Zoals wel vaker op vrije dagen haalden allerlei timmer- en bonsgeluiden van de buren aan de andere kant van m'n badkamermuur me gisteren een beetje bruusk uit m'n slaap. Terwijl ik gelaten de gordijnen open schoof moesten er blijkbaar bij de bovenburen dringend en met luid piepende en knarsende poten zware meubelen verschoven worden. In de hal weerklonk, vermengd met onbetwistbare verhuisgeluiden, ernstig en onverbloemd gevloek over het nog steeds defect zijn van de 2e lift. Door het slaapkamerraam, duidelijk ook wel weer eens aan een sopje toe, aanschouwde ik de kille sombere grijsheid van de zondagochtend. Werkelijk niets duidde erop dat deze dag één van de meest belangrijke hoogdagen in het kerkelijk jaar was. Tijden veranderen. Ook Paas-tijden blijkbaar. En het verschil met 'vroeger' is groot, bijzonder groot.
Toen begon Pasen al met de 40 dagen vastentijd, bij ons letterlijk een periode van 'versterving', minder van alles dus. Sobere maaltijden, totale afwezigheid van snoepgoed, zulke dingen. Die vreselijke zure pekelharing met de kurkdroge gekookte patatten op vrijdag vergeet ik van m'n leven niet, maar je at ze, en met smaak zelfs, door de grote honger... En er werd behoorlijk veel tijd in de kerk doorgebracht. In de Goede Week leek het bijna alsof je er woonde! Overdag braaf naar de mis met de hele school en 's avonds, nog eens zo devoot, opnieuw met de hele familie. Mijn beeldhoudende zus maakte ooit 13 stenen kelken voor de viering van het Laatste Avondmaal op Witte Donderdag. Goed mogelijk dat die in de kerk in kwestie nog steeds in gebruik zijn. Op Goede Vrijdag -en dat vonden wij als kinderen super leuk- kwam onze va extra vroeg van z'n werk bij de bank die -heden ten dage trouwens nog steeds- om 15u sloot, het uur waarop Jesus vermoedelijk gestorven zou zijn, om, je raadt het al, gezellig samen met de hele familie de speciale kerkdienst bij te wonen. En de stilte van Stille Zaterdag diende om al onze zondagse kledij klaar te leggen, zodat we er de dag erna letterlijk op ons Paasbest uit zagen. Je stelde je er allemaal absoluut geen vragen bij, het was gewoon zoals het was. Het hoorde zo. Zo ging het altijd al. Traditie heet dat, hé.
Zingen in de kerk hoorde er voor mij uiteraard ook altijd bij. Eerst met de school, dan bij het Jongerenkoor en later als sopraan-solo. Paasvieringen, Paaswakes en natuurlijk de vele verschillende passieconcerten. Met het langzaam wegvallen van zovele andere gewoontes was deze door mij meest geliefde traditie er ééntje die gelukkig wel stand hield. Tot 2 jaar geleden... Deze Pasen zong ik tot mijn groot verdriet alweer geen noot. Niet één passie of oratorium had nood aan mijn bijdrage, en blijkbaar vonden ook alle mogelijke kerkdiensten andere muzikale invulling. Erger nog: het kerkje dat ik jarenlang als zeer graag geziene gast bij zowat alle hoogdagen al zingende met zoveel extra feestvreugde mocht vullen werd het afgelopen jaar ontwijdt wegens geen priester meer...
Het hele eieren-verstoppen-en-zoeken-plezier gaat totaal aan je voorbij als je zelf geen kinderen hebt, en al helemaal als ook de eventuele echtgenoten of liefjes het nut van zulke grappige zoete fratsen niet (willen) inzien. Jarenlang speelde ik dus m'n eigen paasklok -of haas, jij mag kiezen- en kocht mezelf dan maar wat lekkers. En nu, met die lactose-intolerantie, trakteer ik mezelf op een doos meestal veel te dure aardbeien en blijft de chocolade-snoeperij beperkt tot het exceptionele kleine gevulde eitje bij het kopje koffie op een al even zeldzaam avondje uit.
