veel te lomp, af en toe zelfs veel te vies... Allé, té dus, en van weinig positiefs.
Maar met behoorlijk wat vallen en opstaan -en daardoor ook met menig slapeloze nacht, hartklopping en koppijn-attaque voor ons va en moe- zocht en vond ze haar eigen weg en leven. 
Alleen wonen en voor zichzelf zorgen, een baantje, een liefje of 2, 3... weliswaar allemaal onder professionele begeleiding heeft ze zowat alle 'gewone' dingen des levens kunnen en mogen beleven, zoals elk van ons.
En sinds een paar jaar woont ze in een bijzonder mooi appartement samen met Jos. Jos, de wat oudere, met volle goesting nog steeds keihard werkende, zachte en meestal wat stille man, met een geweldig gevoel voor humor en een meer dan Bourgondische eetlust, die werkelijk de grond aanbid waarop zij loopt. Zij is zijn godin, zijn maatje, zijn hemel en hel, en nu ook zijn vrouw.
Afgelopen maandag zag ik m'n jongste zus ineens even met andere ogen. Ik ben zelf 2 maal (en absoluut niet succesvol) getrouwd geweest, maar volgens mij heb ik als bruid niet één seconde zo gestraald en zo oprecht gelukkig lopen blinken als zij, met hààr dag en hààr Jos.
Ja, liefde kan ook gewoon zijn, heel uitzonderlijk gewoon, wonderbaarlijk vanzelfsprekend en evident. Kijk maar eens naar die twee: allebei niet echt moeders mooiste, niet uitzonderlijk getalenteerd in iets, niet overladen met intellectuele bagage, zelfs niet bulkend van de centen... maar ze vonden elkaar in de meest eenvoudige en dagdagelijkse dingen. Samen voluit en ongegeneerd genietend van alles wat leuk, mooi en lekker is in het leven, vullen ze elkaar aan. Ze zien, zonder er bij na te denken, vermoedelijk totaal onbewust, elkaars innerlijke schoonheid. Dat voel je, écht waar, als je in hun buurt bent, en afgelopen maandag meer dan overduidelijk volgens mij. Hopelijk ondervonden en begrepen de mensen die wel eens met Rebekka durven lachen dat ook... 
Een paar uur voor de huwelijksceremonie reed ik in de gietende regen op m'n fiets tot bij hen, om het bruidsboeket en haarstukje en ook een corsage voor Jos, die ik met ontzettend veel plezier voor hen had mogen maken, af te leveren. Hun oprechte blijheid om zoveel bloemenpracht steeg boven hun overduidelijke zenuwen uit, en de dikke knuffel die ik van hen kreeg heb ik voor het eerst in heel veel jaren -en ja, dat beschaamt me- met open geest en armen ontvangen en in m'n hart toegelaten.
Maandag 4 april 2016, huwelijksdatum van Rebekka en Jos. Een onvergetelijk feestelijke dag, vol vreugde en geluk, met wat verdriet om de geliefde afwezigen, met ambiance met die vele en o zo diverse wél-aanwezigen, met kleurrijke bloemen, ernstige en ook zotte foto's, lekkere hapjes en drankjes, en zelfs, zoals in elk leven en elk huwelijk, ook met zon én regen... 
En onze va, die keek vanop z'n hemelwolk, met een trappist in de hand, nog steeds ietwat verrast maar tevreden monkelend naar beneden en zag dat het goed was. Dat weet ik zeker. :-)

                                     

dinsdag 29 maart 2016

En zij fietste. Gezwind en opgepompt!

