Er zijn behoorlijk wat dingen in deze wereld die ik vermoedelijk nooit zal begrijpen, en die af en toe m'n hoofd met vragen vullen. De voorbije weken stak weer eens zo'n situatie de kop op. Begrijpt u waarom mensen katten 'in huis' halen, om ze dan dag en nacht buiten los te laten lopen en voor zichzelf te laten zorgen? En uiteraard: zónder halsbandje, zónder chip en ook zónder castratie of sterilisatie. Het kan aan mij liggen, maar ik snap er om zoveel verschillende redenen alleszins niks van. Toch zeker hier niet, in zulk verstedelijkt gebied. Op 'den boeren buiten' kan ik er eventueel nog wel in komen...
Sinds ik hier op mijn gelijkvloers appartement kwam wonen, maakte ik kennis met een eindeloze stoet 'buurtkatten'. Hoeveel zou ik er ondertussen al niet hebben zien komen... en gaan? In 't beste geval kuieren ze op hun gemakje voorbij het terras of liggen ze zich als ware pasha's op de warme stenen te koesteren in de zon. Jammer genoeg blijft het daar meestal niet bij. Er wordt regelmatig met veel energie op alle tuinvogels groot en klein gejaagd, en geloof me, ze krijgen ze nog te pakken ook. 'k Wil niet weten wat dat met het vogelbestand doet!... Elke lente opnieuw vinden er hevige territoriumgevechten plaats in de tuin, met veel nachtelijk gekrijs en gejank. En ook vaak met de meest vreselijke verwondingen tot gevolg. Die strompelen hier dan duidelijk zichtbaar de dagen erna voorbij... Mijn terras blijkt een soort catwalk -letterlijk, hahaha- te zijn. Een plek om jezelf als kat te laten opmerken. Ontzettend vrijpostig paraderen hier zowat alle poezenbeesten uit de buurt voorbij; zeker alle katers, om, meestal elk op z'n beurt, met stevig wat sproeiwerk tegen m'n bloempotten mijn buitenruimte als de hunne te claimen... Ze drinken ongegeneerd uit m'n bak met waterplanten, slurpen onverstoorbaar de vogelzwembadjes leeg en likken zelfs het drinksysteem voor de insecten -een stenen bord met natte keien- helemaal droog. Al doende vertrappelen ze achteloos m'n geliefde, o zo frêle bloemen. En af en toe geeft één van m'n planten de geest omdat ik niet op tijd merkte dat de aarde in zijn bloempot tot uitverkoren plasplekje gedoopt werd...
Mijn twee katers Poekie en Pompon mogen nooit naar buiten. Neen, da's niet zielig, echt niet. Ze hebben een heel boeiend leven hier binnenskamers en komen absoluut niets te kort, op geen enkel vlak. Daar mag je gerust in zijn. Zo blijven ze veilig, gezond en vrij van parasitair ongedierte, wat een geruststelling voor mij is; en zo zijn ook de zaadjes en nootjes etende vogeltjes op het terras safe. En al mogen ze niet vrij in- en uitlopen, die twee knuffels van mij, ze genieten wél van de buitenlucht. Als hier de ramen wijd open staan, dan plaats ik daar horren in. Geen gewone horren met insectengaas, maar speciale zelf gefabriceerde poezenhorren met gegalvaniseerd volièregaas, met gaten van ongeveer één vierkante centimeter. En ze vinden het echt zalig om ervoor te hangen, en onbezorgd en gretig alle geurtjes en luchtjes van buiten op te snuiven met de zon of de wind op hun snuiteke; of hoog vanop de krabpaal, die ik er dan altijd voor zet, nét niet zonder barrière de vogeltjes te bespieden en al het reilen en zeilen in de tuin nauwgezet in 't oog te houden.
Twee weken geleden stond er plots een nieuwe, nog erg jonge kat voor de hor in het openstaande venster. Een volledig lichtbruin-zwart gestreept tijgerke zonder enige vorm van schuwheid of bedreiging, heel gewoon met slechts een stevige dosis kinderlijk onschuldige nieuwsgierigheid. 't Zag er nogal een lieveke uit en omdat mijn katers zo nog wel vriendjes aan de andere kant van het gaas hadden, vond ik het wel leuk voor hen. Maar de volgende dagen was dat katje er weer, en deze keer niet zo vredevol! Met alle kracht in zich viel het mijn katers achter de hor aan! Het haar vloog in het rond en het geschreeuw moet ver te horen geweest zijn. Misschien lag het aan het 'kattenseizoen', want het luidde een intens aantal dagen in met epische gevechten in de tuin. De lucht zat dagenlang vol van door merg en been snijdend gekrijs en het gegil, zo uit de ergste horrornachtmerrie, als van een baby die op gruwelijke wijze doodgebeten wordt of zoiets, bleef me opnieuw en opnieuw ijskoude rillingen bezorgen.
Ik trachtte te achterhalen wie er nu precies aan 't bakkeleien was, want ontdek de verschillende individuen maar eens in zo'n kluwen vechtende plush ergens half verborgen in het dichte struikgewas. En behalve een aantal van de zelfverzekerde 'veteranen' hier croste hier precies steeds weer datzelfde tijgertje voorbij... Niet moeilijk dat ik uitgerekend dié altijd zag: het was niet één tijgertje, het bleken er uiteindelijk dríe te zijn! Drie nieuwe gestreepte katten in de tuin, en vermoedelijk allemaal ongesneden katers. Twee identiek dezelfde tijgertjes -één lief en één kwaadaardig- en één iets grotere, iets rondere, tijger met wat meer grijs in z'n strepen. Mooi beestje eigenlijk. En omdat ze nieuw in de buurt zijn, is hier dus een ware burgeroorlog uitgebroken. Zucht.
Poekie trekt het zich niet aan. Eén bijzonder doordringende blik van hem, geen geluid erbij of niks, slechts één blik, en gelijk welke andere kat druipt geruisloos af. Mijn zelfverzekerde Poekie is de baas en daarmee uit. Met de anders al zo schuchtere en snel angstige Pompon is het een heel ander verhaal. Hij houdt, met hoge rug, z'n vacht volledig overeind en z'n staart vier keer zo dik als normaal, gevaarlijk grommend en blazend de wacht bij het open venster, ook als er niemand aan de andere kant is. In zijn alles overheersende benauwdheid wou hij mij zelfs bijten toen ik hem trachtte te kalmeren. Pompon is werkelijk totaal van z'n melk door al die vechtersbazen. Radeloos over z'n toeren en panisch angstig probeerde hij al z'n favoriete spullen in huis te markeren als de zijne. Niet door erop te sproeien, zoals katers normaal gezien doen, want dat kan hij als gesteriliseerde kater uiteraard niet meer, maar door er -tot mijn grote ellende- overal een klein plasje op te doen. Op de vloer, op de matjes op de vensterbanken, op de krabpalen, in de poezenmandjes, op z'n ál speelgoed, op de poezendeken op bed (gelúkkig voor mij en m'n bed ééntje met een vochtafstotende onderkant), bij de eetbakjes, naast de drinkwaterschaal...
Er is weinig dat ik eraan kan doen. Begrip tonen en vooral niet boos zijn. Opruimen en poetsen. De wasmachine draait bijna continu. 'k Hou een beetje de wacht om met een krachtige plantenspuit elke eventuele snode belager meteen een stevig nat pak te bezorgen, want dat werkt bijzonder goed als afschrikmiddel. Verder overlaad ik Pompon met extra veel aandacht en een overdosis knuffels, en 'k leid hem zoveel als mogelijk af met allerlei leuke spelletjes, zodat hij zich hopelijk gauw weer terug veilig gaat voelen. En ondertussen wens ik vanuit de grond van mijn hart dat die knokkende oproerlingen daarbuiten snel tot een degelijk en langdurig vredesakkoord komen. Graag vandáág nog. En liefst zonder nog één of andere allerlaatste fenomenale aanslag op mijn geliefde terras en huisgenootjes. Want wat mij betreft is het poezenleed hier op 'den Bosuil' stilaan niet meer te overzien, hoor... ;-)
Over muziek, poezen, bloemen, mensen, kerstmis... en zo veel meer. Geniet mee van de grote en kleine belevenissen en bedenkingen van zangeres Kristina Meganck.
Posts tonen met het label Pompon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Pompon. Alle posts tonen
zaterdag 9 mei 2020
zaterdag 11 april 2020
Een zowel proper als vies verhaaltje...
Ter afwisseling van m'n 'blijf-in-uw-kot-filmkes' dacht ik gisteren ter afwisseling nog eens een waar gebeurd verhaaltje neer te schrijven, maar dat heeft dus, zoals u nu ziet, enige vertraging opgelopen. Vermoedelijk omdat ik er nog moe van was, van heel die historie...
Sinds er hier in mijn appartement nieuwe ruiten werden gezet, afgelopen oktober, had ik die eigenlijk nog geen noemenswaardige poetsbeurt gegeven. Ja, 'k weet het, je kunt me absoluut geen fanatieke huisvrouw noemen, zeker niet als het op stevig poetsen aankomt. Het is wat het is, hé. De meest gore vegen, overduidelijke handafdrukken en uitzicht belemmerende vuilheid waste ik uiteraard al wel weg, maar de boel zo eens echt met oog voor detail doen blinken, dat kwam er nog niet eerder van... En ondertussen zat er ook een dikke laag door de regen vastgekoekt stof tegen de glaspartijen.
De afgelopen week echter, zo met die dagelijkse dosis stralende zon, en alle vensters wagenwijd open, begon ik me toch een beetje te ergeren aan het verstoorde, enigszins troebele uitzicht naar buiten. Eergisteren ging ik dus, gewapend met emmer en sop, enthousiast -ja, écht!- aan de slag. "Amai", zult ge misschien bezorgd of geïntrigeerd zeggen, "ruiten kuisen bij u, dat zal nogal serieus wat verschuif- en verhuiswerk geven, met al die planten zowel op het terras als binnen!" Inderdaad, een terechte opmerking, moest ik die enorme plaveien glas hier moeten poetsen met behulp van een trapladdertje of dergelijke. Maar dat is dus, gelukkig, niet zo. Hooguit moet ik hier en daar eens een takje opzij houden, maar verder wordt hier bij het ruiten wassen beslist niet één plant verzet! Ik beschik namelijk over zo'n schitterend systeem van een uitschuifbare glazenwasser met aan de ene kant een microvezeldoek, speciaal voor ruiten, en aan de andere kant een super praktisch ruitenwisserke, 'n 'aftrekkerke' zoals we dat in Antwerpen noemen. Met die combinatie kan ik zonder al te veel moeite 1. absoluut overal aan, en 2., eveneens absoluut, overal tussen!
Het hele klusje ging goed vooruit en ik genoot van het tot in het kleinste detail schoonmaken van al het glas, zowel aan de buiten- als aan de binnenkant. Tot mijn eigen verbazing was ik er, zo op m'n gemakje, uiteindelijk toch wel een dikke twee uur mee bezig geweest en bijgevolg mocht het resultaat er zeker en vast zijn! Alsof er plots totaal geen enkele barrière meer was tussen mezelf en de buitenwereld! Wauw! Al het nieuwe groen op het terras en in de tuin kwamen zo mogelijk nóg meer in volle glorie bij me binnen. Zalig! Zelfs de twee poezen vonden het duidelijk wel iets hebben en trokken vrolijk met elkaar rondtollend spurtjes van de ene kamer naar de andere.
