Posts tonen met het label vechten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vechten. Alle posts tonen

zaterdag 9 mei 2020

Poezenleed.

Er zijn behoorlijk wat dingen in deze wereld die ik vermoedelijk nooit zal begrijpen, en die af en toe m'n hoofd met vragen vullen. De voorbije weken stak weer eens zo'n situatie de kop op. Begrijpt u waarom mensen katten 'in huis' halen, om ze dan dag en nacht buiten los te laten lopen en voor zichzelf te laten zorgen? En uiteraard: zónder halsbandje, zónder chip en ook zónder castratie of sterilisatie. Het kan aan mij liggen, maar ik snap er om zoveel verschillende redenen alleszins niks van. Toch zeker hier niet, in zulk verstedelijkt gebied. Op 'den boeren buiten' kan ik er eventueel nog wel in komen...
Sinds ik hier op mijn gelijkvloers appartement kwam wonen, maakte ik kennis met een eindeloze stoet 'buurtkatten'. Hoeveel zou ik er ondertussen al niet hebben zien komen... en gaan? In 't beste geval kuieren ze op hun gemakje voorbij het terras of liggen ze zich als ware pasha's op de warme stenen te koesteren in de zon. Jammer genoeg blijft het daar meestal niet bij. Er wordt regelmatig met veel energie op alle tuinvogels groot en klein gejaagd, en geloof me, ze krijgen ze nog te pakken ook. 'k Wil niet weten wat dat met het vogelbestand doet!... Elke lente opnieuw vinden er hevige territoriumgevechten plaats in de tuin, met veel nachtelijk gekrijs en gejank. En ook vaak met de meest vreselijke verwondingen tot gevolg. Die strompelen hier dan duidelijk zichtbaar de dagen erna voorbij... Mijn terras blijkt een soort catwalk -letterlijk, hahaha- te zijn. Een plek om jezelf als kat te laten opmerken. Ontzettend vrijpostig paraderen hier zowat alle poezenbeesten uit de buurt voorbij; zeker alle katers, om, meestal elk op z'n beurt, met stevig wat sproeiwerk tegen m'n bloempotten mijn buitenruimte als de hunne te claimen... Ze drinken ongegeneerd uit m'n bak met waterplanten, slurpen onverstoorbaar de vogelzwembadjes leeg en likken zelfs het drinksysteem voor de insecten -een stenen bord met natte keien- helemaal droog. Al doende vertrappelen ze achteloos m'n geliefde, o zo frêle bloemen. En af en toe geeft één van m'n planten de geest omdat ik niet op tijd merkte dat de aarde in zijn bloempot tot uitverkoren plasplekje gedoopt werd...
Mijn twee katers Poekie en Pompon mogen nooit naar buiten. Neen, da's niet zielig, echt niet. Ze hebben een heel boeiend leven hier binnenskamers en komen absoluut niets te kort, op geen enkel vlak. Daar mag je gerust in zijn. Zo blijven ze veilig, gezond en vrij van parasitair ongedierte, wat een geruststelling voor mij is; en zo zijn ook de zaadjes en nootjes etende vogeltjes op het terras safe. En al mogen ze niet vrij in- en uitlopen, die twee knuffels van mij, ze genieten wél van de buitenlucht. Als hier de ramen wijd open staan, dan plaats ik daar horren in. Geen gewone horren met insectengaas, maar speciale zelf gefabriceerde poezenhorren met gegalvaniseerd volièregaas, met gaten van ongeveer één vierkante centimeter. En ze vinden het echt zalig om ervoor te hangen, en onbezorgd en gretig alle geurtjes en luchtjes van buiten op te snuiven met de zon of de wind op hun snuiteke; of hoog vanop de krabpaal, die ik er dan altijd voor zet, nét niet zonder barrière de vogeltjes te bespieden en al het reilen en zeilen in de tuin nauwgezet in 't oog te houden.