Toch makkelijk al meer dan een jaar knoeft ik langst de wegen, zuchtend en puffend mezelf met moeite vooruit krijgend op m'n fiets. Af en toe staken zelfs stokoude mevrouwtjes me op hun al even oude rijwiel met gemak voorbij...
Meestal verweet ik m'n slakkengangetje aan al die, ietwat overbodige, extra kilootjes aan m'n lijf, en aan m'n conditie, die vermoedelijk zeer ver beneden alle peil ligt. En ondanks die fysieke bedenkingen trapte ik mezelf toch noest verder door straten en lanen, al dan niet aan alle kanten behangen met zware pakken en zakken vol boodschappen.
Mogelijk had m'n tweewieler nood aan nieuwe tubes, want naar mijn gevoel liepen ze precies toch wel erg snel leeg. Alle vijf voeten stond ik alweer in de garage met dat prullerige handpompje te friemelen om toch minstens een bescheiden zuchtje lucht extra aan de rubber toegevoegd te krijgen. En elke keer moest ik, hijgend en zwetend van de minùtenlange pompinspanning, ontgoocheld constateren dat het buitengewoon weinig verschil maakte. Met enige gelatenheid en de zucht 'dan zij het maar zo' sleurde ik mezelf maar weer verder op die bijna luchtloze gummi. Het zou wel aan mij liggen...
Vanwege die steeds welhaast bovenmenselijke inspanning bij het oppompen van banden en ander opblaasbaar spul stond er al een paar jaar zo een voetpomp op m'n verlanglijstje. Maar telkens ik in een winkel kwam waar ik die eventueel had kunnen kopen liet mijn geheugen me in de steek... 
Tot 2 weken terug dus. Een geweldige aanbieding bij Lidl: fraaie voetpomp, mét allerlei opties en voor een formidabele lage prijs.
En ik had geluk: tegen de tijd dat ik, zo vreselijk vroeg in de morgen, en uiteraard op die platte-banden-fiets, in de vertrouwde supermarkt aankwam, waren ze bijna allemaal verkocht. Er restte er nog slechts ééntje! 
Zo snel ik kon gritste ik die allerlaatste pomp uit het rek en trok ik een sprintje naar de kassa, het ding in m'n armen knellend als scoorde ik een bijzonder waardevolle schat, waarvoor er -zeker weten- nog massa's andere kapers op de kust zouden zijn...
Terug thuis natuurlijk meteen uitgeprobeerd! Wat had je gedacht!?... 
Wonderbaarlijk moeiteloos, met amper een keertje of vier pompen, stonden de beide fietsbanden kei-, maar dan ook écht kei-hard. Ge-wel-dig!!!
Wauw, zo is dingen opblazen een fluitje van een cent natuurlijk!... 
Bij het eerste proefritje duikelde ik nét niet pardoes met fiets en al het struikgewas in: het nogal plots ontbreken van elke vorm van wrijving met het asfalt verraste me behoorlijk... En elk putje, bultje of andere mogelijke en onmogelijke oneffenheid in de bestrating pleegde een meedogenloze aanslag op m'n -toch adequaat voorzien van 'vulling', dacht ik- arme zitvlak... 
Maar, het ging vooruit! Amai! Het ging zelfs verbazend goed vooruit! Alsof ik plots over het wegdek vlóóg, met verbijsterend weinig inspanning.
Tja, wat wil je met die combinatie van vlot bollende wielen en beenspieren die maandenlang ongeweten loodzware trainingen moesten ondergaan... 

Fietsen is, hoera, geen afmattende corvee meer. Ik zoef weer -wiiiiiiiiieeeeee, zie mij gààn- volle gas vooruit, gezwind en opgepompt langst de wegen. 
Echt, nooit gedacht dat iets, ogenschijnlijk zo onbelangrijks als een fietspomp, zulk een formidabel verschil zou maken in m'n leven... ♥ ;-)


maandag 28 maart 2016

Paasmaandag, verwaterd en weggewaaid .