Moe maar zeer tevreden -éindelijk eens écht iets gedaan- zat ik wat later op m'n gemakje aan m'n bureautje achter de computer wat berichtjes te lezen en een beetje aan een filmke te prullen, ondertussen volop genietend van het hervonden uitzicht. In de verrukkelijke rust van die zonnige namiddag en de heerlijke stilte (op de vele fraaie vogelgeluiden daarbuiten na natuurlijk) hoorde ik plots in de woonkamer een niet direct te definiëren zachte 'plets'. Absoluut geen geluid dat je van je stoel doet opveren met een verschrikt "Wa was dà?!" Je zou het zelfs gerust hebben kunnen missen, of negeren, maar ik besloot toch maar even om het hoekje te gaan piepen. 't Was misschien een welgemikte duivendrets tegen m'n vers gewassen blingbling, hé.
In eerste instantie merkte ik niet direct iets op dat uit de haak was, maar toen ik het eenmaal zag... OMG! Mijn adem stokte ervan! Zelfs m'n vertrouwde 'krachttermen' bleven in m'n mond steken!... Onder 'normale' omstandigheden zou m'n vriendin Kira me tot op het 14e kunnen horen vloeken, denk ik, maar m'n verbijstering was zodanig totaal da'k er in een uitzonderlijk soort dodelijke kalmte letterlijk met stomheid geslagen bij stond. Dat die zachte, bijna volledig genegeerde 'plets' het énige geluid geweest was bij de pure horror scene daar voor m'n ogen verbaast me nog steeds!...
Al dat zotte en energieke door-de-kamers-heen-en-weer-sjezen had Poekie en Pompon stevig honger doen krijgen, en omdat we nu toch wat 'op de goeien boef' leven, en niet meer echt op tijd en uur, gaf ik ze hun avondmaal dan maar alvast wat eerder. En blijkbaar moet dat dan toch een beetje fout gevallen zijn op die arme Pompon zijn maagje... Gezeten in het allerhoogste mandje in huis, vlak aan de grootste venster, die in de woonkamer, had hij -en vreemd genoeg totaal zonder voorafgaande 'waarschuwingsgeluiden'- z'n hele gretig naar binnen geschrokte maaltje weer overgegeven. En niet alleen in dat voor mij zonder ladder onbereikbaar mandje. Nee, nee, hij had er echt 'werk' van gemaakt!... De hele mix van halfverteerde brokjes, sterk ruikende saus en meurende maagsappen droop in een brede waaiervorm tergend langzaam langst de ramen naar beneden. Inderdaad niet slechts van de dichtstbijzijnde, en meteen ook ongetwijfeld lastigste glaspartij om te poetsen (de enorme radiator met zeer zware vensterbank staan onmogelijk lomp in de weg), maar van béide enorme ramen, want het schuifbare deel stond -uiteraard!- nog lekker wijd open. Alle planten rond en onder de grote krabpaal zaten volledig onder het kleverig 'aromarijke' spul. De vloer, het houtwerk, de rails van het schuifraam, de lange radiator, de vensterbank, de poezenkussen, m'n roze-oranje-gele schelpenmobieltje, de drie vrolijke kabouters die tussen venster en radiator altijd gezellig lachend broederlijk bij elkaar naar buiten mogen staan kijken ... Echt, absoluut àlles in de brede omgeving deelde royaal mee in de stinkende spetters. Zucht. En slechts één hele zachte 'plets', hé... Niet te geloven eigenlijk...
Nog eens twee uur heeft het me gekotst, o pardon, gekost natuurlijk, om het vieze boeltje opgekuist te krijgen. Stikkapot was ik ervan. Maar het moet gezegd, eerlijk is eerlijk: 'k heb niet eens één keer gevloekt; Pompon heeft geen straf gekregen, hoor, en hij is helemaal oké, hij at zelfs meteen na die supplementaire schoonmaaksessie op z'n gemak en met veel smaak opnieuw wat harde brokjes in de keuken; en ik, ik geniet nu zo mogelijk nog eens zoveel van mijn nóg eens éxtra gepoetste propere ramen! ;-)
Sinds er hier in mijn appartement nieuwe ruiten werden gezet, afgelopen oktober, had ik die eigenlijk nog geen noemenswaardige poetsbeurt gegeven. Ja, 'k weet het, je kunt me absoluut geen fanatieke huisvrouw noemen, zeker niet als het op stevig poetsen aankomt. Het is wat het is, hé. De meest gore vegen, overduidelijke handafdrukken en uitzicht belemmerende vuilheid waste ik uiteraard al wel weg, maar de boel zo eens echt met oog voor detail doen blinken, dat kwam er nog niet eerder van... En ondertussen zat er ook een dikke laag door de regen vastgekoekt stof tegen de glaspartijen.
De afgelopen week echter, zo met die dagelijkse dosis stralende zon, en alle vensters wagenwijd open, begon ik me toch een beetje te ergeren aan het verstoorde, enigszins troebele uitzicht naar buiten. Eergisteren ging ik dus, gewapend met emmer en sop, enthousiast -ja, écht!- aan de slag. "Amai", zult ge misschien bezorgd of geïntrigeerd zeggen, "ruiten kuisen bij u, dat zal nogal serieus wat verschuif- en verhuiswerk geven, met al die planten zowel op het terras als binnen!" Inderdaad, een terechte opmerking, moest ik die enorme plaveien glas hier moeten poetsen met behulp van een trapladdertje of dergelijke. Maar dat is dus, gelukkig, niet zo. Hooguit moet ik hier en daar eens een takje opzij houden, maar verder wordt hier bij het ruiten wassen beslist niet één plant verzet! Ik beschik namelijk over zo'n schitterend systeem van een uitschuifbare glazenwasser met aan de ene kant een microvezeldoek, speciaal voor ruiten, en aan de andere kant een super praktisch ruitenwisserke, 'n 'aftrekkerke' zoals we dat in Antwerpen noemen. Met die combinatie kan ik zonder al te veel moeite 1. absoluut overal aan, en 2., eveneens absoluut, overal tussen!
Het hele klusje ging goed vooruit en ik genoot van het tot in het kleinste detail schoonmaken van al het glas, zowel aan de buiten- als aan de binnenkant. Tot mijn eigen verbazing was ik er, zo op m'n gemakje, uiteindelijk toch wel een dikke twee uur mee bezig geweest en bijgevolg mocht het resultaat er zeker en vast zijn! Alsof er plots totaal geen enkele barrière meer was tussen mezelf en de buitenwereld! Wauw! Al het nieuwe groen op het terras en in de tuin kwamen zo mogelijk nóg meer in volle glorie bij me binnen. Zalig! Zelfs de twee poezen vonden het duidelijk wel iets hebben en trokken vrolijk met elkaar rondtollend spurtjes van de ene kamer naar de andere.
Moe maar zeer tevreden -éindelijk eens écht iets gedaan- zat ik wat later op m'n gemakje aan m'n bureautje achter de computer wat berichtjes te lezen en een beetje aan een filmke te prullen, ondertussen volop genietend van het hervonden uitzicht. In de verrukkelijke rust van die zonnige namiddag en de heerlijke stilte (op de vele fraaie vogelgeluiden daarbuiten na natuurlijk) hoorde ik plots in de woonkamer een niet direct te definiëren zachte 'plets'. Absoluut geen geluid dat je van je stoel doet opveren met een verschrikt "Wa was dà?!" Je zou het zelfs gerust hebben kunnen missen, of negeren, maar ik besloot toch maar even om het hoekje te gaan piepen. 't Was misschien een welgemikte duivendrets tegen m'n vers gewassen blingbling, hé.
In eerste instantie merkte ik niet direct iets op dat uit de haak was, maar toen ik het eenmaal zag... OMG! Mijn adem stokte ervan! Zelfs m'n vertrouwde 'krachttermen' bleven in m'n mond steken!... Onder 'normale' omstandigheden zou m'n vriendin Kira me tot op het 14e kunnen horen vloeken, denk ik, maar m'n verbijstering was zodanig totaal da'k er in een uitzonderlijk soort dodelijke kalmte letterlijk met stomheid geslagen bij stond. Dat die zachte, bijna volledig genegeerde 'plets' het énige geluid geweest was bij de pure horror scene daar voor m'n ogen verbaast me nog steeds!...
Al dat zotte en energieke door-de-kamers-heen-en-weer-sjezen had Poekie en Pompon stevig honger doen krijgen, en omdat we nu toch wat 'op de goeien boef' leven, en niet meer echt op tijd en uur, gaf ik ze hun avondmaal dan maar alvast wat eerder. En blijkbaar moet dat dan toch een beetje fout gevallen zijn op die arme Pompon zijn maagje... Gezeten in het allerhoogste mandje in huis, vlak aan de grootste venster, die in de woonkamer, had hij -en vreemd genoeg totaal zonder voorafgaande 'waarschuwingsgeluiden'- z'n hele gretig naar binnen geschrokte maaltje weer overgegeven. En niet alleen in dat voor mij zonder ladder onbereikbaar mandje. Nee, nee, hij had er echt 'werk' van gemaakt!... De hele mix van halfverteerde brokjes, sterk ruikende saus en meurende maagsappen droop in een brede waaiervorm tergend langzaam langst de ramen naar beneden. Inderdaad niet slechts van de dichtstbijzijnde, en meteen ook ongetwijfeld lastigste glaspartij om te poetsen (de enorme radiator met zeer zware vensterbank staan onmogelijk lomp in de weg), maar van béide enorme ramen, want het schuifbare deel stond -uiteraard!- nog lekker wijd open. Alle planten rond en onder de grote krabpaal zaten volledig onder het kleverig 'aromarijke' spul. De vloer, het houtwerk, de rails van het schuifraam, de lange radiator, de vensterbank, de poezenkussen, m'n roze-oranje-gele schelpenmobieltje, de drie vrolijke kabouters die tussen venster en radiator altijd gezellig lachend broederlijk bij elkaar naar buiten mogen staan kijken ... Echt, absoluut àlles in de brede omgeving deelde royaal mee in de stinkende spetters. Zucht. En slechts één hele zachte 'plets', hé... Niet te geloven eigenlijk...
Nog eens twee uur heeft het me gekotst, o pardon, gekost natuurlijk, om het vieze boeltje opgekuist te krijgen. Stikkapot was ik ervan. Maar het moet gezegd, eerlijk is eerlijk: 'k heb niet eens één keer gevloekt; Pompon heeft geen straf gekregen, hoor, en hij is helemaal oké, hij at zelfs meteen na die supplementaire schoonmaaksessie op z'n gemak en met veel smaak opnieuw wat harde brokjes in de keuken; en ik, ik geniet nu zo mogelijk nog eens zoveel van mijn nóg eens éxtra gepoetste propere ramen! ;-)
maandag 30 maart 2020
Voetbal op den Bosuil.
