Moe dat ik was, echt stikkapot! Super lang geleden da'k lijfelijk nog zo doodop geweest ben. Helemaal content over de voorbije voormiddag thuiskomen, jezelf een welverdiende, heerlijke, grote kop koffie maken, en dan, nog voor je ook maar één slokje van dat vers gebrouwen lekkers tot je genomen hebt, als een blok in de zetel in slaap vallen!... Da's moe zijn, hé, écht moe.
Gisterenvoormiddag repeteerde ik met organist en vriend Peter Maus voor onze concertmis van komende zondag, meteen op het hoogzaal in de Sint-Michielskerk zelf. De nacht ervoor sliep ik tamelijk onrustig. Met het naderen van dit o zo welkome en fantastisch opbeurende optreden, na zovele maanden absoluut niets, bekroop me toch de misschien wat vreemde gedachte, die ik in alle eerlijkheid nog nooit eerder in m'n leven had: 'zou ik het nog wel kunnen?'...
Ja, zingen, daarvan wist ik wel dat ik het nog kon. Ik loop wel eens wat onnozel al dan niet bekende melodietjes grappig te 'misbruiken', spelend met de poezen, als begeleiding bij klusjes of in een vrolijke bui onder de douche. En dat kan absoluut van alles zijn. Als het maar lollig is, of ik er iets lolligs van kan maken. Soms is één woord voldoende om me op gang te krijgen, of een emotie, of een gedachte. Ja, op die manier heb ik de afgelopen tijd inderdaad nog wel gezongen. Vanzelfsprekend.
Maar, dát zingen, dat heeft in mijn leventje weinig of niets te maken met dat wat ik samen met iemand als Peter ten beste breng. Da's topsport! Ik maak even een beter begrijpbare vergelijking: dat thuis zingen, da's als een slenterwandelingeske rond den blok; het zingen van de muziekstukken, zoals die uitgevoerd met Peter, da's een halve marathon. En normaal gezien train je voor zulk soort inspanningen, en onderhoud je tenminste met allerlei oefeningen en dergelijke de nodige spieren... En gisterenvoormiddag zou ik dus 'zomaar eventjes' die halve marathon gaan doen, en dat na maar liefst 6 maanden volledig te hebben stilgelegen. "Niet echt slim", zal je zeggen. Terecht, ik weet het, maar heel eerlijk: in mijn meest 'duistere' momenten tijdens zoveel maanden coronagedoe vreesde ik nooit meer te mogen en kunnen zingen op dit topsportniveau, en viel het daarmee doelgericht en intens bezig zijn om puur levensbehoud volledig stil. Het had totaal geen nut mezelf te blijven kwellen met een zo geliefd iets, als ik het mogelijk toch voor altijd los zou moeten laten. Zolang ik er niet bewust mee bezig was, bleven m'n dagen leefbaar...
Ja, 'k had me de afgelopen week natuurlijk wel een beetje voorbereid, met ademhalingsoefeningen en zo, dat wel, maar hier in het appartementsgebouw is het niet echt aan te raden om -zeker niet met regelmaat- zulke decibels te produceren, zoals ik bij het zingen van dit soort grootse (en door de grote meerderheid van de bewoners hier 'minder gewaardeerde') muziek, zonder dat men zowat on-mid-del-lijk de politie aan z'n deur krijgt... Logisch dus dat ik me toch een beetje zorgen maakte over dat 'kan ik het nog?'...
Ook emotioneel had ik mezelf op voorhand een beetje afgevlakt. Ik wou niet al te verheugd en opgewonden zijn over het éindelijk weer mógen zingen met heel mijn zijn en al mijn kunnen. De pijn, en het bijhorende zwarte gat, omdat het daarná misschien wéér voor lange(re) tijd voorbij zou zijn, die wordt daar alleen maar groter en verdrietiger door. Maar daardoor verdween er meteen eigenlijk ook een stukje van die typische vreugde-energie, nodig om er helemaal voor te gáán...
Allemaal zorgen voor niks want, joepie, ik kon het nog! Oef!...
Met net dat ietsje meer inspanning van de spieren en net dat ietsje meer aandacht voor techniek kwamen zelfs de allerhoogste noten er nog als vanouds, bijna vanzelfsprekend en in de overbekende kracht, uit.
Hier en daar zochten Peter en ik samen opnieuw naar een wat vergeten spanningsenergie of een wat op de achtergrond geraakte muzikale gemoedstemming, maar dat was telkens met wat extra aandacht voor die passage snel opgelost. Dan voélden we hét weer en weerklonken die fenomenale aria's met jubelende en juichende noten als vanouds feestelijk galmend door de enorme lege kerkruimte.
Af en toe nam een emotie -sowieso onlosmakelijk verbonden aan geliefde werken- of de diepere betekenis van de tekst -nog zoiets- m'n aandacht even over, m'n blik plots ijl en onverwacht op oneindig. Dan miste ik een tel -of twee, drie, vier-, een rust, een inzet of een noot. Hier en daar vergat ik de woorden een normaal gezien al jaren vertrouwde passage of las ik m'n bladmuziek net niet aandachtig genoeg. Dan broebelde ik met horten en stoten verder in de meest vreemde zins- en lettercombinaties, vaak tot bijzonder groot jolijt van de organist. 'k Moest m'n bril maar deftig opgezet hebben, hé...