Op Paaszondag stak de storm op. De fenomenale rukwinden, hier nog door de kolkbeweging tussen de appartementsblokken versterkt, deden de poezen van angst diep in hun mandjes wegkruipen en bezorgden mij een slapeloze nacht. Zelf nét niet weg waaiend terwijl ik m'n geliefde planten op het terras veilig probeerde te stellen voor die woeste, alles vernietigende wind, besefte ik, daar in het halve duister, door die wild om me heen flapperende zwarte kamerjas en m'n onstuimig alle kanten uitwaaierende haren, hoe ook vandaag de dag nog heksenverhalen en legendes kunnen ontstaan... hihihi
Paasmaandag begon met bijzonder weinig enthousiasme. De storm ging daarbuiten nog steeds te keer, af en toe viel de regen met bakken naar beneden. Mezelf wegrukken uit de koesterende warmte van m'n bed en het verlangen naar meer slaap, het viel niet mee, maar vanmiddag werd ik, naar aloude gewoonte, voor het Paasfeest verwacht bij ons moe.
Een paar decennia geleden ontstond immers de traditie om elke paasmaandag met z'n allen -broers, zussen, partners en kinderen- af te zakken naar het ouderlijk huis in de Schoolstraat. Er werd lekker gegeten en gesnoept, behoorlijk wat bubbels-wijn-bier gedronken, natuurlijk ook uitgebreid gelachen en gezwansd, en uitgelaten als kleine kinderen van de kermis genoten. 
De voorbije 2 jaar lukte dat nog, zelfs zo zonder onze va. En we spraken halvelings af om élk jaar een grote roze suikerspin ter zijner ere te eten.
Maar, het huis is verkocht, ons moe is verhuisd en verhoudingen binnen de familie verschoven. Persoonlijk verwachtte ik, een beetje naïef eigenlijk, slechts een verandering van locatie... Niets was minder waar.
Omdat m'n oudste broer met z'n familie ging skiën en de jongste broer met z'n vriendin de zee en het strand verkoos, wat ik hen uiteraard gun, ook al begrijp ik het niet helemaal, dacht ik een nieuwe traditie te starten: terug een uitgebreid toerke over de jaarmarkt lopen -zeker 15 jaar niet gedaan- en daarna, van bij ons moe in het nieuwe appartement, één hoog, met een hapje en een drankje in de hand, gezellig passanten spotten op diezelfde markt daar beneden. Dat deden we lang geleden ook toen grootmoe in een gelijkaardig appartement woonde, dus ergens zou dit tóch een beetje de voortzetting van een traditie zijn, hé. Doch die driftige storm stak er een stokje voor: de markt werd weg- en daarom ook af-geblazen, voor het eerst in 168 jaar...
Dan maar rechtstreeks richting moeder. M'n jongste zus en haar vriend waren er al. Altijd méér dan aanwezig, die 2, zeker als er te eten valt, maar tegenwoordig vooral in de decibels waarmee ze eindeloos in herhaling vallend honderduit over hun aankomend huwelijk tateren. En van zodra er niets meer te bikken valt en we beginnen afwassen moeten ze plots naar huis, dringend T.V. gaan kijken... Vaste prik is dat. Je kan er je klokje op gelijk zetten. hihi
Gelukkig waaiden m'n oudste zus Jacinta en haar man Eric nog net op tijd binnen om het feestje te redden met gezelligheid, ambiance, grapjes, leuke en ook ernstige verhalen, en fotootjes. De zon begon er zelfs van te schijnen! 
We overwogen even om met z'n vieren alsnog naar de kermis te gaan, gewoon zot en onnozel, maar daar was het ondertussen nét een beetje te laat voor geworden. Sorry va, dit jaar geen suikerspin dus...
Tja, oude tradities, ze verwateren of waaien weg. Er resten slechts de straffe verhalen van 'weet je nog toen'... 
Paasmaandag, het zal nooit meer hetzelfde zijn, maar wie weet groeit een klein detail van vandaag wel uit tot een nog ongekende traditie met z'n eigen sterke vertelsels. Desnoods lanceren we een nieuwe legende, hé, die van die Paasmaandag lang lang geleden, toen de Storm-Heks van den Bosuil voor het eerst te zien was!... ;-)
wink-emoticon



dinsdag 22 maart 2016

Ochtend met twee gezichten.