"Allé, Kristina, waar hebt gij het nu over?!", zult ge misschien verbaasd reageren op de titel van dit verhaaltje. "Door de coronacrisis zijn toch alle sportieve competities en dergelijke voor onbepaalde tijd opgeschort of afgelast?! Dan is er toch ook geen voetbal meer op den Bosuil?!..." Ja, dat klopt natuurlijk volledig. Maar... als ik het over 'den Bosuil' heb, dan spreek ik niet per se over het stadion, hé...
Luister, ik heb weinig of niks met voetbal. Elk wat wils, hoor, ik vind het best als het voor jou je hoogste goed is, maar voor mij... Een hoop zwaar overbetaalde mannekes, die met z'n allen achter een bal aan crossen, om, als ze hem eenmaal te pakken krijgen, hem weer zo ver mogelijk bij zich vandaan schoppen, 't is niet echt aan mij besteed. Dus, hij heeft het zeker en vast niet van mij, mijne Pompon, want ik ken er eigenlijk niks van, van voetbal. Maar hij duidelijk wél.
Urenlang crost kater Pompon, super geconcentreerd, de bal meesterlijk aan de poot houdend, door de kamers van het huis. Ik veronderstel dat de spelregels wel enigszins aangepast zijn, want om te beginnen ziet het veld er hier niet netjes rechthoekig uit, maar beslaat het al die qua oppervlakte zeer uiteenlopende ruimtes van de flat. En terwijl ge op een échte grasmat slechts uw medespelers moet zien te ontwijken, staan hier de meest onmogelijke voorwerpen op het terrein. Maar daar trekt hij zich niks van aan en dribbelt behendig tussen en langst alle mogelijke obstakels. Vakkundig en vloeiend als water slalomt hij tussen stoel- tafel- en sofapoten door. Slechts in de 'middengang' van het appartement, de lange open ruimte van aan de voordeur tot in de achterste kamer, de redelijk brede 'verbindingsweg' waar zowat elke andere ruimte op uitgeeft, kan er even ernstig snelheid gemaakt worden. Ideaal om languit op je pluizige witte buik, en met veel show uiteraard, over de vloer achter je bal aan te schuiven. Om hem uit de goal te houden of zo, vermoed ik. Al heb ik tot nog toe niet ontdekt waar dat doel zich dan eigenlijk wel mag bevinden... Het blijft een beetje een vaag mysterie voor mij. Maar duidelijk niet voor Pompon want hij doet, net zoals die vet betaalde professionals, geweldig zotte danskes als hij -god mag weten waar- eens een fenomenaal doelpunt weet te scoren.
Het voetbal heeft hier trouwens een dimensie meer dan op het standaard speelterrein. Pompon gaat namelijk ook de hoogte in. Na de occasionele 10 minuutjes rust zo af en toe, al dan niet met een verfrissend slokje water, of zelfs een snel hapje in de plaatselijk kantine, gooit hij vanaf de hoek van de woonkamertafel, de hoge kleerkast of het roze bed de bal weer op ’t veld en gaat de wedstrijd opnieuw verder. Van links naar rechts sprintend geeft hij paskes die op wereldniveau niet zouden misstaan, maar uiteraard: uitsluitend naar zichzelf, want hij is de enige speler in dit aangepaste voetbal op den Bosuil.
Luister, ik heb weinig of niks met voetbal. Elk wat wils, hoor, ik vind het best als het voor jou je hoogste goed is, maar voor mij... Een hoop zwaar overbetaalde mannekes, die met z'n allen achter een bal aan crossen, om, als ze hem eenmaal te pakken krijgen, hem weer zo ver mogelijk bij zich vandaan schoppen, 't is niet echt aan mij besteed. Dus, hij heeft het zeker en vast niet van mij, mijne Pompon, want ik ken er eigenlijk niks van, van voetbal. Maar hij duidelijk wél.
Urenlang crost kater Pompon, super geconcentreerd, de bal meesterlijk aan de poot houdend, door de kamers van het huis. Ik veronderstel dat de spelregels wel enigszins aangepast zijn, want om te beginnen ziet het veld er hier niet netjes rechthoekig uit, maar beslaat het al die qua oppervlakte zeer uiteenlopende ruimtes van de flat. En terwijl ge op een échte grasmat slechts uw medespelers moet zien te ontwijken, staan hier de meest onmogelijke voorwerpen op het terrein. Maar daar trekt hij zich niks van aan en dribbelt behendig tussen en langst alle mogelijke obstakels. Vakkundig en vloeiend als water slalomt hij tussen stoel- tafel- en sofapoten door. Slechts in de 'middengang' van het appartement, de lange open ruimte van aan de voordeur tot in de achterste kamer, de redelijk brede 'verbindingsweg' waar zowat elke andere ruimte op uitgeeft, kan er even ernstig snelheid gemaakt worden. Ideaal om languit op je pluizige witte buik, en met veel show uiteraard, over de vloer achter je bal aan te schuiven. Om hem uit de goal te houden of zo, vermoed ik. Al heb ik tot nog toe niet ontdekt waar dat doel zich dan eigenlijk wel mag bevinden... Het blijft een beetje een vaag mysterie voor mij. Maar duidelijk niet voor Pompon want hij doet, net zoals die vet betaalde professionals, geweldig zotte danskes als hij -god mag weten waar- eens een fenomenaal doelpunt weet te scoren.
Het voetbal heeft hier trouwens een dimensie meer dan op het standaard speelterrein. Pompon gaat namelijk ook de hoogte in. Na de occasionele 10 minuutjes rust zo af en toe, al dan niet met een verfrissend slokje water, of zelfs een snel hapje in de plaatselijk kantine, gooit hij vanaf de hoek van de woonkamertafel, de hoge kleerkast of het roze bed de bal weer op ’t veld en gaat de wedstrijd opnieuw verder. Van links naar rechts sprintend geeft hij paskes die op wereldniveau niet zouden misstaan, maar uiteraard: uitsluitend naar zichzelf, want hij is de enige speler in dit aangepaste voetbal op den Bosuil.
♪♫ ♪ ‘We are the champions!’ ♪♫♪ Geen andere spelers, maar supporters zijn er hier wel, namelijk mezelf, in hoogst eigen persoon. Goed da'k nu al een paar jaar -weliswaar vanop afstand- mee heb kunnen oefenen met de Antwerp supporters in het nabijgelegen stadion, en alzo de nodige aansporende en ophitsende liedjes perfect ken en meezing.
Een scheidsrechter hebben we hier niet nodig. Met slechts één speler gaat er weinig mis. Daarbij, ik ken de correcte voetbalregels toch niet, dus geen idee wanneer ik zou moeten fluiten of gele en rode kaarten uitdelen. En aangezien Pompon geen handen heeft, maar wel vier voeten, is het me dus ook totaal niet duidelijk of überhaupt sprake kan zijn van 'hands' of andere onrechtmatigheden.
Ordediensten daarentegen zijn bij deze wedstrijden jammer genoeg wél van het grootste belang. Zoals bij de echt cruciale wedstrijden in 't authentieke stadion moet hier, op dit veld, de politie eveneens een scherp oogje in het zeil houden. Ook hier durft het hinderlijke gedrag van hooligans de spannende wedstrijd wel eens zwaar verstoren. We hebben vooral overlast van één halsstarrig, hardleers geval. Systematisch moet ik m'n andere kater Poekie buiten spel zetten. Of toch minstens ten allen tijde op de reservebank zien te houden. Deze regelrechte hooligan kent absoluut geen fair play, en hij doet niet liever dan de (tegen)speler vervaarlijk tackelen, om vervolgens barbaars de bal te stelen en die beestachtig in stukken te bijten! En dat, dat heb ik voorlopig -bij mijn weten toch niet- zelfs de allerergste, meest gevreesde en gewelddadigste van al die beruchte destructieve herrieschoppers in 't Bosuil stadion nog niet weten doen!...
Ik wou nu eigenlijk schrijven: "Voilà, ge ziet het, ondanks de coronacrisis is er nog steeds voetbal op den Bosuil.", maar... ge ziét het natuurlijk niet. 'k Heb al moe geprobeerd om Pompon in volle actie vast te leggen op film, maar ik moet nog maar een camera vastnemen en hij ligt al ergens plat met een air van 'ik weet van niks, zenne'. Ge zult me dus voorlopig op m'n woord moeten geloven dat er inderdaad nog steeds gevoetbald wordt op den Bosuil. Niks aan te doen.
Tot slot dan nog dit leuke detail. Ondanks het feit dat ik deze periode van verplicht thuiszitten moederziel alleen doorbreng, deel ik tóch elke nacht weer het bed met een echte voetballer! Komt da tegen, hé!... ;-)
Een scheidsrechter hebben we hier niet nodig. Met slechts één speler gaat er weinig mis. Daarbij, ik ken de correcte voetbalregels toch niet, dus geen idee wanneer ik zou moeten fluiten of gele en rode kaarten uitdelen. En aangezien Pompon geen handen heeft, maar wel vier voeten, is het me dus ook totaal niet duidelijk of überhaupt sprake kan zijn van 'hands' of andere onrechtmatigheden.
Ordediensten daarentegen zijn bij deze wedstrijden jammer genoeg wél van het grootste belang. Zoals bij de echt cruciale wedstrijden in 't authentieke stadion moet hier, op dit veld, de politie eveneens een scherp oogje in het zeil houden. Ook hier durft het hinderlijke gedrag van hooligans de spannende wedstrijd wel eens zwaar verstoren. We hebben vooral overlast van één halsstarrig, hardleers geval. Systematisch moet ik m'n andere kater Poekie buiten spel zetten. Of toch minstens ten allen tijde op de reservebank zien te houden. Deze regelrechte hooligan kent absoluut geen fair play, en hij doet niet liever dan de (tegen)speler vervaarlijk tackelen, om vervolgens barbaars de bal te stelen en die beestachtig in stukken te bijten! En dat, dat heb ik voorlopig -bij mijn weten toch niet- zelfs de allerergste, meest gevreesde en gewelddadigste van al die beruchte destructieve herrieschoppers in 't Bosuil stadion nog niet weten doen!...
Ik wou nu eigenlijk schrijven: "Voilà, ge ziet het, ondanks de coronacrisis is er nog steeds voetbal op den Bosuil.", maar... ge ziét het natuurlijk niet. 'k Heb al moe geprobeerd om Pompon in volle actie vast te leggen op film, maar ik moet nog maar een camera vastnemen en hij ligt al ergens plat met een air van 'ik weet van niks, zenne'. Ge zult me dus voorlopig op m'n woord moeten geloven dat er inderdaad nog steeds gevoetbald wordt op den Bosuil. Niks aan te doen.
Tot slot dan nog dit leuke detail. Ondanks het feit dat ik deze periode van verplicht thuiszitten moederziel alleen doorbreng, deel ik tóch elke nacht weer het bed met een echte voetballer! Komt da tegen, hé!... ;-)
dinsdag 22 mei 2018
Prinses op de erwt? Nee, toch niet.
Kent u het sprookje 'De prinses op de erwt'? Daar moest ik de laatste tijd vaak een beetje giechelend aan denken... En, uiteraard leg ik u met veel plezier even uit waarom!