Een tweetal uur later stond alles weer opnieuw excellent op z'n muzikale pootjes en namen Peter en ik afscheid. Op de tram huiswaarts voelde ik al meteen wat een inspanning er geleverd was: zowel de spieren van heel m'n stevig onderbouwd ademhalingssysteem als m'n stembanden (dat zijn ook spieren, mocht je dat niet weten) waren moe. Ze hadden onmiskenbaar hard gewerkt en waren dat eigenlijk absoluut niet meer gewoon, zo na 6 maanden zonder training... Ik kwam thuis, zette me een kop koffie en viel in de zetel in slaap.
Vandaag ben ik een beetje hees. M'n lijf, dat doet alweer volledig mee. Eén nachtje goed slapen volstond om te herstellen van die 2 uurtjes topsport. Maar m'n stemspieren hebben duidelijk iets meer tijd nodig om te bekomen. Och, heb geen nood, ook die komen mits de juiste zorgen weer snel terug in orde, hoor. En met de komende dagen nog wat extra rust en oefeningen, ben ik tegen zondag beslist weer helemaal op punt om, in combinatie met het fabelachtige kunnen van organist Peter Maus, nog eens een keertje stevig en met de ons zo gekende grootsheid en decibels de pannen van het kerkdak te zingen! Woehoe! Ge moogt er gerust in zijn!... ;-)
Over muziek, poezen, bloemen, mensen, kerstmis... en zo veel meer. Geniet mee van de grote en kleine belevenissen en bedenkingen van zangeres Kristina Meganck.
Posts tonen met het label emotie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label emotie. Alle posts tonen
zondag 11 oktober 2020
Topsport.
donderdag 4 oktober 2018
Verjaardagsemotie.
't Is een rare dag. Zo een dag waarmee ge eigenlijk niet goed weet wat ge er mee moet aanvangen. Allé, er zijn zo nog van die dagen in het jaar, hé, 't is niet de enige. Bijvoorbeeld de dag dat hij viel, de dag dat hij stierf, de dag van de uitvaart. Maar ook de huwelijksverjaardag van mijn ouders. Of kerst en nieuwjaar, of... Op al dat soort dagen vraagt ge u af of ge hem nu moet herdenken, of op de één of andere manier moet 'vieren', of dat ge op zo'n dag misschien iets speciaals doet, gelijk wat dat dan ook moge zijn. Zelfs bij concertdagen wordt zijn aanwezigheid nog steeds stilletjes maar bijzonder voelbaar gemist. En niet alleen door mij en mijn familie... Zoveel dagen in een jaar, dagen die nooit meer als 'gewoon' zullen voelen. Tenminste toch niet zoals je vroeger iets als 'gewoon' beschouwde...
Het is, of was, als je dat beter passen vindt -nog zo iets dat ik nog lang niet uitgesorteerd heb- vandaag mijn vaders verjaardag.
En "nee, ik moest niet afkomen", vond mijn moeder. Mijn zus had al een bezoek bij haar gepland, met echtgenoot en dochter. Met ook mij er nog eens bij zou het 'teveel van het goede' zijn. Te druk, te veel emoties, gewoon te veel.
En toen ik, na dat telefoongesprekje met mijn moeder, zoveel later gisteren eindelijk in m'n bed geraakt was, lag ik me af te vragen wat je dan wél met zo'n dag moet. Hoe vul je die in? Onze va staat bij ons moe op het dressoir, en ik zelf heb altijd een stukje van hem dicht bij me -letterlijk- in die ring die ik nooit af doe. Elke kamer van mijn huis staat en hangt vol spulletjes van of met herinneringen aan hem. Hij is eigenlijk nog altijd gewoon 'aanwezig'. Dus we hoeven ook niet ergens heen te gaan, zoals een begraafplaats of zo, om een vorm van 'betekenis' aan zo'n dag te geven.
Terwijl ik die gedachten even de vrije loop liet, vroeg ik me plots af wat onze laatste woorden aan elkaar eigenlijk geweest waren. En heel even overviel mij, in een soort alles overheersende paniek, het krankzinnige idee dat ik dat niet wist! Doch, loos alarm, hoor, maak je geen zorgen. Mijn hoofd, moe van de afgelopen drukke en emotionele dag, vergat voor een minuutje of twee die allerlaatste dinsdag, samen met ons drietjes -va, moe en ik- in het restaurant van de Ikea. Zoals toen regelmatig, hadden ze me, na m'n vroege shift aan de balie in Edegem, met de auto opgepikt om gezellig een hapje te gaan eten. En toen vond er een gesprek plaats dat ik graag, en met veel liefde en warmte, al eens links en rechts vertel.
Daar tegenover mij zat mijn vader, helemaal tevreden en ook fier over het feit dat met de aankoop van mijn appartement -dank zij zijn financiële hulp en amper een luttele 5 maanden eerder- bij deze ál zijn kinderen 'onder dak' waren. Nu kon hij gerust zijn, vond hij met enige ernst. Zijn taak als vader was volbracht. En in een totale ommekeer van sfeer voegde hij er met z'n kenmerkende binnensmonds gemonkel gniffelend aan toe dat 'z'n oudste dochter een goed lief bezorgen' niet tot zijn takenpakket, noch tot zijn kunnen behoorde. Daar zou ik dan toch ooit nog eens een keertje helemaal zélf voor moeten zorgen... Het doet me nog altijd glimlachen als ik aan dat gesprekje denk. Ook gisteren dus, daar in het donker in mijn bed.