Twee weken geleden stond er plots een nieuwe, nog erg jonge kat voor de hor in het openstaande venster. Een volledig lichtbruin-zwart gestreept tijgerke zonder enige vorm van schuwheid of bedreiging, heel gewoon met slechts een stevige dosis kinderlijk onschuldige nieuwsgierigheid. 't Zag er nogal een lieveke uit en omdat mijn katers zo nog wel vriendjes aan de andere kant van het gaas hadden, vond ik het wel leuk voor hen. Maar de volgende dagen was dat katje er weer, en deze keer niet zo vredevol! Met alle kracht in zich viel het mijn katers achter de hor aan! Het haar vloog in het rond en het geschreeuw moet ver te horen geweest zijn. Misschien lag het aan het 'kattenseizoen', want het luidde een intens aantal dagen in met epische gevechten in de tuin. De lucht zat dagenlang vol van door merg en been snijdend gekrijs en het gegil, zo uit de ergste horrornachtmerrie, als van een baby die op gruwelijke wijze doodgebeten wordt of zoiets, bleef me opnieuw en opnieuw ijskoude rillingen bezorgen.
Ik trachtte te achterhalen wie er nu precies aan 't bakkeleien was, want ontdek de verschillende individuen maar eens in zo'n kluwen vechtende plush ergens half verborgen in het dichte struikgewas. En behalve een aantal van de zelfverzekerde 'veteranen' hier croste hier precies steeds weer datzelfde tijgertje voorbij... Niet moeilijk dat ik uitgerekend dié altijd zag: het was niet één tijgertje, het bleken er uiteindelijk dríe te zijn! Drie nieuwe gestreepte katten 
in de tuin, en vermoedelijk allemaal ongesneden katers. Twee identiek dezelfde tijgertjes -één lief en één kwaadaardig- en één iets grotere, iets rondere, tijger met wat meer grijs in z'n strepen. Mooi beestje eigenlijk. En omdat ze nieuw in de buurt zijn, is hier dus een ware burgeroorlog uitgebroken. Zucht.
Poekie trekt het zich niet aan. Eén bijzonder doordringende blik van hem, geen geluid erbij of niks, slechts één blik, en gelijk welke andere kat druipt geruisloos af. Mijn zelfverzekerde Poekie is de baas en daarmee uit. Met de anders al zo schuchtere en snel angstige Pompon is het een heel ander verhaal. Hij houdt, met hoge rug, z'n vacht volledig overeind en z'n staart vier keer zo dik als normaal, gevaarlijk grommend en blazend de wacht bij het open venster, ook als er niemand aan de andere kant is. In zijn alles overheersende benauwdheid wou hij mij zelfs bijten toen ik hem trachtte te kalmeren. Pompon is werkelijk totaal van z'n melk door al die vechtersbazen. Radeloos over z'n toeren en panisch angstig probeerde hij al z'n favoriete spullen in huis te markeren als de zijne. Niet door erop te sproeien, zoals katers normaal gezien doen, want dat kan hij als gesteriliseerde kater uiteraard niet meer, maar door er -tot mijn grote ellende- overal een klein plasje op te doen. Op de vloer, op de matjes op de vensterbanken, op de krabpalen, in de poezenmandjes, op z'n ál speelgoed, op de poezendeken op bed (gelúkkig voor mij en m'n bed ééntje met een vochtafstotende onderkant), bij de eetbakjes, naast de drinkwaterschaal...
Er is weinig dat ik eraan kan doen. Begrip tonen en vooral niet boos zijn. Opruimen en poetsen. De wasmachine draait bijna continu. 'k Hou een beetje de wacht om met een krachtige plantenspuit elke eventuele snode belager meteen een stevig nat pak te bezorgen, want dat werkt bijzonder goed als afschrikmiddel. Verder overlaad ik Pompon met extra veel aandacht en een overdosis knuffels, en 'k leid hem zoveel als mogelijk af met allerlei leuke spelletjes, 
zodat hij zich hopelijk gauw weer terug veilig gaat voelen. En ondertussen wens ik vanuit de grond van mijn hart dat die knokkende oproerlingen daarbuiten snel tot een degelijk en langdurig vredesakkoord komen. Graag vandáág nog. En liefst zonder nog één of andere allerlaatste fenomenale aanslag op mijn geliefde terras en huisgenootjes. Want wat mij betreft is het poezenleed hier op 'den Bosuil' stilaan niet meer te overzien, hoor... ;-)



zaterdag 28 maart 2020

Wc-papier.