M'n moeder en ik zochten dit jaar tevergeefs zowat alle mogelijk televisiekanalen af op zoek naar de typische wat soft aandoende 'Jesus-films', zoals we daar jarenlang graag naar keken in de week voor Pasen. Behalve een reportage over een erg mooie Paasprocessie ergens in Nederland vonden we niets meer. Ik begin zelfs een beetje te vermoeden dat we nog blij mochten zijn de pauselijke zegen op zondag te kunnen volgen...
Vandaag, paasmaandag of tweede paasdag, is m'n hele leven lang familie-dag geweest. Verliefd, getrouwd, met eigen kinderen, 't maakte niet uit: op paasmaandag zakte absoluut iedereen van ons gezin zonder fout af naar het ouderlijk huis en moesten en zouden we met z'n allen naar de kermis! Zelfs toen onze va er niet meer was om voor zowat elk kraam met gulle hand te trakteren, bleven we gaan, al was het maar om de traditie en de nagedachtenis. Maar ook dat verwaterde stilletjes aan. En dit jaar... zit ik thuis achter m'n computer met dit verhaal te worstelen, alleen. Broers en zussen hadden hele andere plannen, en zo houdt deze bijna levenslange paasmaandag-familie-traditie vermoedelijk ook op.
Oei, mijn Paasverhaal valt precies een stuk treuriger uit dan voorzien. Misschien ben ik ongemerkt toch een beetje in een oude nostalgische dwaas veranderd, zo met die lichte doch overduidelijke heimwee naar vroeger. Maar geef toe dat ook jij niet volledig zonder gevoel van spijt al dat soort tradities in je eigen leven één voor één ziet verdwijnen.
En al kan en zal ik niet ontkennen dat ik nog steeds van de schoonheid van al het ceremonieel houdt, de strikte kerkelijke dwangbuis liet ik al heel lang geleden achter me. De waarden uit zo'n zwaar christelijke opvoeding draag je sowieso de rest van je leven mee, maar echte waarden zijn universeel. Net zoals de diepere betekenis van Pasen. Of je nu in iets gelooft of niet, die blijde boodschap van 'verrijzenis', in welke vorm dan ook en uit alles wat je als 'dood' kan ervaren, die kan iedereen verstaan en gebruiken. Opstaan, verrijzen, herleven, recht krabbelen, opbloeien... uit onderdrukking, verdriet, angst, geweld... Of soms, hoe zot het ook mag klinken, zoals ik zelf in de allermoeilijkste dagen van m'n depressie: gewoon het letterlijke, ogenschijnlijk o zo simpele, opstaan uit bed... Jammer genoeg weerklinken met het wegvallen van zovele tradities als aanknopings- of steunpunt ook die verrijzeniswoorden, woorden van hoop, kracht en herboren worden, steeds minder helder... Een gemiste kans volgens mij, het verdwijnen van een mogelijke kapstok om mensenlevens mee overeind te houden...
Och, je kent me ondertussen al wel een beetje, hé: nooit een negatieve bedenking, nooit een minder vrolijk verhaal zonder dat ik er ook een minstens even positieve gedachte bij maak. En in dit geval is die gedachte verrassend simpel en duidelijk: tijden veranderen, dat is altijd al zo geweest, en bij alles wat ophoudt, begint er iets nieuws. Inderdaad, ik hoor het je al zeggen: 'als God een deur sluit, opent hij wel ergens een raam'. Wie weet staan we hier dus met al die eindigende tradities heel gewoon aan het begin van zovele en mogelijk nog veel mooiere nieuwe. We kunnen het alleen nog niet zien... En voilà, zie nu: daarmee is heel dat verrijzenisverhaal meteen nog maar eens bijzonder hedendaags en absoluut van toepassing gebleken! Komt dà tegen! Straf, hé. ;-)
Over muziek, poezen, bloemen, mensen, kerstmis... en zo veel meer. Geniet mee van de grote en kleine belevenissen en bedenkingen van zangeres Kristina Meganck.
Posts tonen met het label verloren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verloren. Alle posts tonen
dinsdag 3 april 2018
dinsdag 19 juli 2016
Bernard.
Afgelopen zaterdag kon je me al behoorlijk vroeg in m'n flapperende lange zwarte jurk het gebouw zien verlaten: een uitvaart mogen opluisteren in het verre Brugge, daar moet je op tijd voor vertrekken. Zeker als de weerman zon en aangename temperaturen belooft, want zulk uitzonderlijk nieuws geeft -zoals u wel weet- gegarandeerd een soort volksverhuizing richting kust...