Zelfs in dat zachte roze bed van mij, onder het als verse sneeuw krakende hemelse dekbed en omringt door de stapels heerlijke kussens en knuffelzalige dekentjes, zelfs daarin draait men zich in z'n slaap wel eens om. En normaal gezien word ik daar niet echt wakker van... tot een paar weken geleden.
Lichtjes gewekt door pijn in m'n nek -vermoedelijk weer in een ietwat foute houding gelegen- draaide ik me wat ongelukkig zuchtend en brommend tussen de warme lakens om, onderwijl kussens opkloppend, dekbed herschikkend, lakens flapperend, intensief op zoek naar de ideale houding. En toen die eindelijk weer gevonden was en ik nog even een been verlegde in de hoop ook die broekspijp van m'n pyjama uit de knoop te wriemelen, porde er iets vreemds en hards van onder me in m'n dijbeen. Raar. Wat zou dat nu weer zijn?
Veel te moe en te slaperig om het licht aan te doen en eventueel ook uit 't bed te stappen, tastte ik in het duister van de kamer en de nacht op goed geluk even rond in de veel te overvloedig golving van die enorme berg textiel die me omgaf, in de hoop dat bed-vreemde ding te kunnen opduikelen. Maar helaas. Door m'n gewoel moet het zich met de rest van de klamme lappen verplaatst hebben, want er liet zich niets meer vinden. Bon, als er mij niks meer pookte, lag er mij ook niets meer in de weg om, na nog wat gedraai en gewriemel natuurlijk, eindelijk weer lekker verder te maffen.
En over wat er zich eventueel bij me in m'n bed bevond, daarover zou ik m'n hersenen later wel eens pijnigen. Zo een grote harige spin, zoals ik er in de herfst altijd wel eens een paar o.a. richting slaapkamer zie sprinten, kon het niet geweest zijn, want mijn gewicht had daar zonder twijfel meteen moes van gemaakt. Muggen? Veel te klein voor wat ik voelde. Eén van de poezen misschien? Een staart of een pootje? Mogelijk, want die kruipen geregeld bij me in bed. Maar dan had er met zekerheid onmiddellijk iemand ontzettend wijd z'n keel open gezet en mij vermoedelijk ook met paar welgemikte halen van een stel wreed scherpe klauwen niet mis te verstaan terechtgewezen. Een steen of iets gelijkaardigs -bedenk maar wat- zou door z'n zwaarte zeker op z'n plek zijn blijven liggen bij mijn tastend rondscharrellen. Trouwens, een steen kruipt -bij mijn weten toch niet- niet eventjes snel zelf onder één of ander dekbed, hé... En een bij mij in bed gedropte, doch onopgemerkte voetbal van Pompon -dag of nacht, maakt niet uit: spelen, nu!-, meestal met een overdosis voldoening en bakken enthousiasme eerst uitgebreid besabbeld, die had me hooguit in alle zachtheid een onopvallend vochtig plekje aan de zijkant van m'n broekspijp bezorgd.
Als u nu voor 't begin van m'n verhaaltje, of ondertussen, al even, stiekem of goed geweten, een glimp van het bij dit verhaal horende plaatje opving, dan hebt u zeker al een vermoeden van het vervolg, maar sta mij toe het u toch nog te vertellen.
Bij het ontwaken was ik eerlijk gezegd het nachtelijke voorval al weer vergeten. Maar na een kopje koffie en met een frisser hoofd, bij het opmaken van het bed; als al die vele kussens weer netjes opgeklopt worden, de massa dekentjes keurig opgevouwen, de geluchte lakens strakgetrokken en het enorme, 's morgens o zo platte dekbed door het met grootse gebaren energiek op en neer flappen weer een luchtige lichte hemelse donswolk wordt; bij dat bed-opmaken zag ik hem meteen liggen. Hij stak namelijk behoorlijk donker af tegen al dat roze en vooral tegen het uitzonderlijk eens niet roze, maar witte hoeslaken: een kleine grijze speelgoedmuis! En die zijn verdorie hard, die mini-namaakmuisjes, eigendom van mijn twee viervoetige huisgenoten, echt keihard, geloof me!...
Die nacht had ik dus blijkbaar niet het sprookje van de prinses op de erwt gespeeld, maar wel dat van de prinses op de múis! (gniffel gniffel) Mysterie opgelost. Of toch al half, want hoe was die muis daar dan diep in heel die berg bedtextiel terecht gekomen?!
Op die vraag kwam al snel ook een antwoord. En nee, Pompon had zich niet van 'voetbal' vergist, hoor. Onmiddellijk, echt binnen de seconde, nadat ik de muis in kwestie met een stevige zwier vrolijk door de steeds openstaande slaapkamerdeur richting halletje gemikt had, werd hij mij teruggebracht door super snelle Poekie, helemaal trots op zichzelf. Hij deponeerde het grijze dingetje triomfantelijk voor me op het witte hoeslaken neer en liet me met een serieuze lading kopjes weten dat dit een kadootje voor me was! Poekie apporteert heel erg graag en is daar ook bijzonder goed in, maar dit betekende duidelijk iets helemaal anders voor hem. En toen ik dat erkende en hem er met veel liefde voor bedankte, ging hij meteen vol ijver en geestdrift in alle mogelijke poezenspeelgoedverzamelplekjes van dit huis, en dat zijn er nogal wat, uitgebreid op zoek naar nog meer van diezelfde muisjes!...
Nu word ik dus regelmatig wakker in een bed dat niet alleen vol kussens en ander beddengoed in alle mogelijke tinten roze ligt, maar dat naast die reeds gekende enigszins vochtige mini-voetballen ook ruim voorzien is van keiharde kleine grijze muisjes.
Een prinses op een erwt blijk ik dus helaas, of gelukkig -dat laat ik in het midden- niet te zijn, maar ik kan je wel met zekerheid vertellen dat, met Poekie als onbetwiste en vermoedelijk niet meer bij te benen koploper, die twee Pluizige Prinsjes hier in huis echt wel ontzettend veel van me houden! ❤️😊
Zelfs in dat zachte roze bed van mij, onder het als verse sneeuw krakende hemelse dekbed en omringt door de stapels heerlijke kussens en knuffelzalige dekentjes, zelfs daarin draait men zich in z'n slaap wel eens om. En normaal gezien word ik daar niet echt wakker van... tot een paar weken geleden.
Lichtjes gewekt door pijn in m'n nek -vermoedelijk weer in een ietwat foute houding gelegen- draaide ik me wat ongelukkig zuchtend en brommend tussen de warme lakens om, onderwijl kussens opkloppend, dekbed herschikkend, lakens flapperend, intensief op zoek naar de ideale houding. En toen die eindelijk weer gevonden was en ik nog even een been verlegde in de hoop ook die broekspijp van m'n pyjama uit de knoop te wriemelen, porde er iets vreemds en hards van onder me in m'n dijbeen. Raar. Wat zou dat nu weer zijn?
Veel te moe en te slaperig om het licht aan te doen en eventueel ook uit 't bed te stappen, tastte ik in het duister van de kamer en de nacht op goed geluk even rond in de veel te overvloedig golving van die enorme berg textiel die me omgaf, in de hoop dat bed-vreemde ding te kunnen opduikelen. Maar helaas. Door m'n gewoel moet het zich met de rest van de klamme lappen verplaatst hebben, want er liet zich niets meer vinden. Bon, als er mij niks meer pookte, lag er mij ook niets meer in de weg om, na nog wat gedraai en gewriemel natuurlijk, eindelijk weer lekker verder te maffen.
En over wat er zich eventueel bij me in m'n bed bevond, daarover zou ik m'n hersenen later wel eens pijnigen. Zo een grote harige spin, zoals ik er in de herfst altijd wel eens een paar o.a. richting slaapkamer zie sprinten, kon het niet geweest zijn, want mijn gewicht had daar zonder twijfel meteen moes van gemaakt. Muggen? Veel te klein voor wat ik voelde. Eén van de poezen misschien? Een staart of een pootje? Mogelijk, want die kruipen geregeld bij me in bed. Maar dan had er met zekerheid onmiddellijk iemand ontzettend wijd z'n keel open gezet en mij vermoedelijk ook met paar welgemikte halen van een stel wreed scherpe klauwen niet mis te verstaan terechtgewezen. Een steen of iets gelijkaardigs -bedenk maar wat- zou door z'n zwaarte zeker op z'n plek zijn blijven liggen bij mijn tastend rondscharrellen. Trouwens, een steen kruipt -bij mijn weten toch niet- niet eventjes snel zelf onder één of ander dekbed, hé... En een bij mij in bed gedropte, doch onopgemerkte voetbal van Pompon -dag of nacht, maakt niet uit: spelen, nu!-, meestal met een overdosis voldoening en bakken enthousiasme eerst uitgebreid besabbeld, die had me hooguit in alle zachtheid een onopvallend vochtig plekje aan de zijkant van m'n broekspijp bezorgd.
Als u nu voor 't begin van m'n verhaaltje, of ondertussen, al even, stiekem of goed geweten, een glimp van het bij dit verhaal horende plaatje opving, dan hebt u zeker al een vermoeden van het vervolg, maar sta mij toe het u toch nog te vertellen.
Bij het ontwaken was ik eerlijk gezegd het nachtelijke voorval al weer vergeten. Maar na een kopje koffie en met een frisser hoofd, bij het opmaken van het bed; als al die vele kussens weer netjes opgeklopt worden, de massa dekentjes keurig opgevouwen, de geluchte lakens strakgetrokken en het enorme, 's morgens o zo platte dekbed door het met grootse gebaren energiek op en neer flappen weer een luchtige lichte hemelse donswolk wordt; bij dat bed-opmaken zag ik hem meteen liggen. Hij stak namelijk behoorlijk donker af tegen al dat roze en vooral tegen het uitzonderlijk eens niet roze, maar witte hoeslaken: een kleine grijze speelgoedmuis! En die zijn verdorie hard, die mini-namaakmuisjes, eigendom van mijn twee viervoetige huisgenoten, echt keihard, geloof me!...
Die nacht had ik dus blijkbaar niet het sprookje van de prinses op de erwt gespeeld, maar wel dat van de prinses op de múis! (gniffel gniffel) Mysterie opgelost. Of toch al half, want hoe was die muis daar dan diep in heel die berg bedtextiel terecht gekomen?!
Op die vraag kwam al snel ook een antwoord. En nee, Pompon had zich niet van 'voetbal' vergist, hoor. Onmiddellijk, echt binnen de seconde, nadat ik de muis in kwestie met een stevige zwier vrolijk door de steeds openstaande slaapkamerdeur richting halletje gemikt had, werd hij mij teruggebracht door super snelle Poekie, helemaal trots op zichzelf. Hij deponeerde het grijze dingetje triomfantelijk voor me op het witte hoeslaken neer en liet me met een serieuze lading kopjes weten dat dit een kadootje voor me was! Poekie apporteert heel erg graag en is daar ook bijzonder goed in, maar dit betekende duidelijk iets helemaal anders voor hem. En toen ik dat erkende en hem er met veel liefde voor bedankte, ging hij meteen vol ijver en geestdrift in alle mogelijke poezenspeelgoedverzamelplekjes van dit huis, en dat zijn er nogal wat, uitgebreid op zoek naar nog meer van diezelfde muisjes!...