De tram liet 20 minuten op zich wachten. Maar omdat ik, rekening houdend met de mogelijke wispelturigheid van het openbaar vervoer, steeds met een ruime marge richting werk vertrek, liet ik het m'n humeur niet bederven en genoot van de fraaie blauwe ochtendlucht met de vele witte schapenwolkjes. Hoe fijn ook dat het om 6u30 al weer licht is. Op de tram had ik, juist vanwege de vertraging een super gezellig gesprek met de opgewekte mevrouw naast mij, onderweg naar haar werk in het Justitiepaleis. Conny, zo heette ze, en ze vertelde me ook dat ze vorig jaar kanker overwonnen had, maar morgen toch weer testen moest ondergaan omdat er mogelijk opnieuw uitzaaiingen zijn...
De bus richting Edegem zat af en toe muurvast in het op dit uur voluit losgebarsten stadsverkeer en ze zat, wat had je gedacht, ook vol met luid kakelende dames en luidruchtige jongeren. Maar het deerde me vandaag niet. 
Vrolijk meedeinend op de klanken van m'n favoriete Elbow-concert, dat nét luid genoeg via m'n smartphone-oortjes m'n hoofd vulde, bewonderde ik het voorbij glijdende landschap. De zon begon z'n best te doen en strooide gul licht en warmte over de vele lentebloeiers. Fiere grote gele narcissen, nederige krokusjes en grappige mini-paasbloemetjes, de fréle roze bloesem op het zwarte hout van de wilde pruimelaars, de statigheid van de witte en donkerroze magnolia's en overal schitterende camelia's in alle mogelijke kleuren. De wereld geurde als nieuw, zo heerlijk lentefris en de lucht zinderde van al het vrolijke vogelgezang. Breed glimlachend en met een absoluut zalig gevoel arriveerde ik op m'n werk.
Maar deze gelukzaligheid spatte als een roze bubbel uit elkaar bij het nieuws over de zelfmoordaanslagen in Zaventem en Brussel. Terreur, zo dichtbij. En toch ook zo veraf, want hoe kan je dat ten volle vatten? Hoe plaats je dat? Hoe ga je om met zoveel machteloosheid en verdriet? Wat doe je met de angst die je dan voelt, want ja inderdaad, ik moet toch ook elke dag 2 maal door de metro in Antwerpen passeren...
In de ondertussen aangenaam warme lentezon en met een prettig fris briesje in m'n rug vertrok ik vanmiddag weer huiswaarts. De bloemen bloeiden nog steeds vol overgave, de vogels concerteerden nog steeds dat het een lieve lust was. Niets leek veranderd. Aan niets kon je merken dat er zich die zelfde ochtend zulke tragedies afgespeeld hadden. En toch voelde het anders...
Antwerpen leek een door politiemacht onder de voet gelopen stad. 
2 ontzettend luide knallen deden me, wachtend aan de tramhalte, van schrik naar adem snakken, maar die kwamen gelukkig 'slechts' van de machines op de enorme werf aan de Frankrijklei... Oef.
Luister, ik twijfel er sterk aan of al die aanwezigheid van politie en leger überhaupt verschil maakt voor gelijk welke (zelfmoord)terrorist. Hoe simpel drukt iemand ongezien op een knopke in z'n jaszak, laat hij of zij ergens een koffertje achter of wie weet ontploffen ze wel via een afstandsbediening... 
En als je tijd om te gaan gekomen is, dan kom je zowiezo toch te gaan, geloof me. Dat geldt voor iedereen. Geen ontsnappen aan, zoveel is zeker.
Maar, en dit meen ik absoluut, het verheugt me, nog steeds, oprecht en onbeschaamd dat me die heerlijke zaligmakende en vooral totaal onschuldige ochtend gegund werd. En het doet me nogmaals schrijven wat ik al zo vaak met jullie deelde: leef je leven vandààg en ten volle, laat al wie je liefhebt nù nog weten hoeveel je wel van ze houdt, stel vergiffenis en het oplossen van gelijk welke wrevel niet uit tot morgen, en geniet tot diep in alle vezels van je lijf van elk mooi moment dat je te beurt valt, hoe onbeduidend het ook mag zijn, want, meer dan ooit, het kan altijd je lààtste moment zijn...
En dat gezegd en geschreven: weet dat ik blij ben jullie allemaal te mogen kennen. Ieder van jullie draagt op z'n eigen manier een beetje bij in mijn leven en heeft daarom een warm plekje in m'n hart. Ik stuur jullie veel goede moed en positiviteit, wees niet bang maar wel voorzichtig in die grote boze wereld, en vergeet vooral niet te genieten van dit ondanks alles toch wonderbaarlijk en magisch leven. :-)



maandag 21 maart 2016

Hou je mond dicht en ontspan.

