Posts tonen met het label voetbal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voetbal. Alle posts tonen

maandag 30 maart 2020

Voetbal op den Bosuil.

"Allé, Kristina, waar hebt gij het nu over?!", zult ge misschien verbaasd reageren op de titel van dit verhaaltje. "Door de coronacrisis zijn toch alle sportieve competities en dergelijke voor onbepaalde tijd opgeschort of afgelast?! Dan is er toch ook geen voetbal meer op den Bosuil?!..." Ja, dat klopt natuurlijk volledig. Maar... als ik het over 'den Bosuil' heb, dan spreek ik niet per se over het stadion, hé...
Luister, ik heb weinig of niks met voetbal. Elk wat wils, hoor, ik vind het best als het voor jou je hoogste goed is, maar voor mij... Een hoop zwaar overbetaalde mannekes, die met z'n allen achter een bal aan crossen, om, als ze hem eenmaal te pakken krijgen, hem weer zo ver mogelijk bij zich vandaan schoppen, 't is niet echt aan mij besteed. Dus, hij heeft het zeker en vast niet van mij, mijne Pompon, want ik ken er eigenlijk niks van, van voetbal. Maar hij duidelijk wél. 
Urenlang crost kater Pompon, super geconcentreerd, de bal meesterlijk aan de poot houdend, door de kamers van het huis. Ik veronderstel dat de spelregels wel enigszins aangepast zijn, want om te beginnen ziet het veld er hier niet netjes rechthoekig uit, maar beslaat het al die qua oppervlakte zeer uiteenlopende ruimtes van de flat. En terwijl ge op een échte grasmat slechts uw medespelers moet zien te ontwijken, staan hier de meest onmogelijke voorwerpen op het terrein. Maar daar trekt hij zich niks van aan en dribbelt behendig tussen en langst alle mogelijke obstakels. Vakkundig en vloeiend als water slalomt hij tussen stoel- tafel- en sofapoten door. Slechts in de 'middengang' van het appartement, de lange open ruimte van aan de voordeur tot in de achterste kamer, de redelijk brede 'verbindingsweg' waar zowat elke andere ruimte op uitgeeft, kan er even ernstig snelheid gemaakt worden. Ideaal om languit op je pluizige witte buik, en met veel show uiteraard, over de vloer achter je bal aan te schuiven. Om hem uit de goal te houden of zo, vermoed ik. Al heb ik tot nog toe niet ontdekt waar dat doel zich dan eigenlijk wel mag bevinden... Het blijft een beetje een vaag mysterie voor mij. Maar duidelijk niet voor Pompon want hij doet, net zoals die vet betaalde professionals, geweldig zotte danskes als hij -god mag weten waar- eens een fenomenaal doelpunt weet te scoren. 
Het voetbal heeft hier trouwens een dimensie meer dan op het standaard speelterrein. Pompon gaat namelijk ook de hoogte in. Na de occasionele 10 minuutjes rust zo af en toe, al dan niet met een verfrissend slokje water, of zelfs een snel hapje in de plaatselijk kantine, gooit hij vanaf de hoek van de woonkamertafel, de hoge kleerkast of het roze bed de bal weer op ’t veld en gaat de wedstrijd opnieuw verder. Van links naar rechts sprintend geeft hij paskes die op wereldniveau niet zouden misstaan, maar uiteraard: uitsluitend naar zichzelf, want hij is de enige speler in dit aangepaste voetbal op den Bosuil. 
♪♫ ♪ ‘We are the champions!’ ♪♫♪ Geen andere spelers, maar supporters zijn er hier wel, namelijk mezelf, in hoogst eigen persoon. Goed da'k nu al een paar jaar -weliswaar vanop afstand- mee heb kunnen oefenen met de Antwerp supporters in het nabijgelegen stadion, en alzo de nodige aansporende en ophitsende liedjes perfect ken en meezing.
Een scheidsrechter hebben we hier niet nodig. Met slechts één speler gaat er weinig mis. Daarbij, ik ken de correcte voetbalregels toch niet, dus geen idee wanneer ik zou moeten fluiten of gele en rode kaarten uitdelen. En aangezien Pompon geen handen heeft, maar wel vier voeten, is het me dus ook totaal niet duidelijk of überhaupt sprake kan zijn van 'hands' of andere onrechtmatigheden.
Ordediensten daarentegen zijn bij deze wedstrijden jammer genoeg wél van het grootste belang. Zoals bij de echt cruciale wedstrijden in 't authentieke stadion moet hier, op dit veld, de politie eveneens een scherp oogje in het zeil houden. Ook hier durft het hinderlijke gedrag van hooligans de spannende wedstrijd wel eens zwaar verstoren. We hebben vooral overlast van één halsstarrig, hardleers geval. Systematisch moet ik m'n andere kater Poekie buiten spel zetten. Of toch minstens ten allen tijde op de reservebank zien te houden. Deze regelrechte hooligan kent absoluut geen fair play, en hij doet niet liever dan de (tegen)speler vervaarlijk tackelen, om vervolgens barbaars de bal te stelen en die beestachtig in stukken te bijten! En dat, dat heb ik voorlopig -bij mijn weten toch niet- zelfs de allerergste, meest gevreesde en gewelddadigste van al die beruchte destructieve herrieschoppers in 't Bosuil stadion nog niet weten doen!...
Ik wou nu eigenlijk schrijven: "Voilà, ge ziet het, ondanks de coronacrisis is er nog steeds voetbal op den Bosuil.", maar... ge ziét het natuurlijk niet. 'k Heb al moe geprobeerd om Pompon in volle actie vast te leggen op film, maar ik moet nog maar een camera vastnemen en hij ligt al ergens plat met een air van 'ik weet van niks, zenne'. Ge zult me dus voorlopig op m'n woord moeten geloven dat er inderdaad nog steeds gevoetbald wordt op den Bosuil. Niks aan te doen. 

