Posts tonen met het label missen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label missen. Alle posts tonen

vrijdag 12 maart 2021

Requiem voor een bloemenwinkel.

Hoelang kwam ik daar eigenlijk al over de vloer? 10 jaar? 15 jaar? 'k Zou het zo direct echt niet met zekerheid kunnen zeggen. Ik kan me alleszins de tijd dat ik er nog niet langs ging niet meer herinneren. Dat moet ik bij gelegenheid toch een keertje aan Nanette vragen. Als ik haar nog eens per ongeluk tegenkom op straat bijvoorbeeld, zoals een paar weken geleden. Toen hoorde ik tijdens mijn dagelijks toerke plots iemand mijn naam roepen, en daar zat ze, Nanette dus, in het gezelschap van een vriendin, tot mijn verbazing midden op de dag van het mooie weer te genieten. "Hey!", reageerde ik verrast, doch zoals altijd blij haar te zien, "Heb je vakantie? Of is de winkel even dicht?" De impact van haar antwoord drong eigenlijk pas vele dagen later écht bij me door: "O, wist je dat niet", zei ze alsof het de gewoonste zaak van de wereld was, "de winkel bestaat niet meer."
Vorige lente nam ik me, als pure 'die hard' bloemen- en plantenverslaafde, nog voor eens een verhaaltje te schrijven over al mijn favoriete bloemenwinkels. Aangezien ik af en toe stevig kan doordrammen over m'n terras en m'n plantjes en alles eromheen, leek me dat toch wel eens aan de orde. Maar je weet misschien wel hoe dat gaat: er komen meer dringend te vertellen gebeurtenissen tussen, ik heb weer eens zo'n periode waarin schrijven plots iets onmogelijks schijnt, of 't gewone dagelijkse leven neemt simpelweg teveel tijd in beslag en... voor je 't weet is de lente voorbij en is heel die vertelling zoveel als vijgen na Pasen. Dat verhaaltje bleef dus liggen. "Och, dan schrijf ik dat volgende lente wel", stelde ik mezelf gerust, "er komt altijd weer een lente!"... En die lente staat nu inderdaad duidelijk vlak om de hoek klaar. Maar... 't wordt een lente waarin ik het zal moeten stellen zonder de bloemen en plantjes uit de kleine winkel van mijn bloemenvriendinneke Nanette. "Een zoveelste slachtoffer van de coronacrisis?", vraag je je misschien af. Goh, dat heeft meegespeeld, ja zeker, maar dat was maar één deeltje in een wat eigenaardige en onaangename soap van overnames, bizarre afspraken en -'t valt niet anders te zeggen- ronduit slechte en oneerlijke mensen.
Eigenlijk doet dat er allemaal niet toe. Feit is dat deze geliefde bloemenwinkel van mij opgehouden is met bestaan. En dat doet me echt intens veel verdriet. "Allé, Kristina", zult ge nu misschien zeggen, "er zijn het afgelopen jaar zo verschrikkelijk veel handelszaken over kop gegaan, dat valt ondertussen niet eens meer te tellen! Wat zit gij dan te jammeren over zo één klein bloemenwinkeltje!?..." Als ge 't in 't grote geheel ziet, is het inderdaad maar één druppelke water in de eindeloze zee. En er zijn, zeker weten, duizendmaal