Een beetje benauwd over wat hij wel zou kunnen vertellen of besluiten maakte ik uiteindelijk toch een afspraak bij een andere kaakchirurg, ééntje warm aanbevolen door mijn eigen bezorgde tandarts.
Meer dan 2 jaar na die kaakoperatie die 'nodig' was om die vele jaren met blokjes goed te kunnen afronden sukkel ik immers nog steeds met een hele reeks grote en kleine 'mankementjes'.
De chirurg bestudeerde nauwgezet heel het door mij meegebrachte dossier en ook de 3D CT-scan, die aan het begin van m'n afspraak deze middag van me gemaakt werd, in zo'n toestel dat toertjes rond je kopke draait, waarna hij zich neerzette achter z'n grote bureau en aandachtig en welwillend naar heel de uitgebreide, af en toe nogal ingewikkelde, story luisterde.
Goed, ik mocht in de tandartsstoel en hij onderzocht minutieus m'n kaak, gewrichten, gebit en mondholte. En z'n extra vragen en uitleg daarbij lieten uitschijnen dat er, inderdaad, zoals ik al die tijd al zelf beweer, 't één en 't ander absoluut anders en zelfs beter had kunnen ge(d)(g)aan zijn... Tja.
Bon, over m'n kaakgewrichten dan. Logisch dat die pijn doen en ik m'n mond alleen maar in etappes kan openen, of toch met minstens wat stevig geknal en geplop, en af en toe zelfs helemaal niet: de discussen in de gewrichten zitten niet meer op hun plaats. Vermoedelijk deels door het getrek en gesleur van zowel de orthodontist als van de vorige chirurg, maar zeker ook door m'n ontzettend strakke kaakspieren, gevolg van zanger zijn in combinatie met 'klemmen' door aanhoudende stresstoestanden. 
Met andere woorden: 't is nogal complex en dus niet direct simpel op te lossen. Maar het verklaart meteen wel de aanvallen van hevige oor-, hoofd-, tand- en nekpijn en zelfs de occasionele onverklaarbare keelpijn. Daar moet ik me dus alvast geen zorgen meer over maken.
Ik kreeg, om te beginnen, een voorschrift voor de kinesist mee, voor 2 x 9 sessies stabilisatie- en ontspanningsoefeningen voor 'temporomandibulaire dysfunctie', ook simpelweg 'TMD' genoemd. 
Pas daarna kunnen we serieus die steeds opnieuw afbrekende voortanden van me bespreken. Mits de kaak zich naar wens ontspant en de discusjes terug in hun plekje floepen lost het probleem zich misschien vanzelf op. Zo niet worden het vermoedelijk 4 kronen van 600 euro élk!... Aaargh! God beware me!...
Ondertussen ook nog een MRI-tje gaan laten maken aub en, 'k moest er even serieus van slikken, voor dit bezoekje graag meteen even 145,- euro neertellen. Dank u wel! Dag mevrouw!
En om zelf alvast te starten op de weg naar beterschap kreeg ik nog een flyer in de hand gedrukt met, voor mij dan toch, hilarische tips. 
Tip 1: "kaakgewricht zo veel mogelijk laten rusten", m.a.w. Kristina, hou je in godsnaam snater! Tip 2: "vermijd de mond ver te openen zoals bij geeuwen en lachen", m.a.w. Kristina, stop onmiddellijk met dat eeuwige gelach en zing vanaf nu met je mond dicht! Tip 3: "gebruik je tanden niet om iets te bijten, snij alles in kleine stukjes en kauw langzaam aan de meest pijnlijke zijde". De meteen in m'n hoofd schietende zotte giechel-ideetjes bij dat 'bijten' ter zijde, in combinatie met Tip 4: "nuttig geen hard of taai voedsel, maar wel puree, appelmoes en dergelijke" betekend dat zoveel als: Kristina, terug naar het 'geweldige' vloeibare en gepureerd voedsel, meid, zoals die vele maanden na de kaakoperatie! Och arme ik, nog steeds zooooo blij dat ik weer pistoletjes en toast kon genieten... Zucht. hihi
Trouwens, als je me de komende tijd de hele dag over m'n kaken ziet wrijven dan pas ik Tip 5 toe: "masseer de meest pijnlijke zones en gebruik een hotpack of warm kersenpittenkussen om de doorbloeding te verbeteren".
Voor wat het waard is -je koopt er op zich niks voor- het is een heel fijn gevoel dat iemand m'n ervaring geloofd en bevestigd. Dat versterkt m'n hoop op het vinden van de juiste oplossing. Ge kent me: altijd positief blijven denken, hé.
En, zo blij en enthousiast als een kind op kerstochtend, reed ik, door deze visite bij het ziekenhuis, vanmiddag voor het eerst mee met zo'n nieuwe Hermelijntram. Die zoefden me al wel vaker voorbij in de metro, maar je merkt maar pas hoe ontzettend lang die zijn als je er zelf in zit. Op een echt bijzonder comfortabel stoeltje trouwens. Ik heb niet alleen met volle teugen van dat tramritje genoten, maar ook met m'n volledig ontspannen mond netjes toe. hihihi 't Hoeft niet allemaal kommer en kwel te zijn, hé. ;-)


Als je meer wil lezen over Temporomandibulaire Dysfunctie:


woensdag 16 maart 2016

Portefeuilleperikelen.