Nu word ik dus regelmatig wakker in een bed dat niet alleen vol kussens en ander beddengoed in alle mogelijke tinten roze ligt, maar dat naast die reeds gekende enigszins vochtige mini-voetballen ook ruim voorzien is van keiharde kleine grijze muisjes.
Een prinses op een erwt blijk ik dus helaas, of gelukkig -dat laat ik in het midden- niet te zijn, maar ik kan je wel met zekerheid vertellen dat, met Poekie als onbetwiste en vermoedelijk niet meer bij te benen koploper, die twee Pluizige Prinsjes hier in huis echt wel ontzettend veel van me houden! ❤️😊
woensdag 28 februari 2018
Knisperende knetterkatjes.
Ja, inderdaad, dat weet u al: zo af en toe zijn ze knettergek, die twee viervoetige huisgenootjes van me. Het is nog altijd zalig om ze bijvoorbeeld met ongeziene energie en geestdrift, en met ongelofelijk zotte spurtjes en sprongen, op volledig onzichtbare prooien te zien jagen. Of om ze samen buitelend en tuimelend door élke kamer heen 'tikkertje' te zien spelen -eigenlijk zou 'tackeltje' een betere benaming zijn-, tot de pluche in 't rond stuift. De geconcentreerdheid van Pompon met z'n voetbal, da's ook af en toe totaal mesjogge. En de snuiten die Poekie kan trekken als hij mij zogezegd stiekem zit te bestuderen, echt prettig gestoord, als ge 't mij vraagt. Maar, over dat geknetter hier in huis wou ik het nu eigenlijk eens niet hebben, zie.
Neen, ik laat u graag even mee gniffelen om de hilarische gevolgen van de aanhoudende vrieskou... Wij zijn hier namelijk nogal behoorlijk 'geladen' tegenwoordig! Alles hier is totaal in de greep van de statische elektriciteit. En dan bedoel ik ook écht álles: ikzelf, de huisraad, de meubelen, tapijten en gordijnen, zelfs de planten en bloemen volgens mij,... en uiteraard ook de twee katertjes Poekie en Pompon.
Alle dagen kijk ik met verbazing naar weer nieuwe verrassende effecten. De glasgordijnen blijven tegen de vensters kleven. De franjes van de gordijnkwasten, de oudroze 'flochen', plakken als wijd opengesperde handjes met duizenden vingertjes tegen de overgordijnen. Verse, net droge was uit de droogkast is niet zonder luid geknisper en geknetter van elkaar te trekken, en aan de knuffeldekentjes uit de sofa is zelfs geen beginnen meer aan, da's ondertussen gewoon een bijzonder pijnlijke affaire geworden. Gebruiksvoorwerpen uit metaal zou ik om dezelfde reden ontzettend graag voor een tijdje ergens ver uit m'n buurt opbergen, maar omdat ik ze voor dat opbergen ook zou moeten aanraken... tssss... u begrijpt wat ik bedoel. Het lukt me zelfs om pijnlijk elektrisch contact te maken met de gootsteen als hij vol afwaswater zit! Maar de vele kleine witte lichtflitsjes, 's nachts in het pikkedonker van de slaapkamer, veroorzaakt door mijn 'geladen' gedraai en gewoel tussen lakens, kussens en dekbed, die vind ik uitermate fascinerend.
M'n haar moet de laatste dagen altijd in een staartje, anders wordt het aangezogen door het computerscherm, of de frigo, of de kookpot. Als ik van buiten kom en m'n muts af doe, en m'n haar was niet bij elkaar daaronder, dan loop ik een heel aantal minuten met een enorme 'coupe ontploft' rond waar menig clownskapsel nog een lesje van kan leren. Bij het opstaan uit de knusse zetel blijven met regelmaat een hele rits fleeche dekentjes als een soort onelegante sleep aan mijnen derrière hangen, tot groot jolijt van de poezen die er meteen een spelletje in zien natuurlijk, of wat had je gedacht. Te pas en te onpas ben ik in de keuken m'n droge schotelvodden en handdoeken kwijt... omdat ze aan één van m'n ellebogen of heupen zijn blijven plakken in 't voorbijkomen. Zelfde verhaal in de badkamer trouwens, met washandjes en ondergoed. Het douchegordijn komt me heden ten dage gewoon al van ver tegemoet... Iets oprapen van het tapijt heeft steevast een stevig gilletje als gevolg, de blauwe bliksemschichtjes schieten letterlijk uit m'n handen. Stofzuigen zal ik voorlopig dus nog maar even laten... met al die extra wrijving, ik moet er niet aan denken.
En tussen al die geladenheid lopen hier dus die twee harige poezenbeestjes rond, en die hebben het ook geweten! Poekie, die op elke doodgewone dag sowieso al zoveel deugd heeft met zichzelf over de tapijten heen en weer te wrijven, knettert er vrolijk op los als hij van tussen mij en de kussens van de sofa glijdt. Hij maakt me 's nachts ook geregeld wakker door aan m'n neus te komen snuffelen, met steeds een paar kleine blikseminslagen als gevolg. Maar zo te zien vindt hij het eerder leuk dan vervelend, want eenmaal er iets geknetterd heeft hij blijft het opnieuw en opnieuw uitproberen, die kleine onderzoeker van me!
Gisteren was ik de sokken kwijt die op de lavabo klaar lagen om aan te trekken na het douchen. Even later zag ik onze Poekie-man parmantig op z'n hoge pootjes voorbij flaneren, elegant als een model op de catwalk, met aan weerszijden een zwarte sok tegen z'n lijfke geplakt! Geen enkel probleem voor hem, zo te zien. Vermoedelijk had hij het zo eindelijk ook nog eens écht lekker warm. Wie weet. De gekkerd.
Juist knuffelen met mij, da's andere koek. De hele dag lang komen beide poezen, zoals altijd, naar me toe, gezellig bij me liggen en vragen voor aaitjes over hun bol, heel gewoon, dagelijkse routine. En even vanzelfsprekend en zonder verder nadenken gaat mijn hand dan uiteraard hun richting uit... en, au au au, breekt er een hels geknetter los. Je ziet de vonken werkelijk overspringen! Poekie wrijft of likt dan eens over het pijnlijk plekje en is oké. Pompon schrikt zich nog elke keer een ongeluk, is echt doodsbenauwd,... en komt voor z'n schrik en pijntje naar goede gewoonte bij mij troost zoeken... om bij de minste aanraking een nieuwe lading pijnlijk geknetter over zich heen te krijgen, ocharme. Pompon's haar is veel langer en zachter dan dat van Poekie. Vermoedelijk heeft hij daardoor veel meer last van al die geladenheid. Af en toe ziet hij er uit als een veel te warm gewassen en opgeblazen bol pluis op vier voetjes, zo met elk haartje van z'n vacht naar alle kanten overeind. Pompon vindt het ook maar niks dat plots z'n favoriete slaapdekentje hem overal achtervolgd en geen enkel anders zo knus en veilig poezenmandje nog vrij van een mogelijke elektriciteitsaanval is. En toen z'n favoriete voetbal aan z'n achterste bleef hangen, toen was 't kot pas echt te klein voor meneerke Pompon zijn paniek. 'k Heb zo met hem te doen. Gelukkig lukt het meestal wel om hem een pijnvrije aai te geven als ik met m'n blote voeten op de ijskoude stenen keukenvloer sta.
Verder heb ik inmiddels zowat álles geprobeerd om die statische elektriciteit een beetje te temmen: luchtbevochtigers, verstuivers en sprays, smeren van handcrème, veiligheidsspelden en aluminiumfolie op kleding en stoffen, verschillende keren per dag met een half natte dweil over vloer en tapijten... 't Helpt geen ene moer. We zullen geduld moeten oefenen tot het weer wat warmer wordt, en vochtiger. En in afwachting is het best grappig om misschien nog meer ongekende en ongewone 'gevolgen der geladenheid' gewaar te worden en te genieten van het extra knettergekke gedoe van mijn twee knisperende knetterkatjes. ;-)
Neen, ik laat u graag even mee gniffelen om de hilarische gevolgen van de aanhoudende vrieskou... Wij zijn hier namelijk nogal behoorlijk 'geladen' tegenwoordig! Alles hier is totaal in de greep van de statische elektriciteit. En dan bedoel ik ook écht álles: ikzelf, de huisraad, de meubelen, tapijten en gordijnen, zelfs de planten en bloemen volgens mij,... en uiteraard ook de twee katertjes Poekie en Pompon.
Alle dagen kijk ik met verbazing naar weer nieuwe verrassende effecten. De glasgordijnen blijven tegen de vensters kleven. De franjes van de gordijnkwasten, de oudroze 'flochen', plakken als wijd opengesperde handjes met duizenden vingertjes tegen de overgordijnen. Verse, net droge was uit de droogkast is niet zonder luid geknisper en geknetter van elkaar te trekken, en aan de knuffeldekentjes uit de sofa is zelfs geen beginnen meer aan, da's ondertussen gewoon een bijzonder pijnlijke affaire geworden. Gebruiksvoorwerpen uit metaal zou ik om dezelfde reden ontzettend graag voor een tijdje ergens ver uit m'n buurt opbergen, maar omdat ik ze voor dat opbergen ook zou moeten aanraken... tssss... u begrijpt wat ik bedoel. Het lukt me zelfs om pijnlijk elektrisch contact te maken met de gootsteen als hij vol afwaswater zit! Maar de vele kleine witte lichtflitsjes, 's nachts in het pikkedonker van de slaapkamer, veroorzaakt door mijn 'geladen' gedraai en gewoel tussen lakens, kussens en dekbed, die vind ik uitermate fascinerend.
M'n haar moet de laatste dagen altijd in een staartje, anders wordt het aangezogen door het computerscherm, of de frigo, of de kookpot. Als ik van buiten kom en m'n muts af doe, en m'n haar was niet bij elkaar daaronder, dan loop ik een heel aantal minuten met een enorme 'coupe ontploft' rond waar menig clownskapsel nog een lesje van kan leren. Bij het opstaan uit de knusse zetel blijven met regelmaat een hele rits fleeche dekentjes als een soort onelegante sleep aan mijnen derrière hangen, tot groot jolijt van de poezen die er meteen een spelletje in zien natuurlijk, of wat had je gedacht. Te pas en te onpas ben ik in de keuken m'n droge schotelvodden en handdoeken kwijt... omdat ze aan één van m'n ellebogen of heupen zijn blijven plakken in 't voorbijkomen. Zelfde verhaal in de badkamer trouwens, met washandjes en ondergoed. Het douchegordijn komt me heden ten dage gewoon al van ver tegemoet... Iets oprapen van het tapijt heeft steevast een stevig gilletje als gevolg, de blauwe bliksemschichtjes schieten letterlijk uit m'n handen. Stofzuigen zal ik voorlopig dus nog maar even laten... met al die extra wrijving, ik moet er niet aan denken.
En tussen al die geladenheid lopen hier dus die twee harige poezenbeestjes rond, en die hebben het ook geweten! Poekie, die op elke doodgewone dag sowieso al zoveel deugd heeft met zichzelf over de tapijten heen en weer te wrijven, knettert er vrolijk op los als hij van tussen mij en de kussens van de sofa glijdt. Hij maakt me 's nachts ook geregeld wakker door aan m'n neus te komen snuffelen, met steeds een paar kleine blikseminslagen als gevolg. Maar zo te zien vindt hij het eerder leuk dan vervelend, want eenmaal er iets geknetterd heeft hij blijft het opnieuw en opnieuw uitproberen, die kleine onderzoeker van me!
Gisteren was ik de sokken kwijt die op de lavabo klaar lagen om aan te trekken na het douchen. Even later zag ik onze Poekie-man parmantig op z'n hoge pootjes voorbij flaneren, elegant als een model op de catwalk, met aan weerszijden een zwarte sok tegen z'n lijfke geplakt! Geen enkel probleem voor hem, zo te zien. Vermoedelijk had hij het zo eindelijk ook nog eens écht lekker warm. Wie weet. De gekkerd.
Juist knuffelen met mij, da's andere koek. De hele dag lang komen beide poezen, zoals altijd, naar me toe, gezellig bij me liggen en vragen voor aaitjes over hun bol, heel gewoon, dagelijkse routine. En even vanzelfsprekend en zonder verder nadenken gaat mijn hand dan uiteraard hun richting uit... en, au au au, breekt er een hels geknetter los. Je ziet de vonken werkelijk overspringen! Poekie wrijft of likt dan eens over het pijnlijk plekje en is oké. Pompon schrikt zich nog elke keer een ongeluk, is echt doodsbenauwd,... en komt voor z'n schrik en pijntje naar goede gewoonte bij mij troost zoeken... om bij de minste aanraking een nieuwe lading pijnlijk geknetter over zich heen te krijgen, ocharme. Pompon's haar is veel langer en zachter dan dat van Poekie. Vermoedelijk heeft hij daardoor veel meer last van al die geladenheid. Af en toe ziet hij er uit als een veel te warm gewassen en opgeblazen bol pluis op vier voetjes, zo met elk haartje van z'n vacht naar alle kanten overeind. Pompon vindt het ook maar niks dat plots z'n favoriete slaapdekentje hem overal achtervolgd en geen enkel anders zo knus en veilig poezenmandje nog vrij van een mogelijke elektriciteitsaanval is. En toen z'n favoriete voetbal aan z'n achterste bleef hangen, toen was 't kot pas echt te klein voor meneerke Pompon zijn paniek. 'k Heb zo met hem te doen. Gelukkig lukt het meestal wel om hem een pijnvrije aai te geven als ik met m'n blote voeten op de ijskoude stenen keukenvloer sta.
Verder heb ik inmiddels zowat álles geprobeerd om die statische elektriciteit een beetje te temmen: luchtbevochtigers, verstuivers en sprays, smeren van handcrème, veiligheidsspelden en aluminiumfolie op kleding en stoffen, verschillende keren per dag met een half natte dweil over vloer en tapijten... 't Helpt geen ene moer. We zullen geduld moeten oefenen tot het weer wat warmer wordt, en vochtiger. En in afwachting is het best grappig om misschien nog meer ongekende en ongewone 'gevolgen der geladenheid' gewaar te worden en te genieten van het extra knettergekke gedoe van mijn twee knisperende knetterkatjes. ;-)
zondag 1 oktober 2017
Poezenluxe voor luxepoezen.
"Serieus?!?! Allé, dat meent ge toch niet. Da's maar om te lachen, hé. Echt? Nóg ééntje?!" zei mijn vriendin Ingrid verbaasd toen ik in het tuincentrum dat we samen bezochten een wat kitscherig baby-roze poezenmandje met gezellig knisperende bodem en uitgevoerd in uitzonderlijk slecht geïmiteerde schapenvacht in het winkelkarretje legde. En die lichte verbijstering kwam eigenlijk niet geheel onverwacht, want ik had namelijk een half uurtje daarvoor in een andere winkel ook al twee poezenmandjes gekocht...
Voor mensen die hun huis niet met katten delen zal dit allemaal een tikje getikt klinken, maar 'k weet bijna zeker dat alle poezenknuffelaars begrijpend en instemmend zullen knikken.
Voor mensen die hun huis niet met katten delen zal dit allemaal een tikje getikt klinken, maar 'k weet bijna zeker dat alle poezenknuffelaars begrijpend en instemmend zullen knikken.
Poekie en Pompon zijn altijd heel graag dicht bij mij. Allé, 't is te zeggen: als ze niet ergens verborgen en knus een diep en schijnbaar onverstoorbaar slaapje doen, hé. Zo'n dutje kan in een hangmatje aan één van de grote krabpalen, of in het mandje boven op de kleerkast, maar net zo goed pikken ze mijn plek tussen het nog warme laken en dekbed van m'n bed in, of installeren ze zich ongegeneerd breeduit in en onder de zelfbedachte en eigenhandig -eigenpotig dus- gebouwde forten van dekens en kussens in de zetel. Om geplette en daardoor uiterst furieuze katten te voorkomen -en meteen ook een stel wreed scherpe klauwen in je eigen achterwerk te ontlopen- is de boodschap dus nooit ofte nimmer zomaar 'boem' neer te ploffen in de sofa of bedstee!...
In combinatie met ook nog eens grote matten overal op de vloer, zetels en stoelen in overvloed, en genoeg lege ruimte tussen de planten op zowat alle vensterbanken zou je misschien voorzichtig kunnen opperen dat ze dan eigenlijk toch al wel 'zitplaats' genoeg hebben, die 2 katers van mij. Ja, dat klopt. Maar... Vooral als ik achter m'n bureau zit te schrijven waren Poekie en Pompon een beetje 'zoekende'. Tot voor kort stond 'dicht bij Kristina zijn' voor hen gelijk aan op dat harde koude meubelhout tussen 't kantoormateriaal liggen of bovenop die kille gladde printer, eindeloos toertjes draaien onder m'n stoel en rond de schrijftafel, en uiterààrd ook onophoudelijk heen en weer óver de computer trippelen, met -aaaaaargh!- natuurlijk alle mogelijke desastreuze gevolgen...
Om mijn twee pluizige schatten in absoluut àlle comfort -evenzeer voor hen als voor mij- nog steeds zo dicht mogelijk bij mij doch in een duidelijk afgebakende poezenzone te laten vertoeven tijdens het computeren kocht ik dus extra poezenmandjes. Logisch, toch?!
Dat ronde roze nep-schapenvacht-ding vond z'n vaste plekje niet in m'n bibliotheek-muziek-schrijf-kantoorruimte. Dat ligt nu op het voeteneind van het bed als sluimerplekje voor degene die niet onder het donzige dekbed geraakte, of waarvoor de poezelige bedsprei in dikke fleece toch nét niet fluffy genoeg is.
Het grote grijze rechthoekige mandje in streelzacht fluweel past perfect op de printer, alsof het er speciaal voor gemaakt werd. Het werd tot verheven troon van Poekie gebombardeerd, en van daar uit houdt hij nauwgezet zowel de vrolijke vogeltjes aan het raam als de werkzaamheden op het computerscherm in 't oog, tot slaap hem overvalt. En... absoluut geen Pomponnen toegelaten.
Het kleine mandje met hoge rand, in een glad zwart-wit ruitjesstofje, dat bij aanraking lekkere knispergeluidjes voortbrengt, ligt naast de computer op het bureau zelf of op de poef naast m'n stoel. Da's daardoor dus meteen ook de meest ideale plaats om je als huisdier een hele namiddag of avond lang massa's fel begeerde knuffels en strelingen te laten welgevallen. En zo wordt tegelijkertijd die zone-afbakening positief inprent natuurlijk. Slim van mij.
Pompon vindt het heerlijk om er 'zogezegd' putten in te graven, de vulling uitgebreid mals te kneden en er zich daarna volledig in op te rollen. Yep, inderdaad: als een grote pluizige pompon. Altijd super grappig om te zien. "Uwe staart hangt er nog uit" giechel ik soms, waarop hij die prompt mee in de beperkte ruimte wringt. Soms mag ik het poten-en-oren-binnenboord-proppen zelfs een handje helpen door de rand nog wat hoger te trekken en eens lichtjes met het geheel te schudden zoals je een kussen in z'n sloop krijgt. 't Is alleszins overduidelijk dat die hoge rand en krappe afmetingen een zalige geborgenheid bieden voor zo'n bolleke poes. Goh, misschien moest ik voor mezelf ook zo eens iets kopen, in een paar maten groter dan...
Natuurlijk wenst ook Poekie van al die voordelen te genieten, dus vullen ze dat ruitjesmandje nu zonder ruzie, heel erg broederlijk, om de beurt. Al moet ik er wel bij zeggen dat er in Poekie's geval van soezen en dutten meestal niet veel in huis komt. Hij amuseert zich immers liever met hilarische wilde kunstjes doen in, om en onder het gekke knisperding.
M'n vriendin vindt het nog steeds lichtelijk overdreven. Overbodige poezenluxe. Maar ja, volgens mij kan je dit alleen maar echt begrijpen als je zelf zo een stel zalig lieve knuffelkaters in huis hebt, die, voor je 't goed en wel beseft, door en voor al die liefde als vanzelf -volautomatisch- super-de-luxe luxepoezen worden. En daar is niks mis mee. 😉
woensdag 8 juni 2016
Pompon, relaxatie-expert.
De broeierige hitte in de slaapkamer hing als een uitgewrongen dweil loodzwaar over me heen. De klamme lakens plakten irritant ongemakkelijk aan m'n bezwete huid. Moe van de voorbije dag en overal om me heen rust en vrede, maar de slaap, die wou niet komen. In m'n hoofd was het allesbehalve stil. Duizenden gedachten schreeuwden wild door elkaar heen, draaiend en kolkend als in een soort duivelse hutsepot. Opnieuw sloegen de emoties en de eenzaamheid hard toe. Maar die ene traan, tergend traag over m'n wang naar beneden biggelend, volstond wel, vond ik. Actie, en wel nu.
Licht aan, bed uit, toerke rond de tafel, iets ijskastkoud drinken, het benauwde lijf even afspoelen met wat lauw water, een fris washandje over m'n gezicht, eens goed flapperen met alle beddengoed, lakens-dekbed-sprei netjes strak opgeplooid en uit de weg aan het voeteneind, nog even stevig alle hoofdkussen tot zalig dik en fluffy op schudden, en klaar.
Nadat ik me met een diepe zucht terug languit neergeploft had voor poging nummer 2 en trachtte me te ontspannen, sprong, heel behoedzaam en met enige terughoudendheid, knuffelpoes Pompon bij me op het bed.
Even voorzichtig checken of er eventueel wat aandacht te halen viel, nu er toch niet geslapen werd. Ik ken die vragende blik op dat schattige onschuldige snoetje ondertussen maar al te goed...
Zachte pluizige Pompon liet zich niet alleen de strelingen en het gekroel welgevallen, hij genoot duidelijk ook met volle teugen van de ongekend formidabele, immens uitgestrekte vlakte van de matras-in-super-strak-hoeslaken-en-verder-niks. Vo-lle-dig uitgestrekt, maximaal, zowel in de lengte als in de breedte, in die bijna vloeibare toestand zoals alleen een voor 200% volledig ontspannen katachtige waar maakt, sloot meneerke Pompon genoeglijk z'n pientere oogjes en het opgetogen gesnor maakte langzaamaan plaats voor een tevreden zacht gesnurk.
Katten leven echt in het 'nu', en het was alsof hij bij me was komen liggen om me het goede voorbeeld nog eens te geven: laat al die turbulentie in je hoofd en je leven nu maar los, en geniet van de fijne kant van dit eigenste moment.
Volledig relaxed, helemaal klaar voor Klaas Vaak, schoot ik vertederd -toch handig, hé, zo'n smartphone- nog snel, stiekem en heel stilletjes, een hartveroverend lief fotootje van die snoezig slapende kleine held van me.
'O, verdoemme, het licht is nog aan!' flitste er door m'n hoofd. Maar met het zorgeloze 'Foert, kan me niet schelen, ik beweeg zelfs geen millimeter meer...', viel ik, met zijn fluweelzachte pootje warm in mijn hand en een gelukzalige glimlach op m'n gezicht, eindelijk ook in een diepe deugddoende slaap. :-)
Licht aan, bed uit, toerke rond de tafel, iets ijskastkoud drinken, het benauwde lijf even afspoelen met wat lauw water, een fris washandje over m'n gezicht, eens goed flapperen met alle beddengoed, lakens-dekbed-sprei netjes strak opgeplooid en uit de weg aan het voeteneind, nog even stevig alle hoofdkussen tot zalig dik en fluffy op schudden, en klaar.
Nadat ik me met een diepe zucht terug languit neergeploft had voor poging nummer 2 en trachtte me te ontspannen, sprong, heel behoedzaam en met enige terughoudendheid, knuffelpoes Pompon bij me op het bed.
Even voorzichtig checken of er eventueel wat aandacht te halen viel, nu er toch niet geslapen werd. Ik ken die vragende blik op dat schattige onschuldige snoetje ondertussen maar al te goed...
Zachte pluizige Pompon liet zich niet alleen de strelingen en het gekroel welgevallen, hij genoot duidelijk ook met volle teugen van de ongekend formidabele, immens uitgestrekte vlakte van de matras-in-super-strak-hoeslaken-en-verder-niks. Vo-lle-dig uitgestrekt, maximaal, zowel in de lengte als in de breedte, in die bijna vloeibare toestand zoals alleen een voor 200% volledig ontspannen katachtige waar maakt, sloot meneerke Pompon genoeglijk z'n pientere oogjes en het opgetogen gesnor maakte langzaamaan plaats voor een tevreden zacht gesnurk.
Katten leven echt in het 'nu', en het was alsof hij bij me was komen liggen om me het goede voorbeeld nog eens te geven: laat al die turbulentie in je hoofd en je leven nu maar los, en geniet van de fijne kant van dit eigenste moment.
Volledig relaxed, helemaal klaar voor Klaas Vaak, schoot ik vertederd -toch handig, hé, zo'n smartphone- nog snel, stiekem en heel stilletjes, een hartveroverend lief fotootje van die snoezig slapende kleine held van me.
'O, verdoemme, het licht is nog aan!' flitste er door m'n hoofd. Maar met het zorgeloze 'Foert, kan me niet schelen, ik beweeg zelfs geen millimeter meer...', viel ik, met zijn fluweelzachte pootje warm in mijn hand en een gelukzalige glimlach op m'n gezicht, eindelijk ook in een diepe deugddoende slaap. :-)
maandag 23 november 2015
Mijn nadeel, hun voordeel.
Arbeidsongeschikt thuis zitten, het is niet echt iets voor mij. Ik ben liever gezellig met vanalles en nog wat bezig, en ik kan het, zelfs nu met slechts één hand, niet laten om links en rechts wat te zitten prutsen. De eventuele extra pijntjes als gevolg, die neem ik er wel bij...
Maar er wonen er hier in het appartement ook twee die dat écht wél gewoon kunnen worden, denk ik, die constante aanwezigheid van hun favoriete knuffel- en snoepjesuitdeelster!... Poekie en Pompon laten zich de beschikbaarheid, 24 uur op 24, 7 dagen op 7, van hun poezenmevrouwtje absoluut en overduidelijk welgevallen, zij het elk op z'n compleet eigen manier.
Grote dikke wollebol Pompon misbruikt de hele situatie met een ongeremde schaamteloosheid. Hij strekt zich prinsheerlijk uit op alle denkbare doch uitsluitend bijzonder comfortabele plaatsen vanwaar ik hem zeker en vast en ten allen tijde zeer goed kan zien liggen z'n best doend om onweerstaanbaar schattig te zijn. Waarna hij zich dan, zoals te verwachten viel, uitgebreid koestert in de verhoopte overvloed aan strelingen en knuffels. Want hij wéét dat hij hartveroverend snoezig is, en zacht, en lief... en daar bedient hij zich dus maar wat graag van. Van puur genot ronkt hij het hele huis bij elkaar, en valt dan, toch voor een tijdje, als een blok in de diepe slaap der onschuldigen.
En élk uur van de dag is voor hem het juiste moment. Niet wakker? Dan wekt hij me wel even met een zachte tik van een fluwelen pootje tegen m'n neus, of hij nestelt zich, plof, zogezegd totaal per abuis, luid spinnend op het hoofdkussen, half op m'n hoofd, meestal met z'n pootjes in de lucht, z'n staart in m'n gezicht, en dan maar tevreden kneden met die poezenvoetjes om mij duidelijk te maken dat hij toch zoooooo'n lieverdje is en nog zoooooooooveel aaitjes verdiend, liefst over z'n donzige buikje, zelfs in het holst van de nacht...
Slanke, energieke en bijzonder slimme Poekie zit helemaal anders in elkaar. Een paar dagen lang bestudeerde hij de van de gewone routine afwijkende toestand. Voor hem was het overduidelijk dat er iets niet klopte. Met z'n kopke schuin, zoals hij dat vaak doet, zo koddig en vertederend, sloeg hij me uren lang gade. Hij dacht diep over alles na, dat kon je echt zien, en besloot toen dat er voor mij gezorgd moest worden. In poezenstijl.
Nu hangt Poekie de hele dag lang hondstrouw altijd wel ergens in m'n buurt. Hij dut een beetje, met één oog open, in het mandje naast m'n bureau als ik aan de computer werk, hij heeft ineens ook iets te doen in de keuken als ik mezelf een kopje koffie maak, zit steevast op de rand van de lavabo als ik douch en kruipt knusjes mee onder de zachte deken in de zetel als ik televisie kijk.
Als vanzelfsprekend waakt hij ook over me als ik slaap. Soms vanop de hoge kleerkast of de warme vensterbank. Soms nestelt hij zich naast me in bed en houdt met 2 voorzichtige pootjes m'n arm of been geruststellend vast. Of hij posteert zich, prachtig als een perfecte sfinx, volledig alert en klaar om elke mogelijke dreiging af te slaan, al is het Pompon maar, op het voeteneind of bovenop m'n door in- en uitademen bewegende buik.
En hij tracht me op te vrolijken met kadootjes. Bijna elke dag ontwaak ik met een aantal kleurige pluchen muisjes, een handvol elastiekjes in verschillende afmetingen, en af en toe ook met één of 2 voetballen van Pompon, tussen m'n lakens en dekens. Als ik in de zetel zit amuseert hij mij, en allicht ook zichzelf, met het apporteren van z'n collectie geliefde rekkerkes. Urenlang mag ik ze vanuit de sofa voor hem door de kamer schieten, hij blijft ze, tot het etenstijd is of de slaap hem even overmand, vrolijk huppelend netjes terugbrengen.
'Elk nadeel heb z'n voordeel', zei voetballer Johan Cruijff, en daarin zullen die twee totaal relaxte en onmiskenbaar overgelukkige wollige viervoeters Poekie en Pompon hem bij deze met plezier overschot van gelijk geven! :-)
Maar er wonen er hier in het appartement ook twee die dat écht wél gewoon kunnen worden, denk ik, die constante aanwezigheid van hun favoriete knuffel- en snoepjesuitdeelster!... Poekie en Pompon laten zich de beschikbaarheid, 24 uur op 24, 7 dagen op 7, van hun poezenmevrouwtje absoluut en overduidelijk welgevallen, zij het elk op z'n compleet eigen manier.
Grote dikke wollebol Pompon misbruikt de hele situatie met een ongeremde schaamteloosheid. Hij strekt zich prinsheerlijk uit op alle denkbare doch uitsluitend bijzonder comfortabele plaatsen vanwaar ik hem zeker en vast en ten allen tijde zeer goed kan zien liggen z'n best doend om onweerstaanbaar schattig te zijn. Waarna hij zich dan, zoals te verwachten viel, uitgebreid koestert in de verhoopte overvloed aan strelingen en knuffels. Want hij wéét dat hij hartveroverend snoezig is, en zacht, en lief... en daar bedient hij zich dus maar wat graag van. Van puur genot ronkt hij het hele huis bij elkaar, en valt dan, toch voor een tijdje, als een blok in de diepe slaap der onschuldigen.
En élk uur van de dag is voor hem het juiste moment. Niet wakker? Dan wekt hij me wel even met een zachte tik van een fluwelen pootje tegen m'n neus, of hij nestelt zich, plof, zogezegd totaal per abuis, luid spinnend op het hoofdkussen, half op m'n hoofd, meestal met z'n pootjes in de lucht, z'n staart in m'n gezicht, en dan maar tevreden kneden met die poezenvoetjes om mij duidelijk te maken dat hij toch zoooooo'n lieverdje is en nog zoooooooooveel aaitjes verdiend, liefst over z'n donzige buikje, zelfs in het holst van de nacht...
Slanke, energieke en bijzonder slimme Poekie zit helemaal anders in elkaar. Een paar dagen lang bestudeerde hij de van de gewone routine afwijkende toestand. Voor hem was het overduidelijk dat er iets niet klopte. Met z'n kopke schuin, zoals hij dat vaak doet, zo koddig en vertederend, sloeg hij me uren lang gade. Hij dacht diep over alles na, dat kon je echt zien, en besloot toen dat er voor mij gezorgd moest worden. In poezenstijl.
Nu hangt Poekie de hele dag lang hondstrouw altijd wel ergens in m'n buurt. Hij dut een beetje, met één oog open, in het mandje naast m'n bureau als ik aan de computer werk, hij heeft ineens ook iets te doen in de keuken als ik mezelf een kopje koffie maak, zit steevast op de rand van de lavabo als ik douch en kruipt knusjes mee onder de zachte deken in de zetel als ik televisie kijk.
Als vanzelfsprekend waakt hij ook over me als ik slaap. Soms vanop de hoge kleerkast of de warme vensterbank. Soms nestelt hij zich naast me in bed en houdt met 2 voorzichtige pootjes m'n arm of been geruststellend vast. Of hij posteert zich, prachtig als een perfecte sfinx, volledig alert en klaar om elke mogelijke dreiging af te slaan, al is het Pompon maar, op het voeteneind of bovenop m'n door in- en uitademen bewegende buik.
En hij tracht me op te vrolijken met kadootjes. Bijna elke dag ontwaak ik met een aantal kleurige pluchen muisjes, een handvol elastiekjes in verschillende afmetingen, en af en toe ook met één of 2 voetballen van Pompon, tussen m'n lakens en dekens. Als ik in de zetel zit amuseert hij mij, en allicht ook zichzelf, met het apporteren van z'n collectie geliefde rekkerkes. Urenlang mag ik ze vanuit de sofa voor hem door de kamer schieten, hij blijft ze, tot het etenstijd is of de slaap hem even overmand, vrolijk huppelend netjes terugbrengen.
'Elk nadeel heb z'n voordeel', zei voetballer Johan Cruijff, en daarin zullen die twee totaal relaxte en onmiskenbaar overgelukkige wollige viervoeters Poekie en Pompon hem bij deze met plezier overschot van gelijk geven! :-)
maandag 13 juli 2015
Ochtendrituelen.
Heel voorzichtig piept het eerste daglicht van onder de gordijnen. Alles is nog stilte, alles is nog rust. De lakens en dekens omarmen me warm en comfortabel, maar ik voel, zonder ook maar één spiertje te bewegen, dat ik langzaam maar zeker ontwaak. M'n gedachtestroom komt op gang en ik open behoedzaam één oog tot een spleetje. Even gluren of ik écht al wakker worden wil...
Eén seconde, werkelijk één seconde later springen Poekie en Pompon enthousiast, klaarwakker en super content ronkend op het bed. Alles aan hen schreeuwt overgelukkig "Hoera! ze is wakker!"
Volgens mij produceert dat hersenwerk van mij fenomenaal wat decibels en is de luchtverplaatsing van die ene wimper gigantisch... Hoe anders weten die twee pluizenbollen, zonder dat ik één teen of vinger verplaatst heb, dat ik weer uit dromenland teruggekeerd ben???
Alleszins, helemaal blij sprinten ze alvast vooruit naar de keuken. Maar in mij zit nog niet veel beweging. Nog steeds geestdriftig rennen ze uitgelaten weer de slaapkamer in om me met veel lieve kopjes aan te porren m'n heerlijke nest te verlaten, liefst nù onmiddellijk.
Op een luie dag herhaalt dat hele heen-en-weer-gespurt zich nog een paar maal voor ik, in hun ogen eeeeeeindelijk, m'n voeten vanonder het dekbed friemel en op de vloer neerzet. Op een ochtend met een wekker slaan we die herhalingen uiteraard over...
Meteen draaien ze met hernieuwde vreugde om m'n benen. Terwijl ik loom richting gang beweeg hobbelen ze alweer opgetogen richting keuken... om halverwege vast te stellen dat ik niet volg maar afgeslagen ben, het toilet in.
Met vereende krachten storten ze zich op de deur, die moet en zal open! "Schiet nu toch eens op" is overduidelijk de boodschap, "wij arme kleine poesjes komen hier ongeveer om van honger, hoor!"
Als we dan ten lange leste toch met z'n drieën in de keuken arriveren kan het écht niet rap genoeg meer gaan. Blikje of zakje open, schaaltjes vullen, neerzetten, aanvallen!
't Is te zeggen: Pompon neemt snel een paar happen voor Poekie ook zijn portie opeist. Nee, da's niet zielig, want Pompon is hier echt wel de slimste. Hij weet namelijk heel goed dat ik meteen daarna weer uit de keuken kom en richting badkamer de grote tafel passeer waar hij zich ondertussen in een alleraardigste houding en op z'n schattigst uitgestrekt heeft en, uiteraard, wie kan aan zo iets hartveroverends weerstaan, zich mijn knuffels en strelingen, helemaal voor hem alleen, uitgebreid laat welgevallen.
Poekie eet trouwens toch nooit àlles op, dus als de kust veilig is gaat Pompon op z'n gemakje, ongezien en ongestoord, zijn ontbijtje genieten.
Terwijl ik mezelf met kam en zeep toonbaar maak krult Poekie zich in de lavabo. Da's zíjn moment om te genieten van een fijne portie liefkozingen.
En daarna, inderdaad dààrnà, is er ook tijd voor mijn eigen ontbijt...
Ja, zo gaat dat hier alle dagen, zo zijn we dat gewoon, het is ons vertrouwde ochtendritueel. En geef toe, best aangenaam om je dagen zo te starten. :-)
Eén seconde, werkelijk één seconde later springen Poekie en Pompon enthousiast, klaarwakker en super content ronkend op het bed. Alles aan hen schreeuwt overgelukkig "Hoera! ze is wakker!"
Volgens mij produceert dat hersenwerk van mij fenomenaal wat decibels en is de luchtverplaatsing van die ene wimper gigantisch... Hoe anders weten die twee pluizenbollen, zonder dat ik één teen of vinger verplaatst heb, dat ik weer uit dromenland teruggekeerd ben???
Alleszins, helemaal blij sprinten ze alvast vooruit naar de keuken. Maar in mij zit nog niet veel beweging. Nog steeds geestdriftig rennen ze uitgelaten weer de slaapkamer in om me met veel lieve kopjes aan te porren m'n heerlijke nest te verlaten, liefst nù onmiddellijk.
Op een luie dag herhaalt dat hele heen-en-weer-gespurt zich nog een paar maal voor ik, in hun ogen eeeeeeindelijk, m'n voeten vanonder het dekbed friemel en op de vloer neerzet. Op een ochtend met een wekker slaan we die herhalingen uiteraard over...
Meteen draaien ze met hernieuwde vreugde om m'n benen. Terwijl ik loom richting gang beweeg hobbelen ze alweer opgetogen richting keuken... om halverwege vast te stellen dat ik niet volg maar afgeslagen ben, het toilet in.
Met vereende krachten storten ze zich op de deur, die moet en zal open! "Schiet nu toch eens op" is overduidelijk de boodschap, "wij arme kleine poesjes komen hier ongeveer om van honger, hoor!"
Als we dan ten lange leste toch met z'n drieën in de keuken arriveren kan het écht niet rap genoeg meer gaan. Blikje of zakje open, schaaltjes vullen, neerzetten, aanvallen!
't Is te zeggen: Pompon neemt snel een paar happen voor Poekie ook zijn portie opeist. Nee, da's niet zielig, want Pompon is hier echt wel de slimste. Hij weet namelijk heel goed dat ik meteen daarna weer uit de keuken kom en richting badkamer de grote tafel passeer waar hij zich ondertussen in een alleraardigste houding en op z'n schattigst uitgestrekt heeft en, uiteraard, wie kan aan zo iets hartveroverends weerstaan, zich mijn knuffels en strelingen, helemaal voor hem alleen, uitgebreid laat welgevallen.
Poekie eet trouwens toch nooit àlles op, dus als de kust veilig is gaat Pompon op z'n gemakje, ongezien en ongestoord, zijn ontbijtje genieten.
Terwijl ik mezelf met kam en zeep toonbaar maak krult Poekie zich in de lavabo. Da's zíjn moment om te genieten van een fijne portie liefkozingen.
En daarna, inderdaad dààrnà, is er ook tijd voor mijn eigen ontbijt...
Ja, zo gaat dat hier alle dagen, zo zijn we dat gewoon, het is ons vertrouwde ochtendritueel. En geef toe, best aangenaam om je dagen zo te starten. :-)
zondag 14 juni 2015
Zot van elastiekjes
Zo zot en geobsedeerd als Pompon van zijn voetbal is, zo zot en geobsedeerd is Poekie van elastiekjes. Zo van die hele gewone bruine rubberen rekkerkes. En vraag me niet hoe, maar met grote regelmaat vindt hij er altijd wel weer ergens ééntje dat hij kan inpikken.
En wat hij er dan mee doet, vraag je je af? Geloof het of niet, als hij er ééntje te pakken krijgt amuseert hij zich uren lang door het met één voorpoot en één hoektand weg te schieten door de kamers, om er dan als een gek achteraan te sprinten en het met de nodige schijnbewegingen en zotte sprongen zogezegd te vangen als was het een echte prooi. En dan begint alles weer opnieuw: schieten, spurten, pakken. Uuuuuren!
Ik vraag me nog altijd af hoe Poekie dat helemaal uit zichzelf leerde, maar boven alle verbazing is het gewoon super entertainment om hem zo totaal gefocust en in z'n nopjes bezig te zien.
En alsof het op zich nog geen straf verhaal genoeg is bedacht Poekie er afgelopen week nog een extra kunstje bij!
Vermoedelijk door mij goed te observeren als ik m'n spullen bij elkaar zoek, om te gaan werken bijvoorbeeld, ontdekte hij dat er altijd wel een elastiekje ergens in die handtas zit. Als ik de ritssluiting niet helemaal dicht trek, een opening van een 5-tal centimeter volstaat, dan friemelt hij de tas volledig open om ongegeneerd alles wat er in zit grondig te doorzoeken en desnoods uit te laden tot hij de felbegeerde buit binnen heeft. En content dat hij dan is. Zo fier als ne gieter! Ook geweldig schattig om te zien trouwens.
En uiteraard wordt er dan weer vrolijk geknald, gecrost en gevangen.
't Is gene gewone, mijne Poekie, absoluut een specialleke, maar volgens mij ook echt ook een heel erg slimme kat. Ik denk dat we daar nóg straffe en leuke stunten van kunnen verwachten... ;-)
En wat hij er dan mee doet, vraag je je af? Geloof het of niet, als hij er ééntje te pakken krijgt amuseert hij zich uren lang door het met één voorpoot en één hoektand weg te schieten door de kamers, om er dan als een gek achteraan te sprinten en het met de nodige schijnbewegingen en zotte sprongen zogezegd te vangen als was het een echte prooi. En dan begint alles weer opnieuw: schieten, spurten, pakken. Uuuuuren!
Ik vraag me nog altijd af hoe Poekie dat helemaal uit zichzelf leerde, maar boven alle verbazing is het gewoon super entertainment om hem zo totaal gefocust en in z'n nopjes bezig te zien.
En alsof het op zich nog geen straf verhaal genoeg is bedacht Poekie er afgelopen week nog een extra kunstje bij!
Vermoedelijk door mij goed te observeren als ik m'n spullen bij elkaar zoek, om te gaan werken bijvoorbeeld, ontdekte hij dat er altijd wel een elastiekje ergens in die handtas zit. Als ik de ritssluiting niet helemaal dicht trek, een opening van een 5-tal centimeter volstaat, dan friemelt hij de tas volledig open om ongegeneerd alles wat er in zit grondig te doorzoeken en desnoods uit te laden tot hij de felbegeerde buit binnen heeft. En content dat hij dan is. Zo fier als ne gieter! Ook geweldig schattig om te zien trouwens.
En uiteraard wordt er dan weer vrolijk geknald, gecrost en gevangen.
't Is gene gewone, mijne Poekie, absoluut een specialleke, maar volgens mij ook echt ook een heel erg slimme kat. Ik denk dat we daar nóg straffe en leuke stunten van kunnen verwachten... ;-)
Abonneren op:
Posts (Atom)