schrijnendere dingen te vinden en te verhalen. Dat klopt volledig. Maar dat neemt niet weg dat dit kleine winkeltje een hele grote plek in mijn hart innam. Er zijn nog wel een paar andere flora verkopende zaken waar ik absoluut dol op ben (en die er, gelukkig maar, nog steeds zijn...), maar het winkeltje van Nanette paste ongelofelijk perfect bij mijn plantenverslaafde-maar-met-minuscuul-budget persoontje. Ik zal het je uitleggen.
Meer dan in andere bloemenwinkels was het systeem bij Nanette 'what you see, is what you get'. Geen keuze uit honderden soorten bloemen en planten, geen 'op bestelling' kleuren of soorten. Nee, simpel: wat er die week ingekocht werd, dat was er te koop. Niet meer, niet minder. 
Om je maar even een voorbeeld te geven: geen tien kleuren geraniums, maar een paar bakken met slechts één soort in één kleur. Klaar. Geen losse bloemen in veertig soorten en zestig tinten, maar pakjes met naargelang vijf, tien of twintig stuks, in een tiental soorten en natuurlijk eenvoudigweg in één kleur. Maar, daardoor kon het wel steeds voor een bijzónder goede prijs aan de man -of aan de vrouw natuurlijk- gebracht! En dat, dat had ik uiteraard meteen heel goed begrepen! 't Zal wel zijn zekers!... ;-)
Het werd een gewoonte, iets zo vanzelfsprekend als ademen (allé, voor mij dan toch), om, als je wat nodig had, zowel voor een bloemetje als voor een plantje, altijd éérst even te kijken wat Nanette in de winkel had. Als je bij haar iets passends kon vinden, dan was je gegarandeerd goedkoper uit dan elders. En je kon erop rekenen dat je prima kwaliteit kocht. "Zoiets weet een 'deskundige' gelijk gij natuurlijk", zult ge nu onmiddellijk opperen, "maar hoe weet een doorsnee mens dat?" Heel simpel: pakjes bloemen die niet echt meer super vers waren, van vorige week bijvoorbeeld, stonden in de winkel van Nanette apart in een hoekje en konden voor een extra laag bedrag meegenomen worden. En als ze ook daar niet echt meer thuishoorden, die bloemen, dan deelde Nanette ze gewoon uit, meestal aan mensen die er nog wel wat mee konden. Mensen zoals ik dus. Hoe vaak ging ik niet naar huis met nog wat restjes, waarvan ik dan de steeltjes kort knipte om er, eens ze geschikt in kleine vaasjes op de tafel of m'n bureautje stonden, nog een paar dagen intens van te genieten. Heerlijk vond ik dat. Ik voelde me dan steeds ontzettend verwend!...
Met plantjes ging het in het winkeltje net hetzelfde: als ze wat begonnen tanen, of ze waren nog wel levend en gezond, maar bijvoorbeeld uitgebloeid, dan werden ze stevig afgeprijsd, om op die manier alsnog hun weg te vinden naar één of andere tuin. Of een terras, zoals het mijne. Zeker daarom alleen al kon ik het niet laten om, telkens ik daar ergens in de buurt moest zijn, even langs te lopen. Om voor een euro of twee toch nog maar weer eens een hele zak zieltogende flora te 'redden'. (Ja, 'k weet het: ik ben verslaafd...hihi) 