Vanmiddag op de bus trok de bijzondere verschijning van een jongeman, ik schat hem vooraan in de dertig, mijn bijna volledige aandacht: hij droeg een echt fascinerende en prachtige Dali-snor!* Nooit gezien en 't stond hem prima. En hij trok nét niet àl m'n aandacht, want ik had ook nog een beetje oog voor het vertederende beeld van een wat oudere man met een kindje op schoot, ik veronderstel grootvader en kleinzoon, duidelijk niet echt gewend om de bus te nemen. Een beetje onhandig dus, maar op een ontroerende manier.
Eén halte voor mij stapten ze af, zowel die fraaie snor als dat schattige duo, en gingen elk hun eigen weg. Terwijl de bus zich terug in beweging zette begaf ik me, zoals gewoonlijk, alvast op 't gemakje richting uitgang en zag op het stoeltje waar die man met het jongetje gezeten had een grote bruine portefeuille liggen. Uit een achterzak gevallen veronderstel ik...
Bezorgd haastte ik me ermee naar de buschauffeur, een sympathieke jonge Marokkaanse man, die, geweldig verbaasd over zoveel eerlijkheid en medeleven, meteen zwaar op de rem ging staan en z'n voertuig uit sprong om te kijken of die man ons misschien niet in paniek achterna gelopen kwam. Maar spijtig genoeg: hij was niet meer te bespeuren...
In de dikke portefeuille zat, behalve veel bankkaarten en geld -allé, 't is te zeggen: naar mijn maatstaven dan toch, hé...- gelukkig ook een identiteitskaart. De ondertussen al helemaal mee ongeruste chauffeur verzekerde me dat hij op z'n terugweg, zo ongeveer een kwartiertje later, aan de overkant van de halte weer even zou stoppen om uit te kijken naar de eigenaar van het verloren voorwerp en dat het anders prima, ik moest er zeker niet aan twijfelen, terugbezorgd zou worden door zijn dispatch. 
En hij vervolgde weer snel zijn onderbroken traject want ondertussen had zich reeds een lange toeterende file achter z'n bus gevormd.
In het zonnetje verder wandelend naar m'n werk bedacht ik me dat ook ik eigenlijk wel even had kunnen teruggaan op zoek naar de eigenaar van de portefeuille, of eventueel het belangrijke kleinood ook had kunnen posten van op m'n receptie, aangetekend en wel, of het toch minstens naar het politiekantoor wat verderop had kunnen brengen... Tja, mogelijkheden zat, maar ik heb het terugbezorgen in de handen van die buschauffeur gelegd. En hopelijk is ook hij een eerlijke en medelevende mens. Uiteindelijk is het enige dat echt telt dat deze portefeuilleperikelen een happy end kennen. 
En dat, dat ga ik dus vermoedelijk nooit te weten komen... ;-)



* U weet wel, kunstenaar Salvator Dali
     en zijn beroemde snor.

vrijdag 4 maart 2016

Bamboe in m'n hand, tuin in m'n hart.