Tot slot dan nog dit leuke detail. Ondanks het feit dat ik deze periode van verplicht thuiszitten moederziel alleen doorbreng, deel ik tóch elke nacht weer het bed met een echte voetballer! Komt da tegen, hé!... ;-)


dinsdag 22 mei 2018

Prinses op de erwt? Nee, toch niet.

Kent u het sprookje 'De prinses op de erwt'? Daar moest ik de laatste tijd vaak een beetje giechelend aan denken... En, uiteraard leg ik u met veel plezier even uit waarom!
Zelfs in dat zachte roze bed van mij, onder het als verse sneeuw krakende hemelse dekbed en omringt door de stapels heerlijke kussens en knuffelzalige dekentjes, zelfs daarin draait men zich in z'n slaap wel eens om. En normaal gezien word ik daar niet echt wakker van... tot een paar weken geleden. 
Lichtjes gewekt door pijn in m'n nek -vermoedelijk weer in een ietwat foute houding gelegen- draaide ik me wat ongelukkig zuchtend en brommend tussen de warme lakens om, onderwijl kussens opkloppend, dekbed herschikkend, lakens flapperend, intensief op zoek naar de ideale houding. En toen die eindelijk weer gevonden was en ik nog even een been verlegde in de hoop ook die broekspijp van m'n pyjama uit de knoop te wriemelen, porde er iets vreemds en hards van onder me in m'n dijbeen. Raar. Wat zou dat nu weer zijn?
Veel te moe en te slaperig om het licht aan te doen en eventueel ook uit 't bed te stappen, tastte ik in het duister van de kamer en de nacht op goed geluk even rond in de veel te overvloedig golving van die enorme berg textiel die me omgaf, in de hoop dat bed-vreemde ding te kunnen opduikelen. Maar helaas. Door m'n gewoel moet het zich met de rest van de klamme lappen verplaatst hebben, want er liet zich niets meer vinden. Bon, als er mij niks meer pookte, lag er mij ook niets meer in de weg om, na nog wat gedraai en gewriemel natuurlijk, eindelijk weer lekker verder te maffen.
En over wat er zich eventueel bij me in m'n bed bevond, daarover zou ik m'n hersenen later wel eens pijnigen. Zo een grote harige spin, zoals ik er in de herfst altijd wel eens een paar o.a. richting slaapkamer zie sprinten, kon het niet geweest zijn, want mijn gewicht had daar zonder twijfel meteen moes van gemaakt. Muggen? Veel te klein voor wat ik voelde. Eén van de poezen misschien? Een staart of een pootje? Mogelijk, want die kruipen geregeld bij me in bed. Maar dan had er met zekerheid onmiddellijk iemand ontzettend wijd z'n keel open gezet en mij vermoedelijk ook met paar welgemikte halen van een stel wreed scherpe klauwen niet mis te verstaan terechtgewezen. Een steen of iets gelijkaardigs -bedenk maar wat- zou door z'n zwaarte zeker op z'n plek zijn blijven liggen bij mijn tastend rondscharrellen. Trouwens, een steen kruipt -bij mijn weten toch niet- niet eventjes snel zelf onder één of ander dekbed, hé... En een bij mij in bed gedropte, doch onopgemerkte voetbal van Pompon -dag of nacht, maakt niet uit: spelen, nu!-, meestal met een overdosis voldoening en bakken enthousiasme eerst uitgebreid besabbeld, die had me hooguit in alle zachtheid een onopvallend vochtig plekje aan de zijkant van m'n broekspijp bezorgd.