En toen merkte ik, al even volledig verontrust en in paniek, dat de beeltenis van mijn vader de voorbije jaren blijkbaar langzaam aan het oplossen geweest is. Zijn net niet tastbare en zichtbare verschijning lijkt te vervagen. Het kost steeds meer moeite om hem nog duidelijk voor me te zien zonder een foto te raadplegen. En die foto's, die vele vele foto's... Geen van hen geeft weer wat ik denk en hoop te zien. Ik herken de man; de mens, die ik zo lang 'voke' en later 'va' noemde; die persoon waar ik in mijn leven af en toe ontzettend ruzie mee maakte maar die ik, in minstens recht evenredige grootte, ook wreed graag zag. Maar, er ontbreekt altijd iets, iets waar je nét je vinger niet op kunt leggen. Het gevoel klopt voor geen meter...
En toen wist ik het! Gisteren in de geborgen warmte van mijn knusse bed viel mijne frank. Alsof ze er op zaten te wachten, pasten plots allerlei inzichten, bedenkingen en emoties als ontelbare puzzelstukjes in elkaar en vormden zo één fonkelnieuwe en bijzonder aangename gedachte. Nu mijn vader zijn mens-zijn ontstegen is, is hij niet langer materie en iets tastbaars. Hij is puur gevoel geworden, zuivere emotie. En niet 'zomaar' gevoel of emotie. Nee, mijn vader werd een heel fijn gevoel, ééntje van warmte en veiligheid, van gekoesterd worden en gedragen. Een oprecht vreugdevolle emotie, boordevol leven, aanwezigheid en wijsheid, en beslist mijlenver weg van afscheid, dood en gemis. En in dat gevoel en die emotie blijft hij voor altijd met ons mee gaan. Ook vandaag dus, op z'n verjaardag, zo'n typische dag waarvan ik nog steeds niet goed weet wat er mee aan te vangen... 😉💗
(vertaling van de tekst op de foto: "Degenen van wie we houden, gaan niet weg. Ze lopen elke dag naast ons.")
Het is, of was, als je dat beter passen vindt -nog zo iets dat ik nog lang niet uitgesorteerd heb- vandaag mijn vaders verjaardag.
En "nee, ik moest niet afkomen", vond mijn moeder. Mijn zus had al een bezoek bij haar gepland, met echtgenoot en dochter. Met ook mij er nog eens bij zou het 'teveel van het goede' zijn. Te druk, te veel emoties, gewoon te veel.
En toen ik, na dat telefoongesprekje met mijn moeder, zoveel later gisteren eindelijk in m'n bed geraakt was, lag ik me af te vragen wat je dan wél met zo'n dag moet. Hoe vul je die in? Onze va staat bij ons moe op het dressoir, en ik zelf heb altijd een stukje van hem dicht bij me -letterlijk- in die ring die ik nooit af doe. Elke kamer van mijn huis staat en hangt vol spulletjes van of met herinneringen aan hem. Hij is eigenlijk nog altijd gewoon 'aanwezig'. Dus we hoeven ook niet ergens heen te gaan, zoals een begraafplaats of zo, om een vorm van 'betekenis' aan zo'n dag te geven.
Terwijl ik die gedachten even de vrije loop liet, vroeg ik me plots af wat onze laatste woorden aan elkaar eigenlijk geweest waren. En heel even overviel mij, in een soort alles overheersende paniek, het krankzinnige idee dat ik dat niet wist! Doch, loos alarm, hoor, maak je geen zorgen. Mijn hoofd, moe van de afgelopen drukke en emotionele dag, vergat voor een minuutje of twee die allerlaatste dinsdag, samen met ons drietjes -va, moe en ik- in het restaurant van de Ikea. Zoals toen regelmatig, hadden ze me, na m'n vroege shift aan de balie in Edegem, met de auto opgepikt om gezellig een hapje te gaan eten. En toen vond er een gesprek plaats dat ik graag, en met veel liefde en warmte, al eens links en rechts vertel.
Daar tegenover mij zat mijn vader, helemaal tevreden en ook fier over het feit dat met de aankoop van mijn appartement -dank zij zijn financiële hulp en amper een luttele 5 maanden eerder- bij deze ál zijn kinderen 'onder dak' waren. Nu kon hij gerust zijn, vond hij met enige ernst. Zijn taak als vader was volbracht. En in een totale ommekeer van sfeer voegde hij er met z'n kenmerkende binnensmonds gemonkel gniffelend aan toe dat 'z'n oudste dochter een goed lief bezorgen' niet tot zijn takenpakket, noch tot zijn kunnen behoorde. Daar zou ik dan toch ooit nog eens een keertje helemaal zélf voor moeten zorgen... Het doet me nog altijd glimlachen als ik aan dat gesprekje denk. Ook gisteren dus, daar in het donker in mijn bed.
En toen merkte ik, al even volledig verontrust en in paniek, dat de beeltenis van mijn vader de voorbije jaren blijkbaar langzaam aan het oplossen geweest is. Zijn net niet tastbare en zichtbare verschijning lijkt te vervagen. Het kost steeds meer moeite om hem nog duidelijk voor me te zien zonder een foto te raadplegen. En die foto's, die vele vele foto's... Geen van hen geeft weer wat ik denk en hoop te zien. Ik herken de man; de mens, die ik zo lang 'voke' en later 'va' noemde; die persoon waar ik in mijn leven af en toe ontzettend ruzie mee maakte maar die ik, in minstens recht evenredige grootte, ook wreed graag zag. Maar, er ontbreekt altijd iets, iets waar je nét je vinger niet op kunt leggen. Het gevoel klopt voor geen meter...
En toen wist ik het! Gisteren in de geborgen warmte van mijn knusse bed viel mijne frank. Alsof ze er op zaten te wachten, pasten plots allerlei inzichten, bedenkingen en emoties als ontelbare puzzelstukjes in elkaar en vormden zo één fonkelnieuwe en bijzonder aangename gedachte. Nu mijn vader zijn mens-zijn ontstegen is, is hij niet langer materie en iets tastbaars. Hij is puur gevoel geworden, zuivere emotie. En niet 'zomaar' gevoel of emotie. Nee, mijn vader werd een heel fijn gevoel, ééntje van warmte en veiligheid, van gekoesterd worden en gedragen. Een oprecht vreugdevolle emotie, boordevol leven, aanwezigheid en wijsheid, en beslist mijlenver weg van afscheid, dood en gemis. En in dat gevoel en die emotie blijft hij voor altijd met ons mee gaan. Ook vandaag dus, op z'n verjaardag, zo'n typische dag waarvan ik nog steeds niet goed weet wat er mee aan te vangen... 😉💗
(vertaling van de tekst op de foto: "Degenen van wie we houden, gaan niet weg. Ze lopen elke dag naast ons.")
woensdag 1 november 2017
Klein horror-verhaaltje.
'k Weet dat ik het al zo vaak gezegd heb, maar ik ga het tóch nog eens moeten zeggen: ik kan toch echt nooit eens iets gelijk ne normale mens doen, hé!...
Vanwege m'n nieuwe nekproblemen -zelfde probleem als voorheen, maar één wervel hoger- mocht ik gisterenochtend op bezoek bij de sympathieke Dr. Lasters voor een mij hopelijk van pijn verlossende epidurale prik. Die dokter ken ik al behoorlijk goed, van al die zovele eerdere verdovende spuitjes die hij me reeds een paar jaar geleden mocht zetten. Een bijzonder vakkundige, hartelijke, zachtaardige opa met een oprechte interesse in z'n patiënten. Zo wist hij nog zeer goed dat ik zangers was en vroeg of er dit jaar ook weer van die leuke kerstconcerten kwamen. Fijn toch, niet dan?
Bon, de gang van zaken was me bekend: netjes op de rand van het bed zitten, keurig in 't midden tussen het röntgen-apparaat dat me altijd doet denken aan een reuzegrote koptelefoon, kin op de borst -allé ja, zover ik dat nog kan met al die reeds gefixeerde wervels- en dan graag volledig tot rust komen. De verpleegster plakt een bescherming, een soort operatiedoek, langst de rand van m'n t-shirt, veegt m'n weerbarstig nekhaar daadkrachtig in een mutsje en ontsmet m'n nek met iets dat fenomenaal koud aanvoelt. Ondertussen babbelt ze honderduit met mij over klassieke componisten, kwestie van de patient relaxed te houden, af en toe onderbroken door de dokter die nog een waslijst medische vragen heeft en ijverig de antwoorden in de computer tikt.
Het eerste spuitje, de verdoving vóór de eigenlijke infiltratie, da's de meest venijnige prik die je je kunt voorstellen. Elk haartje op je armen en benen staat er rechtop van en je voelt het nazinderen in elke vezel van je lijf. "Rustig blijven ademen" zei de verpleegster moederlijk...
Het eerste spuitje, de verdoving vóór de eigenlijke infiltratie, da's de meest venijnige prik die je je kunt voorstellen. Elk haartje op je armen en benen staat er rechtop van en je voelt het nazinderen in elke vezel van je lijf. "Rustig blijven ademen" zei de verpleegster moederlijk...
Van de daaropvolgende prikken voelde ik, behalve het herhaaldelijk krachtige duwen van de dokter, al die zovele vorige keren erg weinig. Eerst een naald tot vlak naast de zenuw, dan het inspuiten van contrastvloeistof -effe checken of ze 't juiste plekje hebben, hé- en dan is het beetje bij beetje de beurt aan de eigenlijke verdovende stof, met eventueel een plots hittegevoel in een arm of in beide armen. Daarna mag je nog 30 minuutjes tot een uur rusten om de plaatselijke verdoving te laten wegebben, dan ben je klaar en mag je beschikken.
Da's dus in regel de gewone gang van zaken. Zo gaat dat met 'normale' mensen...
En nu voelt u hem natuurlijk al komen: zo ging het dit maal dus niet met mij. Verre van.
Bij het inspuiten van de lang werkende verdovingsvloeistof ging het mis. Meteen over de hele lengte twee ijskoude armen en handen, het gevoel alsof er mij iemand met een hamer een stevige klap op het achterhoofd gaf, en op de prikplaats: pijn. En dan bedoel ik: PIJN!!! Echt, met geen woorden te beschrijven schreeuwende pijn. Terwijl een vloedgolf aan tranen spontaan en onbeheerst over m'n wangen stroomde bleef de verpleegster me met aandrang aanmanen rustig te blijven en vooral niet te bewegen. Wat ik met een bijna bovenmenselijke zelfbeheersing -braaf als ik ben- ook keurig deed. Al was het maar om het afzien niet nóg erger te maken, hé...
De wondverzorging en de rest van den opkuis heb ik niet meer bewust meegemaakt. Ze hadden me nog net op tijd kunnen opvangen en me plat in m'n bed gelegd. Totaal over m'n toeren en verschrikkelijk huilend van ellende hield ik met twee handen m'n arme hoofd vast, want dat kon volgens mijn aanvoelen elk moment met een enorme knal uit elkaar spatten. Op mijn borstkas had zich niet minder dan een olifant of zo neergezet. Mijn keel werd als door een bankvijs toegeknepen en zwol helemaal op. Maar de verschrikkelijke benauwdheid die daaruit voortvloeide verdween in het niks bij de duizend messen die overduidelijk mijn hele rug aan flarden reten. 'k Was de dag al afschuwelijk mottig begonnen, door de pijnstillers die me de voorbije maand op de been moesten houden, dus durfde ik ondanks dat alles nauwelijks bewegen uit angst ook nog eens het hele operatiekwartier onder te kotsen...
Gelukkig -allé ja- was ik niet de eerste -en vermoedelijk ook niet de laatste- patiënt wiens lijf nogal vervelend reageerde op deze epidurale. Ze kenden dus de symptomen en wisten wat te doen. Terwijl m'n hartslag en ademhaling gemonitord werd legden hele zorgzame en echt super lieve verpleegsters me in alle kalmte aan een baxter met pijnstillers. Jawel: pijnstillers om de gevolgen van de pijnstiller te verhelpen. Zelfs in die toestand vond ik dat ronduit hilarisch! Echt.
De chirurg kwam ook regelmatig even kijken, oprecht bezorgd en om eventueel wat bij te sturen. Zijn duidelijke uitleg stelde me enigszins gerust: omdat hij exact op die plek waar de discus al zwaar op m'n ruggenmerg duwt ook nog eens een stevige hoeveelheid vloeistof in moet spuiten was in mijn geval de druk op de zenuwen in m'n rug plots zodanig groot dat m'n hele lijf het er van uitschreeuwde en niet beter wist dan efkes het licht volledig uit te doen.
Het kostte me nog een tweede baxter en een paar ongemakkelijke uren verdwaasd, mottig en veel te plat in het ziekenhuisbed voor ik me heel langzaam weer een beetje mezelf begon te voelen. Ondertussen zag ik patiënten gaan en komen, zelden langer aanwezig dan een half uurtje. En zowel een stroom verplegend personeel als een aantal medepatiënten passeerden langs m'n bed om te checken of ik oké was. Alweer zoveel leuke mensen leren kennen en zoveel boeiende verhalen en belevenissen gehoord! Ja, zelfs zo totaal onverwacht een paar uur lang bewegingloos moeten platliggen in een gemeenschappelijke hospitaalzaal heeft zo zijn mooie kanten... En dat meen ik, hoor.
Nog een hete kop thee met veel suiker en een koekje later verlangde ik zodanig naar m'n eigen bed dat ik toch maar heel voorzichtig huiswaarts geschuifeld ben. Ja, te voet, en met de tram. En daarom ook met dikke dikke tranen. Nee, niet meer echt van pijn, al was die er uiteraard ook nog, maar wel van verdriet. De hele dag lang had ik dames ouder dan mijn moeder om me heen gezien, allemaal stuk voor stuk begeleid door hun partner. En toen de bezorgde verpleegsters me vroegen of ik door iemand opgehaald werd kon ik niet anders dan afschuwelijk emotioneel vertellen over die laatste epidurale, een dikke 5 jaar geleden, toen mijn vader nog met me meegegaan was en me ook weer veilig thuis gebracht had...
Na een ontzettend lange nacht vol oeverloos verdriet, ongemak en pijn -te warm, te koud; in het bed, uit het bed; in de zetel, uit de zetel; licht aan, licht uit; de poezen raakten er helemaal de kluts van kwijt- ben ik, zo stijf als een heksenbezemsteel en over alle nog steeds aanwezige pijn heen, toch de Allerheiligen-mis gaan zingen. En het was mooi, intens mooi. De teksten van de priester, de liederen van het koor en omringt zijn door zoveel lieve mensen, het bracht emotionele rust. En -geloof me, ik kijk er zelf ook nog altijd van op- zelfs onder dit soort omstandigheden zing ik alsof er niks aan de hand is. Volgens ons moe vandaag zo mogelijk nóg beter dan anders. Komt dà tegen! Maar, alle gekheid op een stokje, het heeft me diep deugd gedaan. En die borrel bij de koffie achteraf, die had ik àbsoluut verdiend.
Het kostte me nog een tweede baxter en een paar ongemakkelijke uren verdwaasd, mottig en veel te plat in het ziekenhuisbed voor ik me heel langzaam weer een beetje mezelf begon te voelen. Ondertussen zag ik patiënten gaan en komen, zelden langer aanwezig dan een half uurtje. En zowel een stroom verplegend personeel als een aantal medepatiënten passeerden langs m'n bed om te checken of ik oké was. Alweer zoveel leuke mensen leren kennen en zoveel boeiende verhalen en belevenissen gehoord! Ja, zelfs zo totaal onverwacht een paar uur lang bewegingloos moeten platliggen in een gemeenschappelijke hospitaalzaal heeft zo zijn mooie kanten... En dat meen ik, hoor.
Nog een hete kop thee met veel suiker en een koekje later verlangde ik zodanig naar m'n eigen bed dat ik toch maar heel voorzichtig huiswaarts geschuifeld ben. Ja, te voet, en met de tram. En daarom ook met dikke dikke tranen. Nee, niet meer echt van pijn, al was die er uiteraard ook nog, maar wel van verdriet. De hele dag lang had ik dames ouder dan mijn moeder om me heen gezien, allemaal stuk voor stuk begeleid door hun partner. En toen de bezorgde verpleegsters me vroegen of ik door iemand opgehaald werd kon ik niet anders dan afschuwelijk emotioneel vertellen over die laatste epidurale, een dikke 5 jaar geleden, toen mijn vader nog met me meegegaan was en me ook weer veilig thuis gebracht had...
Na een ontzettend lange nacht vol oeverloos verdriet, ongemak en pijn -te warm, te koud; in het bed, uit het bed; in de zetel, uit de zetel; licht aan, licht uit; de poezen raakten er helemaal de kluts van kwijt- ben ik, zo stijf als een heksenbezemsteel en over alle nog steeds aanwezige pijn heen, toch de Allerheiligen-mis gaan zingen. En het was mooi, intens mooi. De teksten van de priester, de liederen van het koor en omringt zijn door zoveel lieve mensen, het bracht emotionele rust. En -geloof me, ik kijk er zelf ook nog altijd van op- zelfs onder dit soort omstandigheden zing ik alsof er niks aan de hand is. Volgens ons moe vandaag zo mogelijk nóg beter dan anders. Komt dà tegen! Maar, alle gekheid op een stokje, het heeft me diep deugd gedaan. En die borrel bij de koffie achteraf, die had ik àbsoluut verdiend.
De weg naar beterschap gaat duidelijk niet echt over rozen, maar het komt helemaal goed, maak je maar geen zorgen. En positief en optimistisch als ik ben zag ik heel die griezeldag meteen als een kado: intens voelen dat je leeft, weten dat echt elke dag telt, en voor de rest met elke vezel in je lijf en uit volle borst zingen zolang het nog kan! Het zal wel zijn, verdorie!
En uiteraaaaard, wat had je gedacht, lag ik gisteren in het ziekenhuis al na te denken over het heerlijke horror-verhaal dat ik -o de ironie, o de zaligheid- juist gepast voor Halloween kon neerschrijven!... Wat zou je in 's hemelsnaam nog meer willen!? Gewéldig, toch! hihihi 😉
En uiteraaaaard, wat had je gedacht, lag ik gisteren in het ziekenhuis al na te denken over het heerlijke horror-verhaal dat ik -o de ironie, o de zaligheid- juist gepast voor Halloween kon neerschrijven!... Wat zou je in 's hemelsnaam nog meer willen!? Gewéldig, toch! hihihi 😉
zondag 16 april 2017
Over paasopa's, paaspapa's en pretoogjes.
Holle chocolade eieren met van die kleine kleurrijke suikerbolletjes er in en een even kleurrijk ophanglintje er aan, hij moest en zou ze nog ergens vinden. "Och", zei hij, "eigenlijk is het een beetje belachelijk, hoor. Puur nostalgie en jeugdsentiment. Meer voor mezelf dan voor de kleinmannen van mijn dochters." Zondag, met Pasen, zou de hele familie bij hen komen ontbijten, en eieren rapen, natuurlijk! En mijn collega Jan nam met veel plezier de rol van paashaas -of paasklok, dat kan ook, maar dat vergat ik te vragen- op zich. "Zolang ze maar niet voor 10 uur 's morgens kwamen", voegde hij er nog schalks aan toe.
De doorsnee paasverwennerijen waren al aangekocht in de supermarkt. Gewone holle chocolade eieren in alle kleuren en smaken, suikeren piepkuikentjes, gevulde kleine eitjes in regenboogzilverpapier, met praliné gevulde chocohaasjes... Keuze zàt in de overvolle winkelrekken.
En -hij was bij voorbaat al behoorlijk trots op zichzelf- hij zou ook nog hardgekookte eieren in een passend jasje steken voor het paasontbijt. Z'n enthousiasme was echt niet te stuiten en werkte bijzonder aanstekelijk.
Maar alleen die berg zalige zoetigheden volstond niet, vond Jan, het geheel moest toch ook nog wat aangekleed worden. En zo zag ik hem dus tijdens zijn 45 minuten durende middagpauze, gemotiveerd en geïnspireerd, ijverig en vastberaden naar de verschillende winkels vlakbij in de straat benen, om telkens uitgelaten weer te keren naar onze werkplek, waar hij verheugd de gevonden en gekochte schatten aan mij showde. Een tafellaken met schattig haas- en kuikendesign, vrolijke lente-servetten en kartonnen bordjes in bijpassende kleuren en voor elk van z'n kleinkinderen een allerliefst vilten mandje om al die gevonden chocolade rijkdom in te verzamelen. En omdat ik die zo snoezig vond haalde hij er nog eentje extra, voor mij. Paasgeschenkje!💛
Met twinkelende pretoogjes vertelde Jan me over hoe alles exact door 4 deelbaar moest zijn: want 4 kleinkinderen, dus voor elk een even grote en liefst ook nog identiek dezelfde buit.
En meteen gingen mijn gedachten naar lang vervlogen tijden. Bij ons thuis was, zolang ik mij kan herinneren, ook alle paassnoep exact deelbaar door het aantal kinderen op dat moment. En, oei oei oei, als er eens iets ontbrak! Dat veroorzaakte onvervalste kinderdrama's. Onze va maakte met dat soort gekibbel altijd snel en simpel komaf door mede te delen dat "als we niet tevreden waren hij alles zou aanslaan en voor onze neus zou opeten". Meteen rust en vrede, gegarandeerd! Dat werkte trouwens ook prima met Sinterklaas. hihihi
Als oudste van 5 kinderen, de kleinste 11 jaar jonger dan mezelf, genoot ik extra lang mee van de Paasochtend. Al veranderde heel langzaamaan, met het verglijden van de jaren, wel het type feeststemming. Van de geweldige opwinding tijdens de spannende kinderzoektochten naar al het lekkers verborgen in de eindeloze verstopmogelijkheden van die enorme sprookjestuin, naar de meer ingetogen, innerlijke pretoogjes-vreugde van het verstop- en strooiwerk, en de lol van het verrassingen-creëren, als bijna-volwassene.
In een plots opgekomen weemoedige bui haalde ik alle fotoalbums uit de kast, op zoek naar tastbaar beeldmateriaal bij de emotionele paasherinneringen, en vond er niet één, behalve dan die prachtige foto met ons moe en m'n zus die ik bij het blogje "Zoektocht. Naar eieren?" van 2 jaar geleden al gebruikte.
En zo melancholisch bladerend door 50 jaar momentopnames zag ik als in een film de geschiedenis van onze familie aan mij voorbij rollen. Er werden kinderen geboren, die groeiden allemaal langzaam op, er werd getrouwd, en ook weer gescheiden, grootouders stierven, er passeerden vele lieven, vrienden en kennissen, de familie groeide, het huis veranderde, de tuin veranderde...
Boeken vol stille getuigen van ontelbare gezellige momenten, feestjes en uitstapjes, en uiteraard ook 5 decennia zalige Vakantie-in-Cadzand-foto's.
In de uitgebreide fotoarchieven van mijn vader vond ik ook kiekjes van m'n neef en nichtjes tijdens hun paas-zoekacties of met hun chocolade-figuurtjes-collectie, maar ook zij zijn ondertussen het eieren-rapen ontgroeid...
Goh, wat zijn we allemaal groot en oud geworden! Wat is de tijd gevlogen!...
En overal, op zowat elke pagina van zowel de papieren als de digitale fotoreeksen, kwam ik onze va tegen. Het voelde alsof hij nog steeds gewoon overal bij is. De harde werkelijkheid bedroefde me diep. Het gemis is op feestdagen nog groter dan anders...
Maar al snel viel het me op dat onze va bijna altijd vastgelegd werd met die geweldige pretlichtjes in z'n ogen, bijvoorbeeld als wij op Paasochtend elk hoekje van de tuin doorzochten naar het door hem verborgen lekkers, of, jaren later, op Paasmaandag op de kermis, met z'n jaszakken vol nikkel, om voor iedereen en voor alles ticketjes te kopen. Ondanks de overweldigende weemoed voelde ik mezelf breed glimlachen. Die vrolijke snuit van onze va, ik kan hem nog steeds voor me zien, in gedachten of op foto, en dat maakt me blij.
De guitige pretlichtjes in de ogen van m'n geestdriftige collega Jan werkten niet alleen aanstekelijk, ze deden ook zoveel bijzondere herinneringen aan vergeten momenten en emoties in mij naar boven borrelen. En begenadigde dankbaarheid ook, voor alles wat was en alles wat nog komen mag.
Hopelijk is Jan, met de tram huiswaarts kerende, z'n uitgebreide paasschat voorzichtig op z'n schoot balancerend, heelhuids en zonder chocoladescherven thuis geraakt, want z'n nostalgische jeugdsentiment-zoektocht liep ook goed af. De alles nog zelf makende -dus ook nogal prijzige- warme bakker in de straat fabriceert ze nog, die holle chocolade eieren met van die kleine kleurrijke suikerbolletjes er in en een even kleurrijk ophanglintje er aan!😋 Ik wens u een gezegend Zalige en verrukkelijk Vrolijke Pasen!😘
De doorsnee paasverwennerijen waren al aangekocht in de supermarkt. Gewone holle chocolade eieren in alle kleuren en smaken, suikeren piepkuikentjes, gevulde kleine eitjes in regenboogzilverpapier, met praliné gevulde chocohaasjes... Keuze zàt in de overvolle winkelrekken.
En -hij was bij voorbaat al behoorlijk trots op zichzelf- hij zou ook nog hardgekookte eieren in een passend jasje steken voor het paasontbijt. Z'n enthousiasme was echt niet te stuiten en werkte bijzonder aanstekelijk.
Maar alleen die berg zalige zoetigheden volstond niet, vond Jan, het geheel moest toch ook nog wat aangekleed worden. En zo zag ik hem dus tijdens zijn 45 minuten durende middagpauze, gemotiveerd en geïnspireerd, ijverig en vastberaden naar de verschillende winkels vlakbij in de straat benen, om telkens uitgelaten weer te keren naar onze werkplek, waar hij verheugd de gevonden en gekochte schatten aan mij showde. Een tafellaken met schattig haas- en kuikendesign, vrolijke lente-servetten en kartonnen bordjes in bijpassende kleuren en voor elk van z'n kleinkinderen een allerliefst vilten mandje om al die gevonden chocolade rijkdom in te verzamelen. En omdat ik die zo snoezig vond haalde hij er nog eentje extra, voor mij. Paasgeschenkje!💛
Met twinkelende pretoogjes vertelde Jan me over hoe alles exact door 4 deelbaar moest zijn: want 4 kleinkinderen, dus voor elk een even grote en liefst ook nog identiek dezelfde buit.
En meteen gingen mijn gedachten naar lang vervlogen tijden. Bij ons thuis was, zolang ik mij kan herinneren, ook alle paassnoep exact deelbaar door het aantal kinderen op dat moment. En, oei oei oei, als er eens iets ontbrak! Dat veroorzaakte onvervalste kinderdrama's. Onze va maakte met dat soort gekibbel altijd snel en simpel komaf door mede te delen dat "als we niet tevreden waren hij alles zou aanslaan en voor onze neus zou opeten". Meteen rust en vrede, gegarandeerd! Dat werkte trouwens ook prima met Sinterklaas. hihihi
Als oudste van 5 kinderen, de kleinste 11 jaar jonger dan mezelf, genoot ik extra lang mee van de Paasochtend. Al veranderde heel langzaamaan, met het verglijden van de jaren, wel het type feeststemming. Van de geweldige opwinding tijdens de spannende kinderzoektochten naar al het lekkers verborgen in de eindeloze verstopmogelijkheden van die enorme sprookjestuin, naar de meer ingetogen, innerlijke pretoogjes-vreugde van het verstop- en strooiwerk, en de lol van het verrassingen-creëren, als bijna-volwassene.
In een plots opgekomen weemoedige bui haalde ik alle fotoalbums uit de kast, op zoek naar tastbaar beeldmateriaal bij de emotionele paasherinneringen, en vond er niet één, behalve dan die prachtige foto met ons moe en m'n zus die ik bij het blogje "Zoektocht. Naar eieren?" van 2 jaar geleden al gebruikte.
En zo melancholisch bladerend door 50 jaar momentopnames zag ik als in een film de geschiedenis van onze familie aan mij voorbij rollen. Er werden kinderen geboren, die groeiden allemaal langzaam op, er werd getrouwd, en ook weer gescheiden, grootouders stierven, er passeerden vele lieven, vrienden en kennissen, de familie groeide, het huis veranderde, de tuin veranderde...
Boeken vol stille getuigen van ontelbare gezellige momenten, feestjes en uitstapjes, en uiteraard ook 5 decennia zalige Vakantie-in-Cadzand-foto's.
In de uitgebreide fotoarchieven van mijn vader vond ik ook kiekjes van m'n neef en nichtjes tijdens hun paas-zoekacties of met hun chocolade-figuurtjes-collectie, maar ook zij zijn ondertussen het eieren-rapen ontgroeid...
Goh, wat zijn we allemaal groot en oud geworden! Wat is de tijd gevlogen!...
En overal, op zowat elke pagina van zowel de papieren als de digitale fotoreeksen, kwam ik onze va tegen. Het voelde alsof hij nog steeds gewoon overal bij is. De harde werkelijkheid bedroefde me diep. Het gemis is op feestdagen nog groter dan anders...
Maar al snel viel het me op dat onze va bijna altijd vastgelegd werd met die geweldige pretlichtjes in z'n ogen, bijvoorbeeld als wij op Paasochtend elk hoekje van de tuin doorzochten naar het door hem verborgen lekkers, of, jaren later, op Paasmaandag op de kermis, met z'n jaszakken vol nikkel, om voor iedereen en voor alles ticketjes te kopen. Ondanks de overweldigende weemoed voelde ik mezelf breed glimlachen. Die vrolijke snuit van onze va, ik kan hem nog steeds voor me zien, in gedachten of op foto, en dat maakt me blij.
De guitige pretlichtjes in de ogen van m'n geestdriftige collega Jan werkten niet alleen aanstekelijk, ze deden ook zoveel bijzondere herinneringen aan vergeten momenten en emoties in mij naar boven borrelen. En begenadigde dankbaarheid ook, voor alles wat was en alles wat nog komen mag.
Hopelijk is Jan, met de tram huiswaarts kerende, z'n uitgebreide paasschat voorzichtig op z'n schoot balancerend, heelhuids en zonder chocoladescherven thuis geraakt, want z'n nostalgische jeugdsentiment-zoektocht liep ook goed af. De alles nog zelf makende -dus ook nogal prijzige- warme bakker in de straat fabriceert ze nog, die holle chocolade eieren met van die kleine kleurrijke suikerbolletjes er in en een even kleurrijk ophanglintje er aan!😋 Ik wens u een gezegend Zalige en verrukkelijk Vrolijke Pasen!😘
Abonneren op:
Posts (Atom)