M'n vriendin Lena vond het leuk om chauffeur voor me te spelen en we zouden er meteen een daguitstapje Brugge van maken. Haar vriend Luc ging ook mee, en Bernard, die de weg wist, vervolledigde het gezelschap.
Op de autostrade viel er tegen alle verwachtingen in niets te merken van de voorspelde verkeersdrukte -viel dat even reuze mee- dus totaal op 't gemakje zoefden wij gezapig en comfortabel in de mooie cabrio richting historische stad.
Bernard zou ons via de kortste weg naar onze bestemming brengen, maar toen hij ter hoogte van Zelzate vond dat we de autostrade beter verlieten leek ons dat zo danig vreemd dat we toch nog even verder reden, om dan in de buurt van Gent alsnog in te gaan op z'n aandringen.
We hebben er nog steeds het raden naar het waarom: na een klein toertje tot aan de Vooruit (volgens toeristische brochures absoluut een klein ommetje waard) leidde Bernard ons... terug de snelweg op!
Oké, uitgebreid 'den toerist uithangen' stond zeer zeker op onze agenda, maar 'sightseeing' was pas gepland nà mijn zangopdracht, en voor dit soort opdrachten wens ik pertinent -daar is geen weg naast- op tijd te komen.
Vlak voor Brugge stelde Bernard een kortere weg naar de kerk voor. Zo binnendoor zouden we er zeker en vast nog op tijd geraken!...
En het resultaat, dat raadt u natuurlijk al: hopeloos vast in een kluwen van wegwerkzaamheden en op de koop toe, uiteraard, totaal verdwaald in een wirwar van éénrichtingsstraten.
Bernard wist het toen duidelijk ook even niet meer en vermoedelijk verveeld met de situatie zweeg hij als vermoord in alle mogelijke talen.
Ondertussen tikte de klok natuurlijk angstaanjagend verder. Het 'nog op tijd komen' begon nipt te worden. Gelukkig, alweer dankzij die geweldige uitvinding, Smartphone genaamd, lukte het ons om, met Google Maps in de hand, weer de juiste richting te vinden. Nog nét keurig op tijd, stipt op het afgesproken moment, wandelde ik -niets aan de hand- in alle rust en kalmte, sereen zoals het een echte diva betaamd, het gebedshuis binnen.
De zon scheen feestelijk door de glasramen, het orgel klonk fantastisch, de organist was bijzonder in vorm. Heerlijk om zo te mogen zingen! Echt genieten.
En de vele kerkgangers beviel het duidelijk ook: de hele dienst lang draaide men zich in grote getale om, om verwonderd, bewonderend en vooral nieuwsgierig naar boven, naar het hoogzaal, naar die onbekende zangeres te kijken. Zelfs buiten op het plein voor de kerk had men zich gelukzalig kunnen laten meevoeren op de tonen van onze muziek!
Na afloop omhelsden, kusten en bedankten de familieleden van de overledene me duizendvoud om zoveel moois en het regende felicitaties van de andere aanwezigen. Dat je als artiest je publiek kan ontroeren en mag raken diep in hun hart en ziel, da's zowiezo het allermooiste compliment dat je krijgen kan, maar in dit geval voelde het ook best wel onwennig, zo na een begrafenis, een allerlaatste afscheid...
Job well done, op dus naar de welverdiende ontspanning: 't dagje Brugge.
Na enig rondtoeren, Bernard hield nog steeds wijselijk z'n mond, vonden we een parkeerplekje en even later smulden we op een zalig terras met uitzicht op het Belfort van een lekkere maaltijd terwijl we met veel deugd van onze Brugse Zot nipten. Nog een eindje kuieren langst de winkeltjes, als echte toeristen wat souveniertjes scoren, bij Bierbrasserie Cambrinus nog even worstelen met de zo goed als onmogelijke klus iets te drinken te kiezen uit die meer dan 400 biersoorten, en toen werd het langzaam tijd om weer huiswaarts te keren.