De afgelopen anderhalve week kende ik een paar ongemakkelijke nachten. Door het schijnbaar eindeloos thuiszitten, begon ik een beetje m'n voeling met uur en tijd kwijt te spelen. Ik bleef af en toe veel te lang of 's morgens uitslapen, of 's avonds -'s nachts eigenlijk- achter het computerscherm zitten. Bijgevolg verschoven ook m'n 'slaapuren'. En als ik dan toch heerlijk comfortabel -en netjes op tijd- in m'n tram geraakt was, dan maakte vaak een woelige gedachtegang, door m'n hoofd razend als een op hol geslagen hogesnelheidstrein die elk moment met de meest vreselijke gevolgen kon ontsporen, me het blijven liggen tussen het roze beddengoed onmogelijk.
Zo zat ik, ergens vorige week, in het holst van de nacht -het moet zo ongeveer half twee, twee uur geweest zijn- in pyjama en kamerjas onder het fleece dekentje opgekruld in de hoek van de sofa, met twee uitermate tevreden poezen op schoot -"hoera, ze is ook eens wakker als wij wakker zijn"- een beetje hersenloos televisie te zappen. Echt heel veel boeiends is er op dat uur niet echt te zien. Op verschillende zenders herhalingen van het nieuws. Maar da's geen goed idee als je hoofd al vol doemscenario's zit. Programma's die je in de meest ongeloofwaardige superlatieven wonderbaarlijk afslankende fitnesstoestellen aanprijzen, of eigenaardige keukenapparaten die ál uw huidige hulpmiddelen ineens zouden vervangen. Oventjes die gelijktijdig friteuses zijn, pannenkoeken bakken én uw appeltjes schillen. Of zo iets. Ja, ik lach er maar een beetje mee. Kinderprogramma's zijn er ook. Gekke ongekende tekenfilmverhaaltjes, nooit eerder gezien. En 't enige waar ik dan aan denk is: "Welk kind zit op dit uur nog voor de televisie?..."
Maar, na wat moedeloos zappen viel m'n oog op een programma dat in eerste instantie op een modeshow met trouwjurken leek. Prachtige creaties die blijkbaar volledig door gewone mensen, en niet door vooraanstaande couturiers, eigenhandig vervaardigd werden. Dat leek me wel het bekijken waard. En na nog geen twee minuten viel ik ongeveer van de sofa van verbazing: al die prachtige, ongelofelijk fantasierijke robes waren vervaardigd uit niks minder dan... wc-papier!!!
De onbevreesde ontwerpers mochten voor hun draagbaar kunstwerk uitsluitend gebruik maken van toiletpapier -uiteraard-, heel erg veel toiletpapier, kamers vol toiletpapier zelfs, plakband, lijm en naaigerief, zijnde naald en draad, en eventueel een naaimachine. Da's alles. Potverdorie, zelfs ik, ontzettend creatief als ik ben, zou nog niet direct weten waar en hoe te beginnen! Maar de echt schitterende en vaak ook bijzonder draagbare jurken die ik op het scherm zag passeren, lieten een absoluut fenomenale dosis vindingrijkheid en verbeeldingsvermogen zien. Werkelijk fantastisch!
Super leuk ook dat de deelnemers aan deze wedstrijd -want dat bleek het te zijn: een jaarlijks weerkerende wedstrijd in, hoe kon het ook anders, Amerika- ons als kijker een blik achter de schermen gaven. Hoe ze wekenlang parelbolletjes rolden uit wc-papier-maché, velletjes toiletpapier met oeverloos geduld knipten, plakten en stikten tot fragiele bloemblaadjes, lange repen verstevigd met plakband met vaste hand en een piepklein scalpelmesje uitsneden tot het allermooiste kantwerk dat ooit een bruidsjurk mocht sieren... Om maar een paar voorbeelden te noemen. Ik zat er met open mond van verbazing naar te gapen. Ja, ik ben een geduldig iemand, maar hoe gedreven moet je zijn op dít soort geduld op te brengen!?... Wow!