Als u nu voor 't begin van m'n verhaaltje, of ondertussen, al even, stiekem of goed geweten, een glimp van het bij dit verhaal horende plaatje opving, dan hebt u zeker al een vermoeden van het vervolg, maar sta mij toe het u toch nog te vertellen.
Bij het ontwaken was ik eerlijk gezegd het nachtelijke voorval al weer vergeten. Maar na een kopje koffie en met een frisser hoofd, bij het opmaken van het bed; als al die vele kussens weer netjes opgeklopt worden, de massa dekentjes keurig opgevouwen, de geluchte lakens strakgetrokken en het enorme, 's morgens o zo platte dekbed door het met grootse gebaren energiek op en neer flappen weer een luchtige lichte hemelse donswolk wordt; bij dat bed-opmaken zag ik hem meteen liggen. Hij stak namelijk behoorlijk donker af tegen al dat roze en vooral tegen het uitzonderlijk eens niet roze, maar witte hoeslaken: een kleine grijze speelgoedmuis! En die zijn verdorie hard, die mini-namaakmuisjes, eigendom van mijn twee viervoetige huisgenoten, echt keihard, geloof me!...
Die nacht had ik dus blijkbaar niet het sprookje van de prinses op de erwt gespeeld, maar wel dat van de prinses op de múis! (gniffel gniffel) Mysterie opgelost. Of toch al half, want hoe was die muis daar dan diep in heel die berg bedtextiel terecht gekomen?!
Op die vraag kwam al snel ook een antwoord. En nee, Pompon had zich niet van 'voetbal' vergist, hoor. Onmiddellijk, echt binnen de seconde, nadat ik de muis in kwestie met een stevige zwier vrolijk door de steeds openstaande slaapkamerdeur richting halletje gemikt had, werd hij mij teruggebracht door super snelle Poekie, helemaal trots op zichzelf. Hij deponeerde het grijze dingetje triomfantelijk voor me op het witte hoeslaken neer en liet me met een serieuze lading kopjes weten dat dit een kadootje voor me was! Poekie apporteert heel erg graag en is daar ook bijzonder goed in, maar dit betekende duidelijk iets helemaal anders voor hem. En toen ik dat erkende en hem er met veel liefde voor bedankte, ging hij meteen vol ijver en geestdrift in alle mogelijke poezenspeelgoedverzamelplekjes van dit huis, en dat zijn er nogal wat, uitgebreid op zoek naar nog meer van diezelfde muisjes!...  
Nu word ik dus regelmatig wakker in een bed dat niet alleen vol kussens en ander beddengoed in alle mogelijke tinten roze ligt, maar dat naast die reeds gekende enigszins vochtige mini-voetballen ook ruim voorzien is van keiharde kleine grijze muisjes.
Een prinses op een erwt blijk ik dus helaas, of gelukkig -dat laat ik in het midden- niet te zijn, maar ik kan je wel met zekerheid vertellen dat, met Poekie als onbetwiste en vermoedelijk niet meer bij te benen koploper, die twee Pluizige Prinsjes hier in huis echt wel ontzettend veel van me houden! ❤️😊