Het geopende dak verkoelde de gloeiend hete auto nauwelijks, maar dat deerde niet: het voelde als hemelse vakantie in een ver zuiders land. We zochten onze weg terug naar de ring en -o, wat een verrassing- Bernard vond op datzelfde moment z'n stem ook terug en dirigeerde ons -wat had je gedacht- nóg maar eens uitgebreid de verkeerde richtingen uit!
Ach, weet je, voor mij was dit een super fijne vakantiedag in uitzonderlijk goed gezelschap. Pure zaligheid, zo een aangename uitstap met leuke mensen en fantastisch weer. En dan nog eens in de luxe van een cabrio, bestuurd door een aanstekelijk relaxte chauffeur... Geweldig, toch?!
Dank je wel Bart en Amaryllis, dat ik in Brugge mocht komen zingen en dank je wel Lena en Luc, jullie maakten de dag extra extra.
En Bernard... ik vrees dat jij in de kortste keren door een spiksplinternieuw laatste model GPS vervangen wordt! Jouw TomTom-dagen zijn geteld, beste kerel. Zelfs updaten is in jouw geval volledig zinloos volgens mij. Jou rest enkel de bak met afgedankte elektronica tussen de rest van het afval op het containerpark...
Of 't moest zijn dat Lena je bij zich houdt, voor die speciale dagen dat ze nog eens in het wilde weg -op de goeien boef, zoals we dat in Aaantwaarpe zeggen- een eindje wil gaan rijden, wind in de haren, zon op het gezicht. Want om langst volstrekt ongekende wegen in bijzonder verrassende uithoeken en op buitengewone verloren plekjes terecht te komen, daar ben jij on-ge-twij-feld de meest ideale, bijna goddelijk geflipte gids voor. ;-)
M'n vriendin Lena vond het leuk om chauffeur voor me te spelen en we zouden er meteen een daguitstapje Brugge van maken. Haar vriend Luc ging ook mee, en Bernard, die de weg wist, vervolledigde het gezelschap.
Op de autostrade viel er tegen alle verwachtingen in niets te merken van de voorspelde verkeersdrukte -viel dat even reuze mee- dus totaal op 't gemakje zoefden wij gezapig en comfortabel in de mooie cabrio richting historische stad.
Bernard zou ons via de kortste weg naar onze bestemming brengen, maar toen hij ter hoogte van Zelzate vond dat we de autostrade beter verlieten leek ons dat zo danig vreemd dat we toch nog even verder reden, om dan in de buurt van Gent alsnog in te gaan op z'n aandringen.
We hebben er nog steeds het raden naar het waarom: na een klein toertje tot aan de Vooruit (volgens toeristische brochures absoluut een klein ommetje waard) leidde Bernard ons... terug de snelweg op!
Oké, uitgebreid 'den toerist uithangen' stond zeer zeker op onze agenda, maar 'sightseeing' was pas gepland nà mijn zangopdracht, en voor dit soort opdrachten wens ik pertinent -daar is geen weg naast- op tijd te komen.
Vlak voor Brugge stelde Bernard een kortere weg naar de kerk voor. Zo binnendoor zouden we er zeker en vast nog op tijd geraken!...
En het resultaat, dat raadt u natuurlijk al: hopeloos vast in een kluwen van wegwerkzaamheden en op de koop toe, uiteraard, totaal verdwaald in een wirwar van éénrichtingsstraten.
Bernard wist het toen duidelijk ook even niet meer en vermoedelijk verveeld met de situatie zweeg hij als vermoord in alle mogelijke talen.
Ondertussen tikte de klok natuurlijk angstaanjagend verder. Het 'nog op tijd komen' begon nipt te worden. Gelukkig, alweer dankzij die geweldige uitvinding, Smartphone genaamd, lukte het ons om, met Google Maps in de hand, weer de juiste richting te vinden. Nog nét keurig op tijd, stipt op het afgesproken moment, wandelde ik -niets aan de hand- in alle rust en kalmte, sereen zoals het een echte diva betaamd, het gebedshuis binnen.
De zon scheen feestelijk door de glasramen, het orgel klonk fantastisch, de organist was bijzonder in vorm. Heerlijk om zo te mogen zingen! Echt genieten.