Koud en nat van dat soort miezerige neerslag het woord regen niet waardig sneden ons moe en ik vorige week maandagnamiddag een dikke bundel stokken van de metershoge bamboe. Regelmatig gebruik ik zo'n onverwoestbare stengel om zowel binnen als buiten allerlei planten in toom te houden. In een tuincentrum kosten die dingen een klein fortuin en nu, met de verkoop van het ouderlijk huis en dus ook van de grote tuin, verdwijnt mijn toegang tot deze razendsnel groeiende en uiteraard gratis voorraad van die voor mij onmisbare hulpstukken. Eigenlijk had ons moe hier totaal geen zin in maar ze begreep dat ik, na maandenlang vragen me nog van een mooie reserve voor de komende jaren te voorzien, nu echt geen nee meer wou horen, ik stond er op.
En het werd nog een leuk moment, zo samen worstelend met die onwillige en supertaaie rietsoort. Vooral misschien omdat ik, om kracht te kunnen zetten bij het snijwerk, niets vermoedend steun zocht bij een ogenschijnlijk dikke stevige stengel, die, hoe kon het ook anders, prompt afknapte waardoor ik languit op m'n buik in de modder viel. Dat was lachen, hoor! Hilarisch!
Langst het pad heen en weer naar het bamboebos viel het me op dat er overal al weer nieuwe blad- en bloesemknoppen en kwistig gezaaide lentebloeiers de donkere regendag en winterse kaalheid van de enorme tuin trotseerden en zo de jaarlijks terugkerende kleuren- en geurenoverdaad van de zomer aankondigden. En plots overviel me ten volle het droeve besef dat ik dat niet meer zou zien.
Toen ik blij verrast stilstond bij al de frisgroene nieuwe blaadjes van de buxusbollenboom van mijn vader, die, samen met de buxuskippen, -kegels en -haag, de vreselijke vraatzucht van de buxusrupsen dan toch overleefd had en daar mijn moeder attent op maakte, was meteen duidelijk dat het ook voor haar een afscheid zou zijn waar ze het liever helemààl niet over had...
Onderweg naar huis groeide de onrust in mij. Met alle respect voor de gevoelens van m'n moeder, ik kon de mijne ook echt niet negeren en moest en zou op mijn manier afscheid nemen van die sprookjestuin die op zoveel manieren invloed op m'n leven zal blijven hebben. Ja, akkoord, er staan ondertussen wat planten uit die heerlijke Hof van Eden opgepot op mijn terras, en da's fijn om er op die manier een tastbaar stukje van mee te nemen, maar dat vulde die eindeloze leegte binnen in mij niet.
Gewapend met 2 camera's, 6GB aan fotokaartjes plus wat 8GB USBsticks en de nodige bekabeling naar de laptop bracht ik donderdagnamiddag in afwisselend zon, hagel, sneeuw, wind en regen een paar uur filmend en fotograferend tussen de geliefde bomen en struiken door: ik ga een film maken, een video van mijn laatste wandeling door deze tuin zodat ik, zo vaak ik dat wens, en iedereen met mij, die promenade boordevol herinneringen digitaal kan blijven herbeleven!
"Had je dat dan niet in de zomer kunnen doen, als alle bomen, struiken, bloemen en planten op hun mooist staan", bromde m'n broer enigsinds terecht. Tja, als je àlles op voorhand wist en kon plannen...
Maar mijn moeders enthousiasme bevestigde dat mijn plan goed zit. En ze bestelde, behalve een kopie van die film, ook meteen een -uiteindelijk vermoedelijk bijzonder lijvig- fotoalbum voor op de salontafel bij me, gemaakt met de vele honderden fraaie kiekjes van minstens 45 jaar ultiem tuingenot! 
De afgewerkte rolprent en 't fotokijkboek zullen nog niet meteen voor morgen zijn, maar, met speciale dank aan de bamboestokken die ik percé nog wou hebben, staat er nu een serieuze overdosis zowel statisch als bewegend beeldmateriaal veilig en wel op de externe hard schijf en voor mijn gevoel heb ik nog nét op tijd de essentie van onzen hof kunnen vastleggen. Hopelijk zal daardoor het loslaten van die mega fantastische, meer dan magische, zalige sprookjestuin een heel klein ietsiepietsie beetje minder lastig zijn... ;-)

Een paar seconden uit die vele GB's beeldmatriaal: "bamboe in de wind". J

dinsdag 1 maart 2016

Schoolstraat 69: verkocht!