Het winnende ontwerp kwam van een dame die maandenlang wc-papier en garen tot een soort draad had gesponnen/gerold/gekneed, en van deze 'wol' een volledig gehaakte trouwjurk fabriceerde. Het kleed bewoog als vervaardigd uit een redelijk zwaar vallende stof, soepel doch elegant; en het had een perfecte pasvorm. Persoonlijk haak ik best wel graag, maar 'k zou zo direct nog niet aan een volledige 
bruidsjurk mét sleep en hoofdsieraad beginnen, vrees ik. Laat staan dat ik er nog eerst al het nodige haakmateriaal zélfs van nul af voor moest fabriceren, en dan nog wel uit toiletpapier!... Dus, chapeau, chique dinges!
En uiteraard gingen toen, als vanzelf -natuuuuurlijk-, mijn gedachten naar al die mensen die de voorbije dagen in hun hamsterwoede auto's propvol wc-papier de supermarkten uitgesleept hadden, niets overlatend voor de 'gewoon' winkelende medemens... De totale overvloed en de gevreesde schaarste. Naast elkaar. Wat een wéreld van verschil.
Gek eigenlijk dat iets zo banaals als het nederige wc-papier ineens scheldpartijen en handgemeen waard was. Er werden zowaar heuse veldslagen om geleverd in de grootwarenhuizen! Als je de filmpjes op de sociale media mag geloven tenminste... Ik merkte dat de onrust zelfs mij even in z'n greep had, want ik bedacht meteen een paar 'praktische' alternatieven. De stapel oude keukenhanddoeken verknippen en verstikken naar hanteerbare en herbruikbare 'kontveeglapjes', een goed afsluitbare plastiek bak in de wc-ruimte om al de vermoedelijk 'aromarijke' gebruikte wc-vodjes systematisch in te verzamelen, en dan één of meer keer per week een wasmachine -kookwas uiteraard- draaien met uitsluitende deze inventieve toiletdoekjes. Bijvoorbeeld. Goh, wat een milieuvriendelijk ideetje eigenlijk... Een dringend uit te voeren blijvertje misschien?... Tja. Alhoewel. 'k Weet het toch nog niet helemaal, zenne...

En natuuuuurlijk ging ik, met al die berichten over die gewelddadige 'papierslagen', ook meteen m'n eigen voorraad rollen tellen. Toch voor alle zekerheid maar effe kijken voor hoelang ik zelf nog voorzien was, hé. ('t Rekensommeke nog eens luidop makend: op dit moment nog 7 rollen; verbruikt aan ongeveer 1 rol per 5 dagen; nog genoeg voor meer dan een maand dus. Ça va. Gene stress.)
Een heel verhaal om nog maar eens te zeggen dat we echt wel verwend zijn, en zoveel dingen als vanzelfsprekend zien, terwijl ze dat éigenlijk niet zijn... Kijk maar eens om je heen in je eigen huis. Er is zoveel dat we continue gebruiken en verbruiken, zonder er ook maar één seconde bij stil te staan. Dingen die er 'gewoon' altijd al waren en zonder nadenken geacht worden er altijd te zijn... Het nederige wc-papier: ogenschijnlijk banaal gebruiksvoorwerp, onvoorspelbare reden tot vechtpartijen, verrassende grondstof voor haute couture, en nu ook nog eens een interessante aanzet tot bewuster leven. Wie had dat ooit gedacht, hé. ;-)