En de vele kerkgangers beviel het duidelijk ook: de hele dienst lang draaide men zich in grote getale om, om verwonderd, bewonderend en vooral nieuwsgierig naar boven, naar het hoogzaal, naar die onbekende zangeres te kijken. Zelfs buiten op het plein voor de kerk had men zich gelukzalig kunnen laten meevoeren op de tonen van onze muziek!
Na afloop omhelsden, kusten en bedankten de familieleden van de overledene me duizendvoud om zoveel moois en het regende felicitaties van de andere aanwezigen. Dat je als artiest je publiek kan ontroeren en mag raken diep in hun hart en ziel, da's zowiezo het allermooiste compliment dat je krijgen kan, maar in dit geval voelde het ook best wel onwennig, zo na een begrafenis, een allerlaatste afscheid...
Job well done, op dus naar de welverdiende ontspanning: 't dagje Brugge.
Na enig rondtoeren, Bernard hield nog steeds wijselijk z'n mond, vonden we een parkeerplekje en even later smulden we op een zalig terras met uitzicht op het Belfort van een lekkere maaltijd terwijl we met veel deugd van onze Brugse Zot nipten. Nog een eindje kuieren langst de winkeltjes, als echte toeristen wat souveniertjes scoren, bij Bierbrasserie Cambrinus nog even worstelen met de zo goed als onmogelijke klus iets te drinken te kiezen uit die meer dan 400 biersoorten, en toen werd het langzaam tijd om weer huiswaarts te keren.
Het geopende dak verkoelde de gloeiend hete auto nauwelijks, maar dat deerde niet: het voelde als hemelse vakantie in een ver zuiders land. We zochten onze weg terug naar de ring en -o, wat een verrassing- Bernard vond op datzelfde moment z'n stem ook terug en dirigeerde ons -wat had je gedacht- nóg maar eens uitgebreid de verkeerde richtingen uit!
Ach, weet je, voor mij was dit een super fijne vakantiedag in uitzonderlijk goed gezelschap. Pure zaligheid, zo een aangename uitstap met leuke mensen en fantastisch weer. En dan nog eens in de luxe van een cabrio, bestuurd door een aanstekelijk relaxte chauffeur... Geweldig, toch?!
Dank je wel Bart en Amaryllis, dat ik in Brugge mocht komen zingen en dank je wel Lena en Luc, jullie maakten de dag extra extra.
En Bernard... ik vrees dat jij in de kortste keren door een spiksplinternieuw laatste model GPS vervangen wordt! Jouw TomTom-dagen zijn geteld, beste kerel. Zelfs updaten is in jouw geval volledig zinloos volgens mij. Jou rest enkel de bak met afgedankte elektronica tussen de rest van het afval op het containerpark...
Of 't moest zijn dat Lena je bij zich houdt, voor die speciale dagen dat ze nog eens in het wilde weg -op de goeien boef, zoals we dat in Aaantwaarpe zeggen- een eindje wil gaan rijden, wind in de haren, zon op het gezicht. Want om langst volstrekt ongekende wegen in bijzonder verrassende uithoeken en op buitengewone verloren plekjes terecht te komen, daar ben jij on-ge-twij-feld de meest ideale, bijna goddelijk geflipte gids voor. ;-)
Wil je ook één van die 400 bieren gaan drinken? Bierbrasserie Cambrinus website!
woensdag 16 maart 2016
Portefeuilleperikelen.
Vanmiddag op de bus trok de bijzondere verschijning van een jongeman, ik schat hem vooraan in de dertig, mijn bijna volledige aandacht: hij droeg een echt fascinerende en prachtige Dali-snor!* Nooit gezien en 't stond hem prima. En hij trok nét niet àl m'n aandacht, want ik had ook nog een beetje oog voor het vertederende beeld van een wat oudere man met een kindje op schoot, ik veronderstel grootvader en kleinzoon, duidelijk niet echt gewend om de bus te nemen. Een beetje onhandig dus, maar op een ontroerende manier.
Eén halte voor mij stapten ze af, zowel die fraaie snor als dat schattige duo, en gingen elk hun eigen weg. Terwijl de bus zich terug in beweging zette begaf ik me, zoals gewoonlijk, alvast op 't gemakje richting uitgang en zag op het stoeltje waar die man met het jongetje gezeten had een grote bruine portefeuille liggen. Uit een achterzak gevallen veronderstel ik...