Alle mogelijke en nodige documenten zijn goedgekeurd en door alle betrokken partijen ondertekend. Het geld is overgemaakt, verdeeld en reeds op weg naar nieuwe doelen en begunstigden. Het huis met z'n gevel in rode baksteen, met achter de grote vitrine altijd seizoens-aangepaste en bijzonder originele decoratie -waar voorbijgangers steeds graag even bij stil stonden-, en de houten garagedeur met al sinds mijn jeugd 'het belletje' dat bezoekers aankondigt... dat huis, het is niet meer van ons. Het heeft nieuwe eigenaars. Mijn familie sloot vandaag een belangrijk hoofdstuk in z'n geschiedenis. En het maakt me zowel verdrietig als blij. 
Ja, ik neem afscheid van de vertrouwde ruimte waar ik zoveel jaren gewoond heb en daarna nog eens zo lang naar terug keerde voor elke soort familiale gelegenheid of gewoon zo maar, naar va en moe op bezoek.
Heel lang geleden zag ik als ukkiepukkie hoe de nonkels, grootvaders en onze va het piepkleine arbeiderswoningske op deze plek letterlijk omver duwden, en hoe het vrijgekomen terrein zich langzaam opvulde met muren, deuren, ramen, trappen... exact zoals ze er vandaag nóg staan en de zovele kamers vormen waar een leven lang herinneringen aan vast hangen. 
Of misschien zeg ik beter 'verschillende levens herinneringen', want behalve dat het gezin zowiezo al zeven personen telde liepen er ook nog eens constant vrienden, kennissen, buren, klasgenootjes, pleegkinderen, enz. enz. binnen en buiten. Vandaar dat belletje aan die immer open garagedeur natuurlijk.
Jarenlang heb ik met m'n zus een kamer gedeeld, een tijdje zelfs een bed. De zolder, waar we urenlang verkleedpartijtjes hielden, werd later mijn tienerkamer, een knus eigen stekje hoog boven de 'massa' met uitzicht op de enorme tuin. Toen ik bij mijn eerste huwelijk het ouderlijk huis verliet erfde m'n jongste broer het voorrecht daar te mogen vertoeven.
In de kelder, eindeloos lang, groot en breed, werden menige wedstrijden gerolschaatst op de gladde betonnen vloer en aan de werkbank van onze va, boordevol gereedschap, ontelbare creatieve uitvindingen gefabriceerd. 
Aan de bijzonder lange eettafel schoven bij elke hoogdag tot wel 16, 17, 18... familieleden en 'bijbehorenden' aan voor de festiviteiten, waarvoor onze va gehuld in schort en koksmuts al dan niet bedenkelijke, min of meer eetbare maar zowiezo onvergetelijk 'verrassende' gerechten uit de potten toverde.
In het kleine salon zaten we lang geleden op elke zaterdagavond fris gewassen in onze pyjama voor de televisie, op 2 rijen achter elkaar wegens plaatsgebrek, en aten vers gebakken frietjes. En we ergerden ons altijd aan ons moe, op de eerste rij, dus in onze gezichtsveld, als ze eindeloos knikkebollend in slaap viel.
En de tuin, die fàn-tàs-tische tuin, dat zijn nóg eens duizenden verhalen!...
Och, ik zou makkelijk een boek of 2, 3 vol kunnen schrijven over het huis op nummer 69, en de komende tijd horen we vast iets vaker 'weet ge nog dit, of dat, en toen...', maar het is goed om het huis nu los te laten.
Het doet me trouwens minder verdriet dan je wel zou denken. Op zeker dag verlaat je dat nest en bouw je langzaam maar zeker je eigen veilig thuis op, en dan wordt het ouderlijk huis zowiezo al meer een verzameling memories in je hoofd, meer dan dat het nog een echt toevluchtsoord is.
En met het overlijden van onze va bleef er eigenlijk nog slechts een hol omhulsel over, veel te groot, veel te stil, zonder leven, letterlijk en figuurlijk koud. Een lege doos waarin ons moe nog wat verloren rond liep, onbewust op zoek naar iets dat al lang en voorgoed verdwenen is. 
Zij gaat nu elders ook voor het eerst hààr eigenste nest creëren, en geloof me: al sinds weken volledig ingepakt en verhuis-klaar heeft ze er ontzettend veel zin in! Ze springt nog nét niet op en neer van spanning en enthousiasme.
De nieuwe eigenaars, jonge mensen met 2 kindjes, staan ook al een tijdje ongeduldig in de startblokken te trappelen om de bakstenen en het beton weer nieuw leven in te blazen. De komende maanden zal er afgebroken, heropgebouwd en gemoderniseerd worden. En dan zullen er opnieuw schetterende kinderstemmetjes klinken in alle kamers, er zal als van ouds gelachen en geruzied worden, op de trappen er zal terug druk op-en-neer-geloop zijn en in kelder en tuin rijden wederom fietsjes. En de eetkamer, die zal vast en zeker het decor blijven van vele familiefeesten met heerlijke gerechten vers gemaakt in de aanpalende keuken. 
Ik kan me zonder enige moeite voorstellen dat onze va, als hij al deze gebeurtenissen van wie-weet-waar in 't oog houdt, ook heel breed en tevreden zit te glimlachen: het door door hem en ons moe met zorg gebouwde en door ons allemaal zo geliefde huis zal weer helemaal opleven en z'n taak opnieuw vervullen als heerlijke familie-thuis. En zo hoort het ook. :-)


(foto Eric Van Tichel - fotostudio A.A.I. Merksem)