Elke lente en zomer opnieuw, als ik links of rechts plots maar weer eens, met dank aan vraatlustige insecten, ziekte of zonnebrand, met een 'gat' zat ergens in m'n overvolle groenvoorziening -het zou geen énkel ander mens opgevallen zijn- kon ik er altijd op rekenen bij Nanette wel iets betaalbaars te vinden om die leegte te vullen. Vaak was ik voor minder dan één euro al gesteld. Dit jaar, na die fikse winterprik met vriestemperaturen van -30°, is er op mijn geliefde terras echt ontzettend veel gesneuveld. 'k Heb, in de zeven jaren dat ik hier nu woon, nooit eerder zóveel 'gaten' gehad. En die hoopte ik uiteraard heel erg budgetvriendelijk weer te kunnen opvullen...
Maar niet alleen voor de zeer prijselijke flora sprong ik geregeld bij Nanette binnen. Er is meer! Jaren geleden gaf ik geregeld redelijk wat geld uit aan bloemen en planten. M'n verslaving kende toen hoogdagen... hahaha ... Maar de laatste jaren, met een zoveel kleiner inkomen, werd dat, noodgedwongen, een heel pak minder. Op zich zeker niet slecht, want in plaats van gemakzuchtig met geld te smijten, werd dat stukje verslaafde in mij zoveel creatiever op 't vlak van bijvoorbeeld planten stekken en bloemen zaaien. Veeeeeel beter, als ge 't mij vraagt! Maar, daardoor kwam ik uiteraard minder voor de plantjes en de bloemetjes bij Nanette. Het laatste jaar, met meer dan ooit een platte portemonnee, liep ik, als ik in de buurt was, gewoon even binnen voor een gezellig vriendinnenbabbeltje! In een wereld waarin alle sociale contact op een uiterst laag pitje staat, is zoiets goud waard. Met of zonder bloemen. En dat zie ik mezelf in gelijk welke andere winkel nog niet zo snel doen...
Vorige week zaterdag deed ik boodschappen in dezelfde straat als waar het winkeltje van Nanette was. Met alle aankopen netjes in m'n fietstassen gestouwd, deed ik, gewoontegetrouw, een paar passen haar richting uit. Het bijzonder bruusk weerkeren van het besef dat 'ze er niet meer was', stopte me zodanig pardoes in m'n vaart dat een andere voetganger met een luide vloek achterop tegen m'n fiets knalde. Wat verweesd stond ik daar maar wat te staan, als aan de grond genageld, daar op de stoep, dik in de weg voor al die druk winkelende mensen om me heen, m'n fiets tegen me aangedrukt en op m'n lip bijtend om niet in tranen uit te barsten. Eerlijk gezegd schrok ik zelf nog van de hoeveelheid emoties van gemis en ja, zelfs van rouw... 't Zal nog serieus afkicken worden, denk ik, afkicken en gewoon worden aan een leven zonder.
Lieve Nanette, dank je wel voor zoveel jaren vol prachtige bloemen en planten, dank je wel voor zoveel kleine en grote geschenken, dank je wel voor al die gezellige babbels en dank je wel voor die vele vrolijke, absoluut bijzonder winkelmomentjes. Ik ga het allemaal ontzettend hard missen, en dat mag de hele wereld gerust weten! ♥️




 

zondag 12 januari 2020

Trammetje gemist.

In principe trek ik geen sprintjes meer om een in de verte aanstormende tram te halen. Er komt er altijd wel weer andere, na die ene die je mogelijk mist. Daar kan ik echt heel erg zen in zijn, want ik leef, zeker in verhouding tot de opgejaagde wereld die om me heen voorbij raast, sowieso ontzettend langzaam en heb meestal zeeën van tijd. Toch is die beslissing om niet meer achter openbaar vervoer aan te crossen, en de kalme berusting die daaruit voort kwam, vooral gekomen omdat ik, gezien de zorgwekkende toestand van m'n nek en rug, mezelf behoorlijk wat pijn bezorg met zo'n spurtje. 
Maar, zoals zo vaak: op elke regel zijn er uitzonderingen. 
Een tijdje geleden, in de kerstvakantie, na een shift als interim-receptioniste, doodmoe van een ontzettend lange en saaie 'niks-te-doen-ik-verveel-me'-dag en een beetje bibberend in de miezerige motregen en m'n dunne winterjas, wou ik liefst zo snel mogelijk weer thuis in m'n knusse stekje vertoeven. En daar in de verte zag ik 'mijn' tram opdagen...
Het voetgangerslicht bij de oversteekplaats stond op rood, en dan blijf ik, in dit geval wat ongeduldig van 't ene been op 't andere wiebelend, netjes braaf en veilig wachten. Met afgrijzen om zoveel risico, maar toch ook met enige bewondering om zoveel lef, volgde mijn van schrik wijd opengesperde ogen een vermetele jongedame, die zich, ondanks het stopsignaal, tussen de aanstormende auto's stortte en met gevaar voor eigen leven de enorme vierbaansweg zigzaggend over schoot, met als enig doel de tram nog te halen.
Meteen daarna sprong het licht voor de overstekers op groen en kon ik haar in alle veiligheid achterna gaan. De tram bereikte op dat moment net het perron. En, in een overmoedig momentje besloot ik het voor deze ene keer toch nog eens te wagen en trok aldus een sprintje... Een beetje onhandig hobbelde ik met m'n grote tas, paraplu en lange winterjas -plus eigenlijk veel te veel kilo's aan m'n lijf om nog enigszins sportief uit de hoek te komen- over het meer dan ooit eindeloos lange perron. De onverschrokken alles riskerende juffrouw had ondertussen al lang een plekje uitgezocht in het voertuig. Een bijzonder fitte jongeman in jogging flitste me voorbij en schoot via een openstaande deur het tramcompartiment binnen. Ik bereikte dezelfde deur net op het moment dat ze zich sloot. De sportieve jongeman stond er bij... en keek er naar. En naar mij. Totaal zonder betrokkenheid, geheel en volledig emotieloos. Net zoals een twintigtal wachtende personen op het perron. Allemaal hadden ze me moeite zien doen om deze tram nog te halen -het zal er vermoedelijk ook wel amusant potsierlijk uitgezien hebben- maar, bij geen één van hen was het idee opgekomen om bijvoorbeeld heel even, een paar seconden hadden volstaan, een deur voor me open te houden. En ook de chauffeur van het voertuig had me uiteraard, zo helemaal aan het eind van z'n onmetelijk lange voertuig, niet opgemerkt. De tram vertrok zonder mij terwijl ik hem nog aanraakte. Hij gleed als het ware uit mijn handen weg, de stad in...
"Da's nou jammer", zei ik grinnikend luidop tegen mezelf, "Ook moeite voor niks!" En ik maakte me er absoluut niet druk in. Het helpt niet, en, zoals ik al zei, er komt er nog wel eentje, hé. Heel gewoon en rustig wandelde ik de lange rij andere wachtenden voorbij naar het -o, wat leuk- vrije bankje in het wachthokje. Misschien juist omdat ik niet, zoals de meeste mensen bij het voor hun neus vertrekken van de tram, liep te vloeken en te tieren, maar bijna laconiek in al mijn glorie op 't gemakje voorbij wandelde, keek iedereen me wat gegeneerd en enigszins schuldbewust aan. Ook overbodig, hoor, als je 't mij vraagt. Als je, goed geweten, wacht met hulp bieden tot het veel te laat is, dan moet je je daarover achteraf ook niet ambetant voelen. Kwestie van 'uit één stuk te zijn', toch?! Allé, da's mijn mening, hé.
Persoonlijk kijk ik zowat altijd of er niet nog iemand aan komt crossen, om, indien nodig, de deur en dus ook de tram heel even, een paar seconden maar, tegen te kunnen houden. Je vrolijkt er gegarandeerd iemands dag mee op, en da's altijd fijn en mooi meegenomen! Jammer genoeg mocht ik op dat moment toen weer even ervaren hoe erg 'elk-voor-zich' en zeer 'trekt-uw-plan' onze maatschappij tegenwoordig soms wel kan zijn.
Aan mij zal 't niet alleszins liggen, hoor! En 'k ben blij te kunnen zeggen da'k gelukkig nog behoorlijk veel mensen ken, die ook voor hun medemensen in de bres springen, zeker als het om zulke kleine gebaren gaat.

De volgende tram liet helemaal niet lang op zich wachten, en in tegenstelling met het meer dan overvolle exemplaar dat ik mis liep, was deze zo goed als leeg. Zitplaats zat dus voor mijn moede, pijnlijke lijf! Kies maar uit! Heerlijk toch.
Ja, inderdaad, ik hoor het u ook al zeggen: alsof het zo moest zijn... ;-)



maandag 9 november 2015

Een verhaal dat wat vertraging opliep...

Vrijdag 30 oktober 2015 begon als een doodgewone laatste werkdag van de week. Op de tram- en busrit probeerde ik mezelf met blog-ideetjes voor het Allerzielen-Allerheiligen-Halloween-weekend wat af te leiden. Tevergeefs. Er hing namelijk nogal wat triestheid om me heen. Ja, natuurlijk zouden we elkaar nog zien en spreken, al was het maar via Facebook, maar toch... Er moest die dag alweer afscheid genomen worden van een hele toffe collega. Voor mij een extra bijzondere persoon, want voor het eerst in een lange tijd vond ik in Dominique een écht aanspreekpunt bij het bedrijf waar ik achter de balie zit. Bij haar kon ik altijd terecht met m'n vragen, groot of klein, zowel rond m'n situatie als out-source-receptioniste, als over zowat alles rond werknemers-en-gevers-wetgevingen, maar ook met doodgewone dagdagelijkse dingetjes. Ik zat door haar professioneel zoveel minder op een eilandje. En al is het onmogelijk méér verschillend te zijn -leeftijd, gewicht, haarkleur, muzikale voorkeur, om maar wat op te noemen- vooral de gedeelde liefde voor muziek, zonder meer, en onze schattige viervoeters maakte ons fijne vriendinnen. 
Ze bracht me een heerlijk stuk zelfgebakken smeuïge appelcake en mijn bij elkaar gezochte 5-in-1-kadootje, 2/5 voor de hond, 2/5 voor de kat en 1/5 voor haarzelf, deed haar lachen en grapjes maken. We schoten nog een paar foto's en toen ging ze. Weg. En ik miste haar al nog voor ze de trap volledig af was.
De dag kabbelde verder, stil en wat eenzaam zoals vrijdagnamiddagen dat meestal plegen te doen, doch met genoeg projecten om stevig aan verder te zwoegen. M'n vriendin Ingrid, die vlak bij me achter de hoek woont, belde me op: ze moest op deze laatste dag van de maand alweer overwerken, dus ik kon aan het eind van m'n shift met de auto mee naar huis. Dat vind ik niet leuk voor haar, maar zo zou ik wel in uitstekend gezelschap fijn vroeg thuis raken.
Tijdens het afsluiten van de receptie hees ik, voor het hoge bezoek op maandag, buiten nog snel de vlag van Zuid Afrika. Bij het terug binnenkomen schoof m'n linkervoet naar rechts onder me uit en ondanks wanhopige pogingen om m'n evenwicht weer te vinden knalde ik zwaar tegen de vloer op m'n linkerkant. Nu schoof ik al vaker onderuit op die nogal gladde laminaat, en ik niet alleen, geloof me, maar tot nu toe braken er dan slechts glazen en flesjes... Enigszins verdwaasd krabbelde ik, zoals altijd, moedig en plichtbewust, ge kent mij, zo snel mogelijk weer overeind. Binnen de minuut echter maakte de stekende pijn in m'n ondertussen zo goed als verlamde arm duidelijk dat er van het afwerken van m'n takenlijstje niets meer zou komen. 
Ingrid bracht me met spoed naar heu... de spoed dus, hihi, waar de dokters een humeruskopfractuur -da's een breuk in den bol van het bot in je bovenarm in je schoudergewricht- in m'n linkerschouder vaststelden. Resultaat: om te beginnen 2 weken aan huis gekluisterd, liefst zo weinig mogelijk bewegend, met de arm in kwestie in een strak zittende draagband die slecht heel even en bijzonder voorzichtig uit mag voor wassen en omkleden.  
Met een pak paperassen voor de verzekering, een voorschriftje voor pijnstillers en een telefoonnummer voor het controleonderzoek reden we meer dan 3 uur later dan eindelijk toch huiswaarts. Niks te vroeg en niks vroeg.
Hier zit ik dus nu, al 10 dagen, thuis, met de poezen, de computer en de TV als belangrijkste gezelschap, en wie weet voor hoelang nog. Het volledige herstel kan 6 tot 8 weken in beslag nemen. Of langer, met een eventuele operatie...
En wat ik die vrijdagochtend ab-so-luut niet had kunnen bedenken: ik mis nu niet alleen Dominique! Ook al die vele vele andere leuke mensen op het werk ontbreken me verschrikkelijk. Hun bezoekjes bij mij in de receptie, hun babbeltjes, al dan niet getinte grapjes, blije en droeve verhalen, hun zottigheid, hun vriendschap, hun aandacht... De dagen zijn zooo stil en leeg zonder. 
En ook het werk zelf mis ik geweldig. De zeer uiteenlopende taken als onthaaldeskundige en al die extra administratieve jobkes ter ondersteuning van verschillende managers en afdelingen, waardoor m'n zelfvertrouwen de laatste tijd fantastisch toenam... Ik voel me plots weer wat doelloos en overbodig.
Heel even dacht ik zélfs de eindeloze tram- en busreizen te missen... 
Maar, niet overdrijven, hé, Kristina, dàt is er toch écht wel lichtjes over! ;-)



zondag 5 april 2015

Zoektocht. Naar eieren?

Vroeger was Pasen eerst en vooral een religieuze aangelegenheid voor ons. Met veel missen, op Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Stille Zaterdag, en als apotheose de extra lange Paasvieringen met de zegening van water, vuur en licht. Dan werd de kerk fantastisch mooi versierd met een overdaad van bloemen en bloesems, en er stond een klaterende fontein, waardoor ik halverwege de dienst vreesde in m'n broek te plassen... Hoeveel van die missen zou ik ondertussen al niet met gezang hebben mogen opluisteren?...
En toch lag de grootste vreugde altijd in het eitjes mogen rapen. 
Op Paasochtend konden we niet snel genoeg uit ons bed zijn en stormden we, gewapende met mandjes en emmertjes, op teken van va en moe, die al bijna even enthousiast waren, de enorme tuin in. En het chocolade en suikeren lekkers lag en hing echt o-ve-ral! Hoog, laag, zichtbaar en verstopt. Je kon het zo gek niet bedenken. Het was een ware schattenjacht. 
Als al de mandjes gevuld waren werd de buit op de keukentafel uitgespreid. Van elk item, elk soort ei, kuiken of haasje, waren er juist genoeg om exact deelbaar te zijn door het aantal kinderen. Als er één eitje of kipje tekort was begon de tocht door de tuin van voor af aan, op zoek naar dat één ontbrekende snoepje. En dan degene zijn die dàt vond, wat een trots!
Ik heb ooit een schrijfwedstrijd gewonnen met het verhaal van dat ene ei dat tussen de bladeren van de wingerd was blijven hangen en half gesmolten bij 't vallen van 't blad in de herfst werd teruggevonden. Echt gebeurd.
Zoals de laatste jaren is Pasen ook dit jaar een hele stille zondag voor mij.
Het familiefeest is traditioneel op paasmaandag, 'k heb geen schoonfamilie om te moeten begroeten, de vele vrienden zijn naar hun eigen paasdiners. 
En, spijtig genoeg, mijn zangstem had men dit jaar ook nergens nodig.
Vanochtend sloeg ik een zelf gekocht melkchocolade ei plat tussen m'n boterham, en nu liggen er een paar van die kleine gevulde naast m'n koffie.
Ik scroll wat door de feestberichten op Facebook en zap wat door de televisieprogramma's. Een misviering, de pauselijke zegen, een kookspecial met paasgebak, praatprogramma's, nieuws uit binnen- en buitenland. 
'k Bleef lang plakken bij een wetenschappelijk programma over de diepere betekenis en symboliek van het leven en de werken van Jezus en zijn impact op de wereldgeschiedenis. Behoorlijk zware materie, hoor. En als ik zo aan de nieuwsberichten terugdenk, bedenk ik met zwaar gemoed hoe bitter weinig we eigenlijk van die man geleerd hebben, laat staan toepassen...
En een beetje melancholisch verlangde ik plots intens terug naar die ongeremde vreugde van het eitjes rapen, toen de wereld nog puur, onschuldig en vol mogelijkheden en blijdschap leek... Dat mis ik toch wel. Maar gelukkig zijn er de fijne herinneringen die moeiteloos weer een glimlach op m'n gezicht toveren. 
Ik wens u van harte een echte ZALIGE Pasen!