Bezorgd haastte ik me ermee naar de buschauffeur, een sympathieke jonge Marokkaanse man, die, geweldig verbaasd over zoveel eerlijkheid en medeleven, meteen zwaar op de rem ging staan en z'n voertuig uit sprong om te kijken of die man ons misschien niet in paniek achterna gelopen kwam. Maar spijtig genoeg: hij was niet meer te bespeuren...
In de dikke portefeuille zat, behalve veel bankkaarten en geld -allé, 't is te zeggen: naar mijn maatstaven dan toch, hé...- gelukkig ook een identiteitskaart. De ondertussen al helemaal mee ongeruste chauffeur verzekerde me dat hij op z'n terugweg, zo ongeveer een kwartiertje later, aan de overkant van de halte weer even zou stoppen om uit te kijken naar de eigenaar van het verloren voorwerp en dat het anders prima, ik moest er zeker niet aan twijfelen, terugbezorgd zou worden door zijn dispatch.
En hij vervolgde weer snel zijn onderbroken traject want ondertussen had zich reeds een lange toeterende file achter z'n bus gevormd.
In het zonnetje verder wandelend naar m'n werk bedacht ik me dat ook ik eigenlijk wel even had kunnen teruggaan op zoek naar de eigenaar van de portefeuille, of eventueel het belangrijke kleinood ook had kunnen posten van op m'n receptie, aangetekend en wel, of het toch minstens naar het politiekantoor wat verderop had kunnen brengen... Tja, mogelijkheden zat, maar ik heb het terugbezorgen in de handen van die buschauffeur gelegd. En hopelijk is ook hij een eerlijke en medelevende mens. Uiteindelijk is het enige dat echt telt dat deze portefeuilleperikelen een happy end kennen.
En dat, dat ga ik dus vermoedelijk nooit te weten komen... ;-)
* U weet wel, kunstenaar Salvator Dali
en zijn beroemde snor.
Eén halte voor mij stapten ze af, zowel die fraaie snor als dat schattige duo, en gingen elk hun eigen weg. Terwijl de bus zich terug in beweging zette begaf ik me, zoals gewoonlijk, alvast op 't gemakje richting uitgang en zag op het stoeltje waar die man met het jongetje gezeten had een grote bruine portefeuille liggen. Uit een achterzak gevallen veronderstel ik...
Bezorgd haastte ik me ermee naar de buschauffeur, een sympathieke jonge Marokkaanse man, die, geweldig verbaasd over zoveel eerlijkheid en medeleven, meteen zwaar op de rem ging staan en z'n voertuig uit sprong om te kijken of die man ons misschien niet in paniek achterna gelopen kwam. Maar spijtig genoeg: hij was niet meer te bespeuren...
In de dikke portefeuille zat, behalve veel bankkaarten en geld -allé, 't is te zeggen: naar mijn maatstaven dan toch, hé...- gelukkig ook een identiteitskaart. De ondertussen al helemaal mee ongeruste chauffeur verzekerde me dat hij op z'n terugweg, zo ongeveer een kwartiertje later, aan de overkant van de halte weer even zou stoppen om uit te kijken naar de eigenaar van het verloren voorwerp en dat het anders prima, ik moest er zeker niet aan twijfelen, terugbezorgd zou worden door zijn dispatch.
En hij vervolgde weer snel zijn onderbroken traject want ondertussen had zich reeds een lange toeterende file achter z'n bus gevormd.
In het zonnetje verder wandelend naar m'n werk bedacht ik me dat ook ik eigenlijk wel even had kunnen teruggaan op zoek naar de eigenaar van de portefeuille, of eventueel het belangrijke kleinood ook had kunnen posten van op m'n receptie, aangetekend en wel, of het toch minstens naar het politiekantoor wat verderop had kunnen brengen... Tja, mogelijkheden zat, maar ik heb het terugbezorgen in de handen van die buschauffeur gelegd. En hopelijk is ook hij een eerlijke en medelevende mens. Uiteindelijk is het enige dat echt telt dat deze portefeuilleperikelen een happy end kennen.
En dat, dat ga ik dus vermoedelijk nooit te weten komen... ;-)
* U weet wel, kunstenaar Salvator Dali
en zijn beroemde snor.
Abonneren op:
Posts (